Verberg het menu

Weerstandsvermogen en risicoinventarisatie

Risicomanagement heeft een prominente plek binnen de planning en control cyclus van de gemeente Uden. Het is een continuproces. Bij alle planning & control producten wordt hierover gerapporteerd. In plaats van een periodieke inventarisatie is het risicomanagement bij de gemeente Uden een manier van denken. Het dient als hulpmiddel bij het nemen van besluiten door zowel de gemeenteraad als het college.

Financiële strategie en beleid

Het financiële beleid van de gemeente Uden kent 3 pijlers.  

In deze bestuursrapportage wordt een toelichting gegeven op de pijler risicomanagement en weerstandscapaciteit.

Ontwikkeling vermogenspositie

De gemeente Uden wil onder andere sturen op risico’s en weerstandsvermogen. Belangrijk hierbij is ook de ontwikkeling van de vermogenspositie van onze gemeente. De vermogenspositie heeft betrekking op de incidentele weerstandscapaciteit. In onderstaand overzicht is duidelijk zichtbaar hoe het vermogen zich ontwikkelt.


In de grafiek is zichtbaar dat de reserve positie van de gemeente Uden flink is afgenomen ten opzichte van 2009 en sinds 2011 redelijk stabiel is. De afname van het vermogen wordt voornamelijk veroorzaakt door de genomen verliezen in het grondbedrijf. De vermogenspositie staat onder druk en daar zijn wij ons bewust van. Stappen die genomen worden om onze vermogenspositie en de financiële positie te verbeteren zijn beschreven bij de toelichting op de incidentele risico's. Daarnaast is de verbetering van de financiële positie ook een belangrijk onderdeel van het nieuwe strategische financieel beleid

Structurele risico’s, weerstandsvermogen en ratio

Bij het opstellen van de Programmabegroting 2015-2018 in augustus van dit jaar hebben we de meest actuele informatie opgenomen voor wat betreft de structurele risico's en de structureleweerstandscapaciteit. Er is op dit moment geen andere informatie beschikbaar om een betere prognose te maken. Klik hier voor de ontwikkeling van de structurele weerstandsratio.
 

Incidentele risico's, weerstandsvermogen en ratio's

De ratio wordt als volgt berekend:

Incidentele weerstandsratio = weerstandscapaciteit

                                                risico's

Toelichting ontwikkeling incidentele ratio

De incidentele ratio ligt boven de gestelde norm (tussen 1 en 2) en is iets toegenomen ten opzichte van de Programamrekening 2013.  Dit wordt veroorzaakt door de toename van de weerstandscapaciteit (algemene reserve). Deze toename wordt voornamelijk veroorzaakt door de dotatie aan de algemene reserve als gevolg van de herijking reserves en voorzieningen bij de jaarrekening 2013. Daar zijn een aantal reserves vrijgevallen ten gunste van de algemene reserve waardoor de algemene reserve is toegenomen. Daarentegen is zichtbaar dat de ratio is afgenomen ten opzichte van de Programmabegroting 2015. Dit wordt veroorzaakt door het negatieve resultaat van de bestuursrapportage 2014 van eur 1,3 mln.

De incidentele ratio ligt ruim boven de norm en de structurele ratio ligt onder de norm. Bij het herzien van het risicobeleid zullen we beoordelen of we het onderscheid tussen incidenteel en structureel moeten handhaven. Hierbij zullen we zoveel mogelijk aansluiten op de landelijke ontwikkelingen.
 

Doorkijk naar de toekomst

De incidentele ratio ligt nog op de gestelde norm maar er zijn nog steeds veel factoren die deze ratio direct negatief kunnen beïnvloeden. Denk hierbij aan afboekingen vanuit de grondexploitatie, het niet halen van bezuinigingstaakstellingen, toename van de incidentele risico’s en negatieve resultaten in afwijkingenrapportages.

Om het weerstandsvermogen minimaal op niveau te houden of te verbeteren, zal verder worden gegaan met de volgende stappen:

  • Actief sturen op het realiseren van de bezuinigingen doormiddel van de bezuinigingsmonitor;
  • Extra kritisch kijken naar B&W voorstellen waarbij als dekking de algemene reserve wordt genoemd;
  • Bestemmingsreserves kritisch screenen en waar mogelijk vrij laten vallen ten gunste van de algemene vrije reserve;
  • Bestemmingsreserves koppelen aan de algemene vrije reserve;
  • Eventuele exploitatieoverschotten direct toevoegen aan de algemene vrije reserve.