Verberg het menu

Risico-inventarisatie en weerstandsvermogen

Conform het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten is de naam van deze paragraaf gewijzigd van paragraaf risico inventarisatie en weerstandsvermogen naar weerstandsvermogen en risicobeheersing.

Risicomanagement heeft een prominente plek binnen de planning en control cyclus van de gemeente Uden. Het is een continuproces. Bij alle planning & control producten wordt hierover gerapporteerd. In plaats van een periodieke inventarisatie is het risicomanagement bij de gemeente Uden een manier van denken. Het dient als hulpmiddel bij het nemen van besluiten door zowel Raad als college.

Beleid weerstandscapaciteit en de risico’s
Risicomanagement is een belangrijk onderdeel van ons financieel beleid. We sturen op de weerstandsratio maar ook op de baten en lasten. Voor gezonde gemeentefinanciën is alleen sturen hierop niet meer voldoende. We gaan ook aandacht schenken aan geldstromen en de schuldpositie. Met ingang van de Programmabegroting 2015 willen we de financiële strategie verder uitdiepen en verbeteren. Dat is ook een goed moment om ons beleid ten aanzien van risicomanagement wat in 2010 is vastgesteld, opnieuw te bezien en de actualiseren.

Reserves
De financiële positie wordt onder meer bepaald aan de hand van de weerstandsratio waarbij de risico’s afgezet worden tegen de beschikbare middelen. De ratio wordt gebruikt als sturingsinstrument. Wij maken hierbij onderscheid tussen structureel en incidenteel.
Onderdeel van onze beschikbare middelen zijn de reserves. Deze worden jaarlijks getoetst op nut en noodzaak. Dit heeft geresulteerd in de notitie herijking reserves en voorzieningen.

Risico's, weerstandscapaciteit en ratio's
Het beleid voor risicomanagement  (PDF, 304.2 kB)is door uw Raad vastgesteld in 2010. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen incidentele risico's, weerstandscapaciteit en ratio's en de structurele risico's, weerstandscapaciteit en ratio.

Top 12 risico’s
De risico inventarisatie vindt plaats op basis van de inschatting van de financiële impact en de kans van optreden.  We hanteren hierbij klassen van 1 tot 5. Hierbij oplopend van kans en financiële impact. Voor een verdere toelichting op dit systeem van risicobeoordeling verwijzen wij naar het eerder genoemde beleid voor het risicomanagement van november 2010. Hieronder is schematisch weergegeven wat de grootste risico’s zijn voor de gemeente Uden. Voor deze weergave is geen onderscheid gemaakt tussen de incidentele en structurele risico’s.

De risico’s in het rode gebied zijn voornamelijk risico’s vanuit het grondbedrijf. Deze risico’s zijn ingeschat als hoog. Dat betekent dat deze risico’s voldoende onder de aandacht zijn. Dat blijkt ook uit het feit dat de risico inventarisatie bij het grondbedrijf een belangrijke plaats heeft bij het opstellen van het meerjarig perspectief. Ook de externe accountant bevestigd dat de beheersing, wat een belangrijk gedeelte is van de risico inventarisatie , van het grondbedrijf op orde is.

De risico’s in het oranje gebied zijn verschillend van aard. De helft van deze risico’s (risico 4, 5 en 6) zijn risico’s waarvan de kans bijzonder klein is dat ze zich voordoen, maar als ze zich voordoen is de financiële impact groot.  Daarnaast is er ook het risico op lagere legesopbrengsten. Dit wordt veroorzaakt door onder andere de onzekerheid over de bouwactiviteiten. Er is veel aandacht voor de beheersingsmaatregelen van deze risico’s.

Toelichting risico’s met betrekking tot decentralisaties
Per 1 januari 2015 worden de taken op het gebied van Jeugdzorg, Participatie (samenvoeging van de Wwb, Wsw en een deel van de Wajong) en de Awbz/WMO (dagbesteding, ondersteuning en begeleiding) aan de gemeenten overdragen. Deze overdracht gaat gepaard met grote (financiële) verantwoordelijkheid. Dit brengt ook risico’s met zich mee. Op dit moment zijn er nog veel onzekerheden met betrekking tot de decentralisaties. Toch heeft de inhoudelijke afdeling in samenwerking met de afdeling Middelen al verschillende brainstormsessies gehouden.  Hierdoor is een eerste inzicht verworven in mogelijke risico’s met bijbehorende beheersingsmaatregelen. Gezien de onzekerheden is het echter nog niet mogelijk om de risico’s conform het uniforme systeem van risicomanagement te kwantificeren. Verwacht wordt dat in de loop van 2014 de decentralisaties steeds meer invulling krijgen zodat de risico inventarisatie opgenomen kan worden in de dan op te stellen producten uit de Udense planning en controlcyclus te weten Programmabegroting 2015 en Programmarekening 2014. In de tussentijd gaan de inhoudelijke afdeling en de afdeling middelen verder om een goed inzicht te krijgen in de risico’s van de decentralisaties zodat de Raad bij het nemen van besluiten daar rekening mee kan  houden.

Vooruitblik met betrekking tot decentralisaties
In de komende periode zullen de risico’s en de bijbehorende beheersingsmaatregelen verder uitgewerkt worden met als doel de risico’s te kwantificeren en de beheersbaarheid van de decentralisaties te vergroten.  In de Programmabegroting 2015 zal daar voor het eerst over gerapporteerd worden.

Ontwikkeling vermogenspositie
De gemeente Uden wil sturen op risico’s en weerstandsvermogen. Belangrijk hierbij is ook de ontwikkeling van de vermogenspositie van onze gemeente. De vermogenspositie heeft betrekking op de incidentele weerstandscapaciteit. In onderstaand overzicht is duidelijk zichtbaar hoe het vermogen zich ontwikkelt.

In de grafiek is zichtbaar dat de reserve positie van de gemeente Uden sinds 2009 flink is afgenomen. Het vermogen ultimo 2013 is sinds 2009 met € 36 mln afgenomen. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de genomen verliezen van het grondbedrijf. De vermogenspositie staat onder druk en daar zijn wij ons bewust van. Stappen die genomen worden om onze vermogenspositie en de financiële positie te verbeteren zijn beschreven bij de toelichting op de incidentele weerstandstandsratio. De komende jaren zullen er stappen genomen worden om het financieel beleid strategischer te maken. Dit zal verder uitgewerkt worden in de Programmabegroting 2015.