Verberg het menu

Financieringsparagraaf

Het doel van deze paragraaf is om de financiële positie van de gemeente op basis van het door de Raad vastgestelde treasurystatuut te evalueren. Daarnaast is de paragraaf een belangrijk instrument voor het transparant maken van de financieringsfunctie.

De centrale doelstelling van het treasurybeleid is het beheren van de financiële geldstromen en het beperken van de financiële risico’s voor de gemeente. De uitvoering van treasury wordt wettelijk geregeld in de Wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO). Deze wet regelt dat de uitvoering van de treasuryfunctie binnen de gemeente uitsluitend de publieke taak dient en geschiedt binnen de financiële kaders van de kasgeldlimiet en de renterisiconorm.

Actuele Ontwikkelingen

Zoals uit bovenstaande grafiek blijkt, is de economische situatie nog steeds zorgwekkend te noemen, maar lijkt deze wel licht te herstellen. De ontwikkelingen hebben vanzelfsprekend zijn weerslag op de gemeente Uden.



De financiële positie van de gemeente Uden staat onder druk. Dat blijkt ook uit deze programmarekening. De structurele weerstandratio bedraagt 0,63 en de incidentele ratio bedraagt 2,03. Daarnaast is de reservepositie van de gemeente met € 5.653.103 afgenomen naar € 38.249.097. Er zijn diverse bezuinigingen doorgevoerd om de financiële positie te verbeteren. Wellicht zal in de begrotingsnotitie/ programmabegroting 2015 een nieuw pakket aan bezuinigingsvoorstellen aangeboden worden, zie onderstaand plaatje.

Ontwikkelingen landelijke politiek

Het nieuwe kabinet heeft een regeerakkoord gesloten dat voor gemeenten een aantal (financiële)

gevolgen hebben. In dit regeerakkoord zijn onder andere afspraken gemaakt over het verplicht schatkistbankieren en de Wet HOF (Wet Houdbare Overheidsfinanciën). In 2013 zijn stappen gezet, waardoor aan de voorwaarden van het schatkistbankieren en de Wet HOF wordt voldaan.

De komende jaren verwachten wij, als gevolg van onze financiële positie, geen overtollige middelen te bezitten. De financiële gevolgen van het verplicht schatkistbankieren zijn naar verwachting voor onze gemeente dan ook te verwaarlozen.

Renteontwikkeling en rentebeleid

De renteontwikkeling is van invloed op de financiering van de gemeentelijke activa. Voor meer informatie over de renteontwikkeling en het rentebeleid van de gemeente Uden klik hier.

Renterisico’s

Voor de toetsing van het renterisico heeft de overheid twee instrumenten gedefinieerd namelijk de kasgeldlimiet en de rente risiconorm.

De kasgeldlimiet geeft aan hoeveel de gemeente kort mag financieren als percentage van de begroting. De toegestane kasgeldlimiet bedraagt 8,5% van het begrotingstotaal.

De renterisiconorm heeft als doel om het renterisico bij herfinanciering te beheersen. De renterisiconorm houdt in, dat de jaarlijkse verplichte aflossingen en de renteherzieningen niet meer mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal bij aanvang van het jaar.

Zoals uit onderstaande grafiek is waar te nemen is de kasgeldlimiet in 2013 gedurende de eerste weken is overschreden. Deze overschrijdingen vallen binnen de wettelijk toegestane normen. De renterisiconorm is in 2013 niet overschreden.

Liquiditeitspositie gemeente Uden ten opzichte van de kasgeldlimiet. De kasgeldlimiet bedraagt in 2013 €9.338.000.

Lange en korte financieringsmiddelen

Verloop opgenomen en verstrekte geldleningen (x €1.000)
Stand per 1 januari 2013 100.697 25.685
Aflossingen in 2013 - 6.317 - 5.970
Opgenomen/uitgezet 20.000 0
Stand per 31 december 2013 114.380 19.715

In 2013 is er één nieuwe lening afgesloten. Het betreft een afgesloten lening bij de BNG van €20.000.000 (rentepercentage van 2,81%). Naast de “rekening courant”, “kasgeldleningen” en de “rekening Schatkistbankieren” kent de gemeente geen korte leningenportefeuille.

Renteresultaat 2013

Het renteresultaat 2013 bestaat vrijwel volledig uit bespaarde rente. De bespaarde rente is de rente die we niet toevoe­gen aan de reserves en voorzieningen maar direct toerekenen aan onze exploitatie. De rente wordt berekend over de reserves en voorzieningen met als peildatum 1 januari 2013. In de begroting is het moeilijk voorzien wat de exacte stand van die re­serves en voorzieningen is. Dit levert nu een voordeel op van per saldo € 207.000.