Verberg het menu

Programmarekening 2015

De Programmarekening bestaat uit het jaarverslag en de jaarrekening. In het jaarverslag leest u bij de diverse programma’s uitgebreid terug wat er is gerealiseerd, met hierbij een doorkijk naar 2016. In de jaarrekening vindt u alle van belang zijnde financiële informatie. Tevens is een samenvatting opgenomen met daarin de belangrijkste onderwerpen uit zowel het jaarverslag als de jaarrekening.

Samenvatting

De Programmarekening bestaat uit een jaarverslag en een jaarrekening. In het jaarverslag wordt verantwoording afgelegd over de gerealiseerde doelstellingen en de paragrafen. De jaarrekening is vooral financieel van aard. 

Jaarrekening

Financieel resultaat

De gemeente Uden heeft het jaar 2015 afgesloten met een positief saldo van € 774.000. Voor een analyse op dit jaarrekeningresultaat klik hier.

De raad wordt gevraagd om € 100.000 te bestemmen voor herinrichting en sloop Udens College. In 2015 is het hiervoor geraamde budget niet aangesproken in verband met vertraging in de bestemmingsplanprocedure. Op basis van resultaatbestemming willen we dit bedrag graag overhevelen naar 2016.

De raad wordt ook gevraagd om  € 81.000 te bestemmen voor verdere uitvoering in 2016 van de offerte 32 (programmabegroting 2015, extra acties ten behoeve van verminderen van instroom en het versnellen van uitstroom van uitkeringsgerechtigden). In 2015 heeft de raad een incidenteel budget ad. € 300.000 beschikbaar gesteld voor dit doel. Deze middelen zijn in 2015 ingezet voor extra formatie, extra activiteiten en de aanschaf van een nieuw softwarepakket dat de mogelijkheid biedt meer te werken vanuit de competenties van de bijstandscliënten. Daarnaast is extra ingezet op handhaving. Een aantal acties is later gestart dan verwacht en zullen doorlopen in 2016.   

Wat dan nog resteert van het jaarrekeningresultaat is een bedrag van € 593.000. We stellen voor om dit bedrag toe te voegen aan de Algemene Reserve Vrij Besteedbaar. 

Bij het opmaken van de jaarrekening 2015 kan worden vastgesteld dat van de Sociale Verzekeringsbank (PGB’s), de centrumgemeente Den Bosch (Jeugd-ZIN) en de centrumgemeente Oss (Wmo2015-ZIN) nog geen definitieve afrekeningen over 2015 met accountantsverklaringen zijn ontvangen. De cijfers hierover in deze jaarrekening zijn derhalve onder voorbehoud. Rekening houdend met dit voorbehoud, bedroeg het voordeel Sociaal Domein € 3,7 mln (incidenteel). Conform amendement 2 bij de jaarrekening 2013 worden alle overschotten Jeugdzorg, Wmo en ParticipatieWet aan de reserve Sociaal Domein toegevoegd; tekorten worden aan deze reserve onttrokken. Alhoewel 2015 nog een positief beeld laat zien zijn de verwachtingen dat dit vanaf 2016 minder optimistisch zal zijn. Het totale budget Sociaal Domein zal tm 2020 naar verwachting met ongeveer € 4 mln afnemen (structureel). Waarvan ca € 3 mln vermindering bijdrage voor Wsw’ers. Daarnaast gaat het budget Jeugdzorg met € 1 mln omlaag. Het is nog onduidelijk wat dit voor de gemeente Uden betekent.
Behalve op genoemde ontwikkelingen wil het college nog wijzen op de verwachting dat een nieuwe aanbesteding voor Wmo-hulpmiddelen nadrukkelijk minder voordelig zal uitpakken dan het huidige. Een nieuwe aanbesteding zal op zijn vroegst in 2017 in werking treden en op zijn laatste in 2019.
Daarnaast moet rekening gehouden met worden met mogelijke ontwikkelkosten voor de door-ontwikkeling van IBN naar een nieuwe rol in de ParticipatieWet. Met de reserve Sociaal Domein kunnen incidentele financiële tegenvallers worden opgevangen en is het mogelijk extra in de kanteling te investeren met de intentie de transitie binnen de beschikbare budgetten uit te voeren.  
 

Jaarverslag

Financiële positie

Om adequaat te kunnen sturen op de financiële positie hanteren we sinds 2014 drie pijlers, te weten:

  • Dekking/sluitende begroting
  • Risicomanagement/weerstandscapaciteit
  • Financiering

Dekking/sluitende begroting

Deze pijler stuurt op een structureel sluitende begroting. Dat betekent dat de structurele uitgaven kunnen worden opgevangen met structurele inkomsten. Programmabegroting 2015 sloot met een structureel tekort van € 479.000. Programmarekening 2015 laat een overschot zien van € 774.000. Zoals uit de verschillenanalyse blijkt is het merendeel incidenteel. Ter voorbereiding op Programmabegroting 2017 wordt deze analyse waar nodig nog verder uitgediept zodat eventuele structurele mee-of tegenvallers betrokken kunnen worden bij het meerjarenbeeld.

Risicomanagement/weerstandscapaciteit

Bij het opstellen van de Programmarekening zijn de risico's geactualiseerd. Conform de door de raad vastgestelde systematiek zijn deze financieel vertaald. De totale risico's zijn ten opzichte van vorig jaar afgenomen van € 15 mln naar € 14,4 mln. Daar tegenover staat een weerstandscapaciteit van € 36 mln (in 2014 nog € 31 mln). Deze capaciteit bestaat uit de algemeen vrij besteedbare reserve, het jaarrekeningresultaat, de stille reserves en de onbenutte belastingcapaciteit.

De weerstandsratio (weerstandscapaciteit/risico's) bedraagt per 31 december 2015 2,51 (in 2014 2,13). De weerstandsratio is ten opzichte van 2014 sterkt verbeterd en is nu zelfs ruim boven de norm (ratio tussen 1 en 2). 

Met deze ratio tonen we aan dat de gemeente Uden goed in staat is haar financiële tegenvallers op te vangen. Hierbij merken we op dat er veel factoren zijn die deze ratio kunnen beïnvloeden, bijvoorbeeld het al dan niet realiseren van bezuinigingen, resultaten van afwijkingenrapportages of afboekingen vanuit de grondexploitatie. We blijven uiteraard actief sturen op de weerstandsratio. Deze pijler is nader uitgewerkt in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing.

Financiering

Het vooral actief sturen op de schuldpositie is nog steeds vrij nieuw voor onze gemeente. We hebben het 'sturen op schuld' als doelstelling opgenomen in het coalitieprogramma "samen voor een vitaal Uden!"  In de Programmabegroting 2015 zijn ook indicatoren opgenomen om deze doelstelling te kunnen meten. In 2015 heeft de gemeente Uden geen nieuwe geldleningen aangetrokken en heeft in totaal ruim € 6 mln aan aflossingen verricht. Hiermee is de netto-schuldpositie verbeterd. In 2016 verwachten we echter weer geld aan te moeten trekken om de geplande investeringen uit te kunnen voeren. Deze extra lening van € 15 mln. heeft dan overigens weer direct een negatief effect op onze schuldpositie. Deze pijler is nader uitgewerkt in de financieringsparagraaf.

Financiële doorkijk naar 2016

Deze Programmarekening is in april 2016 afgerond.  Het Centraal planbureau had toen de Macro economische verkenning 2016 gepubliceerd. Een prognose die het Kabinet gebruikt bij de voorbereiding van de Rijksbegroting en een document wat wij gebruiken bij de voorbereiding van de Begrotingsnotitie 2017. De groei van de Nederlandse economie houdt volgens die prognoses aan met een gemiddelde groei van 1,8% per jaar. Het begrotingstekort verandert bij ongewijzigd beleid in 2021 naar een overschot op de Rijksbegroting. Verder zien we op termijn een afname van de overheidsschuld. Op basis van die informatie verwachten we géén extra noodzakelijke bezuinigingen vanuit het Rijk. De beperkte groei lijkt het voor gemeenten echter ook niet mogelijk te maken om nieuwe financiële impulsen te geven aan beleid.

Gerealiseerde doelstellingen

In 2015 zijn onder andere de volgende doelstellingen gerealiseerd:

  • De G1000 heeft zijn vervolg gekregen. Dit jaar zijn Udenaren aan de slag gegaan met de top 10 ideeën die uit de G1000 zijn gekomen. De G1000 heeft een duidelijke verbinding met Udenaar de Toekomst, waarin Groen, Gezond, Gastvrij en Gezellig de kenmerken zijn.
  • In februari 2015 heeft de opening van de Promenade, met winkels, 31 sociale huurwoningen en twee parkeerdekken plaatsgevonden.
  • Met de opknapbeurt/kwaliteitsverbetering van gevels van overige panden in het centrum is de uitstraling van het centrum sterk verbeterd.
  • De voorbereidingen zijn in volle gang voor de realisatie van een Foodcourt in Uden Noord,  met o.a McDonalds, Subway en KFC.
  • De ontwikkeling van het Zorgpark met vernieuwende zorg en wellness concepten is eveneens in volle gang. De voorbereidingen van een multizorgcentrum zijn nog steeds gaande.
  • De huizenmarkt herstelt zich boven verwachting. Er zijn aanzienlijk meer woningen in aanbouw genomen dan voorzien (203 ten opzichte van 160).
  • De herbouw van de afgebrande basisscholen Jan Bluyssen en De Brinck is in volle gang. Door toepassing van innovatieve vormen van gebruik van energie en materialen wordt dit wellicht één van de meest duurzame scholen van Nederland.
  • De voorbereidingen voor het aanleggen van gratis WIFI in het winkelcentrum zijn getroffen.
  • De voorbereidingen voor de realisatie van nieuwbouw HAVO/VWO van het Udens college zijn getroffen.
  • Het nieuwe Kindcentrum in Odiliapeel wordt komend jaar opgeleverd.
  • Op het gebied van duurzaamheid is er, samen met de bewoners van de wijken Melle en Hoeven gestart met een pilot tot terugbrengen van restafval, de eerste resultaten zijn positief.
  • Voorbereidingen zijn getroffen voor de aanleg van glasvezel in het buitengebied.
  • Ter verbetering van de dienstverlening is er een snelbalie geopend, waar inwoners zonder afspraak hun paspoort of rijbewijs kunnen ophalen.
  • Het Inrichtings- en Beheerplan voor het Landschapspark de Maashorst is vastgesteld en in uitvoering. Recent zijn bijvoorbeeld Wisents (Europese bizons) uitgezet voor het graasbeheer.
  • Er is gestart met de inkleuring van de culturele uitvoeringsagenda 2016-2020.
  • We zijn gestart met de ontwikkeling van een zonnepanelenpark op Hoogveld.
  • De mobiliteitsvisie is vastgesteld en wordt met ingang van 2016 uitgevoerd.
  • De revitalisering van bedrijfsterrein Loopkant-Liessent is afgerond.
  • Op het gebied van arbeid is regionaal het WerkgeversServicePunt ingericht.

De realisatie van doelstellingen en projecten is ook opgenomen in de highlights per portefeuille.

Continuous reporting

Ons jaarverslag is al lang niet meer een verslag waarin alleen verantwoording wordt afgelegd over het afgelopen jaar. Belangrijk vinden we ook dat we op basis van de rapportages vooruit kijken. Bij onze bezuinigingsmonitor en bijlage 'onderhanden werken' (PDF, 128.0 kB) gaan we nu nog een stapje verder. In deze twee onderdelen hebben we ook de besluitvorming opgenomen van ons meest actuele P&C-product "Programmabegroting 2016-2020'. Een eerste stap naar 'continuous reporting'. Dit is het continu verantwoording afleggen over deze onderwerpen. Hierdoor kunnen we nu op deze twee onderwerpen een compleet en actueel beeld schetsen.

Accountantscontrole/bedrijfsvoeringsverklaring

Met ingang van 1 juli 2015 heeft de raad een andere huisaccountant te weten PricewaterhouseCoopers (PWC). Hun controleaanpak en hun denkwijze over bijvoorbeeld continuous reporting sluit goed aan bij onze ambities op het gebied van planning en control. We hopen voor de komende jaren dan ook weer op een constructieve samenwerking met de raad, het college, PWC en de medewerkers van de gemeente Uden en PWC. Programmarekening 2015 is de eerste jaarrekening die gecontroleerd is door PWC. De controle heeft geresulteerd in een goedkeurende controleverklaring voor zowel rechtmatigheid als getrouwheid. Voor meer informatie verwijzen wij u naar het accountantsverslag (PDF, 351.9 kB).

De gemeente Uden wil graag 'in control' zijn. Daarvoor is een systeem van interne beheersingsmaatregelen aanwezig. Ook het systeem van risicobeheersing draagt daar aan bij. In de bedrijfsvoeringverklaring verklaart het college en ambtelijk management dat de interne risicobeheersing- en controlesystemen adequaat en effectief zijn.

Behandelingsprocedure

31 mei 2016 Aanbieding Programmarekening 2015 aan de Raad
12 juni 2016 Uiterste datum indienen technische vragen
15 juni 2016 Audit commissie
20-22 juni 2016  Behandeling Programmarekening 2015 in de commissies
21 juni 2016 Toezending schriftelijke antwoorden op technische vragen door het college  
7 juli 2016 Behandeling en vaststelling Programmarekening 2015 door de Raad

Jaarverslag

Duurzaam wonen en ondernemen

Het afgelopen jaar hebben we gemerkt dat er sprake is van toenemende belangstelling voor zowel bouwkavels als nieuwbouwwoningen; de woningmarkt laat een behoorlijk herstel zien. Het aantal in aanbouw genomen woningen (203) ligt fors boven het verwachte aantal (160).In de eerste helft van 2015 is het woningmarktonderzoek afgerond. Op basis van het woningmarktonderzoek en de uitkomsten van de verschillende bewonersgesprekken, hebben we het woningbouwprogramma op kernniveau geactualiseerd. En is het woningbouwprogramma in de tweede helft aangevuld met nieuwe woningbouwlocaties.

In Uden Noord is gewerkt aan onder andere de ontwikkeling van het Foodcourt met daarin Mc Donalds, Subway en KFC. In het centrum zijn voorbereidende werkzaamheden verricht voor de herinrichting van het Brabantplein en is een proces gestart voor de bundeling van promotiegelden op het gebied van centrummanagement en citymarketing. Wat betreft bedrijventerreinen is 2,2 ha aan grond verkocht en is een openbare vrachtwagenparkeerplaats gerealiseerd. Tevens is het besluit genomen om in principe medewerking te verlenen aan het initiatief van de SBBU om camera’s te plaatsen op het bedrijventerreinen. In de regio Noordoost Brabant zijn afspraken gemaakt over detailhandel en zijn afspraken in voorbereiding over bedrijventerreinen.

In december heeft de Raad de Duurzaamheidsagenda 2015-2020 vastgesteld. Belangrijke ambities zijn: Uden energieneutraal in 2035 voor de bebouwde omgeving, 75 kg restafval per inwoner in 2020 en Udense ondernemers bewust maken van het belang van MVO. De ambities zijn in de agenda beschreven in 36 maatregelen die in de periode 2015-2020 worden uitgevoerd.

Op het gebied van duurzaamheid ondersteunt de gemeente diverse initiatieven van burgers en organisaties. Zelf geeft de gemeente het voorbeeld door maatschappelijk verantwoord ondernemen te verankeren in haar eigen organisatie. Ambities hierbij zijn: een energieneutrale organisatie in 2035, reduceren van het restafval naar 10% in 2020, toepassen van Cradle to Cradle en biobased produckten (25% in 2020).

Het buitengebied is volop in ontwikkeling; begin 2014 is het nieuwe bestemmingsplan Buitengebied vastgesteld door de raad en in december 2015 heeft de behandeling bij de Raad van State plaatsgevonden. In het najaar is alweer gestart met de volgende partiële herziening, waarin vooral de invulling van duurzame en zorgvuldige veehouderij wordt verwerkt zodat het bestemmingsplan wordt aangepast aan het meest actuele provinciale beleid.

In 2015 hebben diverse partijen aanspraak gemaakt op het breedbandfonds van Provincie Noord-Brabant, wat er voor moet zorgen dat het buitengebied van Brabant voorzien wordt van breedbandinternet. Het bedrijf Mabib heeft begin 2016 het bericht van Provincie Noord-Brabant ontvangen dat zij de lening ontvangen voor het aanleggen van glasvezel in het buitengebied van Brabant. Voor Uden betekent dit dat eind 2017 glasvezel beschikbaar is voor onze inwoners in het buitengebied.

Het programma Duurzaam wonen en ondernemen heeft vier doelstellingen. Ga direct naar:

Ieder programma heeft een eigen menuknop. Hier vindt u informatie over:

Bouwen naar behoefte

Een belangrijke ambitie is het voorzien in de huidige en toekomstige woonbehoefte en daarmee te bouwen naar behoefte. Om een actueel beeld te hebben van de woonbehoefte hebben we in 2015 een woningmarktonderzoek uitgevoerd. Hierbij hebben we de woonwensen per kern vertaalt naar woningbouwprioriteiten. Op basis van deze woningbouwprioriteiten en het woningmarktonderzoek hebben we medio 2015 het woningbouwprogramma geactualiseerd.

De woningmarkt in 2015 laat een duidelijk herstel zien. Dit herstel vertaalt zich onder andere in een forse stijging van het aantal in aanbouw genomen woningen (203). Daarnaast zijn de ruimtelijke procedures gestart om 50-60 tijdelijke huurwoningen te realiseren.

Eind 2015 is de Omgevingsvisie vastgesteld en zijn de voorbereidingen gestart met betrekking tot de implementatie van de Omgevingswet.
Voor 2016 staat de evaluatie van de starterslening op de planning, evenals de uitvoeringsregels voor huisvesting van arbeidsmigranten en de actualisatie van Prestatieafspraken met Area conform de nieuwe wetgeving.

Realisatie in één oogopslag

​ afgerond/gerealiseerd  ​ gestart/onderhanden   nog niet opgestart

  Bouwen naar behoefte   Toelichting
1 Uitvoeren woningmarktonderzoek. Het woningmarktonderzoek is in juni 2015 afgerond. 
2 Herijken woningbouwprogramma. Op basis van het woningmarktonderzoek en de uitkomsten van de bewonersgesprekken op kernniveau, is het woningbouwprogramma in juni 2015 geactualiseerd. 
3 (Half)jaarlijkse monitoring woningbouwprogramma. Halfjaarlijkse monitoring (januari-juli 2015) is afgerond. Volgende monitoring (juli-december 2015) staat gepland voor het voorjaar 2016.
4 Realiseren woningen (volgens programma). In 2015 zijn vanuit lopende projecten 199 woningen in aanbouw genomen. Middels het reguliere bouwvergunningentraject zijn 4 woningen in aanbouw genomen. 
5 Realiseren tijdelijke huurwoningen. Gemeente Uden en Area hebben een businesscase uitgewerkt om te komen tot de realisatie van tijdelijke huurwoningen. Uit deze businesscase zijn twee geschikte locaties naar voren gekomen waar ca. 50-60 tijdelijke huurwoningen gerealiseerd kunnen worden. Inmiddels is de ruimtelijke procedure opgestart. Realisatie van de eerste locatie voorzien we eind 2016.
6 Uitvoeren Starterslening.

Er is voorlopig voldoende budget beschikbaar om de starterslening uit te blijven voeren. In 2016 heroverwegen we de Starterslening.

7 Bestemmingsplannen doorlopend actualiseren (continue). Voor het Bestemmingsplan woongebieden Kom Uden is de uitgebreide inventarisatie uitgevoerd. Voorjaar 2016 is het concept gereed. 
8 Implementeren veranderde wet-en regelgeving:
- WABO/BOR/Bijlage 2
- Herziening Woningwet (2015)
- Besluit Militaire luchthavens (luchthavenbesluit Volkel (planning 2015-  2016)
- Omgevingswet (planning 2018-2019)
 

De implementatie van de Herziening Woningwet is in uitvoering.

Op 1 november 2015 is het Luchthavenbesluit Volkel in werking getreden. Daarmee is het B

Besluit militaire luchthavens van toepassing.
Voorbereidingen implementatie Omgevingswet zijn gestart. Omgevingsvisie is vastgesteld.
 

9 Opstellen uitvoeringsregels met betrekking tot het  huisvestingsbeleid arbeidsmigranten. In maart 2016 zijn de uitvoeringsregels vastgesteld
10 Actualiseren omgevingsvisie(uitvoeringsparagraaf kostenverhaal). In december 2015 is de omgevingsvisie vastgesteld. Wel volgt in 2016/2017 een nadere uitwerking van de visie in lijn met de laatste amendementen in de komende Omgevingswet. Het onderdeel kostenverhaal wordt verwerkt in de nieuwe Nota Grondbeleid die medio 2016 volgt.
11 Monitoren en (indien noodzakelijk) actualiseren prestatieafspraken met Area (continue). In ieder kwartaal van 2015 zijn de  prestatieafspraken met Area gemonitord. In verband met de implementatie van de herziene Woningwet zijn aanvullende prestatieafspraken m.b.t. 2016 vastgesteld.

Prestatie indicatoren

Indicator Aantal woningen per jaar
Werkelijk 2014 67 woningen
Prognose 2015 75 (160*) woningen
Werkelijk 2015 203**
Informatiebron Woningbouwprogramma
Aanvullende informatie * De prognose 2015 is niet gebaseerd op de Programmabegroting 2015 maar op de voortgangsrapportage Uden bouwt, waarin voor 2015 een versnelling van de bouw van een groot aantal woningen zichtbaar is.

** Het aantal in aanbouw genomen woningen ligt aanzienlijk hoger dan geprognotiseerd. Met name ontwikkellocaties Velmolen-Oost en Maatsestraat (nieuw Hoeven) zijn sneller tot ontwikkeling gekomen.

Versterken economisch klimaat

In Uden Noord is gewerkt aan onder andere de ontwikkeling van het Foodcourt met daarin Mc Donalds, Subway en KFC. In het centrum zijn voorbereidende werkzaamheden verricht voor de herinrichting van het Brabantplein en is een proces gestart ten behoeve van de budeling van promotiegelden op het gebied van centrummanagement en citymarketing.

Wat betreft bedrijventerreinen is 2,2 ha aan grond verkocht en is het besluit genomen om in principe medewerking te verlenen aan het initiatief van de SBBU om camera’s te plaatsen. Tevens zijn op gebied van duurzaamheid de thema’s afval en energie gekozen om nader uit te werken, waaronder de mogelijkheden voor een zonnepark. In de regio Noordoost Brabant zijn afspraken gemaakt over detailhandel en zijn afspraken in voorbereiding over bedrijventerreinen. 

Realisatie in één oogopslag

​ afgerond/gerealiseerd   gestart/onderhanden   nog niet opgestart

  Versterken economisch klimaat   Toelichting
1 Het zorgpark in en om Uden Noord verder ontwikkelen.

We ontwikkelen langs meerdere sporen. Op de locatie van Barouge wordt gewerkt aan de ontwikkeling van een multizorgcentrum. Een ander spoor is het uitvoeren van deelprojecten op Udens grondgebied binnen “Meer Maashorst, een gezond landschap”, waarbij het regisseurs schap bij de gemeente ligt. Diverse deelprojecten die elk hun eigen planning kennen zijn in voorbereiding en moeten voor eind 2017 gereed zijn. 

2 Verder ontwikkelen overige onderdelen Uden Noord (o.a. stadsentree, hoogwaardige bedrijvigheid, recreatieve toegangspoort.

De snelweglocatie, als onderdeel van de stadentree, wordt ontwikkeld. Aan de westzijde van hotel Van der Valk wordt gewerkt aan de realisatie van Foodcourt Uden met daarbij McDonalds, KFC, Subway en TinQ. Er is een overeenkomst met de ontwikkelaar getekend.

3 Inzetten op beleving, funshoppen en evenementen in het centrum. De gemeente zet in op meer evenementen. Citymarketing speelt hierbij een belangrijke rol. 24-uur Uden heeft in 2015 voor de 2e keer plaatsgevonden.
4 Herinrichting Marktstraat. De herinrichting van de Marktstraat is niet opgenomen in de begroting 2016.
5 Herinrichting Brabantplein. De voorbereiding is in 2015 gestart. De ondernemers zijn betrokken bij het opstellen van de uitgangspunten. Vanaf 1 maart 2016 is het plan uitgevoerd en het was eind mei 2016 gereed.
6 Bundelen promotieactiviteiten  citymarketing/centrummanagement. Er is onderzoek verricht naar de mogelijkheden voor bundeling van promotiegelden van centrummanagement en citymarketing. In 2016 wordt hier in overleg met betrokken partijen vervolg aan gegeven.
7 Opstellen en uitvoeren agenda toekomstbestendige bedrijventerreinen. Met betrokken partners (o.a. OUV De Kring en SBBU) is een proces gestart waarin onderwerpen bepaald worden die van belang zijn voor de toekomstbestendigheid van bedrijventerreinen. Afval, energie en MVO  zijn de thema’s die nader uitgewerkt worden.
8 Versterken vestigingsklimaat bedrijventerreinen. Er is een openbare vrachtwagenparkeerplaats gerealiseerd op de locatie van de voormalige milieustraat. Er is een besluit genomen om in principe mee te werken aan het initiatief van de SBBU om camera’s op de openbare weg op de bedrijventerreinen te plaatsen. Daarnaast heeft met betrokken partners (politie, UOV De Kring, SBBU, makelaars) een traject plaatsgevonden rondom misbruik vastgoed. 
9 Verder invullen door het uitgeven van kavels bij Goorkens en Hoogveld. In 2015 is circa 2,2 ha (22.374 m2) aan grond voor bedrijventerreinen verkocht en gepasseerd bij de notaris. Tevens zijn inmiddels voor 2016 afspraken gemaakt voor de uitgifte van in totaal 1,1 ha. 
10 Onderzoeken alternatieve exploitatie onverkochte bedrijventerreinen. In 2015 is een proces vanuit de provincie gestart om regionale afspraken t.a.v. plannen voor bedrijventerreinen te maken. De planning is dat medio 2016 de afspraken binnen Noordoost Brabant in het RRO zijn vastgelegd. In Uden is Hoogveld-Zuid hierbij betrokken. Voor dit bedrijventerrein wordt gekeken naar de mogelijkheden om op een deel van het terrein een zonnepark te realiseren.
11 Ondersteunen startende ondernemers. Startende ondernemers kunnen bij de bedrijvenregisseur terecht voor vragen. Daarnaast heeft de gemeente financieel bijgedragen aan de startersmarktplaats en ondernemerslift plus.
12 Acquisitie. Ten behoeve van de verkoop bedrijfskavels zijn afspraken met een makelaar gemaakt. Voor Uden Noord zijn  promotiefilmpjes ontwikkeld. Uden heeft meegedaan aan verkiezing Beste Binnenstad. Tevens is een onderzoek gestart naar de economische kansen door de komst van de JSF welke in 2016 wordt afgerond. 
13 Nadrukkelijk participeren vanuit EZ alsmede Verkeer en Mobiliteit in AgriFood Capital. Naast de reguliere participatie heeft Uden deelgenomen aan de regionale bestuurlijke kopgroep detailhandel t.b.v. het opstellen van de regionale detailhandelsvisie voor Noordoost Brabant. Tevens heeft Uden deelgenomen aan de regionale bestuurlijke kopgroep infrastructuur. 

Prestatie indicatoren

Indicator Aantal arbeidsplaatsen minimaal 1.800 extra in 2014 (basis 2010)
Werkelijk 2014 23.848
Prognose 2015 23.400
Werkelijk 2015 23.600
Informatiebron I&O research
Aanvullende informatie In 2010 waren er 22.221 arbeidsplaatsen in Uden. In 2014 is het aantal arbeidsplaatsen toegenomen met ruim 1.600. De toename van het aantal arbeidsplaatsen is met name toe te schrijven aan de komst van ziekenhuis Bernhoven, dat met 2.348 arbeidsplaatsen ver uit de grootste werkgever is in Uden. Ook de toename in 2014 is vooral aan de uitbreiding van de werkgelegenheid in Bernhoven te danken.
Indicator Aantal bezoekers centrum (130.000 per week)
Werkelijk 2014 Geen meting plaatsgevonden
Prognose 2015 95.000
Werkelijk 2015 90.000
Informatiebron Locatus (2 jaarlijks)
Aanvullende informatie De telling is een momentopname en betreft een 2 jaarlijkse telling. De gemeente heeft geen invloed op de teldag. In 2012 is geteld tijdens het evenement Bourgondisch Uden in juni. Dit getal is om die reden niet representatief waardoor er in april 2013 opnieuw is geteld. In 2014 is niet geteld. In 2015 is in maart geteld op een koude en regenachtige dag. De verwachting is daarom dat het aantal bezoekers per week hoger is dan 90.000.

Koploper in duurzaamheid

In 2015 is in samenspraak met burgers en stakeholders de duurzaamheidsagenda 2015-2020 opgesteld. Op de dag van de duurzaamheid, 10 oktober, is door een aantal samenwerkende vrijwilligersorganisaties (Uden doet duurzaam) voor de eerste keer een markt georganiseerd. De stichting Fairtrade heeft de titel ‘Fairtradegemeente’ gecontinueerd.

De gemeente Uden neemt samen met tien ondernemers deel aan een programma om maatschappelijk verantwoord ondernemen in de eigen bedrijfsvoering te verankeren. Dit heeft geleid tot het opstellen van een plan van aanpak voor onze organisatie wat in 2016 ev zal worden uitgevoerd. Verder zijn er twee elektrische bedrijfsauto’s in gebruik genomen en is een overleg gestart met UOV de Kring, SBBU en enkele ondernemers om gezamenlijk te werken aan een duurzaam bedrijventerrein. Met Energie Uden is periodiek overleg gevoerd over hun rol en ambitie op het gebied van duurzame energie.

De haalbaarheid voor realisatie van een zonnepark is onderzocht en in 2016 wordt gestart met de realisatie hiervan. Ook zal het gemeentehuis van zonnepanelen worden voorzien. Andere belangrijke onderdelen uit de uitvoeringsagenda die in 2016 gestart zullen worden zijn: communicatiecampagne duurzaamheid, stimuleren woningeigenaren tot het nemen van energiebesparende maatregelen, opnemen van een duurzaamheidsparagraaf in College- en Raadsvoorstellen, verbeteren van gescheiden inzameling van afval (grondstoffen) en bevorderen van hergebruik, uitbreiding van het aantal laadpalen voor elektrische auto’s.

Realisatie in één oogopslag

​ afgerond/gerealiseerd  ​ gestart/onderhanden   nog niet opgestart

  Koploper in Duurzaamheid   Toelichting
1 In samenspraak met stakeholders opstellen van een duurzaamheidsagenda. De duurzaamheidsagenda is in december door de Raad vastgesteld.
2 Faciliteren van nieuwe- en bestaande duurzame initiatieven. Dit is een doorlopende activiteit. Wij ondersteunen initiatieven die voortkomen uit de G1000 top.
3 Communicatie/educatie over het begrip Circulaire economie.

Circulaire economie is de rode draad van het duurzaamheidsbeleid en –agenda. Maatregelen zijn: 9. het gebruik van cradle to cradle en biobased producten actief ondersteunen en 29. 25% van de door de gemeente gebruikte materialen zijn in 2020 C2C of biobased.

4 Conform Circulaire economie handelen in onze gemeentelijk uitvoering. De ontwikkeling afvalbeleid is gestart. De raad is akkoord gegaan met ‘Koers Udens afval in beweging, 2015-2020’.
5 Deelnemen aan de kopgroep van MVO ondernemers. De gemeente neemt deel aan deze kopgroep.
6 Faciliteren van initiatieven die het handelen van woningeigenaren stimuleren. Via de Energiecoöperatie Uden stimuleert en ontzorgt ‘Thuis warm’ woningeigenaren bij het treffen van energiebesparingsmaatregelen.
7 Duurzame ontwikkeling op afval gebied, concreet afval verwerken in biomassacentrale. De biomassaenergiecentrale in Odiliapeel is gereed en in gebruik genomen.
8 Adviseren van bedrijven en maatschappelijke organisaties ten aanzien van mogelijkheden duurzame energie. Dit is een doorlopende activiteit.
9 Met Energie Uden de potentie van duurzame energieproductie-locaties onderzoeken en realiseren. Er zijn verkenningen gestart naar deze mogelijkheden.Er is onder andere een haalbaarheidsonderzoek uitgevoerd naar mogelijkheden op Hoogveld Zuid.
10 Uitbreiding van het aantal laadvoorzieningen voor fiets en auto. Dit is in uitvoering.
11 Uitvoeren van de acties uit het energieakkoord. De acties uit het energieakkoord zijn opgenomen in de duurzaamheidsagenda 2015-2020.

Prestatie indicatoren

Indicator In 2015 wordt 60% van het totaal aan huishoudelijk afval nuttig toegepast
Werkelijk 2014 53%
Prognose 2015 60%
Werkelijk 2015 52%
Informatiebron Informatie van afvalinzamelaars
Aanvullende informatie In 2010 is met de regiogemeenten gestart om gezamenlijk een afvalvisie Noordoost-Brabant te ontwikkelen met ambities en doelstellingen. Met de ontwikkeling en uitwerking is begin 2013 gestopt vanwege ontwikkelingen om met een beperkter aantal regiogemeenten (As50) samen te werken. Uden is vervolgens zelf gestart om tot een afvalvisie te komen in samenspraak met betrokken partijen. Door het ontbreken van een visie en hoe te behalen zijn weliswaar kleine wijzigingen doorgevoerd, maar nog onvoldoende om 60% scheiding te behalen. Om dit doel te kunnen bereiken zijn grotere wijzigingen in afvalinzameling nodig, uitgewerkt in een afvalvisie. In juni 2015 is de afvalvisie ‘Koers Udens afval in beweging, 2015-2020’ door de raad vastgesteld en in najaar 2015 gestart met twee verschillende manieren van inzamelen in twee proefgebieden.
Indicator Uden is energieneutraal in 2035  
Verbuik Huishoudens Zakelijk
Electra (MWh) 2015 (prognose) 58,9 186,1
Gas (M3) 2014 20.000.000 39.767.000
     
Productie Vastgoedobjecten Hoeveelheid
Elektra 2015 (prognose) 561 2,3
Overig opwek (MWh) 12 8,6

Versterken buitengebied

Het buitengebied is steeds meer de aanjager van de ontwikkeling van Uden als recreatieve gemeente met een groot areaal natuur. In 2015 is er een stijging van het aantal agrarische bedrijven dat omschakelt naar een recreatieve functie of zich verbreedt met een recreatieve functie. Er is in de regionale en provinciale beleidsstukken meer nadruk gelegd op het nastreven van een zorgvuldige veehouderij voor de bestaande veehouderijbedrijven zoals onder andere vastgelegd in de provinciale Verordening Ruimte met als doel een beter woon en leefklimaat in het buitengebied. Hieraan gekoppeld is in 2015 een nieuwe Geurverordening opgesteld en een gestart met een partiele herziening van het bestemmingsplan Buitengebied. Daarnaast is de maatschappelijke dialoog met de omgeving bij nieuwe ontwikkelingen steeds belangrijker.

In 2016  staat de vaststelling van de nieuwe Geurverordening en de partiele herziening van het buitengebied op de agenda en worden ook onderwerpen zoals mestverwerking in regionaal en bestuurlijk verband verder uitgewerkt en uitgevoerd. De gemeente is enerzijds regisseur van het “Udens deel” van het project Meer Maashorst (“Dynamisch Landschap Uden) en anderzijds verantwoordelijk voor de uitvoering van het deelproject “Beter bewegen” wat zich richt op het fysieke aspect van het gezonde landschap. Dit project wordt in 2016 verder uitgevoerd.

Realisatie in één oogopslag

​ afgerond/gerealiseerd  ​ gestart/onderhanden   nog niet opgestart

  Versterken Buitengebied   Toelichting
1 Het opstellen van een partiële herziening van het bestemmingsplan Buitengebied 2011-2013 naar aanleiding van de provinciale Verordening Ruimte 2014 (uitwerking provinciale Verordening voor de thema’s veehouderij, volksgezondheid en een maatschappelijke dialoog). De aanvulling van de nota van uitgangspunten 2012 is in overleg met de klankbordgroep opgesteld en verwerkt tot een partiele herziening van het ontwerp bestemmingsplan Buitengebied, afgestemd op de provinciale Verordening 2014, de uitspraak van de Raad van State en andere ontwikkelingen.
2 Een nieuwe werkwijze voor het sneller en efficiënter doorlopen van ruimtelijke procedures, waarbij de gemeente nieuwe economische dragers en vrijetijdseconomie stimuleert.

In de partiële herziening van het bestemmingsplan Buitengebied 2014 is nu het eerste veegplan opgenomen. Op 23 juni 2015 heeft het college besloten om 24 ontwikkelingen mee te nemen als veegronde in de procedure van het bestemmingsplan Buitengebied. Dit plan wordt halverwege 2016 als ontwerp ter inzage gelegd.

3 Nastreven zorgvuldige veehouderij conform regionale afspraken. Er zijn verschillende instrumenten om een Zorgvuldige Veehouderij na te streven zoals o.a. het aanwijzen van urgentiegebieden en het faciliteren van veehouderijbedrijven die stoppen met hun agrarische activiteiten. De Raad heeft op 9 april 2015 besloten om geen urgentiegebieden veehouderij aan te wijzen op basis van gegevens over de feitelijke situatie en advies provincie en urgentieteam.
Afgelopen jaren zijn er veel functiewijzingen geweest van agrarische bedrijven naar een andere bestemming. De verwachting is dat er de komende jaren nog tientallen veehouderijbedrijven zullen stoppen en de gemeente zal hier de bedrijven zoveel mogelijk planologisch faciliteren.
 
4 Evaluatie geurverordening. Op 9 juli 2015 heeft de raad een aanhoudingsbesluit genomen voor maximaal een jaar voor nieuwe aanvragen/omgevingsvergunningen voor ontwikkelingen in de veehouderij en van start gegaan met het maken van de nieuwe Geurverordening.

Het ontwerp van de nieuwe Geurverordening is, samen met de klankbordgroep tot stand gekomen, en in december 2015 vastgesteld. Begin 2016 heeft de Geurverordening ter inzage gelegen en zijn er enkele zienswijzen ingediend.

5 Nieuwe functies in het buitengebied worden
maximaal benut.
Nieuwe functies in het buitengebied worden gefaciliteerd. Er wordt waar mogelijk ingespeeld op nieuwe ontwikkelingen en trends zoals bijvoorbeeld toename van vraag voor mantelzorg en bed en breakfast. Afgelopen jaar zijn er ongeveer 20 functiewijzigingen geweest bij voornamelijk agrarische bedrijven en naar verwachting wordt dit aantal in 2016 verhoogd naar 30 functiewijzingen doordat er meer bedrijven gaan stoppen met de Stoppersregeling.
6 Landschap van Allure.

Voortschrijdend inzicht heeft geleid tot aanpassing van het plan, hetgeen door de provincie N.Brabant en College van B&W is goedgekeurd. Hiermee kunnen enkele belangrijke onderdelen van het plan verder uitgewerkt worden, hetgeen leidt tot uitvoering in zomer 2016. Hierbij heeft overleg met betrokken bewoners regelmatig plaatsgevonden. Op onderdelen waar aankoop van gronden noodzakelijk is, wordt beperkte voortgang geboekt. Inzet van grondverwerving is dan ook opgeschaald.

7 Digitale ontsluiting buitengebied. Het bedrijf Mabib heeft de lening ontvangen van de Provincie voor de aanleg van glasvezel in het buitengebied van Brabant en dus ook in Uden. Zoals het er nu naar uitziet starten de werkzaamheden in onze regio april/mei 2016 en worden deze afgerond eind 2017. Wat betekent dat alle bewoners van het buitengebied in Uden de mogelijkheid hebben om aan te sluiten op het glasvezelnetwerk . 

Prestatie indicatoren

Indicator Aantal recreatieve bezoekers in de Maashorst (10% meer na 4 jaar)
Werkelijk 2014 *
Prognose 2015 10% meer dan peildatum 2011, meetdatum 2015
Werkelijk 2015 *
Informatiebron Bezoekersonderzoek Maashorst
Aanvullende informatie * Oorspronkelijk was het de bedoeling dat in 2013 weer een nieuw bezoekersonderzoek zou plaatsvinden. Gelet op het grote aantal ontwikkelingen op dit moment en de onderzoekskosten, heeft de stuurgroep Maashorst besloten dit onderzoek in 2015 uit te voeren. Stuurgroep Maashorst heeft hiertoe nog niet besloten.

Projecten

Toelichting projecten

Onderstaand wordt een toelichting gegeven op grote projecten (restant krediet >€ 500.000) van dit programma. Hierbij is gekeken naar Planning, Budget en Risico.

Woonrijp maken Hoenderbos III
Planning Langzamer dan planning
Budget Inkomsten hoger / uitgaven lager (conform budget)
Risico Lage kans en weinig impact

Herontwikkeling van het laatste deel van Hoenderbos III is vertraagd vanwege de crisis.

Bouw- en woonrijp maken Velmolen Oost
Planning Conform planning
Budget Inkomsten lager / uitgaven hoger
Risico Lage kans en weinig impact

Het bouw- en woonrijpmaken van het plangebied is sterk afhankelijk van de voortgang van de woningbouw. Dit gaat minder snel dan voorzien. De bouwrijpwerkzaamheden voor fase 1 en 2 zijn nagenoeg allemaal afgerond. Fase 1 is voor meer dan 50% woonrijp en fase 2 is voor circa 25% woonrijp. Door de langere bouwtijd moeten tijdelijke maatregelen worden getroffen die niet allemaal financieel voorzien zijn. De werkzaamheden kunnen binnen het beschikbare budget worden uitgevoerd.


Vervanging pompen drukriolering
Planning Langzamer dan planning
Budget Inkomsten hoger / uitgaven lager (conform budget)
Risico Lage kans en weinig impact

De uitvoering van fase 1 heeft dit jaar plaatsgevonden, de uitvoering van fase 2 vindt plaats in 2016. Verwacht wordt dat de vervanging van de pompen en kasten van de drukriolering in 2017 geheel afgerond is. 


Bouw- en woonrijp maken Volkel West II
Planning Conform planning
Budget Inkomsten hoger / uitgaven lager (conform budget)
Risico Lage kans en weinig impact

Werkzaamheden zijn eind september afgerond. De nutsvoorzieningen zijn aangebracht en de bouw is gaande. Het plan voor de inrichting van de woonomgeving zal samen met de nieuw bewoners worden opgesteld.


Landschap van Allure (Maashorst inclusief verstrekking dreven en drifen)
Planning Langzamer dan planning
Budget Inkomsten hoger / uitgaven lager (conform budget)
Risico Hogere kans en weinig impact

Het project is in uitvoering, Met goedkeuring van de provincie als subsidieverstrekker zijn enkele projectonderdelen aangepast. Door onvoldoende voortgang in grondaankopen  lopen deelprojecten achter op planning. Daarnaast vergt bewonersoverleg meer aandacht in de voorbereidingsfase van diverse deelprojecten, waardoor uitvoering enigszins later plaatsvindt dan voorzien.

Er bestaat dat delen van het project niet uitgevoerd kunnen worden door het niet tijdig kunnen verwerven van percelen.

Wat heeft het gekost?

Financieel overzicht programma (in €)

Programma Duurzaam wonen en ondernemen (V=voordeel, N=nadeel)

 

Rekening 2014

*

Rekening 2014 cf indeling 2015 * Begroting 2015 Begroting incl wijz 2015 Rekening 2015 Verschil V/N
Lasten 30.127.948 30.584.872 23.655.151 27.980.728 24.641.714 3.339.014 V
Baten 25.992.017 26.520.667 21.078.459 27.718.605 27.249.721 -468.884 N
Gerealiseerde totaal van saldo baten en lasten 4.135.931 4.064.205 2.576.692 262.123 -2.608.007 2.870.130 V
Mutatie reserves 4.838.225 4.838.225 3.520.174 6.133.033 8.612.374 -2.479.341 N
Gerealiseerde resultaat 8.974.157 8.902.430 6.096.866 6.395.156 6.004.367 390.789 V

* In de programmarekening 2015 is een andere indeling van de bestuurlijke producten opgenomen ten opzichte van de programmarekening 2014, dat naar aanleiding van de nieuwe coalitie. Hierdoor zijn er diverse budgetten verschoven naar andere programma's. Om de vergelijkbaarheid mogelijk te maken presenteren we de cijfers uit programmarekening 2014 eveneens op basis van die nieuwe indeling.

Analyse op hoofdlijnen

Specificatie per bestuurlijk product (PDF, 55.1 kB)

Analyse op hoofdlijnen - Duurzaam wonen en ondernemen

DUURZAAM WONEN EN ONDERNEMEN     € 391.000 V

Bouwleges €-190.000 N
We verwachten in de toekomst lagere opbrengsten van leges vanwege structureel lagere bouwkosten, meer vergunningsvrije bouwwerken, minder grote projecten meer en een afname in bouwprojecten (zie woningbehoefte).  In 2015 heeft dit geleid tot een voordeel aan kostenzijde van € 33.000 en een nadeel aan inkomsten van € 223.000. Het structurele effect zullen we meenemen in de 1e financiële afwijkingenrapportage 2016 en het bestedings- en dekkingsplan 2017-2020 van Begrotingsnotitie 2017.
 
   
Onroerende goed-exploitatie verkoop panden €190.000 V
Het pand aan de Waterstaat is in 2015 verkocht en genereert een verkoopopbrengst. Voordeel is € 190.000 incidenteel.    
Omgevingsvergunningen €104.000 V
Met name is het aantal verleende vergunningen in 2015 lager dan begroot. Dit heeft onder andere te maken met het genomen aanhoudingsbesluit tengevolge van het nieuwe geurbeleid. Daarnaast is de uitvoering van de asbesttaken later bij de ODBN ondergebracht en zijn er door de ODBN minder bodemtaak uren gerealiseerd.  Het gerealiseerde voordeel bedraagt  € 41.000 (vooralsnog incidenteel).
In de begroting is de uitvoering van het programma VVGB (voormalige provinciale inrichtingen) ter waarde van ongeveer € 185.000 begroot. Deze taken werden voorheen door de provincie en nu door de ODBN uitgevoerd. De uitvoering van het programma blijkt efficiënter te kunnen en is daarom met ongeveer € 63.000 afgewaardeerd. Dit is structureel en zal worden betrokken bij het opstellen van de Begrotingsnotitie 2017.
   
Afwijkingen kostenplaatsen €259.000 V
Voor de analyse op de kostenplaatsen wordt verwezen naar "Centrale toelichting  op afwijkingen kostenplaatsen" (PDF, 290.3 kB)    
Anterieure overeenkomsten

€-

 V

In 2013 is gestart met de wijziging van een bestemmingsplan (Beukenlaan), waarbij is overeengekomen dat de kosten via anterieure overeenkomst worden verhaald. Een inschatting van de totale plankosten is niet gemaakt en derhalve zijn er ook geen budgetten geraamd. Per saldo zijn alle plankosten vergoed. Dat betekent dat de overschrijding aan de lastenzijde van  € 135.000  wordt gecompenseerd door de hogere baten van € 135.000 (incidenteel).

   
Leges bestemmingsplannen

€-14.000

N
De afwijking op de leges bestemmingsplannen is te verklaren door de veranderde wetgeving voor wat betreft vergunningsvrij bouwen en gestandaardiseerde bestemmingsplannen. Dit betekent dat we minder uitgebreide procedures nodig hebben om een bouwplan met afwijking mogelijk te maken. Dit leidt tot lagere legesinkomsten van per saldo € 14.000 (structureel). Dit structurele effect zal worden betrokken bij het opstellen van de Begrotingsnotitie 2017.
 
   
Materplan Uden-Noord €- V
De afwijking op Masterplan Uden-Noord komt door het verschil tussen geplande realisatie project Meer Maashorst (Landschappen van Allure) en de werkelijke realisatie. In 2015 zijn met name de voorbereidende werkzaamheden uitgevoerd, de uitvoering van het werk is grotendeels doorgeschoven naar 2016 en 2017. Vandaar dat aan de lastenzijde een incidenteel voordeel ontstaat van € 119.000, welk bedrag ook minder onttrokken wordt aan de reserve. Per saldo levert dit geen effect op in de jaarrekening.
 
   
Project straatnaamgeving

€17.000

V
Met offerte 28 in de programmabegroting 2015 heeft uw raad een incidenteel budget (€ 20.000) toegekend voor het project toekennen van nieuwe adressen i.v.m. BAG wetgeving. Het project is inmiddels volledig afgerond. Het aantal te wijzigen adressen was vooraf te hoog ingeschat, waardoor het restantbudget van € 17.000 in 2015 incidenteel kan vrijvallen.
 
   
Dwangsommen handhaving €36.000 V
Aan dwangsommen voor handhaving van de omgevingsvergunning is € 36.000 opgelegd. Dit is een incidenteel voordeel omdat het innen van dwangsommen niet begroot is. In de meeste gevallen leidt handhaving niet tot oplegging van de dwangsom, omdat voldaan wordt aan de opgelegde last.
 
   
Grondexploitatie €- V
In januari 2016 zijn tijdens de informatie-avond met uw Raad de voorlopige resultaten van het grondbedrijf 2015 gepresenteerd. De actualisatie van het MJP bevestigt dit beeld. De winstverwachting wordt naar boven bijgesteld. Voor verliesgevende complexen wordt o.b.v. de BBV een voorziening gevormd. Deze Voorziening ExploitatieNadelen (VEN) neemt  per saldo met € 2,1 mln. af (incidenteel). Hierdoor wordt minder onttrokken aan de Algemene Reserve van het grondbedrijf. Voor een verdere toelichting verwijzen wij u naar de paragraaf grondbeleid.
Op basis van actuele externe taxaties eind 2015 is ten laste van de algemene reserve van het grondbedrijf aan de voorziening herwaardering € 247.000 meer toegevoegd dan begroot (incidenteel).
 
   
Onderhanden werken complexen €- V
Nog uit te voeren begrootte werkzaamheden voor o.a. complexen Hoenderbos/Velmolen (centrumgebied, Uden-Noord 1, Volkel-West II en Velmolen-Oost) leiden tot een incidenteel voordeel van 2,6 mln. Deze kosten zijn verrekend met de boekwaardes van de betreffende complexen en de budgetten worden overgeheveld naar 2016.
 
   
Overige opbrengsten complexen €- V
Binnen de complexen worden huren, pachten, canon en gebruiksvergoeding ontvangen welke vooraf niet geraamd zijn (incidenteel voordeel 0,7 mln). Dit geldt eveneens voor ontvangen subsidies voor grondexploitaties. Deze opbrengsten worden verrekend met de boekwaarde van de betreffende complexen.
 
   
Tussentijdse winstneming complexen €- V
Een winstneming van € 700.000 op het complex Goorkens is incidenteel in de jaarcijfers verantwoord, omdat daar meer percelen verkocht zijn dan geraamd. Dit leidt vanwege de toevoeging aan de algemene reserve tot een nadelige afwijking. Dit heeft per saldo geen effect op het jaarrekeningresultaat.
 
   
Overige verschillen complexen €- V
Alle verschillen binnen de grondexploitatieprojecten (€ 37.000 incidenteel) worden conform het MJP verrekend met de boekwaarde van de grondexploitatieprojecten en/of de reserves van het grondbedrijf. Per saldo heeft dit geen effect op het jaarrekeningresultaat.
 
   
Cameratoezicht bedrijventerreinen €- V
Het budget voor cameratoezicht op bedrijventerreinen (€ 100.000) is niet besteed in 2015. Er wordt eerst een KVO traject (Keurmerk Veilig Ondernemen) op de bedrijventerreinen uitgevoerd. Dit is nodig om het plaatsen van camera’s te kunnen verantwoorden. Hierdoor is er een voordeel ontstaan op de uitgaven. Daarentegen is er ook € 100.000 minder onttrokken aan de reserve. Per saldo heeft dit geen invloed op het jaarrekeningresultaat.
 
   
Sociaal economisch actieplan €11.000 V

Op het budget voor het sociaal-economisch actieplan resteert een positief saldo, omdat de samenwerking met Veghel en Schijndel eerder gestopt is dan voorzien. Dit leidt nu tot een incidenteel voordeel in deze jaarrekening van €11.000.

   
Ontwikkeling en herstructurering bedrijventerreinen €- V
Aan ontwikkeling en herstructurering bedrijventerreinen is in 2015 incidenteel € 13.000 minder uitgegeven. Hierdoor is ook minder onttrokken aan de reserve. Per saldo heeft dit geen effect op het jaarrekeningresultaat.
 
   
Markten €-15.000 N
Wekelijks vindt er in de gemeente Uden een 2-tal markten plaats. De bezettingsgraad loopt terug, waardoor er sprake is van minder inkomsten uit verhuur marktkramen en promotie. Dit geeft in 2015 een nadeel van € 15.000 (vooralsnog incidenteel).    
Standplaatsen €-26.000 N
Ook de bezetting van de standplaatsen in is 2015 teruggelopen en geeft daarom een nadeel van € 26.000 (vooralsnog incidenteel). Er zal onderzocht worden wat de structurele effecten zijn. Eventuele structurele effecten betrekken we bij Begrotingsnotitie 2017.    
Terrassen €17.000 V
In 2015 zijn de inkomsten van € 17.000 verhuur terrassen toegenomen, omdat er meer vierkante meters als terras in gebruik zijn genomen (inclusief het recht van opstal). Gezien de flexibele overeenkomsten gaan wij er vooralsnog vanuit dat dit incidenteel zal zijn.    
Evenementen €-37.000 N
De energiekosten zijn  hoger uitgevallen als gevolg van een grotere energievraag door toename van het aantal evenementen. Deze extra kosten konden niet of niet geheel worden doorbelast (€ 37.000). Eventuele structurele effecten betrekken we bij de Begrotingsnotitie 2017.    
Kermissen €-52.000 N
Om de kermis meer te promoten en meer bezoekers aan te trekken, is er € 21.000 meer aan reclame uitgeven, dan begroot. Zo is bijvoorbeeld ook de website www.kermisuden.nl vernieuwd. Van deze extra kosten is € 9.000 aan extra promotiegelden opgehaald, zodat het totale nadeel uitkomt op € 12.000 (incidenteel).
Daarnaast is er € 17.000 meer uitgegeven aan overige kosten uitgegeven, zoals huur toiletvoorzieningen en inhuur van verkeersregelaars.
Mede als gevolg van no-show en faillissementen waren de opbrengsten uit staangeld lager dan voorzien. Nadeel € 23.000 (vooralsnog incidenteel).
   
Onroerend goed-exploitatie Muzerijk €- V
In de aanloop van de oprichting van de VvE Muzerijk heeft de gemeente Uden een aantal kosten (€ 85.000) voorgefinancierd. Deze extra uitgaven zijn inmiddels bij de VvE Muzerijk in rekening gebracht. Per saldo budgettair neutraal.    
Onroerend goed-exploitatie huuropbrengsten €-53.000 N
Binnen de gemeentelijke onroerend goed-exploitatie is een leegstand waardoor er sprake is gederfde huurinkomsten van € 53.000. Dit wordt met name veroorzaakt door leegstand in een pand aan de Herpenstraat. Vooralsnog is dit incidenteel, omdat het pand onder voorbehoud is verkocht.    
Onroerend goed-exploitatie legionella-preventie €13.000 V
Van het legionellapreventie-budget wordt o.a. monsternames en  aanpassingen van de installaties i.v.m. legionellapreventie betaald. T.a.v. legionellapreventie zijn in 2015 minder werkzaamheden/aanpassingen uitgevoerd (o.a. geen vervanging van keerkleppen, geen aanpassingen beheersplannen). Hierdoor resteert in 2015 een incidenteel voordeel op het budget van € 13.000.    
Onroerend goed-exploitatie gas en electra €-34.000 N
Door het inzetten van antikraak in verschillende leegstaande panden kan niet in alle gevallen de (volledige) kosten voor gas en elektriciteit worden doorbelast. Dit geeft een nadeel van € 34.000 (incidenteel).    
Afvalverwijdering €- V

De hogere toevoeging aan de voorziening afvalstoffenheffing bedraagt € 397.000 (incidenteel) en is het resultaat van producten mbt afvalverwijdering (lagere verwerkingskosten, hogere inzamelkosten, hogere opbrengsten).

  • Hogere kosten ad € 36.000 voor de pilot afvalinzameling huishoudelijk afval die in 2015 is gestart. Deze is o.a. bedoeld om gescheiden inzameling te bevorderen.
  • Als gevolg van minder leegstand en meer meerpersoonshuishoudens zijn de opbrengsten hoger dan begroot (€ 169.000 voordeel)
  • Minder kosten van storten en verwerken van afval ten bedrage van € 225.000.  M.i.v. 2015 is de nieuwe milieustraat van start gegaan, waarbij in 2015 zijn twee milieustraten operatief zijn geweest waardoor niet alle afval bij de gemeentelijke milieustraat is ingeleverd. Naast derving van inkomsten heeft dit ook lagere kosten tot gevolg gehad.
  • Een incidenteel voordeel van per saldo € 84.000 op de gescheiden inzameling bij het ophalen en verwerken van papier, glas, kunststof a.g.v gunstig uitgevallen marktprijzen en lager aangeleverd aantal kilo's.
  • Dat m.b.t reiniging winkelcentra en bestrijding zwerfvuil het budget voor de mutatie op voorzieningen afvalverwijdering en riolering aan de inkomstenzijde is geraamd, terwijl de boeking plaats vindt aan uitgavenzijde, waardoor het voordeel aan de uitgavenzijde wegvalt tegen het nadeel op de inkomstenzijde.
  • De toerekening van de werkzaamheden uit het contract van de IBN aan producten, zijn de kosten voor  bestrijding van zwerfvuil met € 45.000 toegenomen.
   

 

Huisaansluitingen €-27.000 N
De vraag naar de aanleg van huisaansluitingen is afhankelijk van het aantal te bouwen woningen. Per saldo leidt dit tot een incidenteel nadeel van € 27.000. De overschrijding is voor een groot deel toe te schrijven aan het realiseren van een huisaansluiting in een gebied met onvoldoende capaciteit van de bestaande systemen, waardoor een geheel nieuwe pompput  moest worden aangebracht.    
Riolering €- V
De hogere toevoeging aan de voorziening afvalstoffenheffing bedraagt per saldo € 315.000 (incidenteel), waarvan de belangrijkste onderstaand worden verklaard. Per saldo levert dit geen verschil op.
Doordat de afrekening van gecombineerde projecten, zoals Kerkstraat/Bitswijk, Leeuweriksweg, Hoevenseveld, Prof Pulserstraat voor het aandeel van de vervanging van riolering pas bij de (tussentijdse) afrekening van het project plaats vindt, is er gedurende het jaar minder budget nodig voor kapitaallasten op het product riolering. Dit leidt tot een incidenteel voordeel van € 105.000. Dit voordeel wordt verrekend met de voorziening.
Vanwege minder schades waren er voor € 15.000 lagere kosten van onderhoud riolering door minder schades.
Door een zuiverdere en dus nauwkeurigere inventarisatie en berekening is een nadeel ontstaan vanwege hoger electriciteitsverbruikskosten van pompen en gemalen. Verder zijn in die periode ook de gemalen van o.a het ziekenhuis, Strikseweg, Slabroekseweg en het tunnelgemaal bij de Nistelrodeseweg/Bitswijk aangelegd. Per saldo levert dit binnen de rioolexploitatie een nadeel op van € 36.000, welke verrekend wordt met de voorziening. In 2016 zal de begroting hierop worden aangepast.
Er zijn lagere kosten door uitstel werkzaamheden drukriolering (voordeel € 10.000). Doordat er in 2015 minder nieuwe woningen  en bedrijven konden worden aangeslagen, is er € 74.000 minder ontvangen aan opbrengsten rioolheffing. Dit is verrekend met de voorziening.                             
In 2015 zijn verschillende projecten in voorbereiding geweest, die in 2015 /2016  worden uitgevoerd. Deze werkzaamheden waren het mechanisch en elektrisch deel van gemaal Broekmorgen. Dit is een zeer complexe technische voorziening welke meer voorbereidingstijd vergt dan voorzien. Het relinen van de Verduijnstraat en Bosschebaan die door een verkeerde opzet van de opdracht naar een later tijdstip is verschoven. Het plaatsen van peilbuizen voor de grondwatermonitoring vergt door de regionale samenwerking meer voorbereidingstijd. Het voordeel op de budgetten van € 295.000  is verrekend met de voorziening en wordt overgeheveld naar 2016.
   
Verzoektaken omgevingsdienst €26.000 V
Door de recessie van de afgelopen jaren waren er beduidend minder initiatieven en is er minder “verzoektaken-werk” uitbesteed aan de ODBN. Bovendien wordt  kritisch beoordeeld welk werk wordt uitbesteed. Dit heeft de afgelopen jaren een behoorlijk restant opgeleverd van het verzoektakenbudget. Op deze daling is geanticipeerd in de begroting 2016. In 2015 resteert een incidenteel voordeel van € 26.000.    
Opvang zwerfdieren €11.000 V
Sinds 2010 betalen we voor het opvangen van dieren een vast bedrag per inwoner per jaar plus een bedrag per opgevangen dier. De laatste jaren is duidelijk een dalende tendens waarneembaar van het aantal dieren dat per jaar wordt opgevangen. Daardoor is er nu wederom een behoorlijk groot restant van het budget over 2015. De oorzaak ligt volgens HoKaZo mogelijk bij de recessie van de afgelopen jaren: mensen schaffen minder snel huisdieren aan waar ze achteraf weer vanaf willen. Vooralsnog een incidenteel voordeel van € 11.000    
Maashorstprojecten €- V
De Maashorst-projecten zijn momenteel in uitvoering.  De samenwerking vergt extra inspanning en communicatie waardoor vertraging is opgetreden in de uitvoeringsplanning. Afrekening van de gereserveerde budgetten zal medio 2016 geschieden. Op dit moment betekent dit een voordelige incidentele afwijking aan de lastenzijde van € 45.000, een voordelige incidentele afwijking aan de batenzijde van € 109.000 en een nadelige afwijking op reserves van € 154.000. Dit heeft geen effect in het saldo van deze jaarrekening.    
Aankoop bos- en natuurgebieden €- V
Er is nog voor € 33.000 budget gereserveerd voor de aankoop van 4 bospercelen omgeving Slabroekse heide, welke in de toekomst binnen het begrazingsgebied zouden komen te liggen. Momenteel vinden actieve verwervingsactiviteiten plaats. Omdat dit budget nog niet besteed is leidt dit tot zowel een voordeel op het uitgavenbudget als een nadeel omdat dit geld nog niet is onttrokken aan de reserves.    
Project wijstherstel €- V
De projecten wijstherstel vinden momenteel plaats. De uitvoering is naar verwachting medio 2016 gereed. Het niet uitgegeven budget in 2015 bedraagt € 25.000.
Ook voor dit project is minder onttrokken aan reserves, waardoor er per saldo geen effect in deze jaarrekening is.
   
Landschappelijke beplanting €38.000 V
Het natte voorjaar en zomer hebben invloed gehad op uitval beplanting waardoor minder grondwerk en  vervanging van beplanting noodzakelijk was en er een voordeel is behaald op de kosten van aanschaf beplanting en inhuur materieel van € 38.000 (incidenteel).    
Buitengebied anterieure overeenkomsten €25.000 V
Er zijn meer anterieure overeenkomsten gesloten voor de Buitengebied In Ontwikkeling regeling (Bio-regeling (€ 10.000) en de Landschapsinvesteringsregeling (35.000). Deze extra baten zijn toegevoegd aan de betreffende reserves en leiden per saldo tot een neutraal effect in de jaarrekening.
Aan kosten planbegeleiding voor overige anterieure overeenkomsten is € 25.000 meer ontvangen dan begroot (incidenteel).
   
Diverse kleinere afwijkingen op de verschillende producten per saldo € 92.000 V

Wetten en regels

De gemeente Uden of haar bestuursorganen handelen overeenkomstig het legitaliteitsbeginsel slechts op basis van taken en bevoegdheden die terug te vinden zijn in de Europese, landelijke of lokale wet- en regelgeving. De geldende regels zijn voor eenieder te raadplegen via www.overheid.nl. De geldende regels zijn eveneens voor dit programma opgenomen in onderstaand overzicht.

Wetten

Verordeningen/regelingen

Nota's

Maximaal meedoen

Het minimabeleid 2015 kende, evenals voorgaande jaren, een sociale en doelmatige aanpak gericht op het vergroten van de zelfredzaamheid. Door investeren in meedoen wordt steeds gepoogd om onze inwoners een treetje hoger op de participatieladder te krijgen.

De eerste taak van de gemeente is vooral ondersteuning bieden aan kwetsbare mensen (jeugd, chronisch zieken, gehandicapten en de minima) in onze samenleving. Via de methodiek van keukentafelgesprekken verkennen we samen met deze inwoners hun mogelijkheden en kijken we wat zij zelf, samen met hun omgeving, voor elkaar kunnen krijgen. Als er meer nodig is dan op eigen kracht kan worden bereikt, verstrekken de diverse maatschappelijke instellingen, met hulp van de gemeente, individueel maatwerk. 

Per 1 januari 2015 is de transitie een feit en zijn taken gedecentraliseerd naar gemeenten. De periode van transformatie is aangebroken. Samen met de nieuwe partners, die – vanwege de continueringsplicht van de zorg in 2015– vooral nog regionaal waren ingekocht, wordt gewerkt aan de kanteling. De weg naar een zinvolle dagbesteding willen we effectiever kunnen bewandelen. Voor wie in staat is tot het verwerven van tenminste het minimum inkomen, moet dit begeleidingstraject uitmonden in werk en dus uitstroom (geheel of gedeeltelijk) uit een bijstandsuitkering. In tijden van bezuinigingen en crisis, waarbij er meer banen verdwenen dan erbij kwamen, hebben wij toch kans gezien om de uitstroom doelstellingen te behalen.

Ondanks de bezuinigingen door het Rijk, hebben wij kans gezien om bestaande welzijns- en basiszorgvoorzieningen overeind te houden. Hulp bij het huishouden is daar een aansprekend voorbeeld van; ondanks rijksbezuinigingen van ruim 30% hebben wij onze inwoners niet hoeven korten op inzet. Door inventief te zijn, op onderdelen een eigen koers te varen en vooral door op basis van dialoog met onze inwoners en bedrijven beleid te maken gericht op wat nodig is hebben we een klantwaardering van 7,9 behaald.

Het programma Maximaal meedoen heeft vijf doelstellingen. Ga direct naar:

Ieder programma heeft een eigen menuknop. Hier vindt u informatie over:

Sociale en doelmatige aanpak

Centraal staat het werken vanuit het integrale klantproces, waarbij het proces zelf maatwerk moet zijn maar de uitkomst (de gewenste oplossing voor de klant) niet per se individueel maatwerk hoeft te zijn. Juist door efficiënte inzet van maatschappelijk vastgoed en/of welzijnsvoorzieningen kan steeds vaker aan de wens van een individuele klant worden voorzien door de inzet van een algemene of gecollectiveerde voorziening. Scootmobielpools zijn een goed voorbeeld van een gecollectiveerde voorziening;  de ontmoetingsruimten van MFA's zijn een algemene voorziening.

Realisatie in één oogopslag

 afgerond/gerealiseerd   gestart/onderhanden   nog niet opgestart

  Sociale en doelmatige aanpak   Toelichting
1 In 2015 op een excellente wijze invoeren van het nieuwe sociale beleid. Door gerichte sturing op klantproces, vertaald naar te behalen doelen en benodigde inzet (tijd, geld, kwaliteit) van betrokken partners de komende jaren de ideale zorgpiramide realiseren waarbij ca. 80 % van de inwoners is geholpen door inzet van de directe omgeving en algemene voorzieningen. In 2015, het overgangsjaar,  is vooral ingezet op het voeren van gesprekken met klanten die met de transities zijn overgekomen. Voor Wmo en Jeugdwet zijn gesprekken gevoerd; hiervoor en voor de verwerking van deze gesprekken, is extra personeel aangetrokken. De versnelling die nodig was voor de PGB’s (om een goede afwikkeling door de SVB te garanderen), is pragmatisch opgelost door daar waar mogelijk en logisch gezien de zorgcomplexiteit, beschikkingen administratief te verlengen. De partijen die samen de toegang bemensen zijn met ingang van 2016 gefuseerd naar Ons-Welzijn. De nieuwe prestatie afspraken over 2016 moeten nog worden vastgelegd. Dit wordt afgehandeld met de nieuwe bestuurder van Ons-Welzijn die per 1-3-2016 aantreedt. Ondertekening van de overeenkomst zal zijn in het 1ste kwartaal van 2016.
2 Als het gaat om preventie worden basisvoorzieningen belangrijk. Voor jeugdigen is dat bijv. het jongerenwerk en begeleiding binnen de onderwijsketen’. Voor volwassenen is dat het behoud van de factor ‘tijd en aandacht’ die vooral geleverd wordt door het product ‘hulp bij het huishouden’. Deze voorzieningen blijven minimaal op het huidige niveau. De jaarlijkse benchmark voor de Wmo bestaande uit kwantitatief onderzoek is, volgens de wettelijke voorschriften, 30 juni 2015 aangeleverd bij het ministerie. Het kwalitatief deel van dit onderzoek is in oktober 2015 gedeeld met de consulenten. Naast de hoge klanttevredenheid (een 7,9) zijn er nog verbeterpunten in het proces. Landelijk wordt gewerkt aan een monitor sociaal domein die niet alleen de benchmark in zich bergt maar ook beleidsinformatie moet geven.
3 In de hulpverlening richting gezinnen is het doel; weer meedoen in de samenleving en het uitgangspunt: één gezin, één plan, één regisseur. In augustus 2015 is het eerste resultaat hiervan verwerkt in het dashboard voor Uden en besproken met het auditcommite van de raad. Halfjaarlijks worden de resultaten van de doorontwikkeling gepubliceerd en de data geactualiseerd. 

Realisatie 2015 in kengetallen

Terugdringen gespecialiseerde jeugdhulp van 14% naar 8% en naar 5% in een nader te bepalen jaar

                                Percentage kinderen in gespecialiseerde jeugdhulp
  2013 2014 2015 2018
Prognose     8% * 8%
Werkelijk 14%      

 Informatiebron: Beleidsplan Jeugdzorg 2015-2018, Monitorgegevens

* Het is niet mogelijk om een reële prognose te maken voor 2015 gezien de ontwikkelingen met betrekking tot de decentralisatie van de jeugdzorg. Daarom hebben we de prognose voor 2018 opgenomen.

Iedereen aan het werk, investeren in meedoen

Ook hier geldt dat de basis is het integrale klantproces en dat op maat toepassen. Daar waar een grote (of permanente) afstand tot de arbeidsmarkt is, kan door slim samenwerken binnen het integrale sociale domein vaak toch een verbeternig van de zelfredzaaheid e/ o  participatiegraad worden bereikt.

Realisatie in één oogopslag

 afgerond/gerealiseerd  gestart/onderhanden  nog niet opgestart

  Iedereen aan het werk:investeren in meedoen   Toelichting
1 We zoeken nadrukkelijk samenwerking met werkbedrijven, onderwijs en lokale ondernemers om kansen op werk te vergroten. Dit komt o.a. tot uitdrukking in het (samen met de regio) uitwerken van werkgeversbenadering. Het Werkbedrijf voor de arbeidsmarktregio, waarvan Uden onderdeel uitmaakt, wordt vanuit de centrumgemeente Den Bosch gevormd. Daaronder komen vijf werkgeversservicepunten (WSP) waarbij Uden wordt vertegenwoordigd door WSP Frisselstein in Veghel. Ook de aansluiting op AgriFood Capital is hierin van belang; ondernemers onderwijs en overheid werken samen. In juli is het lokale beleid vastgesteld; de vertaling naar lokaal uitvoerend beleid is opgepakt. De regionaal ontworpen kaders voor SROI en uniforme uitvoeringsmaatregelen zijn vastgesteld en worden nu vertaald naar concrete afspraken bij nieuwe aanbestedingen (zoals vervoer/regiotaxi) of bij aanpassing van bestaande contracten (zoals Hbh). De voorbeelden van hoe SROI kan worden ingevuld, worden betrokken van het regionale servicepunt SROI dat ook de monitoring doet van de realisatie van de SROI
2 We maken afspraken met organisaties over stage- en werkervaringsplaatsen. Verschillende lokale werkgevers hebben initiatieven ontwikkeld voor werkstages. Op die manier wordt (de kans) op uitstroom bevorderd. Op basis daarvan lopen er momenteel zeven projecten.
3 We starten met de ontwikkeling van een breed plan van aanpak dat gericht is op zowel uitkerings-gerechtigden (van uitkering naar werk) als op de economische ontwikkeling Uden. Bij de doorontwikkeling van de lokale steunstructuur zijn nu voor 3 inlooppunten vrijwilligers getraind in verwijzing en signalering. Per locatie wordt nu gekeken hoe deze taken, in combinatie met beheer en openingstijden, het beste vormgegeven kunnen worden.
Om matching beter mogelijk te maken is een applicatie aangeschaft. Klantgesprekken, gericht op verkrijgen van arbeid, worden in de vorm van profielgegevens in het systeem gevoerd. Ook vacatures kunnen in het systeem worden geplaatst, waardoor matching met profielen mogelijk is.
 

Realisatie 2015 in kengetallen

Uitstroom cliënten uit de Wwb / Ioaw / Ioaz / Bbz met gemiddeld 10% per jaar
  2012 2013 2014 2015
Prognose Bij een bestand van 600 cliënten is de prognose uitstroom 60 Bij een bestand van 600 cliënten is de prognose uitstroom 60 10% uitstroom naar regulier werk Gemiddeld 10% van totaal aantal cliënten uit de Wwb / Ioaw / Ioaz / Bbz (70 cliënten)
Werkelijk Aantallen uitstroom: 166, dus meer dan 10% (totaal aantal cliënten) Aantallen uitstroom: 189, dus meer dan 10%  (totaal aantal cliënten) Aantallen uitstroom: 223, dus meer dan 10% (totaal aantal cliënten 2014 605)  

Aantal uitkeringsgerechtigden

  2012 2013 2014 2015
Prognose       728
Werkelijk   604   654

Informatie afkomstig van GWS.

De landelijke prognose is dat de gemeente Uden in 2018 855 uitkeringsgerechtigden heeft. Wij hebben de ambitie dat om te buigen naar maximaal 800. Dat betekent in 2015 728 cliënten. Gemiddeld per jaar, tussen huidig aantal en gewenst maximum, is een groei van 41 personen voorzien.

Geen armoede, geen schulden

De methodiek van schulddienstverlening die de gemeente al sinds jaar en dag hanteert, sluit goed aan op de gewenste toepassing van het integrale klantproces als maatwerkinstrument. De niet- of minder zelfredzame klanten worden direct doorgeleid naar het basisteam om via keukentafelgesprekken te komen tot de juiste begeleiding om oplossingen te vinden, te behouden en herhaling van ontstaan van schulden te voorkomen.

Realisatie in één oogopslag

 afgerond/gerealiseerd  gestart/onderhanden  nog niet opgestart

  Activiteit   Toelichting
1 We continueren de lijn die we hebben ingezet, beschreven in het Beleidsplan Schulddienstverlening. Deze lijn is gericht op het bieden van praktische hulp, toeleiding tot maatschappelijk werk en inzet schuldsanering. De herijking van het instrumentarium, gebruikt voor bestrijding armoede, is als gevolg van capaciteitstekort doorgeschoven naar 2016. De opdracht blijft ongewijzigd: Als gevolg van wetswijziging en sturing op integraal klantproces, moeten huidige hulpmiddelen als voedselbank, bewindvoering en inzet van begeleiding ter voorkoming van schulden opnieuw worden gedefinieerd. Dat kan pas als elk instrument is geëvalueerd op effectiviteit en efficiency. De implementatie van de P-wet is wel voortvarend opgepakt en heeft geleid tot bijstelling van e/o voorleggen van nieuwe verordeningen zodat we voor de uitvoering beantwoorden aan hetgeen de wet ons voorschrijft.
 
       

Realisatie 2015 in kengetallen

Handhaven van het aantal toegekende aanvragen Bijzondere Bijstand en aanvragen Activiteitenfonds
  2012 2013 2014 2015
Prognose Bijzondere bijstand: 1151
 
Activiteitenfonds: 757
Handhaven van het aantal toegekende aanvragen Bijzondere bijstand: 1137

Activiteitenfonds: 722

Bijzondere bijstand: 1198

Activiteitenfonds: 827

Werkelijk Bijzondere bijstand  1137
 
Activiteitenfonds 722
Bijzondere bijstand: 1198
 
Activiteitenfonds: 827

Bijzondere bijstand: 1.303 (waarvan 927 toegekend)
Activiteitenfonds: 1.061 (waarvan 937 toegekend)
 

Bijzondere bijstand: 1.111 (waarvan 642 toegekend)

Activiteitenfonds: 1.101 (waarvan 976 toegekend)

Informatiebron: Administratie Sociale Zaken (GWS)

Toelichting op stijging: De crisis heeft bijgedragen aan de noodzaak om gebruik te maken van beschikbare voorzieningen. Waar inwoners het eerder nog zonder extra hulp konden redden, is nu vaker een beroep gedaan op voorzieningen vanuit armoedebeleid. De herziening van het proces heeft onze inwoners bovendien meer duidelijk gemaakt welke mogelijkheden er zijn. Het niet-gebruik van regelingen is dus tegengegaan, wij hebben hierdoor meer mensen kunnen ondersteunen.

Aantal aanvragen langdurigheidstoeslag

  2012 2013 2014 2015
Prognose       379
Werkelijk   379   666 (waarvan 475 toegekend)

Informatiebron: Administratie Sociale Zaken (GWS)

Aantal aanvragen schuldhulpverlening

  2012 2013 2014 2015
Prognose       250
Werkelijk   243 247 217

Informatiebron: Administratie Sociale Zaken (GWS)

Aanvragen voedselbank (betreft unieke aanvragen, geen verlengingen)

  2012 2013 2014 2015
Prognose       130
Werkelijk   126 337 227

Informatiebron: Administratie Sociale Zaken (GWS)

Leefbare wijken en dorpen

Leefbaarheid is de basis en investeren in de basisstructuur zorgt voor sociale cohesie, versterking eigen kracht. Informatie over wat nodig is, wat is de vraag van de wijken en buurten, wordt verkregen via de regulier overleggen met gebiedsplatforms en allerhande burgerinitiatieven.

Realisatie in één oogopslag

​ afgerond/gerealiseerd    ​ gestart/onderhanden     nog niet opgestart

  Leefbare wijken en dorpen   Toelichting
1 Jaarlijks actualiseren en monitoren van gebiedsontwikkelingsplannen met de gebiedsplatforms. Uitvoeringprogramma’s worden in overleg met de gebiedsplatforms geactualiseerd. Samen met de platforms is bepaald waar de focus ligt. In 2015 is aandacht besteed aan:
Centrum: parkeerbeleid is onderdeel van het gemeentelijk verkeer en vervoerplan geworden. Visietraject is vastgesteld in 2015, uet uitvoeringsprogramma wordt in 2016 vormgegeven en evenementbeleid
Oost: visie-ontwikkeling MFA
West: wijkontwikkeling Bitswijk en Bogerd, samen met Area
Zuid-Uden: parkeerbeleid, ontwikkeling centrumgebied Sesterlaan
Uden-Buiten: beleid m.b.t. recreatie en natuurvoorzieningen, verkrijgen van breedband internet via glasvezel
Volkel: besluitvorming route Volkel-Boekel
Odiliapeel: verkeerssituatie Oudedijk en Nieuwedijk, in samenhang met de ontwikkeling van het kindcentrum/, de MFA en nieuwe invulling van Peelhonk.
Onderwerpen waar alle gebiedsplatforms bij betrokken zijn geweest, komen uit de G1000-ideeën, te weten: fietsvisie en zorg in de eigen wijk.
 
2 Met medewerking van inwoners realiseren van een MFA-functionaliteit in Odiliapeel waarin naast onderwijs, ontmoeting en welzijn (incl. sport en spel) ook zorg en ondersteuning is ondergebracht. Een eerste concept voor ‘dorpszorg’ gedragen en ontworpen door vrijwilligers is ingepast in de verdere realisatie van MFA-functionaliteit; binnen de financiële kaders zal dit in 2016 worden geconcretiseerd. In aanvulling op de welzijnsvoorzieningen binnen het MFA-gebied, willen we komen tot een voorziening voor dementie in het dorp. De planvorming, is vertraagd als gevolg van personele wisselingen binnen Area
3 Met medewerking van inwoners realiseren van decentrale toegangen als uitbreiding van de ontmoetings- en welzijnsfunctie binnen MFA’s en vergelijkbare gebouwen. In 2015 zijn de eerste medewerkers getraind van de wijkpunten waar we decentrale toegangen willen realiseren. Deze medewerkers zullen het geleerde toepassen en worden daarbij gecoacht door sociaal werkers (nu in dienst van Ons-Welzijn, voorheen bij Vivaan). Sommige van deze medewerkers zijn vrijwilliger die zich op deze wijze willen profileren voor de arbeidsmarkt; sommige medewerkers zijn in dienst als beheerder van gemeentelijk vastgoed. Het geleerde is dan een aanvulling op hun functie. De training zal in 2016 worden verbreed in samenwerking met de bibliotheek (digisterker) en het opleidingsprogramma van consulenten (nieuwe ontwikkelingen op publieke websites)
4 Burgerparticipatie vindt in Uden onder meer plaats via Udenaar de Toekomst, uitwerking van G-1000 ideeën en thema gerichte miniconferenties. De gemeente wil meer van buiten naar binnen werken en dit vraagt een andere manier van organiseren van het werk dat verricht wordt.
Via de zgn. ‘verbinders’ wordt intensief contact gehouden met Udenaardetoekomst en  vergelijkbare burgerinitiatieven. De ‘verbinders’ komen breed uit de ambtelijke en politieke organisatie en werken buttom-up door het faciliteren van burgerinitiatieven. Top-down taken zoals wetwijzigingen vertalen in beleid wordt daar waar er beleidsvrijheid is, gedaan in overleg met bewoners en betrokkenen. Hiervoor wordt veelal interactieve bijeenkomsten gehouden zoals de mini-conferentie vervoer van april 2015 als aanloop naar de aanbesteding van Regiotaxi door de GR-KCV.
 
5 Huisvesten van statushouders, erkende vluchtelingen is een wettelijke taak. Met de grotere toestroom van vluchtelingen en de aanscherping van taken van woningbouw-corporaties, wordt het voor de gemeente uitdagender om aan de taakstelling te voldoen. Uden heeft de taakstelling 2015 niet geheel weten in te vullen omdat deze in de loop van het jaar is verhoogd en er niet voldoende woningen beschikbaar waren. In januari 2016 is de achterstand helemaal ingelopen. De verhoogde huisvestingstaakstelling vraagt om extra inspanning van gemeenten en ketenpartners. Over alternatieve vormen van huisvesting wordt volop gesprek gevoerd met Area. Daarnaast krijgen we ook aanbod van projectontwikkelaars en de instelling Oosterpoort. In de eerste helft van 2016 ligt de  taakstelling op 49. De verwachting is dat er dit jaar ongeveer 100 statushouders gehuisvest worden. 
 

Realisatie 2015 in kengetallen

Oordeel burger als partner
 

  2012 2013 2014 2015
Prognose     5,7
Werkelijk   5,7

geen peiling

Informatiebron: www.waarstaatjegemeente.nl

De 2-jarige burgerpeiling (volgende peiling 2015) is niet meer uitgezet als gevolg van het introduceren van de monitor sociaal domein. Voor programmarekening 2016 en verder zal gewerkt moeten worden met nieuwe indicatoren.

Vrijwilligers bij de door de gemeente gesubsidieerde instellingen

  2012 2013 2014 2015
Prognose       4.581
Werkelijk   4.084    

Informatiebron: Subsidiekaart gemeente Uden

Meedoen door ondersteuning

Daar waar individueel maatwerk nodig is omdat bestaande voorzieningen niet goed aansluiten op de vraag van de klant, wordt samen met het veld gewerkt aan een aanbod dat wel aansluit op de vraag. Ook deze veranderingen vraagt stees om integrale kijk binnen het sociale domein, van welzijn tot en met P-wet.

Realisatie in één oogopslag

​ afgerond/gerealiseerd     gestart/onderhanden    nog niet opgestart

  Meedoen door ondersteuning   Toelichting
1 Aandacht voor aangepaste woonvormen en dagbesteding van kwetsbare inwoners. Nieuwe initiatieven worden, samen met bewoners en het professionele veld, uitgedacht om te voorzien in de behoeften van onze inwoners. Van innovaties is moeilijk te voorspellen wanneer deze besluitrijp zijn of kunnen gaan worden.Lopende initiatieven worden naar verwachting in de eerste helft van 2016 in uitvoering genomen. Dit is later dan gehoopt maar innovaties bewegen zich op het spanningsveld tussen de diverse wetten waardoor het formaliseren van ideeën en wensen veel tijd vraagt.
2 Versoepelen van regels voor woningaanpassingen. Voor het kunnen realiseren van mantelzorgunits op eigen terrein en bouwkundige veranderingen gericht op het geschikt maken van bestaande woningen voor zorg, is al beleid gemaakt. De aandacht voor mantelzorgers, in het traject om te komen tot ondersteuning, groeit maar is nog niet op het gewenste niveau. Dit is een belangrijk onderdeel van het transformatieproces en ook in 2016 zal hier veel aandacht aan worden besteed
3 Inrichting van wijkteams / basisteams die opereren binnen de sociale steunstructuur wonen/zorg/welzijn. Het voeren van herindicatie-gesprekken is de manier om na te gaan of de geboden ondersteuning nog steeds voldoet of dat op een andere wijze voorzien moet worden in de oplossing. Veel van onze nieuwe klanten hebben een herindicatiegesprek gehad. Daar waar de capaciteit onvoldoende was, zijn indicaties verlengd zodat de bestaande zorg doorloopt. De kwaliteit van het basisteam, zowel jeugd als volwassenen, stijgt maar de doorontwikkeling naar de gewenste werkwijze verdient onverminderd aandacht. Het fusietraject van Ons-Welzijn heeft veel energie gevraagd van leden van het basisteam waardoor er minder capaciteit was voor de het sturen op de juiste toepassing van het klantproces en de integratie van de diverse ingangen naar één (virtueel) klantloket.
4

Om goed in te kunnen spelen op de zorgvraag stuurt de gemeente, waar nodig, de verschillende zorgaanbieders aan.

De feitelijke start van uitgifte van de mantelzorg vouchers, bedoeld voor aanvullende inzet van professionals op gebied van hulp bij de huishouding en welzijnsdiensten, is pas per 15 juli gerealiseerd. De start was daarmee beter maar wel later dan gedacht. Het rijk heeft inmiddels besloten om deze regeling onverkort door te zetten in 2016 en de middelen structureel te maken. Een eerder gedachte tariefverhoging voor de vouchers hoeven we dan ook niet toe te passen waardoor de aantrekkelijkheid van deze voorziening blijft behouden.

Realisatie 2015 in kengetallen

Burger als wijkbewoner:
a) Voldoende voorzieningen in de directe woonomgeving, (score 7,5 handhaven)
b) Voldoende voorzieningen in de gemeente (score van 6,5 naar 7)
  2011 2012 2013 2014 2015
Prognose a) score 7,5
b) Score 7
Geen burgerpeiling in 2012. Volgende peiling in 2013. Handhaven 7,3 gemiddeld a) score 7,5

b) score 7

*
Werkelijk a) 7,5
b) 7,7
 
De gemiddelde score van alle onderwerpen bij dit thema is 7,3
Geen burgerpeiling in 2012.
 

Volgende peiling in 2013.

a) score 7,7

b) gemiddelde score 7,3

geen peiling *

Informatiebron: waarstaatjegemeente.nl, 2-jaarlijkse burgerpeiling 2011 en 2013

*  In 2015 is geen meting uitgezet omdat de oude vragen zijn komen te vervallen als gevolg van invoering van de monitor voor het sociale domein. Voor deze onderdelen wordt gezocht naar nieuwe indicatoren. Vanuit de gemeenten wordt hiervoor riching VNG input geleverd. Hetgeen de auditcie van de raad recentelijk heeft besloten, is informatie op basis waarvan landelijk wordt gekeken naar de inrichting en vormgeving van deze monitor. Halfjaarlijks wordt een nieuwe stand van zaken gedeeld

Beschikbaarheid van zorgwoningen

  2012 2013 2014 2015
Prognose       145
Werkelijk       nog niet beschikbaar

Informatiebron: Beschikkingen vanuit Wmo

Zorgwonen is een nieuw begrip binnen het sociaal domein. Hiervoor moet nog een meetinstrument voor worden uitgedacht. Vooralsnog worden aantallen gebaseerd op financieringsafspraken over geleverde ondersteuning. Dit kan zijn op basis van individueel verstrekt maatwerk, maar ook via inkoop of subsidie.

Klanttevredenheid Wmo over uitvoering, kwaliteit en bejegening

  2012 2013 2014 2015
Prognose       80%
Werkelijk       7,9

jaarlijkse benchmark

Wettelijke jaarlijkse meting wordt onderdeel van de nieuwe monitor voor het sociale domein. Zolang de monitor in ontwikkeling is, worden de oude indicatoren gehandaafd omdat nog niet duidelijk is welke metingen en data gebruikt gaan worden voor de nieuwe monitor. De raad wordt 3 keer per jaar bijgepraat over de actuele cijfers.

Samen leven

Door het inspiratieplatform Udenaar de Toekomst ontstaan veel burgerinitiatieven. Of het nu gaat om zorg gerelateerde initiateven, projecten op het vlak van duurzaamheid of bedrijfseconomische activiteiten: Udenaren zoeken elkaar op. Vrijwilligers vormen hierbij een belangrijke rol. Maar samenleven betekent ook een beroep kunnen doen op familie, vrienden en buren. Elkaar helpen om de zorgvraag beter te kunnen formuleren en minder een beroep te hoeven doen op de overheid. Gerichte inzet en samenwerking tussen sociaal werkers en bewoners, onder andere in de gebiedsplatforms, leidt ondanks bezuinigingen tot een gevoel van welzijn. Het ontwikkelen van sociale cohesie is een van onze doelstellingen.

Realisatie in één oogopslag

​ opgestart/volgens planning    ​ vertraging/afwijking     nog niet opgestart

  Samen leven   Toelichting
1 Faciliteren van burgerinitiatieven. Beleidskader volgens planning vastgesteld in 2011 voor de periode 2012-2015. Samen met de besluitvorming over de Participatiewet (feb 2015) vormen de besluiten over Wmo en Jeugdwet het nieuwe integrale participatiebeleid voor de periode 2015-2018. Hierover is in december 2014 een informatienota naar de raad verzonden.
2 Voortzetting van de samenwerking met de gebiedsplatforms. Gebiedsplatforms zijn geïnstalleerd. Als gevolg van invoering van de nieuwe Wmo is de huidige verordening burgerparticipatie getoetst op aansluiting bij de nieuwe Wmo-Jeugdwetverordening, als onderdeel van faciliteren en supporten bij de doorontwikkeling van het van buiten naar binnen werken. Dit heeft geleid tot nieuwe samenwerkingsafspraken met inwoners algemeen m.b.t. toetsen van beleidsuitvoering en inspraak bij beleidsontwikkeling. De verordening burgerparticipatie hoeft niet te worden aangepast.

Realisatie 2014 in kengetallen

Burger als partner: score van 5,5 naar 6
  2011 2012 2013 2014
Prognose Score 6 Geen burgerpeiling in 2012.
 Volgende peiling in 2013.
Score 6 Score 6
Werkelijk Score 5,8 Geen burgerpeiling in 2012.
 Volgende peiling in 2013.
Score 5,7 geen burgerpeiling

Informatiebron: waarstaatjegemeente.nl, 2-jaarlijkse burgerpeiling 2011 en 2013

Wat heeft het gekost?

Financieel overzicht programma (in €)

Programma Maximaal meedoen (V=voordeel, N=nadeel)

 

Rekening 2014

*

Rekening 2014 cf indeling 2015 *

Begroting 2015

Begroting incl wijz 2015

Rekening 2015 Verschil V/N
Lasten 31.800.865 36.745.591 53.220.403 52.219.538 48.588.491 3.631.047 V
Baten 22.796.582 23.363.576 12.572.661 10.869.012 11.439.509 570.497 V
Gerealiseerde totaal van saldo baten en lasten 9.004.283 13.382.015 40.647.742 41.350.526 37.148.982 4.201.544 V
Mutatie reserves 2.755.481 2.920.602 0 -46.234 3.462.177 -3.508.411 N
Gerealiseerde resultaat 11.759.764 16.302.617 40.647.742 41.304.292 40.611.159 693.133 V

* In de programmarekening 2015 is een andere indeling van de bestuurlijke producten opgenomen ten opzichte van de programmarekening 2014., dat naar aanleiding van de nieuwe coalitie. Hierdoor zijn er diverse budgetten verschoven naar andere programma's. Om de vergelijkbaarheid mogelijk te maken presenteren we de cijfers uit programmarekening 2014 eveneens op basis van die nieuwe indeling.

Analyse op hoofdlijnen

Specificatie per bestuurlijk product (PDF, 57.2 kB)

Analyse op hoofdlijnen - Maximaal meedoen

MAXIMAAL MEEDOEN     € 693.000   V

Uitkeringen levensonderhoud €180.000 V
Algemeen kan worden gesteld dat het aantal aanvragen cq. toekenningen uitkeringen levensonderhoud jaarlijks wisselt en mede afhankelijk is van de economische en de plaatselijke situatie op enig moment. Eventuele voor- of nadelen komen ten laste van de exploitatie.     
Door de stijging van het aantal uitkeringsgerechtigden in de gemeente Uden (van 615 cliënten in 2014 naar 654 cliënten in 2015) en de forse afname van de gebundelde uitkering 2015 is er macro bezien door de gemeente Uden gemiddeld meer aan bijstandsuitkeringen verstrekt dan landelijk geraamd. In de 2de afwijkingenrapportage 2015 werd daarom nog rekening gehouden met een tekort van € 375.000 (incidenteel). Inmiddels is gebleken dat de stijging minder groot is geweest dan eerder was verwacht, hetgeen bij het opmaken van de jaarrekening 2015 een voordeel geeft van € 180.000 (incidenteel). Overigens zal -zoals ook al gemeld in de 2de afwijkingenrapportage 2015- naar verwachting het budget gebundelde uitkering in 2016 weer toenemen. Vooralsnog is deze toename nog niet inhoudelijk te verklaren.    
Kosten invoering jeugdwet € 155.000 V
Via de algemene uitkering is een vergoeding voor invoeringskosten transitie Jeugd van de rijksoverheid ontvangen. Inmiddels is de Jeugdwet van kracht en worden de uitvoeringskosten gedekt uit het deelfonds Jeugd. Dit restantbudget kan derhalve vrijvallen, hetgeen in 2015 een incidenteel voordeel van € 155.000 geeft.    
Participatiewet (re-integratie) €-             V  
Voor de uitvoering van re-integratieactiviteiten ontvangt de gemeente Uden via het deelfonds Participatiewet een bijdrage van het Rijk. In 2015 is per saldo € 365.000 minder uitgegeven dan het beschikbare budget 2015. Conform het amendement 2 bij de jaarrekening 2013 worden alle overschotten uit het Sociaal Domein (deelfonds Jeugd, Wmo en deelfonds Participatiewet) toegevoegd aan de Reserve Sociaal Domein. Het exploitatieoverschot Participatiewet bedraagt € 365.000 en is volledig aan de reserve Sociaal Domein toegevoegd.     
Participatiewet (wet sociale werkvoorziening) €-             V
De Wet sociale werkvoorziening voorziet in stimuleringsuitkering begeleid werken. Aangezien aan de voorwaarden is voldaan, is op basis van de ingediende verantwoording 2013 door het Ministerie van Sociale Zaken aan de gemeente Uden deze bonus toegekend, waarbij bestuurlijk is afgesproken deze in het kader van de Wsw wordt ingezet. Conform bestaand beleid is de bonus van € 62.000 doorbetaald aan het Werkvoorzieningschap Noordoost Brabant. Gezien het tijdstip van ontvangst van de toekenning was deze bonus nog niet in de begroting van de gemeente Uden opgenomen.      
Re-integratie algemeen €33.000 V
Conform bestaand beleid worden zoveel als mogelijk re-integratie uitgaven ten laste van het participatiebudget gebracht. In 2015 geeft dit op het budget re-integratie algemeen een voordeel van € 33.000 (incidenteel).    
Project extra acties verminderen instroom en versnellen uitstroom €81.000 V
Met offerte 32 in de programmabegroting 2015 is een incidenteel budget van € 300.000 beschikbaar gesteld voor extra acties ten behoeve van het verminderen van instroom en het versnellen van de uitstroom van uitkeringsgerechtigden. Deze middelen zijn in 2015 ingezet voor extra formatie, extra activiteiten en de aanschaf van een nieuw softwarepakket dat de mogelijkheid biedt meer te werken vanuit de competenties van de bijstandscliënten. Daarnaast is extra ingezet op handhaving. Een aantal acties is later gestart dan verwacht en zullen doorlopen in 2016. Dit geeft in 2015 een onderuitputting van € 81.000 incidenteel. Voorgesteld wordt op basis van resultaatbestemming en resultaatbepaling de niet bestede middelen 2015 over te hevelen naar 2016.     
Project ESF doelgroepen 2012/2013 €  -          V 
In 2015 is de controle van het project ESF Doelgroepen 2012 / 2013 afgerond. Op basis van deze controle is eerder een te hoge vordering van € 66.000 op het Europees Sociaal Fonds in de jaarrekening 2012 en 2013 opgenomen. Dit geeft in 2015 een incidenteel nadeel van € 66.000 welke volledig ten laste van de ESF reserve wordt gebracht. In deze reserve worden alle overschotten ESF gestort en eventuele tekorten onttrokken.    
Project ESF doelgroepen 2013/2015 € -                    V 
In 2015 is ook de controle van het project ESF Doelgroepen 2013 / 2015 afgerond. Op basis van deze controle is eerder een te hoge vordering van € 86.000 op het Europees Sociaal Fonds in de jaarrekening 2014 opgenomen. De werkelijke uitgaven in 2015 bedroegen € 53.000. Per saldo geeft dit in 2015 een incidenteel nadeel van € 139.000 welke volledig ten laste van de ESF reserve wordt gebracht. In deze reserve worden alle overschotten ESF gestort en eventuele tekorten onttrokken.    
Bijzondere bijstand €   23.000  V
De aard en de omvang van de aanvragen zijn jaarlijks aan schommelingen onderhevig, omdat het bij aanvragen bijzondere bijstand om individueel maatwerk gaat. Het grootste deel van de huidige stijging kan worden toegerekend aan de huidige economische ontwikkelingen, alsook aan de effecten van het versterkte armoede-beleid "Maximaal Meedoen". Bij de 2de financiële afwijkingenrapportage 2015 was nog een nadeel van € 185.000 gemeld. Bij het opmaken van de jaarrekening 2015 kan dit nadeel met per saldo € 23.000 worden verlaagd. De verwachte stijging was minder groot dan op basis van extrapolatie bij de 2de afwijkingenrapportage verwacht.    
Regeling maaltijdvoorziening € 28.000 V
Met ingang van 2015 is de regeling maaltijdvoorziening komen te vervallen, hetgeen een voordeel geeft van € 28.000 (incidenteel). De structurele vrijval van dit budget zal worden betrokken bij de evaluatie van de minimaregelingen.    
WMO voorzieningen €             -  V 
Mede door de nieuwe werkwijze (het indiceren vanuit de kantelingsgedachte) in opmaat naar de nieuwe Wmo, is het nadeel Wmo Voorzieningen van de afgelopen jaren omgeslagen in een voordeel. Daarbij geldt dat de omvang van de aanvragen individuele voorzieningen, maar ook het soort aanvragen  jaarlijks wisselt. Hierdoor zijn de uitgaven en inkomsten over de jaren aan schommelingen onderhevig.    
Het overschot op de individuele voorzieningen Wmo bedraagt € 764.000 (incidenteel). Belangrijke oorzaak is te vinden in het aanbestedingsvoordeel hulpmiddelen (schaalvergroting door regionale inkoop). Daarnaast is in 2015 weinig of geen beroep gedaan op dure woning-aanpassingen, Wonen ADL of integrale toegankelijkheid.    
Het overschot op de Wmo hulp bij het huishouden bedraagt in 2015 afgerond  € 311.000 en is als incidenteel aan te merken. Naast de nieuwe werkwijze van indiceren is het voordeel met name toe te rekenen aan de gewijzigde toekenning van hulp (uren i.p.v. klasse). Deze nieuwe werkwijze en gewijzigde toekenning is in 2013 opgestart en in 2014 en 2015 volledig tot ontwikkeling gekomen. Dit heeft geresulteerd in een forse daling van de uitgaven, hetgeen in lijn is met de daling van de inkomsten uit de  Integratieuitkering Wmo2007  (budget 2015 t.o.v. budget 2014: minus           € 1.122.125). Het budget Hulp bij het huishouden is onderdeel van de Integratieuitkering Wmo2007.       
Conform het amendement 2 bij de jaarrekening 2013 worden alle overschotten uit het Sociaal Domein (deelfonds Jeugd, Wmo en deelfonds Participatiewet) toegevoegd aan de Reserve Sociaal Domein. Het exploitatieoverschot Wmo Voorzieningen bedraagt per saldo € 1.075.000 en is volledig aan de reserve Sociaal Domein toegevoegd.     
Wet Maatschappelijke ondersteuning € -                  V  
Per 1 januari 2015 is de nieuw Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo2015) in werking getreden. De uitvoering van de Zorg in Natura wordt voor de 12 deelnemende gemeenten in Brabant NoordOost - Oost door de Centrumregeling Wmo2015 Brabant NoordOost - Oost  te Oss uitgevoerd. De uitvoering van het Persoonsgebondenbudget (PGB) is landelijk bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB) belegd. Bij het opmaken van jaarrekening 2015 van de gemeente Uden is van de beide organisaties nog geen definitieve eindafrekening over 2015 ontvangen. De in de jaarrekening opgenomen kosten zijn -mogelijk- niet volledig en onder voorbehoud. Conform amendement 2 bij de jaarrekening 2013 worden alle overschotten uit het Sociaal Domein (deelfonds Jeugd, Wmo en deelfonds Participatiewet) toegevoegd aan de Reserve Sociaal Domein. Het exploitatieoverschot Wmo2015 bedraagt op basis van de huidige gegevens € 1.361.000 en is volledig aan de reserve Sociaal Domein toegevoegd. Nagekomen afrekeningen 2015 zullen in 2016 aan deze reserve worden onttrokken.     
Buurtbemiddeling € -                    V  
Voorheen ontving de gemeente Uden een bijdrage van € 25.000 van Area voor buurtbemiddeling en betaalde dit verhoogd met een bijdrage van de gemeente Uden door aan Vivaan. Met ingang van 2015 betaald Area rechtstreeks aan Vivaan. De begroting 2015 is nog niet op deze situatie aangepast, hetgeen bij de afwijkingenrapportage 2016 aandacht zal krijgen.    
Lokaal aanbod opvoed ondersteuning € 45.000 V
In samenwerking met de gemeente Oss werd in 2012 de Provinciale Regeling RAP4 uitgevoerd. Inmiddels heeft de definitieve subsidieafwikkeling plaatsgevonden en kunnen de restantmiddelen in 2015 vrijvallen. Dit geeft een voordeel van € 45.000 (incidenteel).    
Jeugdwet € -              V 
Per 1 januari 2015 is de Jeugwet in werking getreden. De uitvoering van de Zorg in Natura wordt voor de 19 deelnemende gemeenten in Noordoost Brabant door de Centrumregeling Jeugdhulp NoordOost Brabant te Den Bosch uitgevoerd. De uitvoering van het Persoonsgebondenbudget (PGB) is landelijk bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB) belegd. Bij het opmaken van jaarrekening 2015 van de gemeente Uden is van de beide organisaties nog geen definitieve eindafrekening over 2015 ontvangen. De in deze jaarrekening opgenomen kosten zijn daarom -mogelijk- niet volledig en onder voorbehoud. Conform amendement 2 bij de jaarrekening 2013 worden alle overschotten uit het Sociaal Domein (deelfonds Jeugd, Wmo en deelfonds Participatiewet) toegevoegd aan de Reserve Sociaal Domein. Het exploitatieoverschot Jeugd bedraagt op basis van de huidige gegevens € 922.000 en is volledig aan de reserve Sociaal Domein toegevoegd. Nagekomen afrekeningen 2015 zullen in 2016 aan deze reserve worden onttrokken.     
Afwijking kostenplaatsen € 80.000 V
Voor de analyse op de kostenplaatsen wordt verwezen naar de centrale toelichting  op afwijkingen kostenplaatsen. (PDF, 290.3 kB)    
Diverse kleinere afwijkingen op producten per saldo €68.000 V

Wetten en regels

De gemeente Uden of haar bestuursorganen handelen overeenkomstig het legitaliteitsbeginsel slechts op basis van taken en bevoegdheden die terug te vinden zijn in de Europese, landelijke of lokale wet- en regelgeving. De geldende regels zijn voor eenieder te raadplegen via www.overheid.nl. De geldende regels zijn eveneens voor dit programma opgenomen in onderstaand overzicht.

Wetten

Verordeningen/regelingen

Nota's

Projecten

Voor dit programma zijn in 2015 geen projecten geweest.

Goed leven en goed ontmoeten

De transities zijn sinds 1-1-2015 een feit en daarmee de start van de transformatieperiode waar we 3 jaar voor uittrekken. Deze periode houdt zich bezig met nieuwe taken inbedden in bestaande takenpaketten en processen. Daarbij is samengewerkt met nieuwe en bestaande partners. Doel is de gewenste kanteling zichtbaar laten worden in de inrichting van Uden als stad zonder af te doen aan de huidige beschikbaarheid van (klein-)stedelijke voorzieningen op het vlak van sport, cultuur, werk, onderwijs en welzijn. We toetsen aan de kernwaarden van Uden: Groen, Gezond, Gastvrij,Gezellig en Gezamenlijk.

Co-creatie door inwoners en het faciliteren van burgerinitiatieven is gemeentebreed al een vanzelfsprekende werkwijze voor die onderwerpen waar een gemeente beleidsvrijheid heeft. Dit jaar is daarbij specifiek aandacht besteed aan de basisstructuur: wat is het en wat zou het moeten zijn. Juist een gezonde basisstructuur is bepalend voor het laten slagen van de gewenste kanteling. Een goede inrichting van de omgeving is essentieel voor zo'n zelfstandig mogelijk leven en optimale participatie van onze inwoners. Naast onze gebiedsplatforms, belangenbehartigers (zoals platform minima, Wmo-raad) en cliëntenraden zijn nu ook 'verbinders' actief. De samenwerking tussen professionals (ambtenaren, gesubsidieerde partijen, ingekochte dienstverleners) en inwoners heeft de eerste contouren geleverd van de 'decentrale toegangen', ontmoetingsplaatsen als pijlers van de steunstructuur, waar inwoners direct geholpen kunnen worden met praktische zaken als het doen van aanvragen voor ondersteuning. Deze steunstructuur maakt het ook voor kwetsbare inwoners mogelijk om goed thuis te (blijven) leven en goed te ontmoeten.

Vanuit de kwaliteit van de openbare ruimte is dit jaar is specifiek aandacht besteed aan de wijzigingen op het terrein van (aanvullend) openbaar vervoer en vervoer van bijzondere doelgroepen, o.a. door transities, veranderd provinciaal beleid en aflopende contracten, is hiervoor in 2015  een apart traject/project vormgegeven. Dat heeft geleid tot een nieuwe regionale samenwerkingsovereenkomst met de provincie over OV. Ook nota van aanbevelingen, de basis van het bestek voor de nieuwe aanbesteding van de producten die nu door regiotaxi worden geleverd, is opgesteld waarbij dankbaar gebruik is gemaakt van de input van gebruikers; informatie die wij door middel van een mini-conferentie hebben opgehaald. Als gevolg van de input op het gebied van OV in 2015, wordt in 2016 met de provincie, Arriva en vertegenwoordiging van bewoners een aantal businesscases uitgewerkt die kunnen leiden tot aanpassing van de dienstregeling 2017 en/of inzet van (ander) materieel. Zowel op gebied van HOV, OV of bijvoorbeeld gebruik van buurtbussen met behulp van vrijwilligers.

Samen met de GGD (Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst) is gewerkt aan van adviezen over kostenstructuur in relatie tot basistaken en plustaken. Dit was een activiteit voor de hele GGD-regio omdat deze taken, als gevolg van en in samenhang met de decentralisaties, zijn gewijzigd met het vaststellen van de nieuwe Wpg (Wet publieke gezondheid). De GGD heeft ook bijgedragen aan een totaaloverzicht van activiteiten die wij als organisatie doen en een gezondheidsaspect in zich hebben. Dit was vooral een lokaal gerichte inspanning met uitwerking naar de sub-regio vanwege het bepalen van speerpunten van (gezondheids-)beleid. Juist omdat gezondheid telt, moet gezondheid een integraal onderdeel zijn van de totale procesgang rondom de burger. De ‘kanteling’ van de GGD maakt het mogelijk om gezamenlijk te sturen op doelen; de vertaling van de Kanteling van de GGD is helaas niet direct vertaald in de voorjaarsnotitie. De beheersingseffecten zullen op zijn vroegst pas vanaf 2017 zichtbaar kunnen worden.

Op het vlak van cultuur zijn geen grote veranderingen te melden. Het is geruststellend te weten dat de huidige voorzieningen nog steeds bestaan en geen aanleiding geven te vrezen voor hun voortbestaan.

Het gemeentelijk verkeer en vervoersplan (GVVP) is door middel van brede participatie vormgegeven. Het visiedocument is in december door de raad vastgesteld. Met de visie streeft de gemeente naar duurzame mobiliteit, voldoende parkeergelegenheid en een verkeersveilig wegennet. In het eerste deel van 2016 wordt gewerkt aan het realisatieprogramma van het GVVP. Daarin worden concrete maatregelen benoemd die de visie gaan realiseren. Voor de huidige HOV route zijn in 2015 enkele aanpassingen uitgevoerd. Nabij het ziekenhuis Bernhoven is een op- en afrit van de A50 aangelegd en aan de Velmolenweg zijn halteparen aangebracht. In 2016 wordt een onderzoek uitgevoerd naar de mogelijkheden om de huidige HOVroute toekomstbestendig te maken. 

Het programma Goed leven en goed ontmoeten heeft vijf doelstellingen. Ga direct naar:

Ieder programma heeft een eigen menuknop. Hier vindt u informatie over:

Cultureel lef en ondernemerschap

Aangezien cultuur in Uden bedoeld is om te verbinden, wordt ook dit beleidsterrein betrokken bij het begrip leefbaarheid en versterking van de basisstructuur. Bovendien is er vanuit het Rijk in toenemende mate geld beschikbaar om inwoners, met name jeugd, in contact te brengen met kunst en cultuur aangezien dit hun zelfredzaamheid en lerend vermogen versterkt. In een tijd van continue verandering is het kunnen omgaan met veranderingen een wezenlijk element van zelfredzaamheid. Cultuureducatie biedt hiervoor veel handvaten.

Realisatie in één oogopslag

 Afgerond / gerealiseerd   gestart / onderhanden   nog niet opgestart

  Cultureel lef en ondernemerschap   Toelichting
1 De gemeente vergroot het Innovatiefonds voor culturele vernieuwingen door actieve werving van project.

De samenwerking met de culturele kwartiermaker is vroegtijdigbeëndigd. Eén van de taken van de kwartiermaker was het werven van projectsubsidies en sponsoren. Vanwege de ontwikkelingen van MIK en de prioriteit die hieraan gegeven is, zal dit actiepunt in 2016 worden vorm gegeven bij herijking van de cultuurvisie.

2 De samenwerking tussen de kunst- en cultuursector en de Udense jeugd door het 'pimpen' van lelijke plekken bouwen we uit door het aangrijpen van soortgelijke projecten. De culturele sector heeft het plan voor het 'pimpen' van lelijke plekken met Udense jeugd even naar de achtergrond verschoven i.v.m. het ontbreken van een kartrekker binnen het culturele veld. Over 2015 is dan ook geen activiteit te melden.
3 Het behoud van het Museum voor Religieuze Kunst staat in het licht van de balans tussen prijs/subsidie en anderzijds prestaties/bezoekers. Vanwege verbouwingswerkzaamheden zal het MRK haar deuren in 2016 voor enkele maanden sluiten. Met het bestuur van het MRK is daarom afgesproken dat in 2016 prestatieafspraken gemaakt worden die in het teken staan van de toekomst van het Museum voor Religieuze Kunst. Het eerste overleg hierover heeft inmiddels plaatsgevonden en de eerste contouren zijn uitgezet. Het MRK houdt de gemeenteraad regelmatig van alle ontwikkelingen op de hoogte via een nieuwsbrief.

Realisatie 2015 in kengetallen

Oordeel burger cultuur: 7.5
  2011 2012 2013 2014 2015
Prognose 7.5 Geen burgerpeiling 7.5 Geen burgerpeiling 7,5
Werkelijk 7.5 Geen burgerpeiling 7.5 n.v.t. Geen burgerpeiling

De 2-jaarlijkse burgerpeiling is in 2015 niet meer uitgezet a.g.v. de introductie van de monitor sociaal domein. Hiervoor zijn nog niet alle indicatoren benoemd; halfjaarlijks wordt een nieuwe fase in de ontwikkeling gepresenteerd.

Gezondheid telt

Uitvoering geven aan plannen van buurtcoaches, inclusief de inzet van combinatie functionarissen voor het aanleren en stimuleren van een gezonde leefstijl.

Realisatie in één oogopslag

In Programmabegroting 2014 zijn geen extra doelstellingen en acties opgenomen.

Realisatie 2014 in kengetallen

Oordeel burger gezondheidsvoorzieningen: 7.6
  2011 2012 2013 2014
Prognose 7,4 Geen burgerpeiling 7,6 Geen burgerpeiling
Werkelijk 7,6 Geen burgerpeiling 8 n.v.t.

Toelichting: cijfer 2013 iets hoger dan gedacht; inzet was behoud eerdere score ondanks invoering van nieuwe subsidiesystematiek. Inzet van buurtsportcoaches lijkt zijn vruchten af te werpen. Na 2013 is gestopt met deze wijze van meting, dus verdere vergelijking van scores is niet mogelijk.

Goed en veilig verkeer en vervoer

In 2015 is via een participatieproces een visie voor het GVVP (Gemeentelijk Verkeers en VervoersPlan) opgesteld, volgens een methodiek gebaseerd op duurzaamheid. Deze visie is in december 2015 door de raad vastgesteld. In de eerste maanden van 2016 wordt dit participatieve proces voortgezet om tot een gedragen Uitvoeringsprogramma te komen.

Voor de HOV route zijn in 2015 enkele traceaanpassingen uitgevoerd. Zo is er een op- en afrit vanaf de a50 nabij ziekenhuis Bernhoven gerealiseerd en zijn halteparen op de Velmolenweg aangelegd.

Realisatie in één oogopslag

 afgerond/gerealiseerd    gestart/onderhanden    nog niet opgestart

  Goed en veilig vervoer   Toelichting
1 Opstellen nieuw GVVP (Gemeentelijk verkeers- en vervoersplan).

Het visiedeel van het GVVP is in december 2015 door de raad vastgesteld.

2 Opstellen realisatieprogramma. Het uitvoeringsprogramma wordt in de eerste helft van 2016 ter informatie aan de raad aangeboden
3 HOV tracé aanpassingen Velmolenweg.

HOV maakt gebruik van een nieuw haltepaar bij de rotonde N264. Eind 2015 is dit haltepaar gerealiseerd.

4 Parkeerbeleid wordt opnieuw bezien.

Gekoppeld aan het GVVP waarin een deel van de visie het parkeerdomein beschrijft. In het realisatieprogramma van het GVVP zal parkeren ook nog aan de orde komen.

5 Het openbaaar vervoer voorziet in snelle en gemakkelijke verbindingen naar de grote steden om ons heen. Ook de bereikbaarheid binnen de gemeentegrenzen, naar Volkel en Odiliapeel en naar Uden-Zuid en - Noord moet goed worden geregeld. Daar waar buslijnen niet toereikend zijn, wordt gekeken naar openbaar vervoer op maat.

Samen met de dorpsraden en gebiedsplatforms wordt gezocht naar oplossinge. In 2016 wordt met de Provincie, Arriva en vertegenwoordiging van bewoners een aantal businesscases uitgewerkt die kunnen leiden tot aanpassing van de dienstregeling 2017 en/of inzet van (ander) materieel.

Realisatie 2015 in kengetallen

Aantal ongevallen per jaar (jaarlijkse daling 5%)
  2012 2013 2014 2015
Prognose       200 ongevallen waarvan 25 met letsel en 1 dode
Werkelijk       De gegevens van 2015 zijn op dit moment nog niet beschikbaar

Informatiebron: Viasta online

Door een betere registratie is de verwachting dat de cijfers met betrekking tot ongevallen hoger omen te liggen dan in de afgelopen jaren zijn geregisteerd. Herijking vindt plaats. De gegevens uit Viastat zijn de meest actuele. Er dient echter rekening te worden gehouden met de kans dat een klein deel van de registratie nog wijzigt. Dit heeft te maken met informatie die later over een ongeval bekend wordt (door politie, Rijkswaterstaat of de bond van verzekeraars).

Talent ontwikkelen en benutten

Onderwijs is meer dan alleen voorzien in huisvesting; sturen op samenwerking tussen onderwijs en de kolommen van het sociaal domein is een steeds belangrijkere taak. Ook onderwijshuisvesting in relatie tot algemeen maatschappelijk vastgoed om te zorgen dat gebouwen flexibel ingezet kunnen worden als de wijksamenstelling verandert, is een wezenlijk beleidsissue om blijvend te kunnen voorzien in een spreiding van algemene voorzieningen.

Realisatie in één oogopslag

 afgerond/gerealiseerd   gestart/onderhanden   nog niet opgestart

  Talent ontwikkelen en benutten   Toelichting
1 Een  snelle realisatie van de nieuwbouw voor het Udens College (HAVO, VWO) is van groot belang voor de toekomstige ontwikkelingen in het Voortgezet Onderwijs.

De projectfase met daarin politiek-bestuurlijke besluitvorming over proces, inhoud en financiële middelen is afgerond. In de nieuwe projectfase wordt het schetsontwerp gerealiseerd en planologische procedures doorlopen. Het project is volgens planning vanuit beleid overgedragen aan de uitvoering. Door aanwezigheid van een monumentale boom en uitblijven van een ontwerp voor de buitenruimte, kan het bestemmingsplan niet worden vastgesteld. Niet zeker is of de geplande oplevering van de nieuwbouw in het  3e/4e kwartaal 2017 wordt behaald.

2 We stimuleren het behoud van het ROC / MBO.

In 2015 zijn er een aantal gesprekken gevoerd over opleidingen. Er is nog geen duidelijkheid over de huisvestingsvraag die daar aan vast zit.

3 De gemeente ziet kansen voor Living Labs. Dit is een onderwijsvorm waar in een test- en ontwikkelomgeving w nieuwe producten en diensten ontwikkeld worden. Combinaties met bijvoorbeeld het Zorgpark, de vliegbasis en agrifood worden daarvoor benut. Maar ook andere samenwerkingen tussen onderwijs en bedrijfsleven worden gestimuleerd. Gemeente en ROC de Leijgraaf zijn samen aan het onderzoeken of er opleidingsmogelijkheden zijn voor techniek, logistiek en facilitaire dienstverlening die aansluiten bij defensie. In 2015 is via WEB (volwasseneducatie) gestart met het realiseren van samenwerking tussen ondernemers, overheid en onderwijs om samen kansen te creëren voor die jongeren en volwassenen met een uitkering die gemotiveerd aan de slag willen binnen de logistiek. Naast logistiek, waar we in 2015 mee zijn begonnen, zijn we in 2016 tevens gezamenlijk doende met het project Kweekvijver medewerkers beveiliging. geoormerkte Webgelden worden voor de projecten alleen ingezet voor de cursus Basisvaardigheden waar deelnemers gescreend worden voor de opleidingen. Bij de start van de BOL opleidingen komen de OC&W gelden aan bod. Gemeenten betalen dan alleen nog vanuit de Participatiegelden lesgeld, boekengeld en heftruckcertificaat (totaal kosten €2000)
 
4 De bibliotheek wordt meer toegesneden op de huidige trend van digitalisering en haar plaats in wegwijs maken van inwoners binnen het sociaal domein (= decentrale toegang).

De bibliotheek heeft aangegeven, mede op basis van G-1000 uitwerking van ideeën, goede kansen te zien het takenpakket richting vorm van dienstverlening binnen sociaal domein uit te breiden. Er zijn al afspraken gemaakt over ‘digisterker’ waarbij medewerkers worden getraind om burgers te helpen in hun digitale communicatie met de overheid. Dit is een vervolg op een cursus ‘tik en klik’ van de bibliotheek waarbij burgers computervaardigheden worden geleerd. Beide initiatieven dragen bij aan de zelfredzaamheid van burgers.

5 Nieuwbouw Kindcentrum Odiliapeel (Oude Dijk).

Tijdelijke huisvesting aan de Spechtenlaan is volgens planning in gebruik genomen. De realisatie van de nieuwbouw ligt op schema. Verwachte oplevering is voor de zomer van 2016.

6 Nieuwbouw De Brinck/Jan Bluyssen.

In 2015 is planvorming (gebouw, inrichting openbare ruimte) gereed gekomen. En heeft de verzekeraar ingestemd met de duurzaamheidsmaatregelen en hiervoor budget beschikbaar gesteld.

Realisatie 2015 in kengetallen

Oordeel burgers over het onderwijs
  2012 2013 2014 2015
Prognose       7,7
Werkelijk   7,7   geen peiling

Informatiebron: www.waarstaatjegemeente.nl

De 2-jaarljkse burgerpeiling is in 2015 niet meer uitgezet a.g.v. de introductie van de monitor sociaal domein. Hiervoor zijn nog geen afspraken gemaakt over indicatoren; halfjaarlijks wordt de volgende fase van de monitor opgeleverd.

Uitval 18-19 jarigen in het onderwijs

  2012 2013 2014 2015
Prognose       54
Werkelijk 85 54 (schooljaar 2012/2013)    

Informatiebron: Jaarverslag RBL/RBO (VSV-cijfers)

Ambitie RBL-regio 2015/2016: regionaal gemiddeld 20% minder uitvallers 18-19 jarigen t.o.v. scholjaar 2011/2012 (85)

Sportief bewegen

Bewegen is van belang voor gezondheid en welzijn en draagt, door een verhoogde gezondheid, ook bij aan de doelen van het sociaal domein. Op dit terrein wordt de komende twee jaarm samen met de Maashorst en Agrifood, extra inzet gepleegd.

Realisatie in één oogopslag

 afgerond/gerealiseerd  gestart/onderhanden  nog niet opgestart

  Activiteit   Toelichting
1 De gemeente richt zich vooral op de breedtesport met als uitgangspunt: sport moet toegankelijk zijn voor iedereen Is uitgangspunt voor het huidige beleid en wordt dan ook als zodanig toegepast.
2 Een visie opstellen over sportaccommodaties zodat deze nog beter gebruikt kunnen worden voor activiteiten voorkomende uit de samenwerking van onderwijs, zorg en kinderopvang. Mede gebruik van binnensportaccommodaties is al vrij gangbaar. Voorbeelden Kicks, Muzerijk, buurtsportcoach Kiobra. Ook medegebruik buitensportaccommodaties neemt toe. Voorbeeld is Schoolsportolympiade.
Dit thema wordt meegenomen in een inhoudelijke herijking van de huidige sportvisie. Beoogd voor 2016/2017
Medegebruik van buitensportaccommodaties groeit ook. Steeds meer verenigingen weten hun velden beter te benutten (denk aan initiatief Udi en reïntegratie en Udi en activering (Ton Delisse).
3 Er komt een voorstel over hoe de gemeente Uden nog verder aan de slag kan gaan met een beleid dat gericht is op het tegengaan van overgewicht bij kinderen (JOGG). Besluit dat Uden mee gaat doen aan JOGG is genomen in april 2015. Dit is geformaliseerd met het JOGGbureau) voor de zomer. Inmiddels is een
JOGG-regisseur geworven en worden de doelen bepaald. Deze worden verwerkt in een plan van aanpak en daarmee gaan we aan de slag. 

Realisatie 2015 in kengetallen

Oordeel burger sportvoorzieningen: 8
  2012 2013 2014 2015
Prognose geen burgerpeiling 8 Geen burgerpeiling 8
Werkelijk geen burgerpeiling 8 Geen burgerpeiling  

Informatiebron: Waarstaatjegemeente.nl, 2-jaarlijkse burgerpeiling

De 2-jaarlijkse burgerpeiling (volgende peiling 2015) is in 2015 niet meer uitgezet a.g.v. invoering van de monitor sociaal domein. Nog niet alle indicatoren zijn hiervoor bepaald; halfjaarlijks wordt een nieuw tussenresultaat getoond.

Aantal leden sportverenigingen (gesubsidieerd)

  2012 2013 2014 2015
Prognose       Gelijkblijvend voor volwassenmet lichte daling voor jeugdleden (afname aantal kinderen)
Werkelijk    

Volwassenen 6.621

Jeugd 4.873 (excl. visvereniging)

 

Informatiebron: Subsidiekaart gemeente Uden

Samen de leefomgeving inrichten

Ook in 2015 waren de gebiedsregisseurs het gezicht van de gemeente in de wijken en waren zij op straat aanspreekbaar op de kwaliteit van de openbare ruimte. Door onderhoud en beheer van de openbare ruimte wordt de afgesproken kwaliteit in de gaten gehouden. Die kwaliteit is in 2015 opnieuw vastgelegd in de Nota Openbare Ruimte, dat is gedaan in samenspraak met de gebiedsplatforms. Het aantal klachten over de openbare ruimte neemt ieder jaar verder af, klachten worden binnen 48 uur opgepakt en over de aanpak van de klacht wordt contact gezocht met de indiener van de klacht.

Daar waar herinrichting of groot onderhoud van de openbare ruimte – straten en/of groen- speelt, worden bewoners betrokken bij de planvorming. Zo is in 2015 de prof. Pulserstraat heringericht en zijn in diverse straten bomen en groenbeplanting vervangen. Herinrichtingen voor het MFAplein Odiliapeel, Veghelsedijk, Heinsbergenstraat, zijn in voorbereiding.

In 2016 wordt gestart met de voorbereiding van de aanpak van het sint Jansplein/Birgitinessenstraat, het park in de Bitswijk en de Industrielaan incl kruispunt met Rondweg.  Bij de aanpak van deze projecten worden omwonenden, belangengroepen (zoals Fietsforum en Platform Mensen met een handicap) en ondernemers betrokken.

Realisatie in één oogopslag

​ afgerond / gerealiseerd  ​ gestart / onderhanden   nog niet opgestart

  Samen de leefomgeving inrichten   Toelichting
1 Bij de inrichting van de publieke ruimte wordt zoveel als mogelijk rekening gehouden met de inpassing van speelruimtes voor de jeugd én ontmoetingsplekken voor ouderen. Conform afspraak met de gebiedsplatforms is bij groot onderhoud en renovaties c.q. herinrichting van de openbare ruimte (zoals Heinsbergenstraat, kruispunt Velmolenweg/Losplaats, Veghelsedijk, Brabantplein, Ontmoetingsplein Odiliapeel) overleg gevoerd met omwonenden.
2 Ook richt de gemeente de openbare ruimte zo groen mogelijk in. Waar groen verdwijnt moet dat gecompenseerd worden. Deze beleidsafspraak wordt in de praktijk uitgevoerd. Omwonenden hebben bij herinrichting van straten kunnen meedenken over de keuze van boomsoorten.
3 Nakomen van gemaakte planningsafspraken met betrekking tot werkzaamheden aan openbare ruimtes. Bij werkzaamheden in de openbare ruimte zijn omwonenden vooraf via website, gemeentepagina en/of via persoonlijke brieven op de hoogte gesteld van de werkzaamheden.
 

Realisatie 2015 in kengetallen

Aantal klachten in de publieke ruimte
  2012 2013 2014 2015
Prognose       3.025
Werkelijk  

Melding openbare ruimte 2.741

Melding openbare verlichting 640

Medling schade  en overlast 353

Totaal aantal meldingen 3.734

2.484

527

239

3.250

2.357

477

264

3.098

Informatiebron: zaaksysteem

Ten opzichte van de cijfers van 2013 is het aantal klachten met bijna 9% afgenomen.

Recreëren in de buitenlucht

Uden is een prachtige groene stad met veel natuur en recreatiemogelijkheden. De Maashorst is een uniek natuurgebied van uitgestrekte bos- en heidecomplexen. Fraaie houtwallen en bouw- en weilanden zorgen voor een afwisselend landschap. Natuurcentrum De Maashorst midden in het bosgebied is de ideale ‘stop’ voor veel fietsers en wandelaars.

De Peelrandbreuk is met zijn wijstgronden een veel bezocht landschapsmonument, van waaruit het wandelnetwerk verbindingen legt met recreatieve voorzieningen in de wijken en buurten, zoals het A50-Landschapspark, het Mellepark, het Stadspark en het onlangs gerealiseerde Zuiderpark. Reden genoeg dus om de fiets te pakken of in de wandelschoenen te stappen en te genieten van de Udense natuur en haar vele recreatiemogelijkheden.

Realisatie in één oogopslag

 opgestart/volgens   planning vertraging/afwijking   nog niet opgestart

  Recreëren in de buitenlucht   Toelichting
1 Afspraken maken met en samenwerking tussen lokale ondernemers op gebied van toerisme en recreatie met als doel toename bezoekers en/of toename van de verblijfsduur in Uden. Niet alleen via Verfrissend Zorglandschap, als onderdeel van Landschap van Allure, maar ook via de inzet van cultuur als verbinding, wordt ingezet op een aantrekkelijke woon- en leefomgeving, waarbij optimaal gebruik gemaakt wordt van aanwezige voorzieningen. Niet alleen door toeristen/recreanten, maar ook door de eigen inwoners. De inspanning is gericht op versterking van samenwerking en innovatie, waarbij de VVV een belangrijke aanjager is.
2 Ontwikkelen natuurgebied en schil de Maashorst. De ontwikkeling ligt op schema en verloopt in samenspraak met de Maashorst gemeenten.

Realisatie 2014 in kengetallen

Aantal recreatieve bezoekers in de Maashorst (10% meer na 4 jaar)
  2011 2012 2013 2014
Prognose 0-meting, 2013 eerste prestatiemeting Geen * Geen
Werkelijk De Maashorst telt bijna 1 miljoen bezoeken Geen * n.v.t.

 Informatiebron: Bezoekersonderzoek als onderdeel van het Maashorstmanifest

Toelichting: In 2013 zou een nieuw bezoekersonderzoek plaatsvinden. De ontwikkelingen in de Maashorst gaan op dit moment snel. De stuurgroep heeft, onder andere met het oog op de kosten van dit onderzoek en andere prioriteiten, het onderzoek enkele jaren uitgesteld. Zie ook kengetal duurzaam wonen en ondernemen versterken buitengebied.

Projecten

Toelichting Projecten

Onderstaand wordt een toelichting gegeven op grote projecten (restant krediet >€ 500.000) van dit programma.

Herinrichting Land van Ravensteinstraat en Kerk-/Mgr. Bos-/Hobo-/Kornetstraat/Bitswijk
Planning Gerealiseerd
Budget Inkomsten hoger/uitgaven lager (conform budget)
Risico Lage kans en weinig impact

Het projectgebied bevindt zich binnen het gebied dat nader onderzocht moet worden op aanpassingen in het kader van Hoogwaardig Openbaar Vervoer (HOV). Met het aanpassen van de nieuwe inrichting wordt gewacht totdat de studie-resultaten van de HOV bekend zijn.

Nieuwbouw Udens College Schepenhoek
Planning Conform planning
Budget Inkomsten hoger/uitgaven lager (conform budget)
Risico Lage kans en weinig impact

Het project loopt vertraging op doordat het ontwerp voor de buitenruimte nog niet gereed is, hierdoor kan het bestemmingsplan niet worden vastgesteld.

HOV- deelproject A50
Planning Conform planning
Budget Inkomsten hoger/uitgaven lager (conform budget)
Risico Lage kans en weinig impact

Project is begin december 2015 opgeleverd en bij de nieuwe dienstregeling van de bussen in gebruik genomen. De afhandeling van de overeenkomst met Rijkswaterstaat neemt langer in beslag dan voorzien. Hierdoor loopt de subsidieafhandeling mogelijk ook vertraging op.

Rehabilitatie Ruitersweg
Planning Conform planning
Budget Inkomsten hoger/uitgaven lager (conform budget)
Risico Lage kans en weinig impact

In overleg met een klankbordgroep is een ontwerp gemaakt. Dit is gepresenteerd aan de overige bewoners. Het ontwerp is eind januari 2016 door het college vastgesteld. De uitvoering vindt plaats in het tweede kwartaal van 2016. De reden hiervoor is dat het werk in hoofdzaak uit asfalt bestaat dat sterk weersafhankelijk is om aan te brengen.

Rehabilitatie Veghelsedijk
Planning Langzamer dan gepland
Budget Inkomsten/uitgaven (conform budget)
Risico Lage kans en weinig impact

Overleg met de bewoners van de wijk Groenewoud neemt meer tijd in beslag dan vooraf gepland. Met name de ontsluiting van de wijk en het eventueel realiseren van een fietsstraat vraagt goede afstemming met bewoners. Uitvoering van de werkzaamheden is gepland in het 4e kwartaal van 2016.

Inrichting MFA plein-Oudedijk Odiliapeel
Planning Volgens planning
Budget Inkomsten/uitgaven (conform budget)
Risico Lage kans en weinig impact

Middels participatie vanuit een brede vertegenwoordiging van de bevolking van Odiliapeel is een schetsontwerp gemaakt voor het MFA-plein. Realisering van het plan is voorzien in de zomer van 2016.

Wat heeft het gekost?

Financieel overzicht programma (in €)

Programma Goed leven en goed ontmoeten (V=voordeel, N=nadeel)

 

Rekening 2014

*

Rekening 2014 cf indeling 2015 * Begroting 2015 Begroting incl wijz 2015 Rekening 2015 Verschil V/N
Lasten 34.703.769 29.375.517 28.942.130 35.400.984 33.867.842 1.533.142 V
Baten 8.895.974 8.052.517 7.425.532 11.795.238 11.916.876 121.638 V
Gerealiseerde totaal van saldo baten en lasten

25.807.795

21.323.000

21.516.598

23.605.746

21.950.966

1.654.780

V

Mutatie reserves -1.136.377 -1.301.498 -1.379.990 -5.292.730 -4.152.441 -1.140.289 N
Gerealiseerde resultaat 24.671.418 20.021.502 20.136.608 18.313.016 17.798.525 514.491 V

* In de programmarekening 2015 is een andere indeling van de bestuurlijke producten opgenomen ten opzichte van de programmarekening 2014., dat naar aanleiding van de nieuwe coalitie. Hierdoor zijn er diverse budgetten verschoven naar andere programma's. Om de vergelijkbaarheid mogelijk te maken presenteren we de cijfers uit programmarekening 2014 eveneens op basis van die nieuwe indeling.

Analyse op hoofdlijnen

Specificatie per bestuurlijk product (PDF, 62.0 kB)

Analyse op hoofdlijnen - Goed leven en goed ontmoeten

GOED LEVEN EN ONTMOETEN     € 514.000 V

Peuter en kinderopvang accommodaties €-104.000 N
Door het opzeggen van de huur van verschillende accommodaties voor peuter en kinderopvang is leegstand ontstaan waardoor minder huurpenningen worden geïncasseerd. Ook de gebruikersgerelateerde kosten kunnen niet meer aan de gebruiker worden doorbelast en zijn voor rekening van de gemeente. Het totale nadeel bedraagt € 104.000 en is mogelijk (deels) structureel.    
Accommodaties (wijkgebouwen en ontmoetingspleinen) €177.000 V
Mede als gevolg van een lagere bezettingsgraad en de zachte winter is er een voordeel behaald op de energiekosten (€ 13.000 incidenteel). Daarnaast brachten de kantine verkopen minder op (€ 12.000 incidenteel). Door hoog ziekteverzuim is in 2015 minder gebruik gemaakt van vaste inhuur en zijn deze uren opgevangen door eigen personeel (€ 96.000 voordeel). Overigens zullen de ingezette uren eigen personeel in 2016 worden opgenomen, waardoor naar verwachting in 2016 extra inhuur nodig zal zijn. De overige incidentele voordelen bedragen per saldo € 24.000 (o.a. door Buma Stemra, minder inventaris aanschaf, etc. etc.)
Van de energiemaatschappij is een definitieve afrekening over voorgaande jaren ontvangen. Voordeel € 35.000 incidenteel.
Doordat het krediet Muzerijk nog niet volledig is ingezet is er voor 2015 een voordeel ontstaan van € 21.000 (incidenteel).
   
Openbaar groen €176.000 V
Van het contract met de IBN is voor € 80.000 meer toegerekend aan vegen wegen en zwerfafval. Op het totale contract resteert derhalve een incidenteel voordeel op het product openbaar groen van € 80.000.
Het voordeel op stortkosten grond is ontstaan door € 11.000 minder klussen in 2015 en € 32.000 welke zijn opgenomen in de bestekken en derhalve verrekend in de aanneemsom (incidenteel).
Er waren in 2015 minder kosten (incidenteel voordeel van € 20.000) vanwege minder vernielingen aan recreatieve voorzieningen.
Het natte voorjaar en zomer hebben invloed gehad op uitval beplanting waardoor minder grondwerk en  vervanginig van beplanting noodzakelijk was  en er een voordeel is behaald op de kosten aanschaf en onderhoud beplantingen van € 23.000 (incidenteel).
Vanwege de beperkte inzet op het project Schoon Uden is een voordeel gerealiseerd van € 10.000 (incidenteel). Vanaf september 2015 is een impuls gegeven aan het project Schoon Uden.
   
Herinrichting omgeving nieuwbouw Udens College €100.000 V
Met offerte 12 uit de programmabegroting 2014 is in 2015 een incidenteel budget ad. € 100.000 beschikbaar gesteld voor de herinrichting van de omgeving nieuwbouw Udens College. De uitvoering van de herinrichting zal echter eerst in 2016 plaatsvinden en geeft derhalve in 2015 een voordeel van € 100.000 (incidenteel). Voorgesteld wordt op basis van resultaatbepaling / resultaatbestemming dit saldo van 2015 over te hevelen naar 2016.    
Afwijkingen kostenplaatsen €-252.000 N
Voor de analyse op de kostenplaatsen wordt verwezen naar "Centrale toelichting  op afwijkingen kostenplaatsen" (PDF, 290.3 kB).    
Speel- en hangplekken €23.000 V
De realisatie van fitnesstuinen en speeltoestellen blijft achter bij de planning. Dit geeft in 2015 een voordeel van € 23.000 (vooralsnog incidenteel).    
Professioneel jeugdwerk €16.000 V
In de 2de afwijkingenrapportage 2015 is reeds een incidenteel voordeel ad. € 50.000 gemeld in verband met lagere subsidie (lagere energielasten) voor het Jongerencentrum MC (voorheen Multicenter). Bij het opstellen van de begroting was nog uitgegaan van een vestiging in de Herpenstraat. Het eerder gemelde voordeel kan bij het opmaken van de jaarrekening met nog eens € 16.000 worden verhoogd. Vooralsnog incidenteel, omdat deze middelen nodig zijn voor de uitwerking van nieuw te vormen beleid rondom de koppeling van jeugdwelzijn aan de jeugdzorg / kanteling van zorg naar preventie.    
Dorpshuizen en wijkcentra €52.000 V
Buurthuizen en wijkcentra gaan over naar de MFA's (Raam, Bitswijk, etc.). Voor deze transitie is een frictiebudget accommodatiebeleid beschikbaar, welke in 2015 niet (geheel) noodzakelijk bleek. Dit geeft een voordeel van € 52.000. De transitie loopt nog, derhalve is er sprake van een incidenteel resultaat.    
MO beleidsregels €48.000 V
De MO Beleidregels zijn nog volop in ontwikkeling (incidentele en structurele subsidies). Er is nog onvoldoende ervaringsgegevens beschikbaar om een goede begroting op te kunnen stellen. Budgetten zullen daarom in de komende periode nader worden onderbouwd. Vooralsnog geeft dit in 2015 een voordeel van € 48.000 (incidenteel).    
Gebiedsplatform €26.000 V
Naast een basissubsidie kunnen gebiedsplatformen beroep doen op extra middelen voor expertise en scholing. In 2015 is hier weinig gebruik van gemaakt (€ 9.000 voordeel incidenteel). Daarnaast is de inzet van externe communicatiemiddelen ten behoeve van de gebiedsplatformen in 2015 lager geweest, waardoor er een voordeel ontstaat van € 17.000 (incidenteel).    
Begrafenisrechten €-37.000 N
Per saldo ontvangen we € 93.000 minder inkomsten begraafrechten door de trends tot afkoop, minder begrafenissen en een lager aantal bijgezette urnen. In het kostendekkendheidsonderzoek is uitgegaan van circa 90 begrafenissen. Het werkelijke aantal bedroeg 72. Dit is vooralsnog een incidenteel nadeel.
Als gevolg van de lagere opbrengsten is er ook per saldo € 56.000 minder toegevoegd aan de voorziening. Dit leidt vooralsnog tot een incidenteel voordeel t.o.v. de begroting.
   
Coördinatie nutsbedrijven €69.000 V
Vanwege de renovatie van bestaande leidingen door de nutsbedrijven zijn er meer aanvragen geweest voor het verlenen van vergunning voor het leggen van kabels en leidingen in gemeentegrond. Hierdoor zijn er zowel meer leges (€ 21.000 voordeel) als straatwerkvergoedingen (€ 48.000) ontvangen. Beide incidenteel.    
Gladheidsbestrijding €-30.000 N
De kosten van gladheidsbestrijding zijn vanwege m.n. de aankoop van strooizout nadeliger uitgevallen. Vooralsnog incidenteel.    
Onderhanden investeringen €- V
De nog niet gerealiseerde uitgaven (1,9 mln. voordelig)  van de projecten herinrichting Land van Ravensteinstraat, fietspad Zeelandsedijk, rehabilitatie Ruitersweg, doortrekken Noordlaan en aanpassing kruispunt de Losplaats worden nog niet onttrokken aan de reserve Bovenwijkse infrastructuur (1,2 mln. nadelig). Ook de baten (€ 0,7 mln. nadelig) zijn nog niet gerealiseerd.    
Verkeer en vervoer €-23.000 N
De lagere kosten van veilig Verkeer Nederland (geen bestuurskosten VVN doordat bestuur is gestopt) leiden tot een lagere bijdrage en daarmee een incidenteel voordeel van € 24.000.
Daartegenover staat  dat de subsidiegelden van de provincie voor de VVN later binnen komen. In maart 2016 is de afrekening voor 2014 ontvangen. Voor 2015 leidt dit tot een incidenteel nadeel ten opzichte van het budget van € 47.000.
   
Betaald parkeren €- V
Aan het parkeerfonds is € 181.000 minder toegevoegd vanwege de volgende effecten op de budgetten (vooralsnog incidenteel):
-hogere, deels niet in de budgetten opgenomen kosten van datacommunicatie (€ 41.000 nadeel), elektriciteit (€ 11.000 nadeel) en onderhoud door uitbreiding van het areaal en meer dynamische palen (€ 25.000 nadeel) en het extra ledigen parkeerautomaten omdat automaten vol dreigden te raken (€ 12.000 nadeel)
- voor het betaald parkeren bij ziekenhuis Bernhoven wordt uitgegaan van kostendekkendheid. Door m.n. een lager rente-omslagpercentage zijn de kapitaallasten van de investeringen gedaald. Hierdoor zijn de kosten voor het parkeerterrein Bernhoven € 130.000 lager. Daartegenover staat dat ook de bezetting achter blijft bij de oorspronkelijke raming (nadeel € 110.000).  Per saldo levert dit echter nog een klein voordeel van € 20.000 op in deze jaarrekening. De begroting van parkeren zal in de afwijkingenrapportage worden aangepast aan de actuele cijfers.
-nadelen ten opzichte van de begroting zijn er verder door extra kosten beveiliging en herstel van schade van totaal € 16.000
-door een lagere bezettingsgraad is er een nadeel van € 27.000 op de parkeerinkomsten van het parkeerdek CentrumPlanHoekPromenade en de parkeerterreinen.
- en door een andere manier van werken (meer wijkgericht) van de boa's wordt € 53.000 minder aan boetes geind.
-Er is minder onttrokken aan het parkeerfonds vanwege onderhanden werken HOV.
De mutatie aan de inkomstenzijde en uitgavenzijde worden verrekend met de onttrekking aan de reserve voor de ontwikkeling van HOV. Per saldo geen effect.
   
Basisonderwijs onderhoud €- V
Bij de afwikkeling onderhoud / aanpassingen basisschool De Sterrenkijker bleken de werkelijke kosten hoger dan voorzien, hetgeen een incidenteel nadeel van € 18.000 in 2015 geeft. Deze kosten worden volledig gedekt uit de voorziening huisvesting 2011. Per saldo geeft dit een resultaat van € 0 in 2015.
Bij de 2de afwijkingenrapportage 2015 is besloten de voorziening  huisvesting 2011 op te heffen. Bij het opmaken van deze afwijkingenrapportage werd voorzichtig rekening gehouden met een vrijval van € 264.528 (incidenteel). Bij de definitieve afwikkeling van deze voorziening blijkt dat deze prognose aan de voorzichtige kant is opgesteld en dat de incidentele vrijval met € 31.000 kan worden opgehoogd. Conform eerdere besluitvorming is dit saldo ad. € 31.000 overgeheveld van 2015 naar 2016. Per saldo geeft dit een resultaat van € 0 in 2015.
   
Basisonderwijs nagekomen aanslag heffingen €-37.000 N
In 2015 heeft de gemeente Uden een nagekomen aanslag heffingen 2014 ontvangen. Gebleken is dat basisscholen recht hadden op een hogere vergoeding dan in eerste aanleg is begroot en gefactureerd. Derhalve is nu sprake van een nadeel ad. € 37.000 (incidenteel). In 2016 zal nader onderzoek plaatsvinden naar de mogelijke structurele effecten en zullen structurele maatregelen worden voorgesteld.    
Basisonderwijs schoolzwemmen €13.000 V
Door een wijziging in de samenstelling van de groepen is er een incidenteel voordeel schoolzwemmen basisonderwijs ad. € 13.000 ontstaan. Vooralsnog incidenteel. Bij de invulling van de bezuiniging schoolzwemmen zal een herijking van het budget vinden.    
Bijzondere kosten brand basisscholen Jan Bluyssen en de Brinck €- V
In de nacht van oud en nieuw 2014 zijn de basisscholen Jan Bluyssen en De Brick door brand verloren gegaan. Als gevolg hiervan is er sprake van bijzondere kosten  voor de gemeente Uden. Denk hierbij aan de eerste kosten direct na de brand alsook kosten voor tijdelijke huisvesting etc. etc. In 2015 is ruim € 1.400.000 aan bijzondere kosten uitgegeven. Deze kosten worden volledig door de verzekering gedekt. Ook in 2016 zal er nog sprake zijn van bijzondere kosten, tot het moment van oplevering van de nieuwe school.    
Combinatiefuncties €67.000 V
De 2de tranche is voor een deel en de 3de tranche van de combinatiefuncties zijn nog niet ingevuld. Daar tegenover staat ook een lagere bijdrage van derden. Per saldo geeft dit een resultaat voor 2015 (€ 79.000 voordeel uitgaven en € 79.000 nadeel inkomsten). Daarnaast is er een teruggave ad. € 59.000 over 2013 van Sportservice geweest (incidenteel) en is het activiteitenbudget in 2015 niet volledig benut (incidenteel voordeel € 8.000)    
Tribune AV de Keien €- V
De verharding van de bovenzijde van de tribune van AV de Keien is nog niet uitgevoerd. Dit zal in voorjaar 2016 gebeuren, waarna het project afgesloten kan worden. Het incidentele voordeel aan de uitgavenzijde van € 30.000 vanwege het nog niet bestede budget is een nadeel aan de inkomstenzijde, omdat er ook minder is onttrokken aan de reserve.    
Sportaccommodaties (gymzalen en sporthallen) €37.000 V
Door de brand tijdens de oudjaarsnacht 2014-2015 is de sporthal Zoggel beschadigd geraakt. Deze was daardoor het eerste halfjaar tijdelijk buiten gebruik, hetgeen een lagere huuropbrengst betekende (nadeel € 10.000 incidenteel).
Basketbalvereniging Rush en het Udens College hebben minder van sporthal de Stigt gebruik gemaakt. De lagere verhuuropbrengst bedroeg daardoor € 10.000 (vooralsnog incidenteel).
De zachte winter heeft ervoor gezorgd dat er minder energie is gebruikt (voordeel € 16.000 incidenteel).
Aangezien er in de afgelopen periode al veel aan sportmateriaal is vervangen en vernieuwd, is in 2015 minder op deze post uitgegeven (voordeel € 16.000 incidenteel).
De kantine-verkopen leverden minder op (nadeel € 14.000 incidenteel). Het budget onvoorziene omstandigheden is niet benut en geeft daardoor een voordeel van € 71.000 incidenteel.
Tot slot heeft er een inhaalafschrijving plaatsgevonden, omdat een oud handbalveld niet meer bestaat maar nog wel in de boeken stond. Conform de BBV dient de boekwaarde ineens afgeschreven te worden (nadeel € 32.000 incidenteel).
   
Cultuureducatie €41.000 V
Door de nieuwe invulling van cultuureducatie in 2015, als gevolg van het wegvallen van het MIK, is aan het Mondriaanhuis een lagere subsidie verstrekt. Het effect is vooralsnog incidenteel (€ 41.000). In de komende periode zal de nieuwe cultuureductie verder vorm worden gegeven in samenhang met het beschikbare budget en na aftrek van de eerder besloten bezuinigingen.    
Subsidie sociaal culturele activiteiten €62.000 V
Conform de Markant-regeling kunnen amateurverenigingen subsidie aanvragen voor het gebruik van theater Markant. Jaarlijks kan het aantal aanvragen voor een bijdrage van de gemeente wisselen. In 2015 zijn minder aanvragen ingediend t.o.v. het beschikbare budget. Dit levert voor 2015 een voordeel van € 16.000 op (incidenteel). Daarnaast zijn er geen aanvragen gedaan welke voldoen aan de criteria van het Innovatiefonds Cultuur. Dit geeft een voordeel van € 46.000 (incidenteel)    
Aankoop kunst €18.000 V
In 2015 is er geen kunst door de gemeente Uden aangekocht. Dit levert voor 2015 een voordeel van € 18.000 op (incidenteel).    
Subsidie monumenten €13.000 V
In 2015 is een beperkt aantal aanvragen met een lage subsidievraag in het kader van de monumentenverordening ontvangen, hetgeen een incidenteel voordeel van € 13.000 geeft.    
Diverse kleinere afwijkingen op producten per saldo € 59.000 V

Wetten en regels

De gemeente Uden of haar bestuursorganen handelen overeenkomstig het legitaliteitsbeginsel slechts op basis van taken en bevoegdheden die terug te vinden zijn in de Europese, landelijke of lokale wet- en regelgeving. De geldende regels zijn voor eenieder te raadplegen via www.overheid.nl. De geldende regels zijn eveneens voor dit programma opgenomen in onderstaand overzicht. Hierbij dient opgemerkt te worden dat gezien de diversiteit van taken en wet-en regelgeving de volledigheid van onderstaand overzicht niet gewaarborgd kan worden. Wel geeft het de belangrijkste wet- en regelgeving weer. 

Wetten

Verordeningen/regelingen

Nota's

Kwaliteit publieke ruimte

Kenmerkend voor de gemeente Uden is de goede kwaliteit van de openbare ruimte. Hoewel de inrichting, het beheer en onderhoud zijn ingezet vanuit de gedachte: ‘Sober, maar doelmatig’, is de beleving en uitstraling van de openbare ruimte nog steeds van een hoger niveau. Het biedt gelegenheid voor activiteiten en invulling door inwoners, bedrijvigheid van ondernemers en de gezelligheid van straten en pleinen. Omdat er altijd wel wat te doen is in Uden, is veel aandacht geschonken aan de aantrekkelijkheid van de openbare ruimte, door intensieve zwerfvuilbestrijding en snel en adequaat te reageren op klachten en verzoeken in wijken en buurten.

Jaarlijks vinden reconstructies en herinrichtingen plaats in Uden, Volkel en Odilliapeel. Hierbij is aandacht voor verbeteringen van de bestaande voorzieningen en indien mogelijk en noodzakelijk, toevoeging van nieuwe elementen. Daarnaast wordt er jaarlijks onderhoud gepleegd aan de kapitaalgoederen (riolering, wegen, groen, openbare verlichting). Dit onderhoudsprogramma wordt elk jaar vastgesteld door het college middels de lijst onderhoud kapitaalgoederen. Diverse aannemers voeren het onderhoud uit. Zij werken op basis van prijsafpraken en deelopdrachten om zo de kwaliteit van de openbare ruimte op peil te houden.

Tevens is de buitendienst van de gemeente elke dag bezig met onderhoud en beheer van de openbare ruimte. Samenspraak en betrokkenheid van inwoners, ondernemers en andere belanghebbenden spelen hierbij een belangrijke en bepalende rol, waarbij het gebiedsgericht-werken een steeds betere invulling krijgt. Onze gemeente is daardoor nog steeds een ‘werkelijk groene parel’ waar het fijn wonen, werken en recreëren is.

Realisatie in één oogopslag

​ opgestart/volgens planning   vertraging/afwijking   nog niet opgestart

  Kwaliteit publieke ruimte   Toelichting
1 Snel en adequaat reageren op meldingen Openbare Ruimte. Door het gebruik van social media en app’s ontvangen we meer meldingen waar we snel op reageren. Er zijn afspraken gemaakt over het evalueren van de kwaliteit van de huidige meldingssystemen.
2 Onderzoeken oorzaak vernielingen/vandalisme en informeren wijkbewoners. Dit gebeurt in samenwerking met Maatschappelijke  Dienstverlening, Openbare Werken en (indien aan de orde) THOR.
3 Groene openbare ruimte koesteren en onderhouden. Dit loopt volgens het jaarprogramma. De uitvoering ligt op schema.Volgens het bijgestelde jaarprogramma is het één en ander uitgevoerd.
4 Voorbereiden en uitvoeren van groot-onderhoudsprojecten: riolering, wegen, groen en openbare verlichting. Dit verloopt volgens het jaarprogramma. De uitvoering ligt op schema.
5 Reconstructies Rentmeestershoef/Schoutenhoek. Dit project is uitgevoerd.
6 Regulier beheer en onderhoud openbare ruimte. Dit verloopt volgens het jaarprogramma. Het dagelijks onderhoud wordt opgepikt door het team Uitvoering.
7 Ontwikkelen beleid onderhoud kunstwerken op openbaar terrein. Er is een 5-jarig onderhoudsplan opgesteld voor civiele kunstwerken, zoals bruggen en tunnels. In 2015 wordt het onderhoudsbestek opgesteld en gaan we beginnen met het onderhoud van de kunstwerken, zoals in het plan beschreven. 
8 Opknappen parkeergarage Brabantplein. De bouwkundige reparatiewerkzaamheden zijn afgerond. Het pimpen start in het eerste kwartaal van 2015. Diverse aannemers en leveranciers hebben reeds opdracht voor hun onderdeel ontvangen.  

Realisatie 2014 in kengetallen

aantal klachten (10% minder klachten)
  2011 2012 2013 2014
Prognose 0-meting aantal klachten 10% minder klachten 10% minder klachten 10% minder klachten
Werkelijk 1614 klachten openbare ruimte Door de wijze van meten is het voor dit jaar niet mogelijk om het aantal klachten in beeld te brengen. Door de wijze van meten is het voor dit jaar niet mogelijk om het aantal klachten in beeld te brengen. Door de wijze van meten is het voor dit jaar niet mogelijk om het aantal klachten in beeld te brengen.

Veilig gevoel

Uden moet een gemeente zijn waar inwoners, werknemers van de vele bedrijven en gasten zich veilig en welkom voelen. Oftewel een gemeente waarin het goed wonen, werken en recreëren is. Om dit te kunnen realiseren, levert de gemeente op verschillende niveaus een bijdrage aan de verbetering van de lokale veiligheid. Uitsluitend inzetten op handhaving van regels en het bestraffen van mensen die over de schreef gaan, is niet genoeg. Ook de inzet op zorg is van belang. Dat betekent dat bij verschillende veiligheidsproblemen zowel aandacht is voor de handhaving als voor de zorg. Daarnaast wordt ook geïnvesteerd in preventie om daarmee de zelfredzaamheid van de burger te vergroten.

Om de doelstellingen te behalen vult de gemeente haar regierol actief in. Het tijdig signaleren en aanpakken van veiligheidsproblemen is de eerste bijdrage aan een veilig gevoel. Daarbij is samenwerking essentieel. Wij werken samen met politie, Openbaar Ministerie, brandweer, woningbouwcorporaties, bedrijfsleven, hulpverleners en natuurlijk de inwoners. Daarbij is preventie de eerste opgave, waarbij van het inzetten op de versterking van de sociale context, ‘ken uw buren’, het meeste heil mag worden verwacht. De transformatie als gevolg van de transities heeft zich dan ook al doorvertaald naar nieuwe afspraken tussen wijkagenten en basisteam (jeugd en volwassenen) over samenwerking in de wijken en hoe om te gaan met signalen.

Om bovenstaande samenwerking te borgen, heeft de gemeenteraad in 2014 een kadernota integrale veiligheid vastgesteld voor de komende 4 jaar. Deze kadernota vormt het beleidskader voor het jaarlijks door Toezicht en Handhaving Openbare Ruimte op te stellen jaarplan met daarin de verschillende acties voor dat jaar. De activiteiten in het jaarplan van 2014 zijn op hoofdlijnen behaald en er zal voor komend jaar een vergelijkbaar werkplan worden opgesteld. Het betreft naast concreet benoemde projecten, zoals Drank- en Horecacontrole, eveneens een goed gebruik van de openbare ruimte in het algemeen, als ook tijdens evenementen en kermissen.

In 2015 is het cluster Veiligheid opgericht, met als doel extra aandacht te kunnen geven aan met name de integrale aanpak van veiligheidsproblematieken en de verbinding te leggen tussen uitvoering en beleid.

Inmiddels is er een meerjarenuitvoeringskader toezicht en handhaving openbare ruimte 2016-2018 vastgesteld en is het jaarplan toezicht en handhaving voor de jaarschijf 2016 vastgesteld. Hierbij is nadrukkelijk de samenwerking gezocht met de betreffende beleidsafdelingen, zodat de onderwerpen van toezicht en de wijze waarop dit wordt vormgegeven integraal is afgewogen en een breed draagvlak heeft.

Vanzelfsprekend blijft er ruimte om te reageren op actuele ontwikkelingen en incidenten. Als de ontwikkelingen het nodig maken de inzet van de verschillende instrumenten binnen veiligheid te heroverwegen, wordt dat aan de gemeenteraad voorgelegd.

Het programma Veilig gevoel heeft vier doelstellingen. Ga direct naar:

Ieder programma heeft een eigen menuknop. Hier vindt u informatie over:

Minder regels

Duidelijke regels zijn een essentieel onderdeel van een veilige leef-, woon- en werkomgeving. De handhavers in de openbare ruimte hebben hierin een spilfunctie. Handhavers opereren samen met de politie, ze zijn professioneel en duidelijk herkenbaar aan hun uniform. De afgelopen jaren hebben we met een kritisch oog gekeken naar onze handhavingsregels. Voor dit jaar en volgende jaren geldt dat de huidige regels worden nageleefd. 

Realisatie in één oogopslag

 afgerond / gerealiseerd   gestart / onderhanden   nog niet gestart

Minder regels
  Activiteit Indicator Toelichting
1 De handhavers in de openbare ruimte hebben een spilfunctie. Handhavers opereren samen met de politie, ze zijn professioneel en duidelijk herkenbaar aan hun uniform. De wisselwerking tussen de politite en de boa's is eind 2015 vastgelegd in de nota 'Visie operationele aansturing boa's', vastgesteld door het basisteam driehoek Maas en Leijgraaf eind 2015. Begin 2016 heeft ons college het 'meerjarenuitvoeringskader toezicht en handhaving openbare ruimte 2016-2018' vastgesteld, waarin verder inhoud wordt gegeven aan onder meer de professionalisering van het toezicht. Jaarlijks wordt er een uitvoeringsplan gemaakt voor de concrete boa-werkzaamheden.
2 We voegen gastheerschap toe aan de bestuurlijke opdracht aan onze handhavers. In december 2015 is een sessie gehouden met alle boa's over het verder in de praktijk brengen van gastheerschap in contacten met klantenm op straat en in de wijk. Afgesproken is dat hier regelmatig aandacht aan besteed blijft worden. Klanten wordt in 2016 ook om feedback gevraagd.
3 Menselijke Udense maat is een belangrijke maatstaf bij de wijze van handhaving. De Udense maat is uitgewerkt in het meerjarenuitvoeringskader. Hoofdlijn is dat meer eerst gewaarschuwd wordt en minder snel direct een boete wordt uitgedeeld. Het is aan de professionaliteit van de boa om de situatie ter plekke te beoordelen.


Realisatie 2015 in kengetallen

Oordeel burger controle handhaving regels
  2011 2012 2013 2014 2015
Prognose 6 Geen burgerpeiling 6.2 Geen burgerpeiling 6,2
Werkelijk 6.2 Geen burgerpeiling 6.2 Geen burgerpeiling Geen burgerpeiling

informatiebron: www.waarstaatjegemeente.nl (2-jaarlijkse burgerpeiling)

Sociaal veilig

Realisatie in één oogopslag

 Afgerond / gerealiseerd  ​ gestart / onderhanden   nog niet opgestart

  Sociaal veilig   Toelichting
1 Woninginbraken zijn speerpunt van beleid in 2015. Voor woninginbraken geldt dat jaarlijks verschillende instrumenten worden ingezet ten behoeve van de preventie zoals persberichten plaatsen, faciliteren BIN-project en deelname donkere dagen offensief. In 2016 wordt de gemeenteraad geïnformeerd
2 Aandacht voor huiselijk geweld. Vanuit cluster Veiligheid wordt de regiefunctie, voorkoming escalatie en direct opstarten van juiste ondersteuning, uitgevoerd. Proces loopt, relatie met veiligheidshuis en 'veilig thuis' (AMHK)is, als gevolg van de transformatie, opnieuw vormgegeven. Veilig thuis is wat voorheen steunpunt huiselijk geweld was en AMK.
3 Inzicht krijgen in de situatie op campings en andere accommodaties op het gebied van brandveiligheid, aan- en bijbouwsels, gebruiksvoorschriften, adresfraude, sociale zekerheids-fraude en permanente bewoning. Dit inzicht in strategie is in 2014 verkregen. Handhavingsstrategie is voor 3 campings opgepakt. Handhavingstrajecten voor 2 campings lopen ook door in 2016. 3e campingeigenaar is in overleg met de gemeente Uden voor het opstellen van een herinrichtingsplan.
4 Verkeersveiligheid heeft betrekking op de veiligheid van verkeer voor verkeerdeelnemers in het algemeen, voor specifieke doelgroepen en in bepaalde gebieden. Verkeersvervoersplan wordt opgesteld onder regie van Ruimte; hierover wordt via programma 3 Goed leven en ontmoeten, gerapporteerd.
5 Woonadresfraude. Op basis van de controleresultaten uit 2014 over 100 panden is in 2015 inzet gepleegd. Uitvoering is conform beleid. Er is een klankbordgroep huisvesting arbeidsmigranten met vertegenwoordigers uit de uitzendbranch, het ZLTO, makelaardij en de woningcorperatie Area opgericht. De klankbordgroep zal input leveren voor het concept handhavingsarrangement en de uitvoeringsregels huisvesting van tijdelijke arbeidsmigranten. Het concept handhavingsarrangement zal na input van de klankbordgroep worden voorgelegd aan de overkoepelende organisatie uit de branche. 
6 Jeugdoverlast. Door structureel overleg tussen maatschappelijk werk, jongerenwerk, boa en politie worden groepen in beeld gebracht en acties ondernomen. Uitvoering is conform beleid. Ook hier geldt dat in het jaarverslag integrale veiligheid een terugkoppeling plaatsvindt inzake jeugdoverlast.

Realisatie 2015 in kengetallen

Ooordeel burger aanpak sociale veiligheid
  2013 2014 2015
Prognose   geen burgerpeiling score 6,0
Werkelijk score 6,0 geen burgerpeiling geen burgerpeiling

Informatiebron:  waarstaatjegemeente.nl (2-jaarlijkse burgerpeiling)

Oordeel burger gemeente voor verbeteren leefbaarheid en veiligheid
  2013 2014 2015
Prognose   geen burgerpeiling 6,8
Werkelijk score 6,8 geen burgerpeiling geen burgerpeiling

formatiebron: waarstaatjegemeente.nl, 2-jaarlijkse burgerpeiling

Aantal woninginbraken
  2013 2014 2015
Prognose     171 inbraken
Werkelijk 170 inbraken (bij 17.075 woningen)   106 inbraken

Kadernota integrale veiligheid en uitvoeringsprogramma veiligheid, monitoringsgegevens politie.

Het aantal woninginbraken bedraagt maximaal 1% van de woningvoorraad

Veilig door politie en brandweer

Gerichte inzet bij criminaliteit door onder andere:

  • Lokale afspraken tussen THOR en de politie inzake de inzet publieke domein, in aanvulling op de afspraken vanuit de wet- en regelgeving van de nationale Deelname aan het Regionaal Informatie Expertise Centrum (indicator: jaarverslag RIEC)
  • Brandweerzorg: voorkomen, beperken en bestrijden van branden, brandgevaar, zware ongevallen rampen (ongewijzigd t.o.v. voorgaande jaren)

Realisatie in één oogopslag

 afgerond / gerealiseerd  ​ gestart / onderhanden   nog niet opgestart

  Veilig door politie en brandweer   Toelichting
1 Inzet van wijkagenten Er zijn afspraken gemaakt over het aantal wijkagenten en gebiedstoedeling. Inmiddels is duidelijk welke wijkagent is toebedeeld aan een wijk. Voor gemeente Uden geldt dat zij ook een aantal wijkagenten heeft conform afspraak. Via verschillende communicatie instrumenten is naar de inwoners van Uden gecommuniceerd wie de wijkagent is. Inmiddels is het overleg en de samenwerking tussen politie en boa's verder gestructureerd. Periodiek is er afstemming met de operationeel expert van de politie.

Realisatie 2015 in kengetallen

Oordeel burger als onderdaan, veiligheid in de buurt
  2013 2014 2015
Prognose score 6,9 geen burgerpeiling score 6,9
Werkelijk   geen burgerpeiling geen burgerpeiling

Informatiebron: Handhaving huidige score  www.waarstaatjegemeente.nl , 2 jaarlijkse burgerpeiling.

Uitrukken brandweer
  2013 2014 2015
Prognose     300
Werkelijk 305    

Informatiebron: Opgave regionale brandweer

Veilig uitgaan

  • Cameratoezicht op de Markt en de uitgaansgelegenheden bij de Birgitinessenstraat
  • Uitvoering geven aan de Drank- en Horecawet
  • Handhaving: gezamenlijke inzet van THOR en politie inzake het uitgaansgebied en ten tijde van evenementen

Realisatie in één oogopslag

​ afgerond / gerealiseerd  ​ gestart / onderhanden   nog niet opgestart

      Toelichting
1 Terugdringen van geweldsincidenten door samenwerking tussen politie, boa's, horeca, bezoekers en gemeente. Voor de gemeente Uden is uitgaansgeweld een prioriteit binnen de kadernota integrale veiligheid. UItvoering wordt gegeven aan de afspraken die zijn gemaakt in het horecaconvenant. Daarnaast beschikt de gemeente over 7 camera's in het horecaconcentratiegebied.
 
2 Vrije horecasluitingstijden behouden. En de uitlooptijd wordt uitgebreid naar 30 minuten. In het Horecaconcentratiegebied zijn gedurende de weekenden de horecasluitingstijden uitgebreid. Deze zijn opgenomen in de APV. Op doordeweekse dagen geldt een 'uitloopkwartier' voor de gehele horeca. Vooralsnog is / wordt dit kwartier niet uitgebreid tot een half uur, gelet op de risico's bij gelijktijdige calamiteiten in de verschillende kernen. 
3 Een jeugdcafé 0.0 zodat de jeugd onder de 18 kan uitgaan. Meltdown, een periodiek alcoholvrij feest voor jongeren door jongeren, in Markant, is een eerste geslaagd initiatief gestart, dat zich in 2016 vier - tot zesmaal gaat herhalen. Mogeljik gaat ook de PUL een dergelijk initiatief herhalen.

Realisatie 2015 in kengetallen


Aantal geweldsincidenten
  2013 2014 2015
Prognose     550
Werkelijk 576    

Cijfers kunnen niet apart gegegeneerd worden wanneer het om horecageweld gaat.

Informatiebron: Kadernota integrale veiligheid en uitvoeringsprogramma veiligheidm monitorgegevens politie.

Wat heeft het gekost?

Financieel overzicht programma (in €)

Programma Veilig gevoel (V=voordeel, N=nadeel)

 

Rekening 2014

*

Rekening 2014 cf indeling 2015 * Begroting 2015 Begroting incl wijz 2015 Rekening 2015 Verschil V/N
Lasten 2.579.599 2.521.125 2.634.002 2.858.538 2.636.642 221.896 V
Baten 362.117 335.862 74.053 22.303 15.222 -7.081 N
Gerealiseerde totaal van saldo baten en lasten 2.217.482 2.185.263 2.559.949 2.836.235 2.621.420 214.815 V
Mutatie reserves 0 0 0 0 0 0  
Gerealiseerde resultaat 2.217.482 2.185.263 2.559.949 2.836.235 2.621.420 214.815 V

* In de programmarekening 2015 is een andere indeling van de bestuurlijke producten opgenomen ten opzichte van de programmarekening 2014., dat naar aanleiding van de nieuwe coalitie. Hierdoor zijn er diverse budgetten verschoven naar andere programma's. Om de vergelijkbaarheid mogelijk te maken presenteren we de cijfers uit programmarekening 2014 eveneens op basis van die nieuwe indeling.

Analyse op hoofdlijnen

Specificatie per bestuurlijk product (PDF, 51.4 kB)

Analyse op hoofdlijnen - Veilig gevoel

VEILIG GEVOEL     € 215.000 V

Afwijkingen kostenplaatsen €128.000 V
Voor de analyse op de kostenplaatsen wordt verwezen naar de  centrale toelichting  op afwijkingen kostenplaatsen                                 (PDF, 290.3 kB)    
 
   
Veiligheidsregio €36.000 V
In 2015 is van de Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Brabant Noord een BTW-teruggave ontvangen. Deze teruggave fluctueert jaarlijks en is daarom vooraf niet te begroten. Dit geeft een incidenteel voordeel op van € 23.000 incidenteel.
Daarnaast in 2015 is een positieve afrekening van het Gemeenschappelijke meldcentrum Brabant Noord ontvangen. Dit resulteert in een voordeel van 13.000 euro incidenteel.
 
   
Diverse kleinere afwijkingen op producten per saldo €51.000 V

Wetten en regels

De gemeente Uden of haar bestuursorganen handelen overeenkomstig het legitaliteitsbeginsel slechts op basis van taken en bevoegdheden die terug te vinden zijn in de Europese, landelijke of lokale wet- en regelgeving. De geldende regels zijn voor eenieder te raadplegen via www.overheid.nl. De geldende regels zijn eveneens voor dit programma opgenomen in onderstaand overzicht.

Wetten

Verordeningen/regelingen

Nota's

Projecten

Voor dit programma zijn in 2015 geen projecten geweest.

Dienstbare en betrouwbare overheid

De dienstverlening aan onze burgers is één van de speerpunten van de gemeentelijke organisatie. Digitalisering van de dienstverlening is een prominent onderdeel daarvan. Ongeveer honderd producten kunnen via de Digitale balie worden aangevraagd en/of afgehandeld. Door het standaardiseren en digitaliseren van de eenvoudigere producten, maken we ruimte voor klanten met een complexe vraag. Deze klanten krijgen te maken met één medewerker, die ervoor zorgt dat zij goed geïnformeerd worden over alle elementen van de vraag, en dat deze vraag adequaat wordt afgehandeld. Middels een totaal vernieuwde website kunnen inwoners sneller informatie inwinnen en producten aanvragen.

Door de aanhoudende economische recessie staat sinds 2012 de begroting van Uden onder druk. Door onder andere minder inkomsten van het Rijk en tegenvallende grondverkopen, was het noodzakelijk om een aanzienlijk pakket aan bezuinigingsmaatregelen op te nemen en zo een sluitende begroting te kunnen aanbieden. De uitvoering van deze bezuinigingsmaatregelen ligt prima op schema. De raad wordt daar periodiek over geïnformeerd. Duidelijk is dat de meerjarenbegroting van de gemeente Uden sluitend is. De afgelopen jaren is er evenwicht ontstaan in verantwoord investeren en het op realistische wijze doorvoeren van bezuinigingen.

Ook in 2015 zijn de decentralisatie van Rijkstaken en de druk op eventuele schaalvergroting van invloed geweest op de samenwerking met omliggende gemeenten. Zeker in de ontwikkeling van de drie transities is er sprake van samenwerking in een groter regionaal verband.

De samenwerking in de AgriFood Capital en met de z.g. Maashorstgemeenten heeft meer accent gekregen. Naast ambtelijke deelname in de verschillende regionale netwerken, pakt Uden op bepaalde onderwerpen ook op bestuurlijk niveau een stevige rol. Uden neemt deel aan de regionale bestuurlijke kopgroep detailhandel. Uden zit ook in de regionale bestuurlijke kopgroep infrastructuur en is bestuurlijk trekker van Agro-as de Peel. Door Has Den Bosch is een onderzoek uitgevoerd naar de aanwezigheid van AgriFood bedrijven en het zorgcluster in Uden ‘Uden, de schakel tussen Agrifood en Zorg’. Een team van 11-12 jarige scholieren uit Uden heeft deelgenomen aan de Keukenbazen kookwedstrijd.

Het programma Dienstbare en betrouwbare overheid heeft vier doelstellingen. Ga direct naar:

Ieder programma heeft een eigen menuknop. Hier vindt u informatie over:

Excellente dienstverlening

Realisatie in één oogopslag

 afgerond/gerealiseerd  gestart/onderhanden  nog niet opgestart

  Excellente dienstverlening   Toelichting
1 De gemeente werkt ‘op afspraak’ en gaat ook op enkele dagdelen een vrije inloop organiseren, bijvoorbeeld op woensdag- en vrijdagmiddag. Op deze dagen kunnen mensen ook terecht voor extra ondersteuning en hulp bij het regelen van zaken met de gemeente. Het onderzoek naar de wensen van de klant is afgerond. Op basis van deze resultaten zijn verbeteringen aangebracht. Per 1-11-2015 is het afhaalloket ingevoerd. We blijven werken op afspraak, maar mensen zonder afspraak worden geholpen. Dat betekent dat we de servicenorm (wachttijd) niet altijd kunnen garanderen.
2 De gemeente Uden vertaalt haar dienstverlening in servicenormen. Servicenormen 2015:
- Balie: 5 minuten wachttijd bij afspraak
- Telefonie: 30 seconden wachttijd
- E-mail en post: 14 dagen
De in 2015 genomen extra maatregelen voor telefonie werpen vruchten af. Dit project loopt ook in 2016 door.
 
3 De prestaties van de gemeente Uden worden voortdurend vergeleken met andere gemeenten  (via benchmarks zoals Vensters voor bedrijfsvoering). De gemeente Uden neemt deel aan Waarstaatjegemeente.nl (dienstverlening) en Vensters voor bedrijfsvoering (bedrijfsvoering). Het laatste onderzoek is afgerond en levert informatie omtrent de interne bedrijfsvoering in relatie met andere gemeenten.
4 De ambtelijke organisatie moet deskundig, gemotiveerd, flexibel en op ontwikkeling gericht zijn. Om dit te bereiken voert de gemeente Uden een actief scholings- en loopbaanbeleid, flexibele werktijden en leeftijdsbewust personeelsbeleid.

De gemeente heeft een (doorlopend) opleidingsplan waar medewerkers enerzijds de mogelijkheid krijgen zich te ontwikkelen en anderzijds opleidingen volgen om in hun vakgebied up-to-date te blijven. De planning 2015 is gehaald. Hier en daar zijn vanwege omstandigheden cursussen niet door gegaan.
Met behulp van een reeks aan maatregelen proberen wij medewerkers zicht te geven op hun loopbaan (arbeidsmarktproof). Dit is een pakket een mogelijkheden: opleidingen, trainingen, de HRM-cyclus, website werkeninnoordoostbrabant, zie ook punt 5 (professionaliseren ambtelijk apparaat), etc.

In het tweede kwartaal van 2016 wordt een initiatief (in overleg met de OR) verwacht dat inspeelt op leeftijdsbewust personeelsbeleid.
 

5 Professionaliseren van het ambtelijk apparaat met een vierjarenplan waarin efficiency en kwaliteitsverbetering centraal staan.


Project Hostmanship/Gastvrijheid wordt in 2016 verder uitgewerkt.

Training basisvaardigheden computergebruik is in 2015 gestart en loopt door in 2016.

Opleiding juridische basiskennis is voor verschillende groepen medewerkers uitgewerkt en georganiseerd.

Het medewerker-tevredenheidsonderzoek (MTO) eind 2014 is  inmiddels per afdeling/cluster opgepakt en vertaald naar concrete actieplannen.

6 Inwoners betrekken bij de voorbereiding en uitvoering van beleid.

Bij het ontwikkelen van verschillende visies wordt burgerparticipatie ingezet:

Omgevingsvisie (pilot met Ministerie). Door middel van burgerparticipatie wordt de omgevingsvisie vorm gegeven.

Inzet G1000 (werkgroepen): zowel bestuurlijk als ambtelijk wordt met deze ontwikkeling meegedacht, meegewerkt. Ook via de z.g. verbinders (ambtelijk, bestuurlijk) is er aandacht voor burgerparticipatie.

Afvalvisie: een 2-ledig pilotproject waarbij inwoners input geven.

7 Verantwoord onderhouden van de ICT-infrastructuur. Het meerjaren investeringsplan is gereed en in het 2e kwartaal 2015 aan het College aangeboden. Dit ook in overleg met de gemeenten Oss en Landerd.

 

Prestatie indicatoren

Indicator Servicenormen
Werkelijk 2014 Dit is een nieuwe prestatie indicator. Daarom zijn er geen werkelijke cijfers opgenomen.
Prognose 2015 15% telefonie, 5% balie
Werkelijk 2015 27% telefonie, 5% balie
Informatiebron q-matic, telefooncentrale
Aanvullende informatie Het gaat om de servicenorm m.b.t. wachttijden. Maximale wachttijd balie met afspraak is 5 minuten, zonder afspraak is 15 minuten. Maximale wachttijd telefoon is 30 sec.
Het aantal telefoontjes is de laatste jaren toegenomen. Naar aanleiding van de tegenvallende cijfers is eind 2015 een plan van aanpak ter verbetering van telefonische bereikbaarheid gepresenteerd. In het 3e kwartaal 2016 vindt er een evaluatie plaats.
 
Indicator Waardering dienstverlening
Werkelijk 2014 In 2014 is er geen onderzoek in het kader van waarstaatjegemeente geweest. Er is wel een eigen onderzoek naar klanttevredenheid gehouden. Hieraan hebben ruim 800 personen deelgenomen. Het cijfer klanttevredenheid algemeen is 8,7. 
Prognose 2015 Waardering dienstverlening aan balie >7,5, waardering dienstverlening aan telefoon > 7 en waardering van de website >6.
Werkelijk 2015 De waardering van de dienstverlening van balie en telefonie is in 2015 niet gemeten. Deze zal met de evaluatie van het plan van aanpak met betrekking tot de verbetering van de telefonische bereikbaarheid meegenomen worden. Dit wordt mede ondersteund door het onderzoek "waar staat je gemeente".
Informatiebron

www.waarstaatjegemeente.nl

Indicator Percentage gegronde en ongegronde bezwaren bij de commissie OCB
Werkelijk 2014 204 bezwaren, waarvan 84% niet ontvankelijk of ongegrond en 16% gegrond.
Prognose 2015 Minimaal 50% ongegronde bezwaren
Maximaal 15% gegronde bezwaren
 
Werkelijk 2015 66% ongegronde en 20% gegronde bezwaren
Informatiebron Jaarverslag OCB
Aanvullende informatie De normpercentages zijn vastgelegd in ons beleid voor juridische kwaliteitszorg.

Samenwerken in de regio

2015 was het tweede jaar van de samenwerking in AgriFood Capital. In februari vond de 3e bijeenkomst plaats met Udense ondernemers in het kader van zaaien, groeien en oogsten. Studenten van de HAS hebben de agrifood en zorg keten in Uden in beeld gebracht. Twee ondernemers hebben in 2015 een Reap bijdrage ontvangen en 22 Udense ondernemers worden of zijn tot nu toe ondersteund door Ondernemerslift+. Vorig jaar vond de eerste Keukenbazen kookwedstrijd plaats. Ook een Udens team van jeugdigen van groep 7 en 8 heeft aan de finale deelgenomen.

Voor 2016 staat de evaluatie en verlenging van de samenwerking op de bestuurlijke agenda. Het tot nu toe separate programma 5*Regio Noordoost brabant is vanaf dit jaar geïntegreerd in AgriFood Capital. Uden is bestuurlijk trekker geworden van de gebiedsontwikkeling Agro-as de Peel.

Realisatie in één oogopslag

 afgerond/gerealiseerd  gestart/onderhanden  nog niet opgestart

  Samenwerken in de regio   Toelichting
1 Udense bedrijven en onderwijs stimuleren om projecten op te zetten binnen Agrifood Capital. Dit is een continue activiteit. Zo zijn er bijeenkomsten voor ondernemers georganiseerd en zijn projecten als Keukenbazen en de Food to Fit awards 2015 gefaciliteerd. 
2 Faciliteren van kennistafels met ondernemers om innovatie en business te stimuleren. In samenwerking met Agrifood Capital en UOV De Kring zijn enkele bijeenkomsten georganiseerd om ondernemers te stimuleren innovatieve projecten op te zetten.
3 Bestuurlijke en ambtelijke deelname in diverse regionale netwerken. Naast ambtelijke deelname in de verschillende regionale netwerken pakt Uden op bepaalde onderwerpen ook op bestuurlijk niveau een stevige rol. Uden neemt deel aan de regionale bestuurlijke kopgroep detailhandel. Uden zit ook in de regionale bestuurlijke kopgroep infrastructuur en is bestuurlijk trekker van Agro-as de Peel. Door Has Den Bosch is een onderzoek uitgevoerd naar de aanwezigheid van AgriFood bedrijven en het zorgcluster in Uden ‘Uden, de schakel tussen Agrifood en Zorg’.

Prestatie indicatoren

Indicator Aantal bedrijven wat deelneemt aan projecten binnen Agrifood Capital
Werkelijk 2014 Ecovat energy Storage System en Diabetes Challenge (Brabant zorg) hebben een REAP bijdrage ontvangen.
Prognose 2015 Elk jaar minimaal één ondernemer meer bij een project betrokken (voor 2015: 2)
Werkelijk 2015 3: Carezzo Nutrition heeft een eervolle vermelding ontvangen bij de BOV Agri Food to Fit Award. Blauwrijk en Aroma Uden zijn betrokken bij REAP projecten. Gemeente Uden heeft deelgenomen aan een project voor het in beeld brengen van de AgriFood structuur in de gemeenten van Agro-as de Peel. Hiervoor is door de HAS een onderzoek uitgevoerd.
Informatiebron Jaarverslag Stichting Agrifood Capital
Aanvullende informatie De invloedsfeer op de stichting (vanuit de gemeente) is beperkt.

Financiën op orde houden

Om te kunnen sturen op onze financiële positie hanteren we sinds 2013 drie pijlers te weten: dekking/sluitende begroting, risicomanagement/weerstandscapaciteit en financiering. De structurele lasten worden meerjarig gedekt door de structurele baten. Dit uitgangspunt geldt ook bij het opstellen van de Programmabegroting 2017-2020. Het risicomanagement en de bijbehorende weerstandscapaciteit/weerstandsration worden uitgebreid toegelicht in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing. Er wordt op een transparante wijze verantwoording afgelegd over de risico's. De derde en laatste pijler is nog steeds vrij nieuw voor onze gemeente. Er zijn in de Programmabegroting 2015 ook indicatoren opgenomen om deze doelstelling te kunnen meten. Deze maken onderdeel uit van de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing. Doordat deze indicatoren ook landelijk verplicht zijn gesteld is vergelijkbaarheid tussen gemeenten onderling ook mogelijk.

De prognose van het Centraal Planbureau is dat de groei van de Nederlandse economie aanhoudt met een gemiddelde groei van 1,8%. Het begrotingstekort veranderd bij ongewijzigd beleid in 2021 naar een overschot op de Rijksbegroting. Verder zien we op termijn een afname van de overheidsschuld. Op basis van de informatie die nu bekend is verwachten we geen extra noodzakelijke bezuinigingen vanuit het Rijk.

Realisatie in één oogopslag

 afgerond/gerealiseerd   gestart/onderhanden   nog niet opgestart

  Financiën op orde houden   Toelichting
1 Structurele lasten worden gedekt door structurele baten. Bij het opstellen van het bestedings- en dekkingsplan 2016-2019 zijn structurele lasten gedekt door structurele baten. 
2 Kostendekkende gemeentelijke producten. De laatste drie jaar hebben we de kostendekkendheid van de leges/producten onder de loep genomen. De processen zijn nagelopen en (waar nodig) geoptimaliseerd en vervolgens is de kostprijs berekend. Het overzicht is nu actueel. In 2016 worden weer enkele leges/producten beoordeeld.
3 Systeem van risicomanagement continueren en waar mogelijk verbeteren, waarbij risico’s worden gekwantificeerd en in relatie gebracht worden met de weerstandscapaciteit. Risicomanagement heeft een prominente plek binnen onze organisatie. Voor de bepaling van de financiële positie zijn 3 pijlers gedefinieerd, te weten: dekking/sluitende begroting, financiering en risicomanagement/weerstandscapaciteit. In alle planning en control producten wordt hierover gerapporteerd. De pijlers worden gebruikt als sturingsinstrument. De pijler weerstandsratio ligt op de norm. De kwaliteit van het systeem van risicomanagement wordt verbeterd door risicomanagement steeds meer te koppelen aan de interne controle. Dit wordt steeds verder uitgewerkt. 
4 Woonlasten voor inwoners en bedrijven worden niet verhoogd met uitzondering van inflatie. Dit is in het coalitieakkoord 2014-2018 vastgelegd.
5 Uden heft geen hondenbelasting of toeristenbelasting. Dit is in het coalitieakkoord 2014-2018 vastgelegd.
6 Voortvarende realisatie van de nog niet gerealiseerde bezuinigingstaakstellingen. De bezuinigingstaakstelling van de afgelopen jaren bedraagt bijna € 7,6 miljoen. Dit is inclusief de bezuinigingen die zijn opgenomen in Programmabegroting 2016 (€ 852.500).
De realisatie van deze taakstellingen zien we als een belangrijke opdracht. Nu, met de presentatie van deze programmarekening, resteert er nog aan te realiseren bezuinigingen een bedrag van
€ 1.078.064 (2020).  Van de taakstelling op onderwijs als gevolg van de overheveling van het buitenonderhoud naar de schoolbesturen bedraagt nog een te realiseren bedrag van € 61.887 ( was totaal € 858.000). 
 
7 Actualiseren ‘Financiële verordening gemeente Uden.’ De nieuwe ‘Financiële verordening gemeente Uden’ is op 9 juli 2015 vastgesteld door de Raad. 
8 Actief sturen op de schuldpositie door in het bestedings- en dekkingsplan daar geld voor te reserveren. Sturen op schuldpositie is een van de pijlers voor het sturen op de financiële positie. We zijn ons ervan bewust dat de schuldpositie van onze gemeente verbeterd kan worden. Er komt verplichte wet- en regelgeving op het gebied van rentetoerekening gebaseerd op werkelijke financieringskosten. Dit zal met ingang van Programmabegroting 2017 van toepassing zijn. Dit heeft ook effect op de schuldpositie.
 

Realisatie 2015 in kengetallen

Indicator Begroting is structureel in evenwicht
Werkelijk 2014 Ja
Prognose 2015 Ja (2015 niet, 2016 en verder wel)
Werkelijk 2015 Ja
Informatiebron Programmabegroting gemeente Uden

                

Indicator Weerstandsratio tussen 1 en 2
Werkelijk 2014 2,10
Prognose 2015 tussen 1 en 2
Werkelijk 2015 2,51
Informatiebron Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing


 

Indicator Weerstandscapaciteit
Werkelijk 2014 € 31,6 mln
Prognose 2015 meer dan € 22,5 mln
Werkelijk 2015 € 36 mln
Informatiebron Programmarekening gemeente Uden


 

Indicator Ratio verstrekte geldleningen aan derden/verbonden partijen in relatie tot de gemeentelijke inkomsten mag niet meer toenemen*
Werkelijk 2014 15,6%
Prognose 2015 13,5%
Werkelijk 2015 12,6%
Informatiebron Programmarekening gemeente Uden
Aanvullende informatie * Dit ligt in lijn met het vastgestelde beleid om de verstrekte geldleningen terug te brengen naar € 0.
Indicator Goedkeurende controleverklaring voor getrouwheid en rechtmatigheid
Werkelijk 2014 Gerealiseerd, voor zowel rechtmatigheid als getrouwheid een goedkeurende controleverklaring
Prognose 2015 Voor zowel getrouwheid als rechtmatigheid een goedkeurende controleverklaring
Werkelijk 2015 *
Informatiebron Controleverklaring bij de Programmarekening gemeente Uden verstrekt door de controlerende externe accountant

* Op het moment van aanbieden van deze Programmarekening heeft de externe accountant de controle op de decentralisaties nog niet afgerond. Dit is ingegeven door het feit dat er landelijk door de beroepsorganisatie voor accountants (NBA) nog geen definitieve audit alert is verstrekt over hoe de controle aan te pakken. Dat betekent dat er nog geen controleverklaring door de accountant verstrekt is bij deze Programmarekening. Op dit moment is de verwachting dat bij vaststelling van de Programmarekening door de Raad op 7 juli 2016 wel een controleverklaring is ontvangen van de externe accountant inclusief het sociale domein. 

Op 7 juli 2016 heeft de controlerend accountant PWC een goedkeurende controleverklaring verstrekt voor zowel de getrouwheid als de rechtmatigheid.



 

Naar een nieuw evenwicht

De bezuinigingen van de Rijksoverheid zijn de laatste jaren van grote invloed op de gemeentelijke begroting. Sinds 2013 heeft de gemeente gewerkt aan het samenstellen van een pakket bezuinigingsvoorstellen. Dit pakket heeft geleid tot concrete bezuinigingen die de komende tijd uitgevoerd gaan worden. Om de voortgang te volgen is hiervoor een monitorsysteem ontwikkeld.

Ook in 2016 zullen de bezuinigingen gevolgd worden middels deze monitor.

Realisatie in één oogopslag 

 afgerond/gerealiseerd   gestart/onderhanden    nog niet opgestart

  Naar een nieuw evenwicht   Toelichting
1 Samen  met de Raad wordt invulling gegeven aan een nieuwe opzet van de programmabegroting (met bijbehorend meetplan, zodat resultaten transparant en meetbaar zijn). Op initiatief van de Raad is een werkgroep geformeerd om de indicatoren van het sociaal domein te verbeteren. Deze werkgroep wordt op verzoek van de Raad ambtelijk ondersteund. De eerste bijeenkomst heeft in april 2015 plaatsgevonden. Daarbij is de afspraak gemaakt om in eerste instantie de indicatoren van de participatiewet te benoemen. Vervolgens worden de indicatoren van de andere 2 transities (WMO en jeugd) bepaald.
De uitkomsten hiervan worden in programma 2 Maximaal meedoen verwerkt. Een sociale monitor wordt landelijk opgesteld. De werkgroep wil hier te zijner tijd op aanhaken.
 
2 De gemeentelijke organisatie is in balans met haar producten en diensten. Efficiency, kwaliteit en snelheid van handelen in het belang van inwoners, bedrijven en verenigingen staan daarbij voorop De personele formatie van de gemeente Uden is op maat. Dit blijkt uit het onderzoek vanuit "vensters voor bedrijfsvoering". Verder blijkt uit dit onderzoek dat de overhead van de gemeente Uden gunstig is te noemen ten opzichte van vergelijkbare gemeenten.
3 De in de laatste jaren geplande bezuinigingen worden uitgevoerd. Eventuele nieuwe bezuinigingen worden in een zorgvuldig proces met inwoners, bedrijfsleven, verenigingen en instellingen afgestemd. Zoals ook blijkt uit de bezuinigingsmonitor 2015 die is opgenomen in deze Programmarekening, is er in 2015 voor € 675.000 (2020) gerealiseerd aan bezuinigingen. In de tussentijdse rapportage is er een totaal van € 191.250 met redenen als nog niet realiseerbaar gemeld. Voor verdere informatie verwijzen wij u naar de bezuinigingsmonitor
4 De financiële consequenties van dit coalitieakkoord zijn in de Programmabegroting verwerkt. Het actuele financiële beeld is opgenomen in het bestedings- en dekkingsplan van de Programmabegroting 2016.
5 Het proces van deregulering vraag blijvende aandacht. Bij het vaststellen van nieuwe regels wordt duidelijk aangegeven voor welke periode deze zijn.

Heeft bij herinrichting van de diverse processen continue aandacht.

6 Verder ontwikkelen van integraal vastgoedmanagement, inclusief evalueren organisatiestructuur (vastgoed en accommodaties) doormiddel van een nota "integraal vastgoed management". Een eerste inventarisatie heeft plaatsgevonden. Het gaat hier over de interne taak- en werkverdeling van de ambtelijke organisatie. De nota wordt naar verwachting in het 2e half jaar van 2016 aangeboden. Uitvoering ligt op schema.
7 Strategisch vastgoedportefeuillebeheer; o.b.v. behoefte geformuleerd in beleid en voorzieningenplanning. Er is een inventarisatie van alle gemeentelijke eigendommen gemaakt. Gekeken wordt naar een rendement tussen "bezettingsgraad" en "wat nodig is in de wijk". Verwachte oplevering is medio 2016.
8 Onrechtmatig grondgebruik aanpakken door project ‘legaliseren’ voort te zetten / af te ronden. Project heeft een langere doorlooptijd. Enerzijds moeten juridisch zaken worden verwerkt / afgedaan en anderzijds kunnen nog inkomsten gegenereerd worden. 
9 Onderzoek dat het beheer (personeel) van de accommodaties aan een mogelijk externe partij (IBN) uitbesteed gaat worden. Op dit moment is als gevolg van de veranderingen op gebied van het werkbedrijf (IBN) nog geen voortgang te melden.

Realisatie 2015 in kengetallen

Indicator Realiseren geplande bezuinigingen
Werkelijk 2014 Planning nog te realiseren bezuinigingen, aangevuld met mogelijk nieuwe bezuinigingen
Prognose 2015 Realiseren van begrote bezuinigingen in 2015
Werkelijk 2015 € 675.000
Informatiebron Bezuinigingsmonitor gemeente Uden
Aamvullende informatie Monitor van geplande bezuinigingen wordt per kwartaal aan het College en de Raad gepresenteerd.
Indicator Burgertevredenheidscore voor participatie (uit tweejaarlijkse burgerpeiling)
Werkelijk 2014 In 2014 is er geen onderzoek in het kader van waar staat je gemeente geweest. Er is wel een eigen onderzoek naar de klanttevredenheid gehouden. Hieraan hebben ruim 800 personen deelgenomen. Het cijfer klanttevredenheid algemeen is 8,7.
Prognose 2015 6,5
Werkelijk 2015 In 2015 is er geen onderzoek geweest
Informatiebron Waarstaatjegemeente.nl/burgerpeiling (via KING/VNG)
Indicator De Programmabegroting 2015 voldoet aan de wensen van de Raad
Werkelijk 2014 Dit is een nieuwe prestatie indicator. Er zijn nog geen werkelijke cijfers 2014 bekend.
Prognose 2015 Beoordeling opzet Programmabegroting met een 7.
Werkelijk 2015 Uit gesprek met de audit commissie is gebleken dat het lastig is een cijfer te geven aan de opzet van de planning en control producten. De ambtelijke organisatie is periodiek in gesprek met de audit commissie. Hierbij wordt regelmatig afgestemd of de planning en control producten voldoen aan de wensen. Eventuele verbeteringen van de planning en control producten worden gezamenlijk met de audit commissie doorgevoerd.
Informatiebron Audit commissie (namens de Raad)

Projecten

Voor dit programma zijn er in 2015 geen projecten geweest.

Wat heeft het gekost?

Programma Dienstbare en betrouwbare overheid (V=voordeel, N=nadeel)

 

Rekening 2014*

Rekening 2014 cf indeling 2015 * Begroting 2015 Begroting incl wijz 2015 Rekening 2015 Verschil V/N
Lasten 6.157.422 6.142.499 6.165.924 6.127.961 6.681.732 -553.771 N
Baten 51.215.522 50.989.589 74.059.612 72.221.842 71.736.645 -485.197 N
Gerealiseerd totaal van saldo baten en lasten -45.058.100 -44.847.090 -67.893.688 -66.093.881 -65.054.913 -1.038.968 N
Mutatie reserves -3.809.103 -3.809.103 -1.547.477 -2.754.818 -2.754.932 114 V
Gerealiseerde resultaat -48.867.204 -48.656.193 -69.441.165 -68.848.699 -67.809.846 -1.038.853 N

* In de programmarekening 2015 is een andere indeling van de bestuurlijke producten opgenomen ten opzichte van de programmarekening 2014, dit naar aanleiding van de nieuwe coalitie. Hierdoor zijn diverse budgetten verschoven naar andere programma's. Om vergelijkbaarheid mogelijk te maken, presenteren we de cijfers uit programmarekening 2014 eveneens op basis van die nieuwe indeling.

Analyse op hoofdlijnen


Specificatie per bestuurlijk product (PDF, 52.3 kB)

Analyse op hoofdlijnen - Dienstbare en betrouwbare overheid

DIENSTBARE  EN BETROUWBARE OVERHEID     € -1.039.000 N

OZB-opbrengst €-436.000 N
De werkelijke OZB-opbrengst 2015 is lager dan begroot. In de programmabegroting 2016 is reeds rekening gehouden met een lagere belastingopbrengst. Op basis van het destijds actuele belastingkohier is de prognose OZB-opbrengst vanaf 2016 neerwaarts bijgesteld. Voor 2015 geeft dit nog een nadeel van € 468.000 (incidenteel).
De voorziening dubieuze belastingdebiteuren is gebaseerd op het historische percentage van het totaal aan debiteuren per jaarschijf. In 2015 heeft een groter aantal dubieuze debiteuren dan geraamd alsnog de uitstaande vordering voldaan, waardoor een bedrag van € 47.000 incidenteel ten gunste van de exploitatie kan vrijvallen.
Van de Belastingsamenwerking Oost Brabant is de afrekening over het boekjaar 2013 ontvangen. Op basis van accountantscontrole is gebleken dat per saldo € 15.000 teveel aan Uden is afgedragen. Dit geeft een incidenteel nadeel.
   
Algemene uitkering Gemeentefonds € 128.000 V
De algemene uitkering is onze belangrijkste inkomstenbron. In 2015 wordt in totaal een bedrag verwacht van € 59,2 miljoen waarvan € 25,1 miljoen betrekking heeft op de transities en € 3 miljoen op de WMO. De prognoses stellen we in ieder geval 2 keer per jaar bij. Dit op basis van de circulaires van het ministerie van binnenlandse zaken. De meicirculaire hanteren we bij de prognose voor begroting en de september/decembercirculaire voor de jaarrekening.
Het voordelig verschil van  € 128.000 is uitgedrukt in een percentage 0,2%. Deze marginale afwijking wordt veroorzaakt door verschillen in de door ons gehanteerde basisgegevens zoals ; aantal inwoners, woonruimten e.d. ten opzichte van de door het Rijk gehanteerde prognoses ten tijde van de berekening van de algemene uitkering.
   

 

Deelneming Markant €-227.000 N
De deelneming Markant N.V. was voor een boekwaarde van € 226.890 opgenomen onder de financiële vaste activa op de balans van de gemeente Uden. Conform de verslaggevingsrichtlijnen dient voor deze deelneming echter een voorziening te worden opgenomen ter hoogte van de boekwaarde, omdat Markant N.V. een licht negatief eigen vermogen heeft. Bij eventuele verkoop zou dit kunnen leiden tot een incidenteel voordeel.    
Pensioenvoorzieningen €-545.000 N
Jaarlijks laten we een actuariële berekening maken van de noodzakelijk geachte hoogte van de pensioenvoorziening voor wethouders. De hiervoor gehanteerde percentages wijken af van de door de huisaccountant als juist beoordeelde percentages. Een aanvullende storting in deze voorziening van € 245.000 wordt nu voorgesteld.    
Alle voormalige wethouders die na 2013 met pensioen zijn gegaan moeten volgens de hiervoor geldende voorschriften direct uit de hiervoor gevormde voorziening worden betaald. Tot nu toe verliep dit via de exploitatie. Dit betekent een eenmalige extra storting in de pensioenvoorziening van
€ 300.000. Dit levert overigens een structureel voordeel op wat betrokken wordt bij de voorbereiding van Programmabegroting 2017  e.v.
   

    

Verkiezingen €42.000 V
Door het gelijktijdig houden van 2 verkiezingen zijn effiencyvoordelen behaald. Daarnaast heeft de gemeente Uden een extra uitkering voor het meedoen aan het experiment centraal tellen ontvangen. Per saldo geeft dit een voordeel van € 42.000 incidenteel.    
Informatiekrant €15.000 V
In 2015 zijn er minder uitgaven voor de externe informatiekrant geweest. Dit wordt mede veroorzaakt doordat een gunstig contract is afgesloten. Daarnaast wordt er steeds minder in de fysieke informatiekrant weergegeven en wordt steeds vaker informatie digitaal verspreid.    
Gemeenteraad €60.000 V

De vaste algemene onkostenvergoeding van de Raad, Burgemeester en Wethouders wordt met ingang van 2015 netto uitbetaald worden waardoor een structureel voordeel van € 41.000 ontstaat.
Door de invoering werkkostenregeling wordt deze onkostenvergoeding namelijk in het forfait opgenomen. In 2014 werd de vergoeding nog gebruteerd.

De vaste vergoedingen voor raadsleden blijken in de praktijk minder te kosten dan geraamd. De begroting was door de invoering van de Wet harmonisering bezoldiging ambtsdragers in 2014 hiervoor nog structureel verhoogd. Dit lijkt wellicht niet terecht geweest te zijn en zal nader onderzocht moeten worden (voordeel € 19.000).

   
Voorziening dubieuze debiteuren €-21.000 N
Jaarlijks worden de per 31 december openstaande debiteuren beoordeeld op mate van invorderbaarheid. Het resultaat van deze beoordeling bepaalt de hoogte van deze voorziening dubieuze debiteuren. Op basis van de beoordeling 2015 dient de voorziening met € 21.000 te worden opgehoogd, hetgeen een incidenteel nadeel in de exploitatie geeft.    
Renteresultaat €-64.000 N
De omvang van het renteresultaat wordt vooral beïnvloed doordat er minder rente aan activa kon worden toegerekend dan verwacht. Dit leidt tot een nadeel in de renteparagraaf, maar komt als voordeel (vrijval kapitaallasten) terug op de diverse overige bestuurlijke producten.    
Sluitpost meerjarenbegroting €-64.000 N
Stelpost sluitrekening meerjarenbegroting bestaat uit een inkomstendeel en een uitgavendeel. De saldi worden veroorzaakt door  het leegboeken van kostenplaatsen n.a.v. diverse begrotingswijzigingen, waaronder de bestuursrapportage.    
Afwijkingen kostenplaatsen €54.000 V
Voor de analyse op de kostenplaatsen wordt verwezen naar "Centrale toelichting op afwijkingen kostenplaatsen" (PDF, 290.3 kB).    
Diverse kleinere afwijkingen op producten per saldo €19.000 V

Wetten en regels

De gemeente Uden of haar bestuursorganen handelen overeenkomstig het legitaliteitsbeginsel slechts op basis van taken en bevoegdheden die terug te vinden zijn in de Europese, landelijke of lokale wet- en regelgeving. De geldende regels zijn voor eenieder te raadplegen via www.overheid.nl. De geldende regels zijn eveneens voor dit programma opgenomen in onderstaand overzicht.

Wetten

Verordeningen/­regelingen

Nota’s

Paragrafen

De verslaggevingsregels voor het opstellen van de Programmarekening zijn vastgelegd in het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Volgens deze regels dient de gemeente een 8-tal paragrafen op te nemen. Dit zijn:

In de paragrafen worden onderwerpen behandeld die van belang zijn voor inzicht in de financiële positie. De paragrafen bevatten de beleidsuitgangspunten, hoe wij grip proberen te houden op de diverse activiteiten. Daarnaast bevatten de paragrafen een dwarsdoorsnede van de programma’s vanuit onderwerpen waaraan politiek of financiële risico’s verbonden zijn.

Bedrijfsvoering

Inleiding

De gemeentelijke organisatie speelt dagelijks in op de verschillende vraagstukken en ontwikkelingen vanuit de Udense samenleving en levert een breed pakket aan producten en diensten aan haar inwoners. De dienstverlening aan  inwoners, bedrijven en instellingen staat bij de gemeente Uden centraal. Dit alles willen we effectief en efficiënt realiseren, met onze basistaken als uitgangspunt. De afgelopen jaren heeft dit binnen de ontwikkeling van onze organisatie een belangrijke rol gespeeld.

Door voortdurende focus op de doelmatigheid van onze interne processen, faciliteiten, budgetten en planningen streven we naar excellente dienstverlening. De bedrijfsvoeringsfuncties zorgen ervoor dat het primaire proces zo optimaal mogelijk georganiseerd kan worden. Via het programma “Vensters voor Bedrijfsvoering” (KING/VNG) monitoren wij onze bedrijfsvoering. Vensters voor Bedrijfsvoering is een instrument waarmee een totaalbeeld van de interne bedrijfsvoering verkregen wordt. Hiermee wordt de gemeentelijke organisatie met die van ruim 100 andere gemeenten en andere overheden vergeleken.

Personeel en organisatie

Wij willen door inwoners, ondernemers en bezoekers gezien worden als een ondernemende gemeente met lef. Voor alle medewerkers gelden de volgende kerncompetenties: SKOOR (Samenwerken, Klantgericht, Ondernemend, Omgevingsgericht en Resultaatgericht). In 2015 is het volgende gerealiseerd:

  • Organisatiezaken en wijzigingen; zoals: nieuwe afdeling Ruimte (voorheen de afdelingen Stedelijke Ontwikkeling, Bouwen en Milieu, Openbare werken) en vorming cluster Veiligheid per 1 juli 2015;
  • Voorbereidingen samenwerking Maashorstgemeenten o.a. op het gebied van ICT (realisatie 2016-2019);
  • Verder wordt nauw samengewerkt met gemeenten binnen Maashorst / A50-gebied  op het gebied van opleiding (Uden Academie – Maashorst Academie), loopbaan en ontwikkeling als ook het werken in Noordoost Brabant (gezamenlijke site voor vacatures en klussen);
  • Thema Gastvrijheid is geïntroduceerd en wordt komende jaar verder uitgerold.

Duurzame, wendbare inzetbaarheid medewerkers. In het kader van duurzame, wendbare inzetbaarheid van de medewerkers in de organisatie worden diverse activiteiten ondernomen. De argumenten om onze organisatie duurzaam en wendbaar te maken zijn:

  • Aansluiten op de snel veranderende buitenwereld;
  • Het Udens werken oftewel het G1000 werken; waarbij zowel ambtelijk als ook bestuurlijk steeds meer aandacht is voor burgerparticipatie (van buiten naar binnen);
  • Goed werkgeverschap;
  • Grotere veerkracht medewerkers om met continue veranderingen om te gaan;
  • Menselijk kapitaal bepaalt het succes. Eén van de activiteiten die in 2015 in gang is gezet, is het project Arbeidsmarktproof. We willen in 2018 bereiken dat 75% van al onze medewerkers arbeidsmarktproof is.

Dat betekent dat:

  • Medewerkers beschikken over actuele functionele vaardigheden (kennis, opleiding en ervaring is recent);
  • Presentatie, houding en gedrag van deze tijd is;
  • Medewerkers hun drijfveren, passies en talenten kennen;
  • Medewerkers zich bewust zijn van hun valkuilen en werkt aan zijn/ haar ontwikkelpunten.

Ter ondersteuning wordt het thema Arbeidsmarktproof besproken in HRM cyclus, met als onderdeel het PLOT (= Plan Leren Ontwikkelen en Talentgebruik). Vanuit de organisatie worden er diverse activiteiten georganiseerd; zoals opleidingen, trainingen, digitale vaardigheden, presentatie-vaardigheden, activiteiten ter vergroting van de mobiliteit en loopbaan (snuffel)stages intern en extern. Hierbij wordt nauw samengewerkt met HR afdelingen van de regiogemeenten. Ook zijn de gemeente Uden en Oss vertegenwoordigt in de begeleidingscommissies ‘Overheid in Beweging’ en ‘Meester in je vak’ van het A+O fonds sector Gemeenten.

Instroom jongeren/ starterbeurs/ Fire Starters

In 2015 zijn 6 jongeren ingestroomd in de organisatie. Via de Startersbeurs hebben 4 jongeren ervaring in de organisatie kunnen opdoen. Tevens werkt Uden al jaren mee aan het Traineeprogramma De Toekomst van Brabant. In 2015 startte Operatie Frisse Peper met ‘The Firestarters’, een project waarin diverse werkgevers (overheid en niet-overheid) gezamenlijk met arbeidsgeschikten met een beperking kijken naar mogelijkheden voor het opdoen van werkervaring dan wel terugkeer op de arbeidsmarkt.

Uden Academie/ Maashorst Academie

De gemeente Uden biedt samen met de Maashorstgemeenten en de gemeente Veghel diverse  opleidingen en trainingen aan voor hun medewerkers. Ook ontwikkelt Uden zelf en samen met de regiogemeenten trainingen en biedt medewerkers de mogelijkheid aan om zelf trainer te worden.
Een kleine greep uit de gegeven trainingen is: Crucial Conversations, Mediationvaardigheden, Verken je Talent, Arbeidsmarktpresentatie (LinkedIn-Presenteer jezelf-Kledingstijl), Maak werk van je jaargesprek.

Cao sector Gemeenten 2013-2015

In 2015 zijn alle voorbereidingen getroffen voor de implementatie van het nieuwe hoofdstuk 3 Beloning per 1 januari 2016. Door de invoering van dit nieuwe hoofdstuk, ontstaat er vereenvoudiging, harmonisatie en modernisering in de wijze van beloning voor gemeenteambtenaren.

Excellente dienstverlening

De gemeente werkt nu ‘op afspraak’, maar voor bepaalde producten kan zonder afspraak gebruik worden gemaakt van het afhaalloket. Het blijft altijd mogelijk om ook hiervoor eerst een afspraak te maken. Het voordeel is dan dat je wordt geholpen op het afgesproken tijdstip. Inwoners kunnen meer dan voorheen zonder afspraak komen dan wordt men wel geholpen, maar gelden de servicenormen niet. In 2016 wordt extra ondersteuning gerealiseerd voor mensen in het digitaal zaken doen met de overheid, bijvoorbeeld voor ouderen.
De gemeente Uden heeft haar dienstverlening vertaald in servicenormen. De prestaties van de gemeente Uden worden voortdurend met andere gemeenten vergeleken (via benchmarks zoals “Waarstaatjegemeente”). De digitale dienstverlening is in 2015 uitgebreid. In 2016 zullen ook producten van de Sociale Dienst hieraan worden toegevoegd. Wat betreft de telefonische bereikbaarheid halen wij onze servicenorm nog niet. Hiervoor is inmiddels een actieplan ontwikkelend. Dit krijgt in 2016 een prominente plaats.

ICT

De ICT-infrastructuur is een belangrijke ruggengraat van de gemeentelijke organisatie. In 2012 en 2013 is de gehele infrastructuur vervangen, dat betekent dat de komende jaren deze infrastructuur up-to-date gehouden moet worden. Hiervoor staan ook financiële middelen ter beschikking. In 2018 staat weer een totale vervanging op de agenda. Om een excellente dienstverlening te leveren is een goed beheerde ICT omgeving noodzakelijk.
Om de kwaliteit, continuïteit en kosten in de hand te houden en waar mogelijk te verbeteren is een samenwerking gestart op het gebied van ICT met de gemeenten Bernheze, Landerd en Oss. Het doel is in 2019 te komen tot 1 organisatie met 1 technische infrastructuur en 1 applicatielandschap. In 2016 wordt hiervoor het bedrijfsplan en transitieplan opgeleverd. In 2016 zal definitieve besluitvorming hierover worden gepleegd. Om een optimale samenwerking te krijgen zullen ook de bedrijfsprocessen onderwerp van bespreking zijn. Standaardisatie van werkprocessen is een voorwaarde voor het realiseren van een homogeen applicatielandschap.

Interne controle, rechtmatigheid en administratieve organisatie

Uitvoering interne controle

De gemeente Uden is en wil graag ‘in control’ zijn. Hiervoor zijn tal van interne beheersingsmaatregelen aanwezig. Om de financiële rechtmatigheid te waarborgen, wordt o.a. met het model interne controle en rechtmatigheid gewerkt. Samen met het normenkader en het intern controleplan 2015 vormt dit het kader voor de interne controle. Evenals voorgaande jaren zijn er geen bevindingen ten aanzien van de financiële rechtmatigheid.

Dat we de interne processen op orde hebben blijkt o.a. uit de goedkeurende controleverklaringen die de gemeente Uden jaarlijks heeft behaald voor zowel de getrouwheid als rechtmatigheid. De doelstelling voor komende jaren blijft om de interne beheersing en het zelf-controlerend vermogen verder te verbeteren. Daar waar de organisatieontwikkeling aanleiding geeft om de beschrijving van de werkprocessen aan te passen (AO/IC), wordt dit uitgevoerd. Nieuw ten opzichte van voorgaande jaren is de interne controle op de fiscale processen BTW en loonheffing. De gemeente Uden heeft hiervoor een zogenaamd Tax Control Framework opgesteld. Hierin zijn de fiscale processen, de bijbehorende risico’s en de beheersingsmaatregelingen opgenomen. Op basis hiervan wordt de interne controle uitgevoerd en worden de eerste stappen gezet om ook fiscaal ‘in control’ te zijn.

Decentralisaties

Met de invoering van de decentralisaties in het sociaal domein zijn gemeenten in 2015 geconfronteerd met ingrijpende wijzigingen in de WMO en de Jeugdwet. Nieuw hierbij was de overdracht van jeugdtaken naar gemeenten. We zijn als gemeente actief met het zo goed mogelijk inrichten van processen en procedures. Dit wordt ook bevestigd door onze huisaccountant in de management letter 2015.  De risico’s en beheersingsmaatregelen zijn inzichtelijk gemaakt en hierop heeft interne controle plaatsgevonden.

Centraal administratiekantoor (CAK)

Een aanvrager van een voorziening hulp in de huishouding of een persoonsgebonden budget is op grond van de WMO een bijdrage verschuldigd. De wetgever heeft bepaald dat de berekening, oplegging en incasso van deze eigen bijdrage wordt uitgevoerd door het CAK Het CAK verstrekt aan de gemeenten een totaaloverzicht waarbij maandelijkse afstorting plaatsvindt van de geïncasseerde bijdragen. Door het ontbreken van inkomensgegevens op deze overzichten is de informatie over de eigen bijdragen voor gemeenten ontoereikend om de juistheid op persoonsniveau en volledigheid van de eigen bijdragen als geheel te kunnen vaststellen. De wetgever heeft door het kiezen van deze systematiek bepaald dat de verantwoordelijkheid van de juistheid en de volledigheid van de eigen bijdragen geen gemeentelijke verantwoordelijkheid is. Dat betekent ook dat wij geen zekerheid over de omvang en de hoogte van de eigen bijdrage kunnen verkrijgen als gevolg van het niet kunnen vaststellen van de juistheid op persoonsniveau. Dit is een onzekerheid die voor alle gemeenten geldt en niet alleen voor de gemeente Uden.  

Op het moment van aanbieden van deze Programmarekening heeft de externe accountant de controle op de decentralisaties nog niet afgerond. Dit is ingegeven door het feit dat er landelijk door de beroepsorganisatie voor accountants (NBA) nog geen definitieve audit alert is verstrekt over hoe de controle aan te pakken. Dat betekent dat er nog geen controleverklaring door de accountant verstrekt is bij deze Programmarekening. Op dit moment is de verwachting dat bij vaststelling van de Programmarekening door de Raad op 7 juli 2016 wel een controleverklaring is ontvangen van de externe accountant inclusief het sociale domein.

Landelijke ontwikkelingen

Landelijk zijn er ook ontwikkelingen op het gebied van toezicht en financiële rechtmatigheid. Onder leiding van commissie Depla is het rapport vernieuwing accountantscontrole gemeenten verschenen. Een van de adviezen uit het rapport is dat het college verantwoordelijk wordt voor de rechtmatige uitvoering van de begroting. Naar verwachting zal de wetswijziging per 1 januari 2018 ingaan. Dit heeft uiteraard gevolgen voor de uitvoering van de interne controle. Deze gevolgen worden in beeld gebracht en met een plan van aanpak wordt ervoor gezorgd dat de gemeente Uden tijdig klaar is voor deze wetswijziging. Dit zullen we doen in goed overleg met onze huisaccountant.

Transparante verslaglegging en Risicomanagement

Op het gebied van verslaggeving zijn door de gemeente Uden grote stappen gezet. De afgelopen jaren is er sterk ingezet op het verbeteren van de planning en controlcyclus met als doelstelling zo transparant en goed mogelijk informatie te verschaffen en verantwoording af te leggen. Met het identiek opbouwen van de planning en controlproducten is een eerste stap richting continuous reporting gezet. Daarnaast dragen de webbased planning & control producten ook bij aan transparante verslaggeving. Op deze manier is het namelijk mogelijk om op een overzichtelijke wijze informatie te verstrekken die aansluit op de informatiebehoefte van de stakeholders. Om te kunnen blijven voldoen aan de informatiebehoefte is er goed overleg tussen een afvaardiging van de Raad en de ambtelijke organisatie. Dit is een continue proces.
Het huidige beleid rondom risicomanagement is in december 2014 geactualiseerd. Risicomanagement is een onderwerp dat leeft binnen de organisatie. Als gevolg daarvan vinden er goede discussies plaats tussen de ambtelijke organisatie en de Raad. Dit is positief en draagt bij aan een goed systeem van risicomanagement en een transparante verantwoording daarover.
De indicator die voortkomt uit het systeem van risicomanagement, de weerstandsratio, is een van de drie pijlers voor de financiële positie. De andere twee pijlers zijn sturen op schuldpositie en een structureel sluitende begroting. Voor meer informatie hierover, zie de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing, de financieringsparagraaf en Programma 5 Dienstbare en betrouwbare overheid (doelstelling financiën op orde houden).

Bedrijfsvoeringsverklaring

In de Bedrijfsvoeringverklaring  (PDF, 27.2 kB)verklaart het college en ambtelijk management dat de interne risicobeheersings- en controlesystemen adequaat en effectief zijn en wordt een onderbouwing hiervoor gegeven. Uitgangspunt voor de bedrijfsvoeringverklaring is het managementmodel COSO.

Niet-financiële rechtmatigheid

De gemeente werkt voor haar gemeenschap of klanten: inwoners, bezoekers, instellingen en bedrijven. De beslissingen waar zij bij betrokken zijn, moeten voldoen aan de geldende wet- en regelgeving. Gebeurt dat niet dan is er een juridisch, en mogelijk ook een financieel risico. Voor die risicoafwegingen hanteert de gemeente Uden het systeem van Juridische kwaliteitszorg (JKZ), in aansluiting op het Besluit accountantscontrole decentrale overheden. In 2015 is gestart met het omzetten van het 'risicobeeld' uit JKZ-systeem naar een activiteitenprogramma voor een afdeling.
De focus en de kwaliteitsgegevens van 2015 staan in de paragraaf Juridische kwaliteitszorg.

Juridische Kwaliteit (JKZ)

Voor 2015 lag de focus bij de naleving van de geldende wet- en regelgeving op de complexe nieuwe –ook Europese- wetgeving zodat er geen reden is voor de klant of een toezichthouder om een juridische procedure te starten. JKZ-informatie over beslissingen, bezwaren, klachten en rechtszaken vertonen geen verontruste afwijkingen.

Focus JKZ

De getroffen maatregelen liggen vooral in de voorbereidende sfeer. Zo is de juridische kerngroep versterkt door o.m. het gebruik van de VNG-handreiking ‘Intergemeentelijke samenwerking’ bij samenwerkingen en van het analyse-instrument Europa-proof bij een gemeentelijk voordeel.
Daarnaast is de bescherming van persoonsgegevens verscherpt met meldingen bij de Autoriteit Persoonsgegevens en met aanvullende afspraken hierover met bedrijven en instellingen.

Informatie JKZ

Overzicht van een aantal veel voorkomende besluiten, in vergelijking tot voorgaande jaren.

Type Aantal 2013 Aantal 2014 Aantal 2015
burgerzaken, paspoorten, rijbewijzen, bevolkingsadministratie 15.354 14.425 15.216
evenementenvergunningen en –meldingen 174 181 193
drank- en horecavergunning, speelautomatenvergunning 33 44 41
parkeervergunningen 1.047 738 1.000

omgevingsvergunning voor -meerdere- activiteiten:

bouwen, kappen, slopen, reclame, inrit, milieu, brandveilig gebruik, monument, ontheffing bestemmingsplan

357 400 420
sloopmeldingen 175 140 125
meldingen milieu volgens activiteitenbesluit 60 60 79
stookontheffing APV en Wet Milieubeheer - 60 79
toezichtscontrole bouwen en milieu 405 475 525
beschikkingen personeel, w.o. aanstelling na reorganisaties 530 530 510
meldingen Landelijk Register Kinderopvang en Peuterspeelzalen 88   51
beschikkingen leerlingenvervoer 168   190
beschikkingen onderwijshuisvesting 9   4
subsidiebeschikkingen 251 247 240
verstrekking startersleningen 19 27  
planschadebesluiten 5 3 4
leegstandsvergunningen 33 34  
beschikkingen voorzieningen maatschappelijke ondersteuning 2.194 2.807 2.689
beschikkingen inkomensvoorzieningen inclusief SDV: schulddienstverlening 6.804 6.368 6.563
invalideparkeerkaart 372   334
Aanslagen leges, begrafenisrechten, marktgelden etc. 2.018 1.372  

Tegen ongeveer 30.000 besluiten stond in 2015 bezwaar open. In totaal kwamen 121 bezwaren binnen bij de Onafhankelijke commissie bezwaarschriften, tegenover de aantallen in 2013 en 2014: 174 en 204. In 2015 was de gemeente betrokken bij 39 rechtsgedingen, waarvan er 10 nog niet zijn afgerond. En in 2015 zijn 20 schriftelijke klachten afgehandeld. De Nationale Ombudsman behandelde 3 klachten. Deze klachten zijn tussentijds beëindigd en zonder instelling van een onderzoek afgedaan.
Het verslag (PDF, 79.1 kB) van de Nationale Ombudsman noteert 31 verzoeken, waarvan 3 als klachten zijn behandeld. Bij de overige verzoeken volstond het om de verzoeker te informeren.
De informatie over de bezwaren en klachten is na te lezen in het overzicht van ingekomen bezwaren en klachten (PDF, 58.1 kB), het overzicht van de afgehandelde bezwaren en klachten (PDF, 82.9 kB) en het jaarverslag van de OCB.  

Inkoop- en aanbestedingsbeleid

De inkoop- en aanbestedingsfunctie is via de samenwerking met Bizob (Bureau Inkoop en Aanbestedingen Zuidoost-Brabant) verder geprofessionaliseerd en in afdeling Ruimte geïntegreerd. Het inkoopjaarplan voor 2016 wordt opgesteld en zowel intern als met andere gemeenten afgestemd. De samenwerking met Bizob wordt op het moment geëvalueerd. Regionale inkoopsamenwerking zowel in Noordoost- als Zuidoost-Brabant vergt aandacht en afstemming. Maatschappelijk verantwoord inkopen is voor de gemeente Uden een belangrijk doel naast doelmatigheid en rechtmatigheid. Het meenemen van duurzaamheid en social return speelt een belangrijke rol. Veel uitgevoerde inkooptrajecten, zoals bijv. de  accountantsdienstverlening, de renovaties van diverse sporthallen en de gezamenlijke aanbesteding gas en elektriciteit hebben kwalitatief en prijstechnisch goede resultaten opgeleverd.

Communicatie

Inwoners van de gemeente Uden worden steeds meer betrokken bij beleidsvorming en plannen van de gemeente. De gemeente vindt het belangrijk dat de verschillende doelgroepen invloed hebben op de ontwikkeling en uitvoering van ons beleid. We willen betrokkenheid creëren. De drempel voor inwoners om de gemeente te benaderen, moet zo laag mogelijk zijn. Waar lang het accent heeft gelegen op goed uitleggen van het overheidsbesluit, ligt het accent nu meer op samenspraak en actieve interactie.
De gemeentelijke website wordt goed bezocht en mensen weten hun weg te vinden. We blijven werken aan het verbeteren van de online dienstverlening.

  Bedrijfsvoeringsmonitor

Zichtbaar is dat de opzet, het bestaan en de werking van de meeste processen binnen de gemeente Uden op orde zijn. Het proces subsidies is qua interne beheersing iets verslechterd. Dit betreft met name de achterstand op subsidievaststellingen van professionele instellingen veroorzaakt door andere prioriteitstelling binnen de afdeling. Inmiddels wordt er een inhaalslag uitgevoerd. Er zijn geen bevindingen gedaan ten aanzien van de rechtmatigheid. Het proces belastingen is verbeterd ten opzichte van vorig jaar. Er zijn goede afspraken gemaakt met de BSOB doormiddel van een controleprotocol.

Overall kan worden geconcludeerd dat de accountant voor zijn werkzaamheden kan steunen op de interne beheersing van de gemeente Uden. Dit blijkt ook uit de management letter 2014 die door de huisaccountant is verstrekt.

Kwaliteit van bevoegdheid

De Organisatieregeling en de Mandaatregeling zijn wederom in 2012 geactualiseerd. Het beheer van deze regelingen is centraal georganiseerd. Dit geldt ook voor de dynamische registratie van de ondermandaten, de plaatsvervangers en de functie-/ legitimatiebewijzen.

Kwaliteit van regelgeving

De Udense regelgeving is actueel, compleet en digitaal beschikbaar via www.overheid.nl en www.uden.nl. Ook is de Udense regelgeving de basis voor het jaarlijkse ‘Normen- en toetsingskader’ bij de financiële rechtmatigheid. De regels die het vrije verkeer van diensten zouden kunnen belemmeren, zijn gemeld bij de Europese Commissie.

Rechtzaken

In 2012 was de gemeente betrokken bij meer dan veertig -ook al langer lopende- rechtszaken. De helft hiervan is in 2012 afgedaan. Slechts in een enkel geval constateert de rechter een onrechtmatigheid, welke veelal hangende de gerechtelijke procedure wordt gecorrigeerd zodat de rechtsgevolgen in stand blijven. Met name op het terrein van handhaving en terugvordering is de bereidheid tot procederen te zien.

Financieringsparagraaf

Het doel van deze paragraaf is om de financiële positie van de gemeente op basis van het door de Raad vastgestelde treasurystatuut te evalueren. Daarnaast is de paragraaf een belangrijk instrument voor het transparant maken van de financieringsfunctie. 

De centrale doelstelling van het treasurybeleid is het beheren van de financiële geldstromen en het beperken van de financiële risico’s voor de gemeente. De uitvoering van treasury wordt wettelijk geregeld in de Wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO). Deze wet regelt dat de uitvoering van de treasuryfunctie binnen de gemeente uitsluitend de publieke taak dient en geschiedt binnen de financiële kaders van de kasgeldlimiet en de renterisiconorm.  

Financiële strategie en beleid

Zoals ook te lezen is in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing sturen we voor gezonde gemeentefinanciën op drie belangrijke pijlers. In onderstaand schema is dit weergegeven. Vervolgens is per pijler een toelichting opgenomen.

Dekking/sluitende begroting

De gemeentebegroting staat nog steeds onder druk. Ons uitgangspunt is dat we jaarlijks een structureel sluitende begroting presenteren, waarbij de structurele lasten ook daadwerkelijk gedekt worden door structurele inkomsten.
Om dit te realiseren zijn er de afgelopen jaren diverse bezuinigingen doorgevoerd. Met de bezuinigingen zoals opgenomen in Programmabegroting 2016 meegeteld is in totaal voor bijna € 7,6 miljoen aan structurele bezuinigingen doorgevoerd. Gelukkig lijkt het erop dat het licht economisch herstel zich de komende jaren gaat doorzetten. Deze bevestiging zien we ook in de nieuwe prognoses in het in maart 2016 door het Centraal Planbureau gepubliceerde Centraal Economisch Plan 2016. Dit herstel zal zich voor Uden gaan vertalen in een hogere algemene uitkering, een positieve ontwikkeling van de woningbouw en een toename van de werkgelegenheid. Op basis van de huidige inzichten is een extra bezuinigingsronde voor Programmabegroting 2017 dan ook niet nodig.  

De reservepositie van de gemeente Uden is toegenomen met € 5.167.178 naar € 50.814.380. Voor een uitgebreide specificatie van dit bedrag van € 5,1 miljoen, zie de bijlage staat van reserves en voorzieningen. (PDF, 62.5 kB)De belangrijkste posten die dit saldo veroorzaken zijn, de geraamde onttrekkingen aan de algemene reserve vrij besteedbaar van € 4,3 miljoen en de per saldo toevoegingen aan de Algemene reserve grondbedrijf (€ 7 miljoen) en de reserve sociaal domein (€ 3,7 miljoen). 

Actuele Ontwikkelingen

bbp

(bron: http://www.cbs.nl/nl-NL/menu/themas/macro-economie/publicaties/artikelen/archief/2016/4953-economische-groei-2015-iv.htm )

Zoals uit bovenstaande grafiek blijkt, is de economische situatie in 2015 verder verbeterd. Deze ontwikkelingen hebben vanzelfsprekend zijn weerslag op de financiën van de gemeente Uden. Lees hier meer over in de onderbouwing actuele ontwikkelingen.

Risicomanagement/weerstandscapaciteit

Deze pijler is nader toegelicht in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing.

Financiering/EMU-saldo, Wet hof en schuldpositie

Deze 3e pijler en vooral het actief sturen op deze pijler is vrij nieuw voor onze gemeente. We hebben ‘het sturen op schuld’ als doelstelling opgenomen in het coalitieprogramma ‘Samen voor een vitaal Uden!’. Tevens zijn er prestatie indicatoren opgenomen om de realisatie van deze doelstelling te kunnen monitoren. Vanaf deze programmarekening wordt er verantwoording afgelegd over deze nieuwe indicatoren.

Tijdens de economische crisis van de afgelopen jaren hebben we vooral ingezet op zoveel als mogelijk blijven doen voor onze burgers. Dit uiteraard wel binnen de voor ons geldende richtlijnen en boekhoudvoorschriften (BBV). Extra investeringen worden door ons gefinancierd met langlopende geldleningen. Hierdoor is onze schuldpositie uiteraard wel toegenomen.

Schatkistbankieren en Wet Hof

Het huidige kabinet heeft een regeerakkoord gesloten dat voor gemeenten een aantal (financiële) gevolgen heeft. In dit regeerakkoord zijn o.a. afspraken gemaakt over het verplicht schatkistbankieren en de Wet HOF (Wet Houdbare Overheidsfinanciën). Doel hiervan is het verlagen van de schuld van de Economische Monetaire Unie (EMU). De gemeente Uden voldoet aan de voorwaarden van het schatkistbankieren en de Wet HOF.

De komende jaren verwachten wij, als gevolg van onze financiële positie, geen overtollige middelen te bezitten. De financiële gevolgen van het verplicht schatkistbankieren zijn naar verwachting voor onze gemeente dan ook te verwaarlozen. 

Financiering en rentebeleid

De financieringspositie wordt in meerjarig opzicht bepaald door de uitvoering van de investeringen (onderhanden werken) de financiële activa, de aangetrokken geldleningen en de verwachte opbrengst grondverkoop.

Het kengetal netto schuld als aandeel van de inkomsten zegt het meest over de financiële (vermogens)positie van een gemeente. Dit kengetal wordt wel de netto-schuldquote genoemd. De netto-schuldquote geeft aan of een gemeente investeringsruimte heeft of juist op haar tellen moet passen. Het eigen vermogen in de vorm van reserves zegt daar weinig over. Het eigen vermogen geeft aan in hoeverre het gemeentebezit vrij van schuld is. Dat zegt niets over de hoogte van de schuld waarmee het bezit wel belast is. De norm van de VNG ligt tussen 0 en 100. Boven een netto-schuldquote van 100 is de situatie kritiek. In het coalitieprogramma 'Samen voor een vitaal Uden!' is als streven opgenomen een percentage niet hoger dan 80%. Rekening houdend met bovenstaande argumenten heeft de raad (audit-comité) besloten om met name de financiële kengetallen eerst gedurende een aantal jaren te inventariseren, om later op basis van inzicht daar pas een daadwerkelijk streefgetal aan te verbinden met bijbehorende extra noodzakelijke acties.

De netto-schuldquote is de afgelopen jaren gestegen naar 107% (ultimo 2013). Hierna is de netto-schuldquote gedaald naar 76,4% in 2015. Bij de integrale afweging van middelen is er tot nu toe nog niet voor gekozen om actief op deze indicator te sturen. Wel zijn er stappen gezet om samen met het auditcomité het financieel beleid achter de 3 pijlers te doorgronden. Zoals eerder aangegeven om dan ook op termijn op basis van de verzamelde informatie een realistisch en passend streefgetal te kunnen vaststellen.

Vanwege de nieuwe investeringen geraamd in de programmabegroting 2016, zullen we hoogstwaarschijnlijk een nieuwe geldlening aan moeten trekken van ongeveer € 15 miljoen. Hiermee neemt onze schuldpositie toe en dus ook de schuld-quote. Hier moeten we wel de reguliere aflossingen op de reeds afgesloten langlopende geldleningen bij betrekken. De verwachting is dat de netto-schuldquote in 2016 uit zal komen op 90%.

Voor een nadere onderbouwing van de financieringspositie en het rentebeleid klik hier. 

Renterisico’s

Het renterisico is de mate waarin de lange en korte rente een negatief effect hebben op het resultaat en dus de financiële positie. Voor de toetsing van het renterisico heeft de overheid twee instrumenten gedefinieerd namelijk de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. 

  • De kasgeldlimiet geeft aan hoeveel de gemeente kort mag financieren als percentage van de begroting. De toegestane kasgeldlimiet bedraagt 8,5% van het begrotingstotaal.
  • De renterisiconorm heeft als doel om het renterisico bij herfinanciering te beheersen. De renterisiconorm houdt in, dat de jaarlijkse verplichte aflossingen en de renteherzieningen niet meer mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal bij aanvang van het jaar.

Zoals uit onderstaande grafiek is waar te nemen is de kasgeldlimiet in 2015 niet overschreden. Ook de renterisiconorm is in 2015 niet overschreden. Voor een uitgebreide toelichting klik hier.

Lange en korte financieringsmiddelen

Onderstaand overzicht van financieringsmiddelen geeft weer wat de opgenomen en verstrekte geldleningen van de gemeente Uden zijn.

 
 

opgenomen

(x € 1.000)

verstrekt

(x € 1.000)

Stand per 1 januari 2015 €107.729 € 17.052
Aflossingen in 2015 € -6.741 € -1.671
Opgenomen/uitgezet € 0 € 0
Stand per 31 december 2015 € 100.988 € 15.381

In 2015 is er geen nieuwe lening afgesloten. Naast de “rekening courant”, “kasgeldleningen” en de “rekening Schatkistbankieren” kent de gemeente geen korte leningenportefeuille.

Renteresultaat 2015

De omvang van het renteresultaat wordt nu vooral beïnvloed door het gekozen omslagpercentage (4,0% in 2015) ten opzichte van de werkelijke kosten van aantrekken van geld (zowel het eigen als het vreemde vermogen) en de geschatte saldi per 1 januari. In totaal levert dit een incidenteel nadeel op van € 65.000. Dit wordt vooral veroorzaakt doordat er minder rente aan activa kan worden toegerekend dan verwacht. Dit leidt tot een nadeel in de renteparagraaf, maar komt als voordeel (vrijval kapitaallasten) terug op de diverse bestuurlijke producten. Zie hiervoor ook de analyse op programma 5 Dienstbare en betrouwbare overheid (link analyse op hoofdlijnen toevoegen)

Ontwikkelingen BBV

Ruim tien jaar na het tot stand komen van het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten) is de tijd nu rijp tot redelijk drastische aanpassingen van deze BBV. Eén van deze aanpassingen betreffen het toerekenen van rente. Meer hierover leest u bij financiering en rentebeleid.

Renteontwikkeling en -beleid

Renteontwikkeling

Voor de rentevisie in de programmarekening is aangesloten bij de prognoses van de Nederlandse banken. Let wel, onderstaande prognose is een momentopname. Gezien de snelheid van de ontwikkelingen op de financiële markt is het goed mogelijk dat ten tijde van behandeling van de programmarekening in de raadsvergadering de economische situatie weer gewijzigd is.

  • De korte rente: De kortlopende rente (Euribor) is op dit moment nog steeds zeer laag (0,05%). De kortlopende rente is het afgelopen jaar zelfs gedaald ten opzichte van 2013. Deze rente is in 2014 zelfs enige tijd negatief geweest, vanwege maatregelen door de Europese Centrale Bank. De ECB hoopt met deze maatregel de economie verder te stimuleren, doordat consumenten en bedrijven door de renteverlaging goedkoper kunnen lenen. Banken verwachten dat de kortlopende rente voorlopig ongeveer gelijk zal blijven. 
  • De lange rente: Evenals de korte rente, is ook de rente van de langlopende leningen gedaald vanwege de maatregel van de ECB. De verwachting van de Nederlandse banken is dat de rente voorlopig rond 1,25% zal blijven. 

Rentebeleid

De financiering van de gemeentelijke activa vindt plaats met interne middelen (reserves en voorzieningen) en met extern aangetrokken geldleningen. De rentelasten van de financieringsmiddelen worden intern doorbelast aan de gemeentelijke onderdelen door middel van de omslagrente. Deze rente bedraagt in 2014 4,0%, (in 2013: 4,5%). 

Jaarlijks wordt beoordeeld of tot aanpassing van de omslagrente over gegaan dient te worden. Naar aanleiding van deze beoordeling is middels begrotingsnotitie/programmabegroting 2015 besloten om het omslagpercentage in 2015 te handhaven op 4,0%.

De werkelijke gemiddelde rentelast over 2014 bedroeg 4,05% 

Actuele ontwikkelingen

In maart 2016 heeft het Centraal Planbureau het Centraal Economisch Plan 2016 gepubliceerd met hierin haar verwachtingen.
De prognoses in dit Centraal Economisch Plan worden door het Kabinet betrokken bij de voorbereiding van de Rijksbegroting. 

De verwachting van het Centraal Planbureau is dat de Nederlandse economie zich gestaag maar niet uitbundig herstelt van de Grote Recessie en de eurocrisis, met een groei van 1,8% dit jaar en 2,0% volgend jaar. Onderliggend is de groei in beide jaren vergelijkbaar: de lagere gasproductie drukt de groei dit jaar met 0,2%. In beide jaren dragen alle bestedingscategorieën bij aan de groei. De consumptie groeit door een toename van het reëel beschikbaar inkomen, hogere werkgelegenheid, en de doorwerking van het 5 miljard‐pakket. In beide jaren gaat de productiegroei gepaard met een toename van de werkgelegenheid die gedreven wordt door de groei van de marktsector. Het arbeidsaanbod neemt eveneens toe, maar wat minder dan de werkgelegenheid. Per saldo resulteert een daling van de werkloosheid naar 6,3% in 2017.

De koopkracht neemt in 2016 toe met 2,3% door de lage inflatie, de daardoor forse stijging van de reële lonen en de lastenverlichting in het 5 miljard‐pakket. De koopkracht van werkenden stijgt relatief sterk. Volgend jaar verbetert de koopkracht van het mediane huishouden met 0,2%. Het 5 miljard‐pakket valt weg als impuls voor de koopkracht en de reële loonstijging is kleiner dan dit jaar door de toenemende inflatie.

Als gevolg van aanhoudend gematigd economisch herstel daalt het overheidstekort van 1,9% bbp vorig jaar tot 1,7% bbp in 2016 en 1,2% bbp in 2017. Ruim onder het afgesproken EMU-saldo van maximaal 3%. Het aanhoudende herstel van de economie en de daling van de werkloosheid zorgen voor lagere uitgaven aan werkloosheidsuitkeringen.

Lagere gasbaten, zowel door lagere productie als door de lagere prijs, dempen de tekortvermindering. Het structurele overheidstekort verbetert in 2017 met 0,4% bbp. De begrotingsopdracht op basis van de Europees overeengekomen begrotingsregels komt voor 2017 naar verwachting op een vereiste verbetering van 0,6% bbp. De gecorrigeerde collectieve uitgaven overschrijden de maximale groei op basis van de Europese begrotingsregels.

Bron  CEP'2016

Onderbouwing renterisico's

Kasgeldlimiet

Zoals berekend en opgenomen in programmabegroting 2015 bedraagt de kasgeldlimiet in 2015 € 10.433.000. Volgens de Wet Fido mag de kasgeldlimiet gedurende maximaal drie achtereenvolgende kwartalen worden overschreden. In 2015 is de kasgeldlimiet gedurende 18 dagen overschreden. Dit past binnen de normen van de wet.
Op basis van een meerjarige berekening van de financieringstekorten/-overschotten verwachting we dat er in 2016 een langlopende geldlening afgesloten moet worden van € 15 miljoen. 

Renterisiconorm

In onderstaand ovezicht wordt de renterisiconorm en het renterisico uiteengezet.

Renterisiconorm (bedragen x € 1.000) 2012 2013 2014 2015
 
1. Stand van het begrotingstotaal 115.104 109.862 106.330 116.416
2. Renterisiconorm (20% van 1.) 23.021 21.972 21.266 23.283
3. Renterisico op de vaste schuld * 6.738 6.317 6.652 6.741
4. Ruimte onder de renterisiconorm 16.283 15.655 14.614 16.542

* Renterisico op de vaste schuld is de som van de renteherzieningen en aflossingen op langlopende opgenomen geldleningen (PDF, 48.6 kB). In 2015 zijn er geen renteherzieningen geweest, waardoor het renterisico volledig bestaat uit de aflossingen 2015.

Zoals uit bovenstaand overzicht blijkt is de renterisiconorm in 2015 niet overschreden. 

Schatkistbankieren en Wet Hof

Schatkistbankieren

Het kabinet wil dat gemeenten hun overtollige middelen niet meer overal kunnen stallen. Hiervoor is per 15 december 2013 de Wet Schatkistbankieren van kracht geworden. Deze wet verplicht alle decentrale overheden om hun overtollige (liquide) middelen, boven een bepaald drempelbedrag, aan te houden in de schatkist. Het woord ‘overtollig’ verwijst naar alle middelen die decentrale overheden niet onmiddellijk nodig hebben voor de publieke taak. Een decentrale overheid behoudt, op basis van de wet Fido, de mogelijkheid om leningen te verstrekken en uitzettingen te verrichten uit hoofde van de publieke taak. Deelname aan schatkistbankieren verandert daar niets aan. 

Zoals in onderstaand overzicht is waar te nemen is in 2015 het drempelbedrag niet overschreden. Derhalve is voldaan aan het schatkistbankieren. 

Wet Hof

In de wet staat dat gemeenten een gelijkwaardige bijdrage moeten leveren aan het terugdringen van het EMU-tekort. Het Rijk koerst op grond van Europese afspraken richting een EMU-tekort van 0 tot +/-0,5 %. Op de langere termijn houdt het kabinet vast aan het terugdringen van het begrotingstekort tot 0,2% van het bruto binnenlands product. Maar de termijn waarbinnen deze norm bereikt moet zijn, is verlengd en dit betekent dat het investeringsvolume in de jaren 2014 en 2015 op het huidige niveau kan blijven en vanaf 2016 wordt afgebouwd. Verder voorziet de wet HOF in een sanctie voor die gemeenten die niet voldoen aan de norm maar daarover is afgesproken dat gedurende deze kabinetsperiode geen sancties worden opgelegd. In de programmabegroting 2016  is het verwachte EMU-saldo meerjarig in beeld gebracht. Een aantal componenten uit deze berekening zijn moeilijk te voorspellen zoals bijvoorbeeld grond aan- en verkopen. Dit wordt veroorzaakt door de economische ontwikkelingen en het doorlopen van bijvoorbeeld planprocedures. Het werkelijke EMU-saldo 2015 van de gemeente Uden is - € 4,5 miljoen. Hiermee blijven we onder de norm van - € 5,5 miljoen.

Grondbeleid

Grondbeleid van een gemeente is een instrument om ruimtelijke doelstellingen te bereiken. Die doelstellingen liggen op het terrein van volkshuisvesting, ruimtelijke ordening, economische ontwikkeling, openbare ruimte, infrastructuur, recreatie en natuur. De gemeente geeft in deze paragraaf een overzicht van lopende, af te ronden en toekomstige projecten. Tevens wordt aangegeven de vorm waarin zij worden uitgevoerd, de financiële consequenties van de projecten, de prioritering  en de manier van control en beheersing. Ook de kaders van het grondbeleid zijn in deze paragraaf opgenomen. 

Beleid

In de raadsvergadering van 21 december 2006 is de nota Grondig Uden en Veghel (PDF, 387.6 kB)(2006) vastgesteld. Hierin staan de algemene uitgangspunten en doelstellingen voor het grondbeleid, alsmede de kaders voor de uitvoering van het grondbeleid. Op 11 februari 2010 is hierop vanwege de invoering van de grondexploitatiewet per 1 juli 2008 en de Interimstructuurvisie Uden ( ISVU ) 2009-2015 een aanvulling (PDF, 251.5 kB)vastgesteld. Op 17 december 2015 is door de Raad de omgevingsvisie vastgesteld. Dit is een herziening van de oude structuurvisie in de stijl van de nog in te voeren Omgevingswet. 

De gemeente Uden voert thans geen actief grondbeleid meer. Dit is besloten bij de vaststelling van het Actieplan gebiedsontwikkeling in september 2011. De gemeente hanteert een marktconform grondprijsbeleid en kostenverhaal bij particuliere initiatieven vindt bij voorkeur plaats via te sluiten privaatrechtelijke overeenkomsten. In de loop van 2016 zal in navolging van de nieuwe omgevingsvisie ook een herziening van de Nota grondbeleid plaatsvinden.

Verantwoording

Vanwege de verminderde afzet van woningbouwgrond en bedrijfsterreinen heeft Uden, zoals vele gemeenten, de winstprognoses naar beneden bijgesteld en voorzieningen getroffen ter afdekking van verliesgevende grondexploitaties. Op de nieuwe marktsituatie is ingespeeld met o.a. temporisering in de uitgifte-prognoses en het Actieplan Gebiedsontwikkeling van 2011. Dit plan bevat maatregelen die bijdragen aan het financieel gezond houden van het grondbedrijf en het zoveel mogelijk beperken en beheersen van de risico’s. Deze risico’s staan vermeld in de paragraaf risico-beheersing en weerstandsvermogen. De forse taakstelling van 35.000m2 uit te geven woningbouwgrond voor 2015 is nagenoeg geheel gerealiseerd. De prognose voor bedrijfsterreinen was 16.000m2 uit te geven, in werkelijkheid is ruim 22.000m2 uitgegeven.  

Voorzieningen

Alle voorzieningen en reserves van het grondbedrijf worden jaarlijks opnieuw gewogen en beoordeeld. In de jaarrekening 2015 valt een deel van de voorziening voor gecalculeerde te verwachten exploitatienadelen vrij, dit komt hoofdzakelijk  door het verlagen van het rentepercentage van 4% naar 3,5% en actualisering van de nog te maken kosten. Totaal betreft dit een bedrag van € 2.164.352. Dit bedrag komt ten gunste van de ABR van het grondbedrijf.  De totale stand van deze voorziening is per ultimo 2015 € 15.736.679.

De voorziening herwaardering (Nr 8308), bedoeld voor de niet in exploitatie genomen gronden, is enerzijds verhoogd met circia € 371.000 door een toetsing van de boekwaarde van de betreffende gronden / opstallen per eind 2015 aan de actuele marktwaarde waardoor het saldo nu per eind 2015 circa € 7.615.000 bedraagt. 

In 2015 is er een tussentijdse winstneming geweest ter grootte van de gebruikelijke stortingen in de bestemmingsreserves. Dit betreft een bedrag van € 981.800. Daarnaast heeft er een extra tussentijdse winstneming plaatsgevonden van € 5000.000 bij de complexen bedrijfsterrein Goorkens (€ 700.000), Hoenderbos/Velmolen (€ 500.000) en Velmolen Oost (€ 3.800.000). Dit bedrag van € 5.000.000 is gestort in de Algemene Bedrijfsreserve (ABR) van het grondbedrijf. De winstnemingen passen binnen het gemeentelijke beleid voor tussentijdse winstnemingen.      

De stand van de Algemene Bedrijfsreserve (ABR) (nr 8301) van het grondbedrijf bedraagt ultimo 2015 circa € 10 mln. Deze reserve is onderdeel van de totale weerstandscapaciteit van de gemeente Uden.

Het geïnvesteerde vermogen (PDF, 33.8 kB)in het grondbedrijf bedraagt ultimo 2015 € 74,0 miljoen. Hiervan is een groot deel afgedekt door de voorzieningen herwaardering en de voorziening exploitatienadelen. Het netto geïnvesteerde vermogen bedraagt € 50,6 miljoen.

Onderstaande tabel toont het verloop van de (bruto) grondvoorraad sinds 2012 in €. De boekwaarde van de ‘in exploitatie genomen gronden’ is in 2015 afgenomen door hogere verkoopopbrengsten dan gemaakte kosten, zoals kosten bouw- en woonrijp maken en plankosten.

Klik hier voor het overzicht complexen in exploitatie, complexen nog niet exploitatie en overige complexen.

Specificatie voorraden excl VZ herwaardering en VZ exploitatienadelen (bedragen in €)

Vooruitblik

Via het jaarlijkse MeerJarenPerspectief (MJP) voor het grondbedrijf bewaken we de ontwikkelingen binnen het grondbedrijf. Uitgangspunten voor het MJP 2016 zijn:

  • Voortzetting van het in 2015 ingetreden herstel van de woningmarkt gebaseerd op de laatste concrete Udense bouwplannen en de vooruitzichten van het Economisch Instituut Bouwnijverheid. Met daarnaast de stabilisering binnen de markt voor bedrijventerreinen.
  • Verdere differentiatie van grondprijzen woningbouw naar o.a. type woning met behoud raadsmandaat tot 25% marge op de gemiddelde grondprijs in het betreffende plangebied. 
  • Per 1-1-2016 wordt vennootschapsbelasting ingevoerd voor ondernemersactiviteiten van de gemeente. De grondexploitatie wordt in deze wet op onderdelen als een ondernemingsactiviteit gezien. De consequenties hiervan worden in 2016 uitgewerkt.
  • Er is verder aangesloten bij de woningbouwprognose en de uitgifteprognose bedrijventerreinen zoals besproken op de thema-avond met de Raad op 28 januari jl. 

Zoals op de thema-avond met de Raad op 28 januari jl. gecommuniceerd, is de integrale winstverwachting positief beïnvloed door de wat snellere uitgifte van woningbouwterreinen, op onderdelen lagere kosten (met name bouwrijpmaken) en verlaging van de rentekosten met 0,5%. Voor winstneming 2015 is de het integrale saldo (op basis van NCW) verbeterd met € 2,5 mln.

De huidige winstgevende grexen bedragen € 25 mln (voor winstneming 2015) en de resterende verliesgevende grexen € 15,7 mln.  Dit leidt tot een positief integraal saldo van € 9,2 mln. Hierbij kan worden opgemerkt dat voor de verliesgevende grexen reeds voorzieningen zijn getroffen.

Ontwikkeling winstprognoses

De ontwikkeling van de winstprognoses van het grondbedrijf zijn zichtbaar in onderstaand overzicht.

Het geactualiseerde MJP wordt behandeld in dezelfde raadsvergadering als de jaarrekening (juli 2016).  In het najaar vindt een tussentijdse monitoring plaats.

Plankosten

Toerekening plankosten aan het grondbdrijf en externe plankosten

In de diverse grondexploitaties wordt bij aanvang een genormeerd bedrag opgenomen voor plankosten. Deze eerder vastgestelde normering bedraagt 25% van de gecalculeerde kosten voor het bouw- en woonrijp maken met een minimum van ca. € 6.200 ( prijspeil 2013 ) per woning of equivalent daarvan. De bewaking van de plankosten dient vooral plaats te vinden op complexniveau. Bij iedere herziening van de exploitatie voor een bepaald complex vindt opnieuw toetsing plaats aan de vastgestelde normering.

Door de ontstane marktsituatie zijn herontwikkelingen en maatwerk nodig en kost het extra inspanningen om woningbouw- en bedrijfskavels te verkopen. Dit brengt extra plankosten met zich mee waardoor de genormeerde plankosten (veelal) niet meer toereikend zijn. De werkelijke kosten komen daarom boven deze norm uit en bedragen in de praktijk vaak 35% of nog meer. Bijraming geschiedt op maat en afgestemd op de betreffende exploitatie. Dit is of wordt dan bij de betreffende herziening nader aangegeven.

De plankosten bedroegen in 2015 voor de complexen waarvan de grondexploitatie door de gemeente gevoerd wordt in totaal circa € 1,139 mln. Hiervan was circa € 872.000 eigen apparaatskosten en circa € 267.000 kosten van derden. Voor de projecten die vanuit particuliere initiatieven zijn ontstaan bedroegen de gemeentelijke planbegeleidingskosten in 2015 circa € 121.000. Totaal is in 2015 voor lopende initiatieven circa € 50.000 daadwerkelijk gefactureerd. Het declareren van gemaakte plankosten loopt volgens afspraken gemaakt in overeenkomsten, dit kan qua moment afwijken met de in enig jaar gemaakte kosten. Hierdoor zullen er het ene jaar meer kosten gemaakt worden dan gedeclareerd worden en het andere jaar andersom.  Er echter kan niet meer gedeclareerd worden dan is overeengekomen.
 

Complexen in exploitatie

Het betreft exploitaties waarvoor een op uitvoering gebaseerde exploitatieopzet is vastgesteld. In deze complexen is per 31 december 2015 totaal een bedrag geïnvesteerd van circa € 41,5 mln.

Er is in 2015 bij deze complexen in totaal voor ca. € 12,7 mln aan gronden verkocht en voor ca. € 4 mln uitgegeven aan productiekosten. Dit betreft verwerving, sloopkosten, saneringskosten, bouw- en woonrijpkosten, loon - advieskosten en rentekosten. Het totaal binnen deze comlexen geplande nog te realiseren verkopen na 31 december 2015 tot eind 2032 bedragen ca. € 82,6 mln.

Hieronder volgt een toelichting per exploitatie. Het eindsaldo is berekend op basis van netto contante waarde (NCW) per 31-12-2015.         

V = voordelig; N = nadelig

Hoenderbos/Velmolen

Verwacht einde exploitatie 2021  
Verwacht eindsaldo (NCW) € 1,9 mln V
Reeds tussentijds genomen winst € 15 mln  

Toelichting:

Dit exploitatiegebied is gelegen in het midden van het uitleggebied Uden-Zuid.
Inmiddels is globaal 90% van het plangebied uitgegeven. In 2015 zijn 2 percelen in dit plangebied verkocht. 
Het aantal geplande nog te verkopen m2 grond voor woningbouw tot eind 2020 bedraagt nog circa. 12.000 m2. Dit betreft het restant in Hoenderbos III ( nog circa 1.500 m2 ) en het middengebied Velmolen III. ( nog circaa. 10.500 m2 ). Alle gronden zijn in eigendom van de gemeente.

Voor het middengebied Velmolen III is in 2015 de grond ten behoeve van de supermarkt uitgegeven waarna deze in aanbouw is genomen. De supermarkt opent naar verwachting medio 2016. De geplande woningbouw aan weerszijden van de supermarkt is inmiddels in voorbereiding. Vanwege de verkoop van grond voor de supermarkt hebben we in 2015 een tussentijdse winstneming kunnen doen van € 0,5 mln.
 

Nieuw Hoenderbos

Verwacht einde exploitatie 2025  
Verwacht eindsaldo (NCW) circa € 0,6 mln N

Toelichting:

Dit plangebied is gelegen ten Zuidwesten van het plangebied Hoenderbos III en voorziet in de bouw van ongeveer 150 woningen op  37.000 m2 uit te geven bouwterrein. Het bestemmingsplan is medio 2012 door de Raad vastgesteld en medio 2013 grotendeels onherroepelijk geworden. Het plangedeelte met een wijzigingsbevoegdheid is door een besluit van de Raad van State niet onherroepelijk geworden.
Begin 2013 is besloten om de eerste uitgiften vanwege de situatie op de woningmarkt op te schuiven en voorrang te verlenen aan uitgiften in het plangebied Velmolen-Oost. De eerste uitgiften in het Noordelijk gedeelte van dit plangebied staan nu gepland voor 2017. Voor het gecalculeerde nadelige saldo is een voorziening getroffen.

Velmolen Oost

Verwacht einde exploitatie 2021  
Verwacht eindsaldo (NCW) circa € 5 mln V
Reeds tussentijds genomen winst € 3,8 mln  

Toelichting:

Voor dit gebied aan de oostelijke zijde van Uden-Zuid is in juni 2007 door de Raad een bestemmingsplan vastgesteld. Realisatie geschiedt door vaststelling van uitwerkingsplannen. Het totale plan voorziet in de bouw van ongeveer 700 woningen in verschillende prijsklassen.
Daarnaast is inmiddels aan de oostzijde de bouw van een school gerealiseerd. De gemeente heeft in dit gebied de gronden volledig verworven. In 2015 is in dit plangebied circa 23.000 m2 bouwgrond verkocht.
Inmiddels is ruim 70% van de geplande 700 woningen gerealiseerd. Er is nog ongeveer 50.000 m2 bouwterrein voor ongeveer 205 woningen te verkopen. Bij de verdere realisering van ons woningbouwprogramma heeft vooral de afronding van fase 1 en 2 in dit plangebied hoge prioriteit. Fase 3 is in 2015 in voorbereiding genomen. Het bestemmingsplan hiervoor zal in 2016 aan de raad ter vaststelling worden voorgelegd. Door prioriteit in de uitgifte voor dit plangebied is de exploitatieperiode verkort met 5 jaar. Vanwege de versnelde uitgifte hebben we in 2015 een tussentijdse winstneming kunnen doen van € 3,8 mln.

Volkel West fase II

Verwacht einde exploitatie 2017  
Verwacht eindsaldo (NCW) circa € 300.000 V

Toelichting:

Eind 2013 is bebouwing van dit gemeentelijk perceel in voorbereiding genomen. In 2014 is na sluiting van een intentieovereenkomst een hierbij passend bestemmingsplan opgesteld dat in april 2015 is vastgesteld. Het plan omvat ca. 20 woningen. De eerste uitgifte heeft inmiddels plaatsgevonden en het restant zal waarschijnlijk in 2016 uitgegeven worden. De bijbehorende grondexploitatie sluit met een positief saldo. 

Locatie Maatsestraat (voorheen LTS)

Verwacht einde exploitaie 2018  
Verwacht eindsaldo (NCW) circa € 1,6 mln N

Toelichting:

Medio 2013 is overeenstemming bereikt over een aangepast bestemmingsplan dat voorziet in de marktbehoefte van grondgebonden woningen. Dit is vastgelegd in een realisatieovereenkomst. Het bestemmingsplan hiervoor is in 2015 onherroepelijk geworden waarna de 1e fase is uitgegeven. De 2e en 3e fase zullen waarschijnlijk beide in 2016 plaatsvinden. Op basis van de gesloten overeenkomst sluit de grondexploitatie met een nadelig saldo van ca € 1,6 mln. Hiervoor is de eerder getroffen voorziening toereikend. 

Locatie Schepersweg

Verwacht einde exploitatie 2019  
Verwacht eindsaldo (NCW) circa € 92.000 N

Toelichting:

Voor deze locatie is in april 2013 een bestemmingsplan vastgesteld dat medio 2013 onherroepelijk is geworden.
Het plan voorziet in de bouw van 17 woningen, waarvan 5 op gemeentelijk terrein. In 2013 zijn de 5 gemeentelijke kavels in de verkoop gegaan en is het gebied bouwrijp gemaakt. Hierbij zijn in het zuidelijk plangedeelte archeologische vondsten gedaan. Vanwege o.a. het belang van deze vondsten voor de lokale geschiedenis is besloten deze vondsten te laten opgraven. De hieraan verbonden kosten komen ten laste van deze grondexploitatie en worden daarbinnen opgevangen door o.a. de gebruikelijke stortingen in de bestemmingsreserves te laten vervallen. Deze extra kosten alsmede de grondprijsaanpassingen zijn verwerkt in de geactualiseerde grondexploitatie die nu gecalculeerd verlies geeft van ca € 92.000. Hierop is de voorziening aangepast. In 2015 is de eerste gemeentelijke kavel verkocht.

Spechtelaan 2e fase Odiliapeel

Verwacht einde exploitatie 2024  
Verwacht eindsaldo (NCW) circa € 162.000 V

Toelichting:

Voor dit plangebied geldt een onherroepelijk bestemmingsplan dat voorziet in de bouw van ca. 50 woningen verdeeld over 2 fasen. De 1e fase bevat 24 woningen en is medio 2012 bouwrijp gemaakt. De uitgifte van bouwkavels in de 1e fase is nadien gestart maar stagneerde. Begin 2014 is gestart met een heroriëntatie op de daadwerkelijke vraag en is ook de grondprijs naar beneden bijgesteld. Dit heeft geleid tot daadwerkelijk nieuwe verkopen. Een verdere herverkaveling om nog beter aan de vraag te kunnen voldoen is in 2015 ter hand genomen. In 2015 zijn 7 kavels verkocht. Bij de laatste actualisatie van de grondexploitatie is gebleken dat de gebruikelijke stortingen in de bestemmingsreserves geheel moesten vervallen om een negatief saldo te voorkomen. Het saldo zonder deze storting bedraagt nu € 162.000. 

Uden Noord I

Verwacht einde exploitatie 2025  
Verwacht eindsaldo circa 7,7 mln

Toelichting:

Het plangebied Uden-Noord I maakt onderdeel uit van het Masterplan Uden-Noord dat medio 2012 door de raad is vastgesteld.
In dit gebied ten oosten van de Nistelrodeseweg is de nieuwbouw van ziekenhuis Bernhoven gerealiseerd. Daarnaast zijn in het plangebied de bouw van ruim 100 woningen op ruim 60.000 m2 bouwterrein voorzien en ca 11.000 m2 bvo maatschappelijke dienstverlening. Aan de Slabroekseweg zijn inmiddels 4 grote kavels uitgegeven.
Voor het hele plangebied is een onherroepelijk bestemmingsplan van kracht dat voor de plandelen buiten het ziekenhuisterrein nog wel in fases uitgewerkt wordt. Het 1e uitwerkingsplan voor de woningbouw (kamer 1) is begin 2014 vastgesteld en bouwrijp gemaakt.  Hierna is de verkoop gestart, het eerste kavel is eind 2015 verkocht. Begin 2016 zijn voor dit plangebied de prijzen opnieuw marktconform bijgesteld. Op basis van deze grondprijzen en een actualisatie van de verwachte kosten waaronder de renteverlaging is het nieuwe saldo € 7,7 mln negatief, het tekort is verminderd met € 1,2 mln ten opzichte van 2015. De voorziening is hierop aangepast.

Uden Noord II

Verwacht einde exploitatie 2018  
Verwacht eindsaldo (NCW) circa € 530.000 N

Toelichting:

Het plangebied Uden-Noord II maakt eveneens onderdeel uit van het Masterplan Uden-Noord dat medio 2012 door de raad is vastgesteld. In dit gebied ten westen van de Nistelrodeseweg is veel bestaande bedrijvigheid aanwezig. In het vastgestelde ‘Masterplan Uden-Noord’ is aangegeven welke nieuwe functies (eventueel) in dit gebied kunnen worden gerealiseerd / toegevoegd. De gemeente heeft besloten zelf maar beperkt actief als exploitant in dit gebied op te treden en heeft alleen aan de zuidelijke rand gronden in eigendom. In dit plangedeelte is inmiddels een hotel gerealiseerd.

Voor de locatie van ca 6.000m2 ten oosten van het hotel is een realisatieovereenkomst gesloten voor een zorgcomplex en is daarvoor een ontwerpbestemmingsplan opgesteld dat naar verwachting medio 2016 ter vaststelling aan de raad zal worden aangeboden. Voor de snelweglocatie ten westen van het hotel is inmiddels een overeenkomst gesloten voor de realisatie van een foodcourt. Voor de realisatie hiervan is een bestemmingsplan in voorbereiding dat medio 2016 in procedure gaat. Door hogere verwervings- en plankosten is de exploitatie verliesgevend geworden. Voor dit tekort is een voorziening getroffen.

Locatie Runmolen

Verwachte einde exploitatie 2020  
Verwachte eindsaldo (NCW) circa € 680.000 V

Toelichting:

Op deze locatie is destijds een tuincentrum gevestigd, waarvan de ondergrond door de gemeente in erfpacht is uitgegeven. Met een plaatselijke ontwikkelaar is medio 2012 overeenstemming bereikt om op deze locatie in combinatie met zijn aangrenzende perceel met daarop thans nog een autogarage, gefaseerd woningen te realiseren. Totaal gaat het om 49 patiowoningen verdeeld in 37 huur- en 12 koopwoningen. In de gemeentelijke grondexploitatie zitten 39 van de 49 woningen. De overige 10 woningen komen op het particuliere plangedeelte. De gesloten overeenkomst gaat uit van een gefaseerde realisatie. De aanvang van de realisatie is in eerste instantie vertraagd door de ontstane situatie op de woningmarkt. Nadien is met de ontwikkelaar begin 2015 overeengekomen om op deze locatie tijdelijke schoolnoodlokalen te vestigen. Hierdoor is de uitgifte verder opgeschoven en staat de eerste fase nu gepland voor 2017.

Locatie oude Maasstraat 18

Verwachte einde exploitatie 2016  
Verwachte eindsaldo (NCW) circa € 217.000 V

Toelichting:

Het bestaande pand dat in eigendom van de gemeente is, was in principe verkocht aan Area, die het vervolgens zou slopen met de bedoeling om op de vrijkomende locatie 12 zorgappartementen te bouwen. Hierover is in 2012 met Area een realisatieovereenkomst gesloten. Het bestemmingsplan hiervoor is in april 2013 onherroepelijk geworden. Op verzoek van Area is medio 2014 de overeenkomst – met een schadeloosstelling aan de gemeente - ontbonden omdat het project voor Area financieel niet meer haalbaar bleek. Vervolgens is inmiddels overeenstemming bereikt met 2 particulieren voor het bouwen van 2 patiowoningen op deze locatie. De bouw zal in 2016 plaatsvinden. 
 

Bedrijfsterrein Goorkens

Verwachte einde exploitatie 2023  
Verwachte eindsaldo (NCW) circa € 3,9 mln V
Reeds tussentijds genomen winst € 1 mln  

Toelichting:

In dit plangebied is nog ca. 4,0 ha voor verkoop beschikbaar. Bij de vaststelling van het MJP 2015 hebben we de prognose voor de totale jaarlijkse uitgifte van bedrijfsterreinen bepaald op 1,6 ha per jaar. Dit wordt voor MJP 2016 gehandhaafd. In combinatie met de nog beschikbare bedrijfskavels op Hoogveld is daarmee de verwachte einddatum van de exploitatie in 2023 komen te liggen. In 2015 is 6.891 m2 verkocht en daadwerkelijk geleverd. Hierdoor hebben we in 2015 een tussentijdse winstneming kunnen doen van € 0,7 mln.  
 

Bedrijfsterrein Hoogveld

Verwachte einde exploitatie 2032  
Verwachte eindsaldo (NCW) circa € 8,0 mln V

Toelichting:

Op dit bedrijfsterrein ten oosten van Goorkens is nog ca. 14,5 ha voor verkoop beschikbaar. Bij de grondprijstaxatie van 2016 is gebleken dat de gemiddelde opbrengst voor grotere percelen naar beneden bijgesteld diende te worden. Hierdoor is in dit plangebied de gemiddelde opbrengst van € 140 p/m2 verlaagt naar € 135 p/m2. Op basis van de actuele uitgifteprognose voor bedrijfsterreinen van totaal ca. 1,6 ha per jaar loopt deze exploitatie nog door tot eind 2032. In 2015 is in dit gebied 15.614 m2 daadwerkelijk verkocht en geleverd. 
 

Herstructurering Loopkant-Liessent

Verwachte einde exploitatie 2017  
Verwachte eindsaldo circa € 3,1 mln N

Toelichting:

Voor dit plangebied is met de Stichting Beheer Bedrijfsterreinen Uden (SBBU) en de Brabantse Ontwikkelingsmij (BOM) in 2008 een herstructureringsproject opgezet.
De belanghebbende ondernemers zijn via informatie- en meedenkavonden bij deze herstructurering betrokken. De BOM heeft een bijdrage van ca €1,5 mln voor de herstructurering verstrekt welke is geregeld in een met de BOM in januari 2010 gesloten participatieovereenkomst. Deze overeenkomst liep tot eind 2015 en is in december jl. in overleg met de BOM beëindigd. Aan de bijdrage van de BOM is de voorwaarde verbonden dat ook de gemeente substantieel bijdraagt in de herstructureringsopgave. Zoals uit de grondexploitatie blijkt is de bijdrage van de gemeente inmiddels ca. € 3,1 mln op basis van NCW. De gemeentelijke bijdrage wordt voor zover mogelijk, gedekt uit de bestemmingsreserve Revitalisering bedrijfsterreinen. Omdat deze reserve nu niet toereikend is, is voor het tekort een afzonderlijke voorziening getroffen. In 2015 is één perceel van ca 2.000 m2 in erfpacht uitgegeven. Op dit moment verwachten we dat de 2 nog resterende percelen op zijn vroegst in 2017 zullen zijn uitgegeven waardoor we de exploitatieperiode nu met een jaar hebben verlengd tot eind 2017.

Compexen die nog niet in exploitatie zijn genomen

Het onderscheid tussen deze complexen en de complexen onder ‘In exploitatie genomen’ bestaat formeel uit het feit dat voor deze complexen nog geen, op een concrete verkavelingsschets gebaseerde, exploitatieopzet is vastgesteld. Een eventuele exploitatieopzet is gedeeltelijk gebaseerd op normen en kengetallen.In deze complexen is per 31-12-2015 een bedrag geïnvesteerd van circa € 20,1 mln.
 

Hieronder volgt een toelichting per beoogd exploitatiegebied.

V= Voordeel; N= nadeel
 

Eikenheuvel

Verwachte start van de uitgifte 2022  
Verwachte einde exploitatie 2026  
Verwacht eindsaldo (NCW) circa € 400.000 N

Toelichting:

Op basis van de huidige woningmarktsituatie en de gekozen uitgangspunten in het MJP 2016 komt dit plangebied naar verwachting in 2022 aan snee. Conform het vastgestelde Actieplan gebiedsontwikkeling wordt in dit plangebied vooralsnog geen grond meer bijgekocht. Voor het grondbezit van ongeveer 142.000 m2 is een globale exploitatieopzet gemaakt die uitgaat van gronduitgifte vanaf 2022. Hierbij gaat het dan om circa 50.000 m2 voor ca. 70 woningen (afhankelijk van de uiteindelijke kavelgrootte). Het gecalculeerde nadelig saldo wordt afgedekt door een voorziening.
 

Locatie voormalig steunpunt/ kwekerij aan de Hoevenseweg

Boekwaarde per 31-12-2015 circa € 48.000

Verwachte start van de uitgifte: nog in planning 'Uden bouwt' te passen.

Toelichting:

Uit een oogpunt van efficiënte bedrijfsvoering is in 2011 besloten om het gemeentelijk steunpunt met bijbehorende kwekerij te ontmantelen. Hierdoor is deze locatie van circa 16.500 m2 vrijgekomen voor een andere bestemming en is de toen resterende boekwaarde overgebracht naar het grondbedrijf. Begin 2013 is besloten om vooralsnog het merendeel van deze locatie te benutten voor met name stadslandbouw (De Hof van de Toekomst). Ongeveer 2.000 m2 ligt in een directe bebouwingstrook. Gelet op de potentie van deze bebouwingsstrook moet de boekwaarde, inclusief verdere rentetoerekening hierover en overig te maken kosten, via gronduitgifte voor woningbouw terugverdiend kunnen worden.

Locatie Vluchtoordweg (voorheen uitbreidinglocatie voor EMI)

Boekwaarde per 31-12-2015 circa € 3,2 mln
Marktwaarde per 31-12-2015 circa € 1,65 mln
Getroffen voorziening herwaardering circa € 1,55 mln

Toelichting:

Deze gronden zijn destijds aangekocht voor de toen geplande uitbreiding van EMI.
Deze uitbreiding is niet doorgegaan. Eind 2012 is dit perceel voor 3 jaar in koopoptie gegeven aan de nieuwe eigenaar van het voormalige EMI-pand ten behoeve van eventuele uitbreiding. Er is vooralsnog geen gebruik gemaakt van deze optie. De marktwaarde van dit terrein op basis van recente taxatie volgens de vigerende bestemming bedraagt € 1.650.000. Voor het verschil tussen de marktwaarde en de boekwaarde is een voorziening getroffen. Indien verkoop volgens de vigerende bestemming niet mogelijk is kan er voor gekozen worden om dit perceel opnieuw te verkavelen en daarvoor een aangepast bestemmingsplan op te stellen. In deze laatste situatie kan uitgegaan worden van een  bruto-plangebied van ca. 32.000 m2. Uitgaande van ca. 65% uitgeefbaar betekent dit dat ca. 21.000 m2 te verkopen is. Naar verwachting zal de marktwaarde in die situatie nagenoeg gelijk zijn aan de hierboven getaxeerde marktwaarde.
 

Hoogveld- Zuid- Noord

Verwachte einde exploitatie 2036  
Verwacht eindsaldo (NCW) circa € 1,8 mln N

Toelichting:

In de ‘StructuurvisiePlus 2001’, het uitwerkingsplan van het Streekplan 2004 alsmede de Interim-Structuurvisie 2009-2015 is het gebied Hoogveld-Zuid tussen de Kromstraat en de Noordelijke Rondweg Volkel aangewezen als beoogde uitbreiding voor bedrijfsterreinen. Ook in de nieuwe Omgevingsvisie (vastgesteld december 2015) is dit gebied als toekomstig potentieel bedrijfsterrein opgenomen, als opvolger voor Goorkens en Hoogveld.
Het totale gebied betreft ca 35,6 ha. Door de opgetreden verminderde uitgifte van bedrijfsterreinen en de daarop afgestemde uitgifteprognose is deze locatie volgens huidige inschatting pas omstreeks 2024 nodig. Om deze reden is bij de vaststelling van het MJP 2012 besloten om er vooralsnog vanuit te gaan dat alleen het Noordelijk gedeelte tussen de Kromstraat en de Venstraat als bedrijfsterrein wordt uitgegeven. Dit betreft bruto ca. 17 ha. Hiervoor is een globale grondexploitatie opgesteld met een verwacht nadelig saldo van ca. € 1,8 mln, waarvoor een voorziening is getroffen. Voor het zuidelijke gedeelte is op ons eigendom eind 2015 de realisatie van een zonnepanelenpark in voorbereiding genomen.

Locatie achter Kortestraat 5a in Loopkant- Liessent

Boekwaarde per 31-12-2015 circa € 800..000 
Marktwaarde per 31-12-2015 circa € 700.000
Getroffen voorziening herwaardering circa € 100.000

Toelichting:

Deze voormalige agrarische gronden zijn in 2005 aangekocht ten behoeve van een mogelijke uitbreiding van het bestaande bedrijfsterrein Loopkant-Liessent en een afscherming tussen het bedrijventerrein en het buurtschap Lankes. De beoogde afschermende groenstrook is inmiddels gerealiseerd. De resterende gronden ad ca 14.125 m2 zijn inmiddels met een wijzigingsbevoegdheid opgenomen in het nieuwe bestemmingsplan Loopkant-Liessent 2013. Hierop is de marktwaarde van ca €700.000 gebaseerd.  De uitgiftemogelijkheden zijn nog in onderzoek waarbij de nabijgelegen bestaande bedrijven mede in ogenschouw worden genomen. 

Gronden omgeving Dico-terrein

Boekwaarde per 31-12-2015 circa € 566.000
Marktwaarde per 31-12-2015 circa € 456.000
Getroffen voorziening herwaardering circa € 110.000

Toelichting:

Deze gronden met een oppervlakte van ca 9.000 m2 komen uit het voormalige complex ‘Molenheide’ en zijn met name gelegen aan de Losplaats en de Maasstraat tegen de gronden van het voormalige Dico-complex. Het is de bedoeling om deze gemeentelijke gronden te betrekken bij de beoogde woningbouwontwikkeling op het Dico-terrein. Hierop is de marktwaarde gebaseerd middels een taxatie. 

Grondprijsbeleid

Zoals vastgelegd in de nota Grondbeleid wordt een marktconform grondprijsbeleid gehanteerd.

Gelet op de ontstane marktsituatie wordt sinds 2011 niet meer uitgegaan van een jaarlijkse trendmatige aanpassing van de grondprijzen. De huidige marktsituatie vraagt om maatwerk en een daar op afgestemde grondprijsdifferentiatie.

In het vastgestelde Actieplan gebiedsontwikkeling 2011 is er dan ook voor gekozen om een zo goed mogelijke marktconforme grondprijsdifferentiatie toe te passen waarbij de kavelgrootte, de ligging, bebouwingsmogelijkheden en perceelkenmerken alsmede de locatie bepalend zijn.

De raad heeft het College voor deze marktconforme prijsdifferentiatie de bevoegdheid gegeven de prijzen te verhogen of te verlagen met maximaal 25% ten opzichte van de in de betreffende grondexploitatie opgenomen gemiddelde grondprijs. Voorafgaand aan de daadwerkelijke uitgifte van bouwgrond wordt op basis van genoemde differentiatie de marktconforme verkoopprijs door het College vastgesteld.

De verkoopprijzen worden hierbij mede extern getoetst / getaxeerd. We werken hierbij met een externe taxatiecommissie, bestaande uit 2 taxateurs en een makelaar. Met deze werkwijze wordt tegemoet gekomen aan het maatwerk dat de huidige marktsituatie vraagt. Tevens wordt hiermee de onafhankelijkheid in het vaststellen van prijzen gewaarborgd.
Eind 2015 zijn de grondprijzen op deze wijze opnieuw getaxeerd en vervolgens vastgesteld door het college binnen het aan haar door de raad verleende mandaat.  De raad is hierover geïnformeerd met de informatienota van 16 februari 2016.
 

Kostenverhaal

Kostenverhaal / samenwerking met marktpartijen

Kostenverhaal vindt bij voorkeur plaats via te sluiten privaatrechtelijke overeenkomsten.

Op 1 juli 2008 is de nieuwe Wet Ruimtelijke Ordening met als onderdeel de grondexploitatiewet in werking getreden. Deze vormt vanaf genoemde datum de basis voor zowel privaatrechtelijk als publiekrechtelijk kostenverhaal. Bij deze nieuwe wet is kostenverhaal via overeenkomsten het uitgangspunt. Als dat niet lukt, dient kostenverhaal plaats te vinden op basis van een door de Raad (tegelijk met het bestemmingsplan) vast te stellen exploitatieplan.

Samenwerking met marktpartijen wordt toegepast door het sluiten van realisatieovereenkomsten waarbij de risico’s voor de gemeente zoveel mogelijk worden beperkt.

Reserves en voorzieningen

Er zijn 3 voorzieningen en 5 reserves binnen het grondbedrijf. Hieronder is per voorziening/reserve een specificatie opgenomen.

Voorzieningen

Voorzieningen herwaardering  
Saldo per 1 januari 2015 € 7.243.000
Stortingen in 2015 € 437.000.
Onttrekkingen in 2015 € 65.000
Saldo per 31 december 2015 € 7.615.000
Nr 8308 VZ herwaardering Stand 31-12-2015 € 7.615.059
Functie Bestedingsfunctie
Doel Deze voorziening dekt het verschil af tussen de huidige boekwaarde en de werkelijke waarde van percelen die bij de gemeente op de balans staan, voor het geval dat de geplande bebouwing op deze locaties of andere beoogde bestemmingen niet doorgaan of als sprake is van waardedaling.
Voeding en onttrekking Hoogte van de voorziening wordt jaarlijks getoetst en indien nodig aangevuld vanuit de ABR-grondbedrijf.
In 2015 is circa € 437.000 toegevoegd door herwaardering van de gronden. Onttrokken is € 65.000 omdat ruilgronden verkocht zijn. Per saldo derhalve een verhoging van € 372.000.
Voorziening kosten gerealiseerde complexen (VGC)  
Stand 1 januari 2015 circa € 1.572.000
Uitgaven in 2015 circa € 897.000
Vrijgevallen restanten cica € 154.000
Saldo per 31 december 2015 circa € 521.000
Nr 8304 VZ Gerealiseerde complexen Stand per 31-12-2015 € 520.467
Functie Bestedingsfunctie
Doel Deze voorziening is nodig ter dekking van de kosten van de laatste werkzaamheden bij de al administratief afgesloten complexen.
Voeding en onttrekking Voorziening wordt gevormd uit het restant van investeringskredieten van het grondbedrijf. In 2015 is ca € 900.000 onttrokken voor uitgevoerde werkzaamheden en € 154.000 is vrijgevallen door lagere uitvoeringskosten dan eerder geraamd. Dit laatste bedrag is toegevoegd aan de ABR-grondbedrijf.
Voorziening exploitatienadelen  
Saldo per 1 januari 2015 € 17.901.000
Stortingen in 2015 € 533.000
Vrijval in 2015 € 2.697.000
Saldo per 31 december 2015 € 15.737.000
NR 8309 VZ Exploitatienadelen Stand per 31-12-2015 € 15.736.678
Functie Bestedingsfunctie
Doel Op basis van het Besluit Begroting en Verantwoording ( BBV) is het verplicht een voorziening te treffen op basis van de Netto-Contante-Waarde-methode voor verliesgevende exploitaties. Met ingang van de programmarekening 2004 wordt (indien mogelijk) ten laste van de ABR ) een afzonderlijke voorziening getroffen voor voorzienbare en nagenoeg zekere exploitatienadelen. 
Voeding en onttrekking De hoogte van de voorziening wordt jaarlijks, bij de herijking van het MJP, getoetst en indien nodig aangevuld vanuit zo mogelijk de ABR-grondbedrijf. In 2011 is € 8.103.364 toegevoegd vanuit BR Dekkingsreserve. In 2012 is € 2.892.000 toegevoegd vanuit het saldo programmarekening. In 2013 is de toevoeging vanuit het saldo programmarekening € 47.473. In 2015 is de toevoeging circa € 533.000 en € 2.697.000 vrijgevallen. Dit bedrag is ten gunste gebracht aan de Algemene reserve grondbedrijf, mede om het saldo van de Algemene reserve grondbedrijf op het gewenste niveau te brengen voor afdekking van de risico's binnen het grondbedrijf.  

Algeme bedrijfsreserve grondexploitatie (ABR-ge) 

Algemene bedrijfsreserve ge (ABR)  
Saldo per 1 januari 2015 € 2.979.000
Voeding in 2015 € 9.081.000 
Onttrekking in 2015 € 2.082.000
Saldo per 31 december 2015 € 9.978.000

 

NR 8301 AR Algemene reserve-ge Stand per 31-12-2015 € 9.978.038
Doel Bestedingsfunctie
Functie
  1. Opvangen van eventuele (verwachte) nadelen op  grondexploitatiecomplexen
  2. Risicobuffer op basis van het Meerjarenperspectief Grondbedrijf / jaarlijkse risico-inventarisatie
  3. Treffen van voorzieningen voor herwaardering van gronden
  4. Egalisatie van tijdelijke tekorten van overige reserves van het grondbedrijf
  5. Voorfinanciering plankosten initiatieven van derden
  1. Voeding en onttrekking
Deze reserve wordt gevoed door (tussentijdse) winstnemingen op grondexploitaties. Gezien de stand van de reserve is het saldo van de programmarekening 2010 (€ 2,5 miljoen) aan de reserve toegevoegd. In 2012 is een tussentijdse winstneming op het complex Hoenderbos/Velmolen van € 1 miljoen toegevoegd. In 2014 is door een tussentijdse winstneming bij het complex Goorkens € 300.000 toegevoegd. In 2015 is er vanwege tussentijdse winstneming  € 5.000.000 toegevoegd (voor complex Goorkens € 700.000, voor complex Hoenderbos/Velmolen € 500.000 en voor complex Velmolen-Oost € 3.800.000). Het vrijgevallen bedrag van de Voorziening exploitatienadelen, per saldo € 2.164.000 is ook toegevoegd aan de ARB-ge. In 2015 zijn verder toegevoegd de voorgefinancierde bijdrages aan de reserves sociale woningbouw (RSW) en revitalisering bedrijventerreinen (RRB) ten bedrage van totaal € 191.000. Onttrokken in 2015 is met name een bedrag van ca € 371.000 voor de aanvulling van de Voorziening Herwaardering vanwege een lagere marktwaarde dan de boekwaarde bij het complex Overige gronden en ca € 23.000 door verlies op restgronden. Vanwege plankosten a.g.v. particuliere initiatieven is ca € 71.000 onttrokken uit de ABR. 

Specifieke bestemmingsreserves

Reserve bovenwijkse infrastructuur (RBI)  
Saldo per 1 januari 2015 € 2.815.000
Stortingen in 2015 € 593.000
Onttrekkingen in 2015 voor projecten € 199.000
Stand per 31 december 2015 € 3.209.000
NR 8310 Bovenwijkse infrastructuur -ge Stand 31-12-2015 € 3.209.489
Functie Bestedingsfunctie
Doel De RBI is bedoeld voor de realisering van bovenwijkse / gebiedsoverstijgende infrastructurele voorzieningen.
Voeding en onttrekking

Deze reserve bestaat al vele jaren en werd tot 1-1-2007 gevoed met een storting van € 10 per m² verkochte grond dan wel te realiseren m2 bruto vloeroppervlak (bvo). Om de geplande investeringen uit het meerjareninvesteringsprogramma uit de reserve te kunnen dekken bleek een verhoogde storting van € 15 per m2 / bvo nodig. Hiermee heeft de raad bij besluit van 28 februari 2008 ingestemd. Ook vanuit particuliere initiatieven wordt aan deze reserve bijgedragen. Bij de jaarlijkse actualisering van de grondexploitaties wordt aan de Raad een geactualiseerd meerjareninvesteringsprogramma met bijbehorende dekking gepresenteerd.
Door de vertraagde uitgifte van zowel woningbouw als bedrijfsterreinen wordt de reserve langzamer gevoed. In 2015 is ca € 593.000 toegevoegd. Ca € 198.000 is onttrokken voor uitvoering van projecten.

Toelichting op werkwijze met betrekking tot stortingen in bestemmingsreserve bovenwijkse voorzieningen:

Conform raadsbesluit van 28 februari 2008 worden in de grondexploitaties die winstgevend zijn  een storting in bestemmingsreserves bovenwijkse voorzieningen opgenomen van € 25,- per m2 uitgeefbaar terrein ten laste van de grondexploitatie. De raad heeft hiertoe besloten om gelden ter beschikking te hebben voor de realisering van bovenwijkse voorzieningen die mede noodzakelijk zijn vanwege de toename van het aantal inwoners en de daarbij gewenste (infrastructurele)voorzieningen. Voor de bestedingen vanuit deze bestemmingsreserves vindt jaarlijks een prioritering plaats die meelopen in het bestedings- en dekkingsplan van de jaarlijkse begroting. In het geval een grondexploitatie verliesgevend is wordt afgezien van storting in bestemmingsreserves.  
 

Reserve groenstructuur en buitengebied (RGB)  
Stand per 1 januari 2015 circa € 185.000
Stortingen in 2015 circa € 198.000
Onttrekkingen in 2015 voor projecten circa. € 54.000
Terugstorting eerdere tijdelijke aanvulling uit de ABR p.m.
Saldo per 31 december 2015 circa € 329.000
NR 8311 BR (art. 43.1c) groenstructuur en buitengebied Stand per 31-12-2015 € 329.281
Functie Bestedingsfunctie
Doel Deze reserve is ingesteld bij de vaststelling van de programmabegroting 2004. De reserve is bedoeld voor bestedingen aan groenvoorzieningen in het buitengebied (zoals het Landschapsbeleidsplan) en de realisering van ‘reconstructiedoeleinden in het buitengebied / vitaal platteland’ alsmede voor groenstructuren op stedelijk niveau. Ook loopt de ‘rood-voor-groen-koppeling’ die door de provincie als eis gesteld kan worden bij nieuwe planontwikkeling, via deze bestemmingsreserve.
Voeding en onttrekking

De reserve wordt gevoed met een storting van € 5 per m2
verkochte grond dan wel bvo.
Ook vanuit particuliere initiatieven wordt aan deze bestemmingsreserve bijgedragen.
Bij de jaarlijkse actualisering van de grondexploitaties wordt aan de Raad een geactualiseerd meerjareninvesteringsprogramma met bijbehorende dekking gepresenteerd. In 2015 is € 198.000 toegevoegd. Voor realisering van projecten is € € 54.000 onttrokken.

Voor ontvangen (en te besteden) middelen uit kwaliteitsverbeterende bebouwing in de bebouwingsconcentraties van het buitengebied (de zgn. BIO-regeling )BIO-regeling ))BIO-regeling ) is bij raadsbesluit van 22 oktober 2009 een afzonderlijke bestemmingsreserve ingesteld.

Daarnaast is bij raadsbesluit van 16 mei 2013 een bestemmingsreserve voor de uitvoering van de beleidsnotitie ‘Landschapsinvesteringsregeling’ ( LIR) ingesteld. Voor zover initiatiefnemers in het buitengebied geen compensatie in natura / directe kwaliteitsverbetering van het landschap ( kunnen ) uitvoeren verlopen de ontvangsten en bestedingen via deze reserve.

Reserve revitalisering bedrijventerreinen (RRB)  
Stand per 1 januari 2015 € 0
Voeding in 2015 circa € 34.500
Onttrekking in 2015 voor projecten circa € 6.000
Terugstorting voorfinanciering naar ABR circa € 28.500
Saldo per 31 december 2015 € 0
NR 8314 BR Revitalisering bedrijventerrein Stand 31-12-2015 € 0
Functie Bestedingsfunctie
Doel Bij raadsbesluit van 28 februari 2008 is de bestemmingsreserve Revitalisering Bedrijventerreinen ingesteld. Ten laste van deze reserve kunnen bijdragen worden ingezet t.b.v. o.a. de revitalisering en herstructurering van bestaande bedrijfsterreinen. 
Voeding en onttrekking Deze reserve wordt gevoed met een storting van € 5 per m2 verkocht bedrijfsterrein of bvo. Ook vanuit particuliere initiatieven tot uitbreiding of realisering van nieuwe bedrijventerreinen wordt aan deze bestemmingsreserve bijgedragen. Ten laste van deze reserve kunnen o.a. bijdragen worden ingezet t.b.v. de revitalisering van bestaande bedrijfsterreinen zoals thans voor de herstructurering van het gebied Loopkant-Liessent.
Het saldo per 31-12-2015 ad € 34.500 is meteen gestort in de ABR van het grondbedrijf omdat ten laste van deze ABR een voorziening is getroffen voor afdekking van het gecalculeerde tekort op het complex Herstructurering Loopkant-Liessent. Door deze gefaseerde terugstorting in de ABR komt het tekort bij de herstructurering van Loopkant-Liessent alsnog zo veel mogelijk ten laste van deze bestemmingsreserve.
 
Reserve sociale woningbouw (RSW)  
Saldo per 1 januari 2015 € 0
Voeding in 2015 circa € 163.000
Terugstorting voorfinanciering naar ABR circa € 163.000
Saldo per 31 december 2015 € 0
NR 8312 BR Sociale woningbouw- ge Stand 31-12-2015 € 0
Functie Bestedingsfunctie
Doel Deze reserve is eveneens ingesteld bij de vaststelling van de programmabegroting 2004. De reserve was bedoeld om in te zetten voor realisatie van goedkope koopwoningen en huurwoningen (met een passende huurprijs binnen de geldende huurtoeslagregeling) door bijvoorbeeld aan woningcorporaties een korting op de reguliere grondprijs te verlenen. 
Voeding en ontrekking

Op 28 februari 2008 heeft de raad ermee ingestemd om deze reserve om te zetten in een reserve Leefbaarheid. Uitgangspunt hierbij is dat de reserve sociale woningbouw niet meer ingezet hoeft te worden voor lagere grondprijzen voor de sociale woningen, maar aangewend kan worden voor projecten / investeringen die de leefbaarheid in de wijken ten goede komt. Zowel de gemeente als Area hebben hierin een verantwoordelijkheid. Deze nieuwe insteek heeft in 2009 geleid tot nieuwe prestatieafspraken met toen nog SVUwonen waarmee de Raad heeft ingestemd op 25 juni 2009. Hierbij heeft de Raad besloten om als gemeente € 2 mln ten laste van deze bestemmingsreserve beschikbaar te ( gaan ) stellen voor een eerste fase van samenwerking op basis van deze nieuwe prestatieafspraken. Ook SVUwonen heeft toen voor deze eerste fase € 2 mln beschikbaar gesteld. Op basis van deze besluitvorming is gewerkt aan de ontwikkeling van een zo concreet mogelijk (bouw)programma voor deze eerste fase. Hiervoor is in juli 2010 een convenant gesloten waarover de raad is geïnformeerd. De projecten uit dit convenant zijn deels nog in uitvoering.
O.b.v. het raadsbesluit van 25 juni 2009 komt bij onvoldoende saldo in de Reserve Sociale Woningbouw de voeding voor de Reserve Leefbaarheid (tijdelijk) uit de ABR van het grondbedrijf.
De reserve wordt gevoed met een storting van € 5 per m² verkochte vrije sector woningbouwgrond. Het beleid is om ook vanuit particuliere initiatieven tot realisering van aanvullende nieuwe (vrije sector) woningbouw aan deze bestemmingsreserve te laten bijdragen.
De stortingen uit de diverse complexen bedroegen in 2015 € 163.000. Het saldo van deze bestemmingsreserve per eind 2015 is afgedragen aan de ABR-ge als terugbetaling voor de eerder verstrekte voorfinanciering (in de jaren 2010, 2011, 2012 en 2013 telkens € 500.000 vanuit de ABR-ge gestort in de bestemmingsreserve Leefbaarheid). Deze storting had feitelijk geheel ten laste van de Reserve Sociale Woningbouw gemoeten, maar die was ( nog ) niet toereikend. 

Verspreid liggende gronden/overige complexen

Dit betreft gronden waarvan het niet zeker is dat zij (nog ) daadwerkelijk in exploitatie genomen zullen worden. Hieronder vallen ook aangekochte ruilgronden en gronden uitgegeven in erfpacht. In deze complexen is per 31-12-2015 een bedrag geïnvesteerd van ongeveer € 12,3 mln. Hieronder volgt een toelichting per complex.
 

Hoogveld-Zuid-Zuid

Boekwaarde per 31-12-2015 circa € 3,5 mln
Marktwaarde volgens huidige bestemming per 31-12-2015 circa € 400.000
Getroffen voorziening herwaardering circa € 3,1 mln

Toelichting:

Dit betreft het zuidelijk gedeelte van het oorspronkelijke plangebied Hoogveld-Zuid.
In dit gedeelte van totaal ca 18,6 ha heeft de gemeente ca 7 ha in eigendom. Vanwege de onzekerheid of deze gronden mogelijk nog in exploitatie genomen worden, is voorzichtigheidshalve een voorziening getroffen voor het verschil tussen de boekwaarde en de waarde op basis van de huidige agrarische bestemming.  Voor de gronden in ons eigendom is eind 2015 de realisatie van een zonnepanelenpark in voorbereiding genomen.
 

Groesplak II/Tarwestraat

Boekwaarde per 31-12-2015 circa € 722.000
Marktwaarde volgens huidige bestemming per 31-12-2015 circa € 29.000
Getroffen voorziening herwaardering circa € 693.000

Toelichting:

Dit complex betreft een perceel van ca 9.500 m² met vooralsnog de bestemming groen / landbouwgrond aan de oostzijde van de kom Odiliapeel. Op termijn is hier wellicht woningbouw mogelijk, maar eerst wordt er gebouwd in het plan Spechtenlaan 2e fase. Voor het verschil tussen de boekwaarde en de marktwaarde volgens de huidige bestemming is een voorziening getroffen. 

Strategische aankopen/ruilgronden

Boekwaarde per 31-12-2015 circa € 3,8 mln
Marktwaarde volgens huidige bestemming per 31-12-2015 circa € 1,7 mln
Getroffen voorziening herwaardering circa € 2,1 mln

Toelichting:

Dit complex bevat de nog resterende gronden die de gemeente grotendeels uit strategische overwegingen heeft aangekocht. Totaal had de gemeente per 31-12-2015 binnen dit complex nog ca 115.000 m² grond (deels met opstallen) in bezit.
De gronden zijn gelegen op verschillende locaties. Gelet op de gewijzigde situatie van de woningmarkt is ook in 2015 opnieuw gekeken welke gronden niet meer nodig zijn. Voor één perceel is in 2015 overeenstemming bereikt tot verkoop. Deze zal waarschijnlijk in 2016 worden geëffectueerd omdat er nog een herziening bestemmingsplan nodig is.
Jaarlijks wordt bij het opmaken van de jaarrekening de boekwaarde per locatie getoetst aan de marktwaarde. Op basis van deze toetsing is vastgesteld dat voor deze locaties de boekwaarde hoger is dan de marktwaarde. Dit betreft totaal een bedrag van ca. € 2,1 mln. Hiervoor is een herwaarderingsvoorziening getroffen.

Budget voor strategische verwervingen

In overeenstemming met de vastgestelde nota grondbeleid is via de programmabegrotingen 2008, 2009 en 2010 totaal voor € 20 mln budgetrecht verleend om strategische aankopen te kunnen doen. Dit betreft aankopen die zijn gelegen buiten gebieden waarvoor door de raad een exploitatieopzet is vastgesteld, dan wel aanvankelijk niet in de grondexploitatieopzet waren opgenomen. Over de aanwending van dit budgetrecht wordt de raad via Beraps en het jaarverslag geïnformeerd. Totaal is tot met 2015 ca. € 13,5 mln aangewend. Genoemde aankopen zijn opgenomen in het investeringsplan als in principe rendabele investeringen en worden daarbij gedekt uit de betreffende of toekomstige grondexploitatie. Het restantbudgetrecht wordt jaarlijks naar het volgende begrotingsjaar overgeheveld. Het totale restant budgetrecht van ca € 6,5 mln is - mede door een thans terughoudend aankoopbeleid - toereikend voor eventuele aanvullende strategische aankopen.

Complex huren en pachten

Boekwaarde per 31-12-2015 circa € 465.000

Toelichting:

In dit complex is de in 2008 gekochte tennishal aan de Hockeyweg opgenomen. De oppervlakte bedraagt ca 7.000 m2. Deze aankoop heeft plaatsgevonden doordat de gemeente gebruik heeft gemaakt van haar voorkeursrecht tot aankoop zoals opgenomen in het destijds gesloten recht van opstalovereenkomst. Vanwege de strategische ligging en de herontwikkelingsmogelijkheden op deze locatie is tot aankoop besloten. Het lopende huurcontract met de huidige exploitant van de hal heeft de gemeente van de verkopende partij overgenomen. Deze eindigt definitief op 1 april 2016. Daarmede komt deze locatie vrij voor herontwikkeling. De mogelijkheden hiervoor worden bekeken. De boekwaarde van dit complex bedraagt per eind 2015 ca € 465.000. Dit is lager dan de marktwaarde, welke getaxeerd is op € 478.000. 

Complexe erfpachten

Boekwaarde per 31-12-2015 circa € 3,8 mln

Toelichting:

Onder dit complex worden de gronden opgenomen die de gemeente vanuit de grondexploitatie in erfpacht (eventueel met kooprecht) heeft uitgegeven. Deze gronden worden hier opgenomen voor de waarde waarop de erfpachtcanon is gebaseerd en voor dezelfde waarde als opbrengst verantwoord in de betreffende grondexploitatie. Deze verantwoordingswijze is afgestemd met onze accountant. Hiermede is ook het praktische probleem dat de erfpachtperiode meestal langer loopt dan de grondexploitatieperiode opgelost.
De rentelasten in dit complex worden gedekt door de te ontvangen erfpachtcanon. Het betreft thans 4 locaties met in totaal een oppervlakte van 23.972 m2.

Particuliere initiatieven

Gebied Centrum- Oost

Voor dit gebied is bij raadsbesluit van 31 maart 2005 een Structuurvisie vastgesteld. Het betreft een gebied aan de oostzijde van het centrum van Uden waaronder o.a. het voormalige Dicoterrein, omgeving Retraitehuis en omgeving Kastanjeweg. De exploitatie geschiedt nagenoeg geheel door particuliere initiatiefnemers. De gemeente is hierbij natuurlijk wel nadrukkelijk betrokken gelet op de ruimtelijke en stedenbouwkundige planvorming, het woningbouwprogramma en de aan te leggen dan wel aan te passen infrastructuur. De door de gemeente te maken kosten voor aanpassingen in de infrastructuur, de planbegeleidingskosten, eventuele planschade en een bijdrage in bovendijkse voorzieningen worden verhaald conform het gemeentelijk kostenverhaalsbeleid. Dit wordt geregeld in te sluiten realisatieovereenkomsten.

In februari 2012 heeft de raad voor een gedeelte van dit plangebied de gebiedsvisie ‘Kastanjeweg-Oost’ vastgesteld. Hieraan kunnen concrete initiatieven voor dit deelgebied worden getoetst.
Eind 2013 heeft de raad het bestemmingsplan voor de woningbouwontwikkeling nabij het Retraitehuis vastgesteld. Dit plan is in 2014 onherroepelijk geworden, zodat woningbouw daadwerkelijk kan worden opgestart. Voor deelgebied 4 is eind 2014 een herziening van het bouwprogramma in voorbereiding genomen.

Voor het voormalige Dico-terrein is eind 2014 door de raad ingestemd met de start van de voorbereiding om te komen tot invulling van dit gebied met woningbouw.
Tussentijds wordt de Raad via rapportages betreffende het “Ontwikkelingsprogramma Uden bouwt” nader geïnformeerd. Op onderdelen van deze structuurvisie zijn de plannen door de in 2008 ontstane situatie op de woningmarkt vertraagd. Inmiddels blijkt dat de diverse particuliere initiatieven weer worden opgepakt. 
 

Overige locaties

Voor herontwikkeling van bestaande locaties buiten het gebied Centrum-Oost komen ook regelmatig verzoeken binnen. Voor deze verzoeken geldt eenzelfde gedragslijn met betrekking tot kostenverhaal, bijdrage in Bovenwijkse voorzieningen en te sluiten intentie- en realiseringsovereenkomsten.
Over deze initiatieven wordt eveneens nader gerapporteerd in de voortgangsrapportages van het ’Ontwikkelingsprogramma Uden Bouwt’.
 

Winstneming en afdekking verliezen

Op basis van de geldende voorschriften (BBV) en het beleid van de provincie in het kader van het financieel toezicht op de gemeenten, dient bij de grondexploitatie het principe van ‘goed koopmansgebruik’ toegepast te worden. Dit houdt in dat (nagenoeg) vaststaande verliezen meteen moeten worden genomen/afgedekt (voorzichtigheidsprincipe) en dat winsten eerst mogen worden genomen als die ook daadwerkelijk zijn behaald (realisatieprincipe).

Bij de jaarlijkse opstelling/actualisering van het Meerjarenperspectief van het grondbedrijf en het opmaken van de Programmarekening worden deze principes dan ook gehanteerd.

Tussentijdse winstneming in een lopende exploitatie is alleen verantwoord als het saldo van de gerealiseerde opbrengst positief is, nadat rekening is gehouden met nog te maken kosten die voortvloeien uit de al ontvangen opbrengsten. Verder dient tegelijkertijd nagegaan te worden of het nog niet gerealiseerde gedeelte van de exploitatie zichzelf minimaal kan bedruipen. Zo ja, dan is tussentijdse winstneming acceptabel.

Deze tussentijdse winstnemingen dienen - voor zover daar in de exploitatieopzet nog geen rekening mee is gehouden - contant gemaakt te worden voor het aantal jaren dat de winstneming eerder geschiedt dan de einddatum van de exploitatie. Dit is vanwege het optredende rente-effect van de tussentijdse winstnemingen in die exploitatie.

Lokale lasten

Deze paragraaf geeft informatie over het beleid en de ontwikkeling van tarieven van lokale heffingen. Hierbij wordt een vergelijking gemaakt met de buurgemeenten. Tevens wordt een overzicht gegeven van de belastingopbrengsten.

In deze paragraaf zijn de bestaande beleidsuitgangspunten en -voornemens betreffende belastingen opgenomen en toegelicht en vervolgens op hun uitkomsten geanalyseerd. Hierbij worden voor de woonlasten de tarieven vermeld. Voor de hoogte van de belastingen, rechten en tarieven golden de volgende uitgangspunten:

  • Continue streven naar kostendekkendheid van leges, rechten en tarieven waartegenover een concrete dienstverlening van de overheid staat;
  • De overige belastingen en tarieven mogen niet meer stijgen dan de aanpassing voor de inflatiecorrectie. Uitgangspunt hierbij is dat voor 2015 uitgegaan is van een inflatiecijfer van 1%,

Het beleid lokale lasten is opgenomen in een aantal belastingverordeningen. Hieronder is per belastingsoort een specificatie opgenomen:

Afvalstoffenheffing

Afvalstoffenheffing wordt geheven van degenen die in de gemeente gebruik maken van een perceel waarvoor een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijk afval geldt.
De tarieven 2015 zijn berekend door de tarieven van 2014 te verhogen met de inflatiecorrectie van 1%.

Tarieven (in €) 2014 2015
Voor meerpersoonshuishoudens 276,72 279,48
Voor eenpersoonshuishoudens 228,72 231,00
Afvalverwijdering (in €) 2014 2015
Kosten voor afvalverwijdering en -verwerking (in afvalexploitatie) 4.798.636 4.779.357

Opbrengsten (waarvan afvalstoffenheffing)

2014: € 4.491.349

2015: € 4.584.740

5.135.276 5.266.010
Exploitatieoverschot 336.640 486.653

Begrafenisrechten

Voor het gebruik van de begraafplaats en voor het verlenen van diensten in verband met de begraafplaats worden rechten geheven. Algemeen uitgangspunt voor de begrafenisrechten is een aanpassing van de tarieven met alleen de inflatiecorrectie, waarbij de tarieven rekenkundig worden afgerond op eenheden van € 1.

Omdat de exploitatie in het verleden een tekort liet zien, gaf dat aanleiding om in 2010 (eenmalig) de tarieven extra te verhogen zodat uiteindelijk een kostendekkende exploitatie ontstaat. Hierbij wordt opgemerkt dat een groot deel van de inkomsten wordt verkregen wegens (afgekochte) onderhoudsrechten. Een tariefverhoging heeft voor het deel van de afgekochte onderhoudsrechten middels een groeimodel meer inkomsten voor de begraafplaatsexploitatie.

In de praktijk blijkt echter dat er sprake is van een daling van het aantal begrafenissen en urn-bijzettingen; inmiddels is het kostendekkendheidsonderzoek in 2014 afgerond en de effecten zijn in 2015 verwerkt. Bovenstaand exploitatietekort wordt ten laste van de algemene middelen gebracht.

De betaalde afkoopsommen voor onderhoud worden gestort in de balanspost vooruit ontvangen bedragen afkoop onderhoud. Jaarlijks wordt hieruit een bedrag overgeheveld naar de exploitatie ter dekking van de kosten van onderhoud begraafplaats.

Begrafenisrechten (in €) 2014 2015
Totale kosten 318.115 329.149
Inkomsten 241.737 248.011
Exploitatietekort 76.378 92.000

Belastingopbrengsten

Belastingopbrengsten (bedragen x € 1.000)

  Werkelijke opbrengst 2014 Begrote opbrengst 2015 Werkelijke opbrengst 2015
Onroerende-zaakbelastingen 8.353 8.833 8.365
Afvalstoffenheffing 4.491 4.415 4.585
Rioolheffingen 3.774 3.868 3.794
Marktgelden 88 97 81
Begrafenisrechten 242 1.073* 981
Parkeerbelasting 2.435 2.898 2.706
Reclamebelasting 226 210 188
Bouwleges 614 1.005 814
Secretarieleges** 697 705 711
TOTAAL 20.921 22.211 22.225

* In 2015 is het saldo van de afkoop grafrechten eenmalig opgenomen in de begroting. Dit betrof een wijziging van € 847.000. 

** leges ten gunste van de gemeente:  begroot € 411.000 en werkelijk € 415.000. Leges ten behoeve van het  rijk: begroot € 294.000 en  werkelijk € 296.000.

De begrote opbrengst 2015 is inclusief de verwerking van besluiten die in 2015 genomen zijn en geleid hebben tot een wijziging van de primitieve begroting.

Lokale heffingen

Ontwikkeling lastendruk gemeente Uden

Gemiddelde woonlasten 2013-2015 Uden 2013 2014 2015
Onroerende zaakbelastingen eigenaren € 214,00 € 220,22 € 231,00
Afvalstoffenheffing meerpersoonshuishouden € 289,92 €  276,72 € 279,48
Afvalstoffenheffing eenpersoonshuishouden € 239,64 €  228,72 € 231,00
Rioolheffing eigenaren € 184,00 € 190,00 € 192,00
Totaal meerpersoonshuishouden € 687,92 € 686,94 € 702,48
Totaal eenpersoonshuishouden € 637,64 € 638,94 € 654,00

De berekening van de lastendruk is gebaseerd op de gemiddelde lastendruk per huishouden.

Marktgelden

Onder de naam Marktgelden worden rechten geheven voor het tijdens marktdagen innemen van standplaatsen of het plaatsen van kramen op plaatsen die als marktterrein zijn aangewezen. 

Opbrengst (in € ) 2014 2015
Marktgelden 88.164 80.761

Onroerende zaakbelasting

Onder de naam ‘onroerende-zaakbelastingen’ worden van onroerende zaken die binnen de gemeentegrenzen liggen de volgende belastingen geheven:

  • een gebruikersbelasting van degenen die bij het begin van het kalenderjaar onroerende zaken gebruiken. Dit geldt voor niet-woningen;
  • een eigenarenbelasting van degenen die bij het begin van een kalenderjaar eigenaar zijn van onroerende zaken (formeel: "het genot hebben krachtens eigendom, bezit of beperkt recht".


De heffingsgrondslag is de waarde van de onroerende zaak naar peildatum 1 januari 2014. De tarieven 2015 zijn berekend door de tarieven 2014 te verhogen met de inflatiecorrectie van 1%.
 

Ontwikkeling OZB tarieven (in %) 2014 2015
Woningen    
Eigenaren 0,0998 0,1034
     
Niet-woningen    
Eigenaren 0,1995 0,2131
Niet-eigenaren 0,1593 0,1701
     
De totale opbrengst OZB in €    
Van gebruikers (niet-woningen) 1.804.521 1.774.134
Van alle zakelijke gerechtigden ("eigenaars") 6.548.840 6.590.733
Totaal 8.353.361 8.364.867


 

Parkeerbelastingen

Onder de naam parkeerbelastingen worden de volgende belastingen geheven:

  • een belasting voor het parkeren van een voertuig op een door het College van B&W te bepalen plaats, tijdstip en wijze;
  • een belasting voor een door de gemeente verleende vergunning voor het parkeren van een voertuig op de in die vergunning aangegeven plaats en wijze.

Het tarief voor 2015 voor het parkeren bedroeg € 1,00 per uur ( was voor 2014 ook € 1 per uur) en voor parkeren bij het ziekenhuis Bernhoven € 1,25 per uur. Daarnaast zijn er inkomsten uit parkeervergunningen en parkeerboetes.
 

Opbrengst 2014 2015
Parkeergelden 2.434.509 2.706.023

Reclamebelastingen

Onder de naam Reclamebelasting wordt een belasting geheven voor een openbare aankondiging die zichtbaar is vanaf de openbare weg. De tarieven voor 2015 zijn gebaseerd op de tarieven 2014 aangepast met de inflatiecorrectie van 1%.

De opbrengst van de heffing wordt, na aftrek van de heffingskosten, aan de Stichting Uden Promotie in de vorm van een subsidie overgedragen. De besteding dient ten goede te komen aan het algemene ondernemersklimaat van het centrum van Uden.

Opbrengst (in €) 2014 2015
Reclamebelasting 225.933 187.964

Als gevolg van meer leegstand in het centrum lopen ook de inkomsten reclamebelasting terug. 

Buurgemeenten

Vergelijking tarieven met buurgemeenten in €

(Coelo 2015)

Bernheze

Landerd

Oss

Uden

Veghel

woonlasten 2015          
Eenpersoonshuishouden 609 546 690 654 636
Meerpersoonshuishouden 701 693 690 702 730
rangnummer* 148 132 125 141 203
OZB          
Tarief woningen 0,1246 0,1009 0,1190 0,1053 0,1244
Tarief niet-woningen 0,4116 0,4163 0,3928 0,3814 0,3470
Afvalstoffenheffing          
Tarief eenpersoonshuishouden 136 163 276 231 140
Tarief meerpersoonshuishouden 228 255 276 279 234
Rioolheffing woningen          
Tarief eenpersoonshuishouden 139 127 168 192 219
Tarief meerpersoonshuishouden 139 182 168 192 219

* Voor het rangnummer geldt dat nummer 1 de laagste woonlasten heeft

Rioolheffing

Eigenarendeel

Onder de naam Rioolheffing eigenarendeel wordt een recht geheven van alle eigenaren van percelen die direct dan wel indirect zijn aangesloten op de gemeentelijke riolering.

Het tarief voor 2015 is gebaseerd op het tarief 2014 inclusief inflatiecorrectie van 1% en bedraagt € 191 per op de riolering aangesloten perceel.

  2014 2015
Rioolheffing eigenarendeel
eigenaren niet-woningen € 331.302 € 343.918
eigenaren woningen € 3.292.240 € 3.336.800


Gebruikersdeel

De rioolheffing gebruikersdeel wordt geheven van de gebruiker van een eigendom van waaruit meer dan 1.000 m3 afvalwater direct danwel indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd.

Het tarief voor 2015 is gebaseerd op het tarief van 2014 inclusief inflatiecorrectie van 1% en bedraagt eur 0,51 per m3 boven 1.000 m3 (2014: eur 0,50).

  2014 2015
Rioolheffing gebruikersdeel
rioolheffing gebruikersdeel € 150.751 € 113.103

Onderhoud kapitaalgoederen

De gemeente Uden heeft vermogen geïnvesteerd in kapitaalgoederen in de vorm van wegen, groen en recreatieve voorzieningen, sport- en speelvelden, riolering, gebouwen, openbare verlichting en civiele kunstwerken.

Het onderhoud van deze kapitaalgoederen is van belang voor het zo optimaal mogelijk functioneren van de gemeente. Onder andere op het gebied van vervoer, leefbaarheid en recreatie. Daarnaast is het onderhoud nodig om kapitaalvernietiging te voorkomen. In deze paragraaf is de belangrijkste informatie over de kapitaalgoederen opgenomen en geeft inzicht in het beleidskader en de daaruit voortvloeiende financiële consequenties.

Vastgestelde plannen

De nota openbare ruimte ‘van gevel tot gevel’ 2015-2020  is geactualiseerd en op 9 juli 2015 vastgesteld door de gemeenteraad. Als onderdeel van de nota is tevens de paragraaf beheerkosten NOR vastgesteld. In deze nota zijn de gewenste kwaliteitsbeelden vastgelegd, welke de grondslag zijn voor de hoogte van de dotatie bij de bovenstaande kapitaalgoederen. De NOR heeft geen betrekking op de producten Riolering, Speelvelden en gebouwen. 

Het beheer- en beleidsplan speelvelden  (PDF, 1.0 MB) is 18 februari 2016 door de Raad vastgesteld. In dit plan is o.a. het eeuwigdurende groot onderhoud opgenomen op basis waarvan de dotatie in het onderhoudsfonds is vastgesteld. De raad heeft op 10 november 2011 het geactualiseerde v-GRP+ (riolering en water) en de hoogte van de rioolheffing voor de jaren 2012-2015 vastgesteld. De raad heeft op 8 oktober 2015 besloten om het basis rioleringsplan (BRP) en verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan  incl. Waterplan (vGRP+) met één jaar te verlengen.

Bij raadsbesluit van 15 december 2011 is het Onderhoudsplan gemeentelijke eigendommen 2012-2016 (PDF, 162.9 kB) vastgesteld. Inmiddels is, in verband met diverse wijzigingen in het gebouwenbezit van de gemeente, een nieuw aangepast Onderhoudsplan gemeentelijke gebouwen 2016-2020 (PDF, 150.4 kB)  door de Raad op 17 december 2015 vastgesteld.

Om in tijden van financiële krapte het ontstaan van achterstallig onderhoud en/of  kapitaalvernietiging te voorkomen is voor de jaren 2015, 2016 en 2017 het onderhoudsniveau van kapitaalgoederen een speciaal toezichtthema van de provincie.

De dotaties aan de voorzieningen zijn conform de in de diverse beleidsnota’s vastgestelde uitgangspunten, zodat voldoende budget aanwezig is om deze vastgestelde kwaliteitsniveaus te handhaven.

Onderstaand is een schematische weergave van de ontwikkeling in de onderhoudsfondsen opgenomen.

Riolering is in dit overzicht niet weergegeven omdat kosten en opbrengsten via zowel exploitatie als voorziening lopen en in tegenstelling tot de andere fondsen kapitaalswerken worden geactiveerd. Dit geeft een vertekend beeld in de vergelijking. De hoogte van de voorziening riolering bedraagt per 1/1/2015 € 14.407.781 en per 31/12/2015 € 15.077.476. 

Civiele kunstwerken (voorheen bruggen)

Beleid

De gemeente Uden heeft 61 bruggen en andere kunstwerken in onderhoud.

De noodzaak voor het hebben van een onderhoudsvoorziening voor de civiele kunstwerken is in 2014 zichtbaar gemaakt. Om de fluctuerende kosten aan de civiele kunstwerken te kunnen opvangen is via een offerte voor de programmabegroting 2015, extra budget verkregen voor het onderhoud van de civiele kunstwerken op een basisniveau (voldoende onderhoud) en daarmee ook het vormen van een onderhoudsvoorziening. Hiermee wordt de veiligheid voor de gebruiker te allen tijde gewaarborgd.

In 2016 wordt het beleid voor de civiele kunstwerken voor 2016-2025 aan het college van B&W aangeboden.  

Verloop 2015

Omschrijving Stand 1/1/2015 Toevoegingen Onttrekkingen Stand 31/12/2015
Onderhoud civiele kunstwerken € 0 € 129.184 € 68.320 € 60.863

Aan deze voorziening is € 100.500 toegevoegd vanuit de exploitatie. De gerealiseerde kosten bedroegen € 39.637. De overige mutaties betreffen vooral overboekingen tussen verschillende (sub)voorzieningen en het positieve resultaat van projecten 2015.

Uitvoering 2015

De verkeersklasse voor de bruggen waar gemotoriseerd verkeer gebruik van maakt is afgelopen jaar inzichtelijk gemaakt en in 2016 zullen bij een aantal bruggen aslast beperkingen worden geplaatst In afgelopen jaar is het open posten bestek voor het onderhoud aan de civiele kunstwerken opgesteld, met dit bestek kunnen we de komende jaren het onderhoud aan de civiele kunstwerken uitvoeren. In  het jaar 2015 zijn kosten gemaakt voor het inzichtelijk maken van  de verkeersklasse. Er zijn geen  vervangingen uitgevoerd. Voor het jaar 2016 staan ook geen civiele kunstwerken op de lijst om vervangen te worden.

 

Gebouwen

Beleid

Het doel van de voorziening gemeentelijke eigendommen is het in stand houden van het gemeentelijk gebouwd onroerend goed door het planmatig uitvoeren van groot onderhoud.

Bij Raadsbesluit van 15 december 2011 is het Onderhoudsplan gemeentelijke eigendommen 2012-2016 vastgesteld. Op grond van dit bijgestelde meerjaren onderhoudsplan wordt jaarlijks € 462.145 aan de voorziening toegevoegd.
In het Onderhoudsplan is slechts in beperkte mate rekening gehouden met een bijdrage uit dit fonds voor grootschalige renovaties. De onderhoudsbehoefte van de komende 25 jaar laat een beeld zien waarbij de gemiddelde behoefte hoger ligt. Dit doordat duurdere vervangingen (zoals daken) buiten de scope van 2016 gepland/verwacht zijn.

In de 2e afwijkingenrapportage 2015 is besloten om het restant van de voorziening  Energiebesparende maatregelen van € 44.688 ook aan de voorziening toe te voegen.
Inmiddels is, in verband met diverse wijzigingen in het gebouwenbezit van de gemeente, een nieuw aangepast Onderhoudsplan gemeentelijke gebouwen 2016-2020 door de Raad op 17 december 2015 vastgesteld.

Verloop 2015

Omschrijving Stand 1/1 2015 Toevoegingen Onttrekkingen Stand 31/12 2015
Onderhoud gem. eigendommen € 1.016.841  € 825.090  € 907.704  € 934.227 

Aan deze voorziening is € 506.833 toegevoegd vanuit de exploitatie. De gerealiseerde kosten bedroegen € 589.447. De overige mutaties betreffen vooral overboekingen tussen verschillende (sub)voorzieningen.

Uitvoering 2015

Conform het jaarplan is in 2015 o.a. uitgevoerd: schilderwerk gemeentehuis, schilderwerk De Balans, schilderwerk Scouting, schilderwerk gemeentewerf,  renoveren kleedruimten sporthal De Wervel en De Stigt, onderhoudswerkzaamheden aan de molens, diverse aanpassingen aan de W-installaties van verschillende gebouwen.

Groen en recreatieve voorzieningen

Beleid

De onderhoudsvoorziening groen en recreatieve voorzieningen is ingesteld met als doel ‘te voorzien in de dekking van het vervangen van groenvoorzieningen en recreatieve elementen’ binnen de openbare ruimte. Het betreft concreet het vervangen van bomen, beplantingen, grasvegetaties, oeverbeschermingen, speeltoestellen, en overig recreatief meubilair. Basis voor de berekening van de hoogte van de storting in de onderhoudsvoorziening, is het vastgesteld kwaliteitsniveau zoals verwoord in de geactualiseerde Nota Openbare Ruimte “van gevel tot gevel”2015-2020. In de berekening van de storting is geen rekening gehouden met areaaluitbreiding. Hiervoor wordt  indien nodig extra budget gevraagd.

Verloop 2015

Omschrijving Stand 1/1 2015 Toevoegingen Onttrekkingen Stand 31/12 2015
Groot onderhoud groen C.A. € 1.410.816  € 735.629 € 892.356  €1.254.089

Aan deze voorziening is € 379.000 toegevoegd vanuit de exploitatie. De gerealiseerde kosten bedroegen € 535.727. De overige mutaties betreffen vooral overboekingen tussen verschillende (sub)voorzieningen.

Uitvoering 2015

In het jaarplan 2015 is voor de projecten ‘renovatie Hoevenseweg’, ‘groot onderhoud parkeerplaatsen Hofstukken / Vaarzenhof ‘, ‘groot onderhoud groen omgeving Bijland’ en ‘renovatie St Annastraat ged.’, alsmede voor diverse kleinschalige renovatieprojecten en vervanging recreatieve voorzieningen budget beschikbaar gesteld.

Daarnaast is van voorgaande jaren nog een aantal projecten onderhanden. Van het totaal aan onderhanden werken groen en recreatieve voorzieningen zijn in 2015 7 projecten afgerond. De overige onderhanden projecten zijn in voorbereiding of in uitvoering. Voorbeelden hiervan zijn renovatie bomenstructuur Aert Willemstraat en Hermelijnstraat. Deze genoemde projecten zullen  medio 2016 afgerond zijn.
 

Openbare verlichting

Beleid

In 2009 is de onderhoudsvoorziening openbare verlichting (OVL) ingesteld met als doel het in stand houden van het gemeentelijk openbaar verlichtingsnet door het planmatig uitvoeren van groot onderhoud. Hierin is onder andere aangegeven, dat een voorziening openbare verlichting ingesteld wordt om de mogelijke fluctuaties in het planmatige onderhoud OVL beter te kunnen opvangen. Ook openbare verlichting is in het plan Herijking onderhouds-fondsen Openbare Ruimte 2013-2016 opgenomen.

Na overleg met de Provincie begin 2014 is besloten dat de Nota Openbare Ruimte wordt geactualiseerd. De nieuwe nota openbare ruimte ‘van gevel tot gevel’ 2015-2020 is op 9 juli 2015 vastgesteld. Tevens is toen ook het onderhoudsfonds openbare verlichting opnieuw doorgerekend. De  uitgangspunten van de vorige nota openbare ruimte  zijn opnieuw tegen het licht aan  gehouden.  Uit het doorrekenen bleek dat er jaarlijks onvoldoende geld wordt gedoteerd aan het onderhoudsfonds openbare verlichting, dit als gevolg van een verschil in werkelijk areaal en berekend areaal. Het tekort is middels een offerte opgenomen in de programmabegroting 2016.

Verloop 2015

Omschrijving Stand 1/1 2015 Toevoegingen Onttrekkingen Stand 31/12 2015
Onderhoud openbare verlichting € 331.732  € 222.051   € 246.680    € 307.103 

Aan deze voorziening is € 222.051 toegevoegd vanuit de exploitatie. De gerealiseerde kosten bedroegen € 246.680.

Uitvoering 2015

Met  onderhoudsbudget  zijn de laatste HPLN lampen vervangen voor energiezuinige LED lampen. De uitvoering van de werkzaamheden is aan het einde van het jaar afgerond.  Er is een klein aantal masten met HPLN lampen blijven staan. Deze worden in 2016/2017  tegelijk met het groot onderhoud/reconstructie vervangen.

In 2015 heeft de onderhoudsaannemer weer diverse schades verholpen. Een deel hiervan kon worden verhaald op de veroorzaker van de schade. Daarnaast  is er zoals elk jaar weer groepsremplace uitgevoerd . Hierbij worden alle lampen in een straat/wijk tegelijk vervangen. We zien dat het vervangen van de oude lampen voor het nieuwe type er voor zorgt dat de kosten voor groepsremplace jaarlijks minder worden en dat het energieverbruik ook jaarlijks daalt door het gebruik van die nieuwe energiezuinige lampen.

Riolering

Beleid

Volgens de wet Milieubeheer zijn Nederlandse gemeenten verplicht een Gemeentelijk Rioleringsplan op te stellen. Sinds de introductie van de Wet gemeentelijke watertaken op 1 januari 2008, heeft de gemeente naast de zorgplicht voor stedelijk afvalwater, ook de zorgplicht voor hemelwater en grondwater. Hiermee is de zorgplicht verbreed.
De gemeente Uden heeft ervoor gekozen het Waterplan en het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) samen te voegen tot één verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan (vGRP+). De plus staat voor de opname van de visie en onderdelen uit het Waterplan in het vGRP. Om op het gebied van rioolbeheer optimaal gebruik te maken van het Basisrioleringsplan is dit voor het begin van de planperiode van het vGRP+ ook geactualiseerd.

Bij Raadsbesluit van 10 november 2011 is het verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan incl. waterplan (vGRP+) vastgesteld voor de periode 2012-2015. In het vGRP+ is bijzondere aandacht besteed aan watermaatregelen, zowel projectmatig als bij reguliere vervanging van rioolbuizen. In het kader van de duurzaamheid wordt er in de gemeente Uden vanaf 2012 afgekoppeld indien dat mogelijk en doelmatig is.

Het vGRP+ voorziet in alle noodzakelijke rioleringswerkzaamheden, zowel beleids- en beheersmatig als renovaties. De kosten worden gedekt uit de rioolheffing, waarbij wordt uitgegaan van een kostendekkende exploitatie binnen de planperiode. In het vGRP+ 2012-2015 is besloten om de rioolheffing te verlagen tot € 181 en vervolgens jaarlijks te indexeren.

Als gevolg van de financiële en economische crisis worden gemeenten en waterschappen vanaf 2010 geconfronteerd met een grote bezuinigingsopgave. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en de Unie van Waterschappen (UvW) hebben hiertoe een gezamenlijke aanpak voor de afvalwaterketen (riolering en afvalwaterzuivering) uitgewerkt. De gezamenlijke regionale aanpak voor de afvalwaterketen komt tot uiting door samenwerking in de As50+ tussen het waterschap Aa en Maas, Uden en 6 andere gemeenten. Sterk in Doelmatig Waterbeheer is het motto van de samenwerking. Dit houdt samenwerking in op het gebied van afvalwaterlozingen, het inrichten van een waterloket voor burgers, bedrijven en medewerkers van de gemeente Uden en diverse projecten uit de Afvalwaterakkoorden. Dit om de kosten en kwetsbaarheid te verminderen en de kwaliteit en kennis te verbeteren. Dit heeft geresulteerd in een bestuurlijke overeenkomst ‘Watersamenwerking As50+ 2013’.

Een van de projecten die in 2015 gezamenlijk opgesteld zijn is een ‘Watervisie samenwerking As50+’
welke een beeld schetst vanuit de watersamenwerking een visie op de waterketen c.q. gemeentelijke watertaken en zuiveringstaak van het waterschap. Het is een uitwerking van de projectafspraak die bij ondertekening van de overeenkomst “Samenwerking in de afvalwaterketen” in 2013 is gemaakt door de samenwerkende Gemeenten en het Waterschap
Na bestuurlijke aanscherping en instemming wordt de visie in een meer verbeelden document uitgewerkt. Vervolgens zal de visie via een regionale bestuursafspraak aan de individuele partners voor vaststelling worden voorgelegd. De visie is dan de gemeenschappelijke basis voor een lokale of regionale uitwerking in meer concrete beleids- en uitvoeringsproducten. Deze visie geeft mede richting aan hoe wij in de toekomst om zullen gaan met het water in de gemeente Uden en dus aan de inhoud van ons op te stellen vGRP+ 2017 – 2021.

De raad heeft op 8 oktober 2015 besloten om het basis rioleringsplan (BRP) en verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan incl. Waterplan (vGRP+) met één jaar te verlengen.
 

Verloop 2015

Omschrijving Stand 1/1 2015 Toevoegingen Onttrekkingen Stand 31/12 2015
VZ Egalisatie riolering € 14.407.781  € 1.002.278  € 332.583  € 15.077.476 

Aan deze voorziening is € 715.122 toegevoegd vanuit de exploitatie. Daarnaast is o.g.v. het door de raad vastgestelde uitgangspunt bij het vGRP+ 2% rente (€ 288.156) over de inhoud van het rioolfonds aan de voorziening toegevoegd. De gerealiseerdekosten bedragen € 332.583. De overige mutaties betreffen vooral overboekingen tussen verschillende (sub)voorzieningen.

Uitvoering 2015

Een groot gedeelte van het Operationeel Programma is gerealiseerd en uitgevoerd zoals de voorbereidingen voor het treffen van maatregelen die voortvloeien uit het Basisrioleringsplan; de inventarisatie van de grondwatermonitoring in de As-50 regio; herstelwerkzaamheden op basis van inspecties van voorgaande jaren; overleg binnen Waterschap Aa en Maas over het gebiedsproces (Kaderrichtlijn Water); voorbereiding en uitvoering van het vervangen van het mechanisch en elektrisch deel van de drukriolering in het buitengebied; voorbereiding renovatie van het gemaal aan de Broekmorgen; voorbereiding relining riool Verduijnstraat en Bosschebaan; voorbereiding reconstructie Veghelsedijk en St. Annastraat; uitvoering afkoppelen van regenwater in de Wikke- , Papaver-, Zwaluw-, Rechte- en Professor Pulsersstraat.

Verder participeren we regionaal in samenwerking op het gebied van afvalwaterlozingen, het inrichten van een waterloket en diverse projecten uit de afvalwaterakkoorden.

Toelichting voorziening

De commissie BBV heeft in haar notitie riolering in oktober 2009 aangescherpte uitspraken en aanbevelingen gedaan over de verantwoording van de rioolvoorziening. Zij stelt dat het uit oogpunt van transparantie en ten behoeve van de periodieke bijstelling van het gemeentelijk rioleringsplan van belang is dat de voorziening onderhoud resp. vervanging in de jaarrekening zodanig wordt toegelicht dat de relatie is te leggen met het v-GRP+ en inzicht kan worden geboden in het onderscheid onderhoud c.q. spaarcomponent vervangingsinvesteringen.

Van de totale kosten die zijn opgenomen in het v-GRP+ is de verhouding 25  % groot onderhoudskosten en 75 % vervangingskosten.

 

Sport- en Speelvelden

Beleid

Dit fonds is bedoeld om te voorzien in de dekking van het vervangen van speelvelden en hockeyvelden. Op basis van de normen van NOC/NSF dient gemiddeld ieder jaar een sport/speelveld vervangen c.q. gerenoveerd te worden. Voor de speelvelden en hockeyvelden is februari 2016 door de Raad het beheer- en beleidsplan speelvelden vastgesteld. Op basis van gehanteerde kwaliteitseisen en intensiteit van gebruik zijn de noodzakelijke vervangingsinvesteringen aangegeven hetgeen leidt tot een  dotatie voor 2017 e.v. van  € 155.000 per jaar.

Verloop 2015

Omschrijving Stand 1/1 2015 Toevoegingen Onttrekkingen Stand 31/12 2015
Groot onderhoud sport- en speelvelden € 163.599 € 355.847  € 443.850  € 75.596 

Aan deze voorziening is € 155.000 toegevoegd vanuit de exploitatie. De gerealiseerde kosten bedragen € 243.003. De overige mutaties betreffen vooral overboekingen tussen verschillende (sub)voorzieningen.

Uitvoering 2015

De volgende groot onderhoudswerkzaamheden zijn uitgevoerd, conform planning:
• renovatie grastrainingsvelden op de accommodatie van RKSV  Udi-‘19
• renovatie van beregening op de accommodatie van RKSV Udi-‘19
• vervanging van meerdere ballenvangers en hekwerken op diverse accommodaties


 

Wegen

Beleid

Op grond van de Wegenwet is de gemeente verantwoordelijk voor het onderhoud van wegen.

In 1999 is de onderhoudsvoorziening wegen ingesteld met als doel: het in stand houden van het gemeentelijke wegennet (asfalt en open verhardingen) door het planmatig uitvoeren van groot onderhoud. Begin 2014 zijn de laatste inspecties uitgevoerd ter voorbereiding van de werkzaamheden in 2015 en 2016. Basis voor de berekening van de hoogte van de storting in de onderhoudsvoorziening, is het vastgesteld kwaliteitsniveau zoals verwoord in de Nota Openbare Ruimte ‘van gevel tot gevel’. Begin dit jaar worden er weer inspecties uitgevoerd aan het Udense wegenareaal.

Na overleg met de Provincie begin 2014 is besloten dat de Nota Openbare Ruimte wordt geactualiseerd. De nieuwe nota openbare ruimte ‘van gevel tot gevel’ 2015-2020 is 9 juli 2015 vastgesteld. Als onderdeel daarvan is ook het onderhoudsfonds wegen opnieuw doorgerekend. De  uitgangspunten van de vorige nota openbare ruimte  zijn opnieuw tegen het licht aan  gehouden, de kwaliteiten voor de wegen zijn opnieuw bekeken en zijn onveranderd vastgesteld. Rekening houdende met de inzet van de buitendienst is de huidige dotatie aan het fonds voldoende. Dit vraagt wel een goede afstemming tussen de planning en de voorbereiding van de onderhoudswerkzaamheden en de activiteiten van de buitendienst.
In de berekening van de storting is geen rekening gehouden met areaaluitbreiding. Hiervoor wordt indien nodig extra budget gevraagd. In de jaarlijkse dotatie is ook geen rekening gehouden met rehabilitatie. Rehabilitatie is een maatregel die getroffen moet worden als een weg aan het einde van zijn levensduur is. Het betreft hier dus een totale vervanging van de constructie. Rehabilitatie van wegen wordt apart aangevraagd m.b.v. de offerterondes voor de programmabegroting.
 

Verloop 2015

Omschrijving Stand 1/1 2015 Toevoegingen Onttrekkingen Stand 31/12/2015
Groot onderhoud wegen € 1.627.044 € 1.520.977  € 1.478.883   € 1.669.137  

Aan deze voorziening is €850.994 toegevoegd vanuit de exploitatie. De gerealiseerde kosten bedroegen € 808.901. De overige mutaties betreffen vooral overboekingen tussen verschillende (sub)voorzieningen.

Uitvoering 2015

In 2015 zijn verschillende projecten afgerond onder andere:  renovatie Prof. Pulserstraat, groot onderhoud Nistelrodeseweg, groot onderhoud Noordelijke Rondweg, groot onderhoud Reestraat (JUMBO) en groot onderhoud Zwaluwstraat. Daarnaast loopt de voorbereiding en uitvoering van de volgende projecten door in 2015: onderhoud parkeerterrein Galerij, renovatie parkeervakken Keizershof/Jonkerveld, renovatie parkeervakken Hofstukken/Vaarzenhof, fietsstraat Heinsbergenstraat, groot onderhoud Hoevenseweg. Zoals gebruikelijk loopt het groot onderhoud aan de asfaltverharding en elementenverharding weer door in het nieuwe jaar.

Verbonden partijen

Verbonden partijen zijn organisaties waaraan de gemeente zich bestuurlijk en financieel verbonden heeft. Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) geeft als definitie: ‘een verbonden partij is een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie, waarin de provincie of de gemeente een bestuurlijk én een financieel belang heeft.’ Een financieel belang is een aan de verbonden partij ter beschikking gesteld bedrag dat niet verhaalbaar is indien de verbonden partij failliet gaat of het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt. Bestuurlijk belang is zeggenschap, hetzij uit hoofde van vertegenwoordiging in het bestuur, hetzij uit hoofde van stemrecht.

De verbonden partijen zijn binnen de gemeente Uden onderverdeeld in:

  • Publiekrechtelijke samenwerkingsverbanden. De gemeente Uden is betrokken bij diverse gemeenschappelijke regelingen
  • Privaatrechtelijke samenwerkingsverbanden. De gemeente Uden is deelnemer van een aantal stichtingen, vennootschappen en verenigingen
  • Overige samenwerkingsverbanden. Een interne inventarisatie heeft een totaal van circa 30 samenwerkingsverbanden opgeleverd. Ten aanzien van de overige samenwerkingsverbanden is een selectie gemaakt van de samenwerkingsverbanden die een formele grondslag hebben.

Klik hier (PDF, 509.3 kB) voor een overzicht van de verbonden partijen.

Beleid

De Raad van Uden heeft in 2014 besloten vijf, door de gemeente ’s-Hertogenbosch geformuleerde, verbeterpunten ten behoeve van de kaderstellende en controlerende functie van gemeenteraden op de ‘zware’ samenwerkingsverbanden over te nemen. In 2015 is er een start gemaakt met het formuleren van beleid rondom de inventarisatie, het risicobeheer, de opzet en verantwoording van de samenwerkingsverbanden: de verbonden partijen en gemeenschappelijke regelingen. Dit zal in 2016 voortgezet worden.

Aangescherpte wet- en regelgeving

Als gevolg van maatschappelijke ontwikkelingen is de landelijke tendens dat het belang van een adequate beheersing van de verbonden partijen toeneemt. Mede naar aanleiding hiervan is de BBV (Besluit Begroting en Verantwoording) is op 16 juli 2014 gewijzigd. Ook de Wet Gemeenschappelijke Regelingen is met ingang van 1 januari 2015 gewijzigd. Het doel van deze wijzigingen is om de verantwoording van de verbonden partijen aan te scherpen. Gemeenten zijn verplicht meer informatie over de verbonden partijen op te nemen. Naast de gebruikelijke informatie als naam, vestigingsplaats, openbaar belang dat wordt behartigd, veranderingen in het belang gedurende het boekjaar moet nu ook het eigen vermogen en vreemd vermogen aan begin en einde van het begrotingsjaar en het resultaat van de verbonden partij opgenomen worden.

De gemeenschappelijke regelingen dienen voor hun taken en bevoegdheden, mededingings-, belasting-, privacy-, archief en P&O-proof te zijn.

Doorkijk naar de toekomst

De laatste jaren is de aard en het aantal samenwerkingsverbanden sterk in beweging. De verwachting is dat deze trend zich de komende jaren voort zal zetten. Als gevolg daarvan is de beheersing van verbonden partijen van belang. Daarnaast is het ook van belang om de risico's die hiermee samenhangen in beeld te hebben en te houden. Deze risico's hebben zijn plek in het systeem van risicobeheersing van de gemeente Uden. Zie hiervoor de risico inventarisatie (PDF, 120.4 kB)  in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing.

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Risicomanagement heeft een prominente plek binnen de planning en control cyclus van de gemeente Uden. Het is een continuproces. Bij alle planning & control producten wordt hierover gerapporteerd in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing. In plaats van een periodieke inventarisatie is het risicomanagement bij de gemeente Uden een manier van denken. Het dient als hulpmiddel bij het nemen van besluiten door zowel Raad als college. 

Financiële strategie en beleid

Zichtbaar is dat risicomanagement, wat het onderwerp is van deze paragraaf, slechts 1 van de 3 pijlers is.

De pijler dekking/sluitende begroting wordt nader toegelicht in het bestedings-en dekkingsplan van de Programmabegroting 2016. De pijler financiering komt aan de orde in financieringsparagraaf.

Prestatie indicatoren

Om te kunnen sturen op de financiën zijn er prestatie indicatoren Voor de 3 pijlers, dekking, risicomanagement en financiering zijn de volgende prestatie indicatoren gedefinieerd:

Dekking

Begroting is structureel in evenwicht

Risicomanagement

Weerstandsratio
Weerstandscapaciteit

Financiering

Ratio verstrekte geldleningen aan derden/verbonden partijen in relatie tot de gemeentelijke inkomsten mag niet toenemen

De uitwerking van de 3 pijlers van de financiële positie heeft eveneens zijn plek bij de prestatie indicatoren die zijn opgenomen in programma 5 bij de doelstelling financiën op orde houden.

Kengetallen Financiële positie

Naast bovengenoemde prestatie indicatoren zijn gemeenten op grond van artikel 11 van het Besluit Begroting en Verantwoording verplicht om onderstaande kengetallen op te nemen in programmabegroting en programmrekening. De berekening van deze kengetallen is voor iedere gemeente identiek. Op termijn is benchmarking met andere gemeenten op basis van deze getallen dan ook mogelijk. Let wel, een percentage zelf zegt nog niet zoveel. Bij een vergelijking met andere gemeenten zal bijvoorbeeld ook het voorzieningenniveau betrokken moeten worden. In overleg met het audit-comité is afgesproken vooralsnog de cijfers te verzamelen zonder er concrete doelstellingen aan te verbinden. De wetgever stelt ook geen eisen aan normering. Dit in verband met de eigenheid van gemeenten.

  Verloop van kengetallen
Kengetallen

Rekening

2014

Begroting

2015

Rekening

2015

Begroting

2016

Netto schuldquote 88,3% 91,3% 76,4% 93,2%*
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen 72,6% 77,8% 63,9% 80,7%*
Solvabiliteit 24,2% 23,7% 27,4% 23,9%
Grondexploitatie 40,9% 33,4% 36,1% 36,1%*
Structurele exploitatieruimte 0,1% -0,4% -2,4% -0,4%
Belastingcapaciteit 98,6% 99,2% 99,2% 97,2%
         

* Prognose programmabegroting 2016 is op basis van actuelere financiële gegevens aangepast

Netto schuldquote

Dit kengetal biedt inzicht in het niveau van de schulden ten opzichte van de eigen middelen en wordt uitgedrukt in een percentage. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken.

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

Dit kengetal wordt berekend zoals de netto schuldquote. Leningen aan openbare lichamen, woningbouwcorporaties, deelnemingen en overige verbonden partijen worden daar vervolgens op in mindering gebracht. Bij dergelijke leningen kan er onzekerheid ontstaan of ze allemaal terug worden betaald. Met berekening van dit kengetal wordt duidelijk wat het aandeel van de versterkte leningen in exploitatie is en ook wat dat betekent voor de schuldenlast.

Solvabiliteitsratio

Dit kengetal geeft inzicht in hoeverre we in staat zijn om aan de financiële verplichtingen op lange termijn te voldoen. Berekend is  het eigen vermogen gedeeld door het totale vermogen, uitgedrukt in een percentage. Het eigen vermogen van een gemeente bestaat volgens artikel 42 van het BBV uit de reserves (zowel de algemene reserve als de bestemmingsreserves) en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten.

Grondexploitatie

Dit kengetal geeft weer hoe de waarde van de grond zicht verhoudt tot de totale (geraamde) baten. Voor de berekening van dit kengetal worde de niet in exploitatie genomen gronden en de bouwgrond in exploitatie bij elkaar opgeteld en gedeeld door de totale baten uit de programmabegroting / programmarekening (artikel 17, onderdeel c, van het BBV) en uitgedrukt in een percentage. De boekwaarde van de voorraden grond is van belang, omdat deze waarde moet worden terugverdiend bij de verkoop.

Structurele exploitatieruimte

Dit kengetal berekent de structurele baten minus lasten, gecorrigeerd met structurele mutaties in reserves gedeeld door de totale baten gecorrigeerd met structurele mutaties in reserves uitgedrukt in een percentage. Hoe hoger het percentage hoe meer ruimte er is voor het doen van structurele uitgaven. Ons streven is om structurele lasten zoveel mogelijk af te dekken door structurele baten wat resulteert in een percentage van 0%. Een positief percentage geeft aan dat er meer structurele baten zijn dan uitgaven. Dit zou een nog gezondere balans zijn. 

Belastingcapaciteit

Dit kengetal vergelijkt de lokale lastendruk van een gezin met gemiddelde WOZ-waarde voor ozb, rioolheffing en afvalstoffenheffing met de landelijke lastendruk gezin met gemiddelde WOZ-waarde voor ozb, rioolheffing en afvalstoffenheffing en drukt dit uit in een percentage. Een percentage van minder dan 100% betekent dat de lokale lastendruk lager is dan de landelijk gemiddelde lastendruk.
 

Beleid

Het beleid voor risicomanagement (PDF, 502.2 kB) is geactualiseerd en door uw Raad vastgesteld in december 2014. De belangrijkste wijziging ten opzichte van het eerdere beleid is dat er geen onderscheid meer wordt gemaakt tussen incidentele en structuerele risico's. Dit resulteert in 1 weerstandsratio. De inzichtelijkheid in de risico's van de gemeente Uden is hiermee niet gewijzigd. De verantwoording van de risico's vindt op dezelfde transparante wijze plaats als voorheen.  

Risico's, weerstandscapaciteit en ratio's

Risico's

Doelstelling van de gemeente Uden is om periodiek inzicht te hebben in de risico's. Hierover wordt 4x per jaar (in de Begrotingsnotitie, de Programmabegroting, de Bestuursrapportage en de Programmarekening), verantwoording afgelegd. De financiële omvang van deze risico's wordt op een uniforme wijze, conform het vastgestelde beleid, in beeld gebracht.

Top 11 risico’s

De risico inventarisatie vindt plaats op basis van de inschatting van de financiële impact en de kans van optreden. We hanteren hierbij klassen van 1 tot 5. Hierbij oplopend van kans en financiële impact. Voor een verdere toelichting op dit systeem van risicobeoordeling verwijzen wij naar het eerder genoemde beleid voor het risicomanagement vastgesteld in december 2014. Hieronder is schematisch weergegeven wat de grootste risico’s zijn voor de gemeente Uden. Voor deze weergave is geen onderscheid gemaakt tussen de incidentele en structurele risico’s.

De risico’s in het rode gebied zijn voornamelijk risico’s vanuit het grondbedrijf. Deze risico’s zijn ingeschat als hoog en zijn onder de aandacht. Bij het grondbedrijf is de risico inventarisatie een belangrijk onderdeel van het meerjarig perspectief. Ook de externe accountant bevestigt dat de beheersing, wat een belangrijk gedeelte is van de risico inventarisatie, van het grondbedrijf op orde is. Gezien de onzekerheid van de ontwikkelingen op de markt blijft dit risico groot. Daarnaast is het beveiligingsrisico ook opgenomen in het rode gebied. Dit risico is toegenomen als gevolg van steeds hogere mate van digitalisering. De wetgeving hieromtrent is ook in ontwikkeling. Zo is er de nieuwe wet Meldplicht datalekken. Als gevolg hiervan zijn er intern procedures opgezet om te voldoen aan de wetgeving.

De overige risico's in het oranje gebied zijn verschillend van aard. Zichtbaar is dat de kans dat ze zich voordoen redelijk gering is maar als ze zich voordoen is de financiële impact aanzienlijk. Deze risico's zijn gedetailleerd toegelicht in de risico inventarisatie (PDF, 120.4 kB). Daar zijn ook de beheersingsmaatregelen opgenomen om deze risico's zo goed mogelijk af te dekken.

Risico's per programma

De risico's verdeeld over de programma's zien er als volgt uit. Hierbij is eveneens de ontwikkeling van de risico's ten opzichte van de Programmabegroting 2016 zichtbaar.

Klik hier (PDF, 71.5 kB) voor de specificatie van de risico's per programma.

Uitgebreide risico analyse

De risico's worden conform ons beleid voor risicomanagement geïnventariseerd. Hierdoor is op een gedetailleerd niveau inzicht in de risico's die de gemeente Uden loopt. Tevens wordt door de vakafdelingen aangegeven op welke wijze de risico's beheerst worden. Voor de volledige risico inventarisatie klik hier (PDF, 120.4 kB)

Weerstandscapaciteit

De weerstandscapaciteit bedraagt € 36 mln. Voor de specificatie hiervan klik hier.

Weerstandsratio

De weerstandsratio wordt als volgt berekend:

weerstandscapaciteit

risico's                          =     weerstandsratio


De weerstandsratio geeft aan in hoeverre de gemeente Uden in staat is haar risico's op te vangen.

Toelichting ontwikkeling ratio

De werkelijke ratio in 2015 bedraagt 2,51 en is toegenomen met 0.5 ten opzichte van de begrote ratio voor 2015 en met 0.4 ten opzichte van de weerstandsratio in 2014. Dit wordt met name veroorzaakt door de toename van de algemene reserve grondbedrijf van € 7 mln voornamelijk als gevolg van tussentijdse winstnemingen (€ 5 mln) en een verlaging van de voorziening exploitatienadelen (€ 2 mln). Tevens zijn de risico's afgenomen met € 700.000 ten opzichte van de Programmarekening 2014. Dit wordt met name veroorzaakt door enerzijds lagere risico's in programma 2 Maximaal meedoen door het vormen van de reserve sociaal domein. Omdat deze reserve is gevormd nemen de restant risico's af. De staat van reserves en voorzieningen (PDF, 62.5 kB) waarop de stand per 31 december 2015 zichtbaar is, is opgenomen als bijlage.

Per saldo ontwikkelt de ratio zich positief en zit op de norm van 2. 

Doorkijk naar de toekomst

De weerstandsratio ligt op de gestelde norm maar er zijn nog steeds veel factoren die deze ratio direct negatief kunnen beïnvloeden. Denk hierbij aan afboekingen vanuit de grondexploitatie, het niet halen van bezuinigingstaakstellingen, toename van de incidentele risico’s en negatieve resultaten in afwijkingenrapportages.
Om het weerstandsvermogen minimaal op niveau te houden of te verbeteren, zal net als voorgaande jaren verder worden gegaan met de volgende stappen:

  • Actief sturen op het realiseren van de bezuinigingen doormiddel van de bezuinigingsmonitor.
  • Extra kritisch kijken naar B&W voorstellen waarbij als dekking de algemene reserve wordt genoemd.
  • Bestemmingsreserves kritisch screenen en waar mogelijk vrij laten vallen ten gunste van de algemene vrije reserve.
  • Bestemmingsreserves koppelen aan de algemene vrije reserve.
  • Eventuele exploitatieoverschotten direct toevoegen aan de algemene vrije reserve.

Daarnaast is het van belang om de risico's te blijven beheersen en nieuwe risico's te identifceren. In 2015 zijn de eerste stappen gezet om de risicobeheersing meer te koppelen aan de interne controle zodat er een betere toets plaatsvindt op de werking van de beheersingsmaatregelen. Hier zullen we in 2016 mee verder gaan.

Voor het sturen op de financiële positie heeft de gemeente Uden 3 pijlers -dekking/ sluitende begroting, financiering en risicomanagement en weerstandscapaciteit- gedefinieerd. Ondanks dat deze pijler, risicomanagement en weerstandscapaciteit, op de norm ligt is er binnen de gemeente Uden veel aandacht om de financiële positie te verbeteren. Zie hiervoor ook de financieringsparagraaf.

Ontwikkeling vermogenspositie

De gemeente Uden wil sturen op risico’s en weerstandsvermogen. Belangrijk hierbij is ook de ontwikkeling van de vermogenspositie van onze gemeente. De vermogenspositie heeft betrekking op de incidentele weerstandscapaciteit. In onderstaand overzicht is duidelijk zichtbaar hoe het vermogen zich ontwikkelt.

In de grafiek is zichtbaar dat de reserve positie van de gemeente Uden van 2011 flink is afgenomen ten opzichte van 2009. De afname van het vermogen wordt voornamelijk veroorzaakt door de genomen verliezen in het grondbedrijf. Sinds 2014 neemt de vermogenspositie weer langzaam toe. Dit wordt met name veroorzaakt door de toename in de Algemene reserve van het grondbedrijf met € 7 mln. We zijn ons ervan bewust dat de vermogenspositie nog steeds verbeterd kan worden. De acties die hiervoor genomen kunnen worden staan beschreven bij de doorkijk naar de toekomst.

De vermogenspositie is een onderdeel van de financiële positie en komt tot uitdrukking in de pijler dekking/sluitende begroting. Dit maakt onderdeel uit van het strategische financieel beleid. De activiteiten en prestatie indicatoren om deze te meten, zijn enerzijds opgenomen in de Programmabegroting 2015 onder programma Dienstbare en betrouwbare overheid. Anderzijds zijn gemeenten op grond van de BBV verplicht om een aantal financiële kengetallen op te nemen. Dit ten behoeve van de vergelijkbaarheid tussen de gemeenten onderling. Dit is echter pas ingevoerd vanaf Programmabegroting 2016 en er zullen nog nadere voorschriften/regels moeten komen om de cijfers daadwerkelijk te kunnen vergelijken.    

Gewijzigde naamgeving

Conform het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten is de naam van deze paragraaf gewijzigd van paragraaf Risico inventarisatie en weerstandsvermogen naar Weerstandsvermogen en risicobeheersing.

Weerstandscapaciteit

De weerstandscapaciteit is als volgt opgebouwd.

Nummer Post Bedrag (x € 1.000)
1. Algemene reserve vrij besteedbaar € 17.096
2. Algemene reserve grondbedrijf € 9.978
3. Stille reserves € 4.873
4. Jaarrekeningresultaat € 774
5.   Onroerende Zaakbelasting (onbenutte belastingcapaciteit)  € 3.299
  Totale weerstandsvermogen € 36.020

1. Algemene reserve vrij besteedbaar

De algemene reserve bedraagt € 17 miljoen. Het verloop van de algemene reserve is zichtbaar bij ontwikkeling vermogenspositie

2. Algemene reserve grondbedrijf

Het doel van de algemene reserve van het Grondbedrijf is het opvangen van eventuele nadelen op grondexploitatiecomplexen. Het vormt een risicobuffer op basis van het Meerjarenperspectief grondbedrijf. In de inventarisatie van de risico’s zijn ook de risico’s van het grondbedrijf opgenomen. Daarom wordt deze reserve meegenomen in de berekening van het weerstandsvermogen. De algemene reserve van het grondbedrijf bedraagt ultimo 2015 € 10 miljoen.

3. Stille reserves

Onder stille reserves vallen onder andere de gemeentelijke gronden en panden die gewaardeerd zijn tegen de toen geldende aankoopwaarden. Een belangrijke voorwaarde is dat het een en ander per direct verkoopbaar is. De stille reserves zijn geactualiseerd bij het opstellen van deze Programmarekening en bedragen € 4,8 miljoen.

4. Jaarrekeningresultaat

Het jaarrekeningresultaat over 2015 bedraagt € 774.000. Na vaststelling van de jaarrekening door de Raad wordt dit bedrag toegevoegd aan de algemene reserve vrij besteedbaar.

5. Onbenutte belastingcapaciteit

De onbenutte belastingcapaciteit wordt berekend door de maximale tarieven te vergelijken met de tarieven van de gemeente Uden.

Berekening onbenutte belastingcapaciteit

Voor de maximale belastingtarieven wordt gebruik gemaakt van de normen voor het artikel 12 beleid. Dit betekent dat, indien de gemeente Uden niet meer in staat zou zijn om de structureel zich manifesterende risico’s binnen de exploitatie op te vangen, de gemeente door het Rijk gewezen zou worden op de mogelijkheid om de OZB tarieven te verhogen om zodoende meer structurele opbrengsten te realiseren. Dit noemt men het artikel 12-beleid.

De berekening van het landelijk percentage van de WOZ waarde voor toelating tot artikel 12 vindt plaats volgens onderstaande tabel (bron; mei circulaire 2014).

Totaal WOZ-waarde woningen 2014 (1)
Totaal WOZ-waarde niet woningen gebruikers 2014 (2)
Totaal WOZ-waarde niet woningen eigenaren 2014 (3)
Totaal OZB-opbrengst o.b.v. totaal WOZ-waarde 2014 (4)
Totaal onderdekking reiniging/afvalstoffen 2014 (5)
Totaal onderdekking riolering 2014 (6)
Totaal OZB-opbrengst o.b.v. totaal WOZ-waarde gecorrigeerd voor onderdekking reiniging/afvalstoffen en riool 2014 (7= 4-5-6)
Werkelijk gewogen landelijk gemiddelde OZB-percentage van de gecorrigeerde WOZ-waarde 2014 (8=(7/(1+2+3)*100)
Percentage van de WOZ-waarde voor toelating tot artikel 12 voor het jaar “t” [9=8*1,20]

Op basis van bovenstaande formule is het percentage van de WOZ-waarde voor toelating tot artikel 12 voor het jaar 2015 vastgesteld op 0,1790.Volgens de hiervoor geldende wettelijke richtlijnen heeft de gemeente Uden een onbenutte belastingcapaciteit van € 3,3 miljoen.

Voor de tarieven betreffende rioolrechten, afvalstoffenheffing en leges is op dit moment sprake van kostendekkende tarieven. Hier is geen sprake van onbenutte belastingcapaciteit.
 

Algemene dekkingsmiddelen

Inleiding

De algemene dekkingsmiddelen van de gemeente zijn die inkomsten van de gemeente waar geen directe dienstverlening en/of bestedingsverplichtingen tegenover staan. Het zijn dan ook vrij besteedbare middelen die jaarlijks worden ingezet ter dekking van de uitgaven op de diverse programma’s.

De algemene dekkingsmiddelen bestaan uit:

  • algemene uitkering uit het Gemeentefonds;
  • opbrengsten van de lokale heffingen;
  • opbrengst uit deelnemingen (dividend);
  • rente inkomsten van de reserves en het renteresultaat.

Algemene dekkingsmiddelen 2015

 

Exploitatie-inkomsten

Exploitatieinkomsten Rekening 2013 Rekening 2014 Begroting 2015 Rekening 2015
Algemene uitkering 36.515 37.894 33.511 33.638
Lokale heffingen 8.402 8.921 9.401 8.933
Opbrengst deelnemingen 20 22 10 10
Rente inkomsten 2.414 1.710 1.946 1.881
Totaal ( x € 1.000) 47.358 48.638 44.867 44.462

Algemene uitkering

De algemene uitkering wordt ontvangen uit het gemeentefonds. Deze uitkering is gekoppeld aan de uitgaven van het rijk. De verdeling van het geld naar gemeenten vindt plaats op basis van maatstaven. 

Lokale heffingen

Hier wordt een totaalbeeld gegeven van de opbrengsten uit de lokale heffingen, waarvan de besteding niet gebonden is aan de opbrengsten. Ons inziens betreft het onderstaande heffingen. Dit impliceert tevens dat de heffingen op het gebied van parkeren (gedeeltelijk), afvalstoffen- en rioolopbrengsten geen algemeen dekkingsmiddel zijn, maar expliciet worden aangewend voor uitgaven op betreffende terreinen. In de paragraaf lokale lasten wordt aandacht besteed aan o.a. lokale lastendruk, kwijtscheldingsbeleid e.d..

Specificatie lokale heffingen

Rekening

2014

Rekening 

2015

Onroerendzaak belastingen 8.353 8.365
Opbrengst parkeren (gedeelte) 568 568
Totaal lokale heffingen 8.921 8.933

Opbrengst deelnemingen

De opbrengst uit deelnemingen betreft de dividenduitkering van de N.V. Bank Nederlandse gemeenten. 

Rente inkomsten

De rente-inkomsten betreft de zogenaamde bespaarde rente over de eigen reserves en voorzieningen en het renteresultaat. Deze inkomsten zijn de afgelopen jaren gedaald door een verlaging van het rente-omslagpercentage. 

Ontwikkelingen BBV in relatie met 'rente'

De boekhoudvoorschriften voor gemeenten, vastgelegd in de BBV, staan aan de vooravond van diverse wijzigingen. Eén van die wijzigingen heeft betrekking op het toerekenen van rente, het werken met een renteomslag en het berekenen van een fictief rendement over het eigen vermogen. Met ingang van 2017 zullen we alleen nog rekenen met de werkelijke rentekosten en laten we het systeem van 'renteomslag' los. Meer hierover leest u in de financieringsparagraaf

Highlights per portefeuille

Burgemeester Henk Hellegersfoto Henk Hellegers

Portefeuille: Bestuurlijke organisatie en coördinatie, Intergemeentelijke samenwerking, Openbare orde en veiligheid, Communicatie, Representatie en jumelage, Algemene juridische zaken, Levenszaken en interne zaken, Integrale handhaving, Defensie en vliegbasis, Dierenwelzijn, Drank- en Horecawet, Udenaar de Toekomst, Uden Wereldwijd.

Lees hier over belangrijke ontwikkelingen op het gebied van openbare orde en veiligheid, burgerparticipatie, de  vliegbasis en huisvesting van brandweer en politie.

 

Wethouder René Peerenboomportretfoto rene peerenboom

Portefeuille: Loco-burgemeester, Ruimtelijke ontwikkeling, Volkshuisvesting en woningbouw, Financiën en grondbedrijf, Ontwikkeling Uden-Noord, Hoek Plan Promenade.

Lees hier over belangrijke ontwikkelingen op het gebied van financiën, de woningmarkt en de ontwikkeling van het het centrum en Uden-Noord.

 

Wethouder Thijs Vonkfoto Thijs Vonk

Portefeuille: Economische zaken en werkgelegenheid (evenementenbeleid en citymarketing), Ontwikkeling centrum, Recreatie en toerisme, Onderwijs, Educatie, Brede school, Kinderopvang en peuterspeelzaalwerk, Jeugd (inclusief transitie) en jongeren, Volksgezondheid, Leerlingenvervoer.

Lees hier over belangrijke ontwikkelingen op het gebied van onderwijs, jeugdzorg, centrum-ontwikkelingen en over Agrifood Capital.

Highlights Ben Tuithoffoto Ben Tuifhof

Portefeuille: Openbare Werken, Beheer, Toezicht en handhaving openbare ruimte, Handhaving bouwen en milieu, Sport, Personeel, Organisatie en dienstverlening.

Lees hier over belangrijke ontwikkelingen op het gebied van afvalinzameling, aanleg glasvezel in het buitengebied, onderhoud openbare ruimte en onze dienstverlening. 

Wethouder Matthie van MerwerodeMatthie van Merwerode

Portefeuille: Duurzaamheid en milieu, Natuur en Landschap, Maashorst en Landschappen van Allure, Cultuur, Verkeer en Vervoer (incl. Regiotaxi), Ontwikkeling en Beheer Bedrijventerreinen (exclusief Uden-Noord)

Lees hier over belangrijke ontwikkelingen op het gebied duurzaamheid en milieu, cultuur, de Maashorst en ontwikkeling en beheer bedrijventerreinen.

Wethouder Gerrit Overmansfoto Gerrit Ovemans

Portefeuille: Maatschappelijk ontwikkeling en Sociale zaken, Armoedebeleid en schulddienstverlening, Transitie AWBZ, Invoering Participatiebeleid, Samenlevingsopbouw, Burgerparticipatie en gebiedsplatforms, Arbeidsmarktbeleid, Integratie en inburgering.

Lees hier over belangrijke ontwikkelingen op het gebied van zorg en ondersteuning, burgerparticipatie en arbeid.

"Wij willen dat Uden een gemeente is waar mensen zich welkom en veilig voelen"

Burgemeester Henk Hellegers:

"Dit jaar kreeg de G1000, die in 2014 gestart is, een vervolg. Tijdens de burgertop in 2014 is een belangrijke stap gezet in een actieve en nieuwe vormgeving aan een moderne lokale democratie. Dit jaar zijn Udenaren aan de slag gegaan met de top 10 aan ideeen die uit de G1000 zijn gekomen. Deze ideeën kunnen onze gemeente nog groener, gezonder, gastvrijer en gezelliger maken. Minister Plasterk van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft laten weten de G1000 in Uden te blijven volgen. De G1000 heeft een duidelijke verbinding met Udenaar de toekomst. De kracht van de G1000 en van Udenaar de toekomst ligt niet bij de gemeente, maar de gemeente denkt graag mee.

Wij willen dat Uden een gemeente is waar mensen – inwoners, werknemers van de vele bedrijven in Uden en gasten, zich welkom en veilig voelen. Om dit te kunnen realiseren levert de gemeente op verschillende niveaus een bijdrage aan de verbetering van de lokale veiligheid. Ook dit jaar hebben we ervoor gezorgd dat Uden een veilige gemeente is.

Afgelopen jaar hebben we met het maatschappelijk middenveld en Tweede Kamerleden gesproken over de komst van de F35 naar Uden. Dit onderwerp krijgt dit jaar een vervolg.

Een ander onderwerp van aandacht was de huisvesting van politie en brandweer. De nationale politie heeft inmiddels vorm gekregen in een samenwerking met negen gemeenten. Afgelopen jaar hebben we gesproken over de huisvesting van de nationale politie in Uden. We zetten in op gezamenlijke huisvesting van politie en brandweer. Hier komt naar verwachting in 2016 duidelijkheid over."

"De positieve resultaten van de afvalproeven en ervaringen van de inwoners zijn veelbelovend"

Wethouder Ben Tuithof:

“Uden heeft grote ambities op het gebied van duurzaamheid. Het reduceren van het restafval per inwoner van 233 kg naar 75 kg in 2020, is één van die ambities. In 2015 zijn we, samen met de bewoners van de wijken Melle en Hoeven, gestart met het testen van een andere manier van afvalinzameling, waarbij we meer afval gescheiden inzamelen zodat er minder restafval overblijft. De pilot loopt inmiddels een half jaar en de resultaten zijn veelbelovend. De positieve resultaten en  ervaringen van de bewoners laten zien dat we op de goede weg zijn. Zo kunnen we straks voor heel Uden een nieuwe manier van afval inzamelen invoeren, waarbij meer waardevolle grondstoffen worden hergebruikt en we minder restafval over houden.

Een andere belangrijke ontwikkeling is de geplande aanleg van glasvezel in het buitengebied. In 2015 kwam de kogel door de kerk; met behulp van provinciale subsidie kan het project doorgang vinden. De voorbereidingen zijn in volle gang. Volgens de planning wordt in september gestart met de aanleg zodat eind 2017 ook alle bewoners en bedrijven in het buitengebied kunnen profiteren van de vele voordelen die een snelle internverbinding biedt. Ons buitengebied blijft mede daardoor een aantrekkelijk gebied om te wonen en te werken. 

In 2015 is er ook weer flink geïnvesteerd in renovatie en herinrichting van de openbare ruimte. Zo onderging de Pastoor Spieringstraat een metamorfose in het plan Centrum Promenade en is er een moderne parkeergarage toegevoegd aan de het parkeeraanbod. De riolering en bestrating in de Professor Pulserstraat en in diverse straten in Odiliapeel vervangen. In het najaar van 2016 krijgt de Veghelse dijk een fikse opknapbeurt. Verder starten we met de aanleg van het MFA-plein in Odiliapeel en de Verlengde Noordlaan.

De mogelijke sloop van het karakteristieke Knekelhuisje is sinds 2015 gelukkig van de baan. Daarmee hebben we een bijzonder cultuurhistorisch gebouwtje weten te behouden. Op het gebied van sport werden in 2015 een kunstgrasveld vervangen en twee nieuwe aangelegd, voor voetbalclub UDI’19 en Hockey Club Uden. Verder zijn wij zeer verheugd dat we in 2015 met de voltallige gemeenteraad overeenstemming hebben bereikt over de plannen om het nieuwe Udens College te voorzien van een volwaardige sporthal en daarmee de binnensporten in Uden meer kunnen faciliteren.

We blijven onafgebroken werken aan verbetering van onze dienstverlening. In 2015 introduceerden we de snelbalie. Inwoners hoeven geen afspraak meer te maken om hun paspoort of rijbewijs op te halen en worden snel geholpen. Ook werken we aan onze telefonische bereikbaarheid."

"De regionale én financiële positie van Uden is verbeterd!"

Wethouder René Peerenboom:

“De financiële positie van Uden verbetert. We hebben het jaar 2015 kunnen afsluiten met een positief saldo van € 774.000. Deze meevaller is met name veroorzaakt door een overschot op de zorgkosten. Dat overschot reserveren we om toekomstige tekorten in het sociaal domein te kunnen opvangen. Naar verwachting zal het Rijk de komende jaren haar budgetten verlagen en hebben we straks een reserve hard nodig om een verantwoord sociaal beleid voort te zetten.

Uden blijft kiezen voor een gedegen financieel beleid. Er is de laatste jaren flink bezuinigd. Mede daarom is onze financiële basis nog steeds gezond. We verwachten dat er het komend jaar geen extra bezuinigingen nodig zijn door maatregelen van het Rijk, maar we verwachten ook geen extra financiële ruimte te krijgen voor nieuwe investeringen.

Sinds februari 2015 heeft Uden er een prachtige winkelpromenade bij met aanwinsten als H&M, V&D, LaPlace, Amac, We Fashion, Open 32, T-Mobile en een vestiging van de Rabobank. Daarnaast zijn er 31 sociale huurwoningen en twee parkeerdekken gerealiseerd. De Promenade is mooie aanvulling voor ons centrum waar het goed winkelen, gemakkelijk parkeren en fijn wonen is. Uiteraard is het erg jammer dat de V&D- en LaPlace-vestiging hun deuren hebben moeten sluiten. Uden is twee trekkers en goedlopende winkels kwijtgeraakt. We hopen dat het pand snel een nieuwe goede invulling krijgt. De komst van de Promenade is ook aanjager geweest voor kwaliteitsverbetering in de rest van het centrum. Met een opknapbeurt van de gevels van aangrenzende panden en elders in het centrum, is de uitstraling van ons centrum erg verbeterd.

In Uden Noord wordt gewerkt aan de ontwikkeling van een Foodcourt met daarin McDonalds, Subway en KFC. Niet alleen de snelwegautomobilist, maar ook de Udenaar en mensen uit de regio zullen er graag komen. De komst van het Foodcourt is ook goed voor de werkgelegenheid.
De ontwikkeling van het Zorgpark in en om Uden Noord is in volle gang. De bundeling van bedrijven en organisaties met veelal vernieuwende zorg en wellness concepten, zal de regionale functie van Uden enorm versterken. Het bestemmingsplan voor het multizorgcentrum is nu in de laatste fase van de voorbereiding.

Het herstel van de woningmarkt heeft zich boven verwachting goed doorgezet in 2015. Er was een duidelijke toename van de vraag naar koopwoningen. Het aantal in aanbouw genomen woningen van 203 ligt dan ook fors boven het verwachte aantal van 160.
In de eerste helft van 2015 hebben we het woningmarktonderzoek afgerond. De resultaten van het onderzoek en gesprekken met inwoners geven een goed beeld van de woonwensen en – behoeften van onze inwoners. Op basis daarvan is het woningbouwprogramma aangepast en zijn nieuwe woningbouwlocaties toegevoegd."

"Met programma’s als het JOGG (Jongeren op Gezond Gewicht) stimuleren we gezond eten, voldoende bewegen en een fijn sociaal leven"

Wethouder Thijs Vonk:

"Vanuit de gedachte dat kinderen en jongeren de toekomstige inwoners zijn van onze gemeente, zetten wij actief in op een goed leefklimaat, nu en in de toekomst. Het motto daarbij is ‘voorkomen is beter dan genezen’. Met programma’s en projecten als het JOGG (Jongeren op Gezond Gewicht) en  buurtsportcoaches, stimuleren we gezond eten, voldoende bewegen en een fijn sociaal leven. Raakt het kind (en het gezin) toch in een moeilijke situatie, dan biedt het Basisteam Jeugd en Gezin de juiste hulp en ondersteuning. In 2015 is hiervoor een goede basis gelegd. De samenwerking in de kern wordt nu samen met de regio verder uitgebouwd, om de kwaliteit van de jeugdzorg nog verder te verhogen.

Ook modern onderwijs van goede kwaliteit draagt eraan bij dat kinderen zich kunnen ontwikkelen tot evenwichtige volwassenen. Gebouwen met een duurzame inrichting en klimaat. Flexibel qua gebruik, om zo ook toekomstige ontwikkelingen zoals teruglopende leerlingaantallen te kunnen opvangen. We hebben in 2015 belangrijke stappen gezet in aanloop naar de realisatie van de nieuwbouw van het Udens College. Ook wordt dit jaar in Odiliapeel het nieuwe Kindcentrum opgeleverd, een belangrijke impuls voor de ontwikkeling van het kind en de leefbaarheid in het dorp.

De herbouw van de afgebrande basisscholen Jan Bluyssen en De Brinck is in volle gang. Een vervelende aanleiding, die uiteindelijk heeft geleid tot een schoolvoorbeeld van samenwerken tussen de scholen, omwonenden en gemeente. Daarbij is een hoge kwaliteit behaald, want door de toepassing van innovatieve vormen van gebruik van energie en materialen, is het wellicht een van de meest duurzame scholen van Nederland.

Een andere belangrijke ontwikkeling voor een vitale gemeenschap, is het economisch klimaat. Het winkelcentrum van Uden heeft een regionale functie en uitstraling. Daarom is afgelopen jaren fors geïnvesteerd. In 2015 zijn we begonnen met voorbereidingen om het Brabantplein een frisse 'look' te geven. Dit is in het eerste kwartaal van 2016 gerealiseerd. Regionaal is een nieuwe visie op de detailhandel vastgesteld en in het winkelcentrum van Uden worden de voorbereidingen voor de aanleg van gratis Wifi getroffen. Wifi kan tevens een instrument zijn waarmee we enerzijds beleving aan het winkelen kunnen toevoegen en anderzijds beter inzicht in bezoekersaantallen en –stromen kunnen krijgen. Hierdoor realiseren we opnieuw een impuls voor de kwaliteit van ons winkelcentrum in Uden.”

"Er is een start gemaakt met de inkleuring van de culturele uitvoeringsagenda 2016-2020"

Wethouder Matthie van Merwerode:

“Het Inrichtings- en Beheerplan voor het Landschapspark de Maashorst (IBEP) is inmiddels vastgesteld en de uitvoering ervan is gestart. Een belangrijk opgave is de verwerving van ca. 200 ha landbouwgrond, dat onderdeel vormt van het natuurkerngebied. Daarin is recent de Europese bizon (Wisent) voor het graasbeheer geïntroduceerd. 

De organisatie van cultuureducatie is tijdelijk toevertrouwd aan de bibliotheek. Hierdoor kon ondanks het faillissement van MIK het cursusjaar 2015-2016 geborgd blijven. Er wordt hard gewerkt aan een toekomstbestendige oplossing. Uiterlijk begin tweede kwartaal 2016 zal er duidelijkheid zijn. Er is een start gemaakt met de inkleuring van de culturele uitvoeringsagenda 2016-2020.

Duurzaamheid met thema’s rondom energie, afval (grondstof) en maatschappelijk verantwoord ondernemen krijgen permanent aandacht. Dit is vastgelegd in de uitvoeringsagenda Duurzaamheid. Alle College- en Raadsvoorstellen worden voortaan voorzien van een duurzaamheidsparagraaf. Er is een start gemaakt met de ontwikkeling van een zonnepanelenpark op Hoogveld.

Dit jaar is de geurverordening voor de agrarische sector geactualiseerd en voor inspraak vrijgegeven. De geurnormen zijn naar beneden bijgesteld.

Op het gebied van verkeer en vervoer zal steeds meer worden ingezet op kleinschalige mobiliteitsoplossingen. Dit jaar is de mobiliteitsvisie voor de komende jaren vastgesteld. Vertaling naar uitvoering vindt in 2016 plaats.Er is specifiek onderzoek in gang gezet gericht op blijvend goede bereikbaarheid van het centrum (analyse HOV route) en de gemeente als geheel (optimalisatie Oost-Westverbinding).

Een aantal bedrijven hebben gebruik gemaakt van de gevelsubsidieregeling. Het project revitalisering bedrijfsterrein Loopkant-Liessent is afgesloten. Dit jaar is een éénmalige financiële bijdrage beschikbaar gesteld voor de realisatie van camerabewaking. Uiterlijk 2017 zal dit project gerealiseerd zijn.“

"Door hulp en ondersteuning dichtbij te organiseren, komt de hulp het beste tot z’n recht"

Wethouder Gerrit Overmans:

"De landelijk ingezette veranderingen in de hulp en ondersteuning hebben veel invloed gehad op het programma Maximaal Meedoen. De uitgangspunten van de nieuwe wetgeving - kwalitatieve zorg op maat en dichtbij mensen – sluiten daar prima op aan. Het vormgeven van goede samenwerking in de keten stond afgelopen jaar centraal. Daarbij ging het om afspraken over inkoop van zorg, werkprocessen rondom klanten, bereikbaarheid voor klanten en communicatie. Samen met die partners is en wordt het beleid steeds verder uitgewerkt naar de uitvoering.

De gemeenteraad is volop betrokken bij deze ontwikkelingen. Op drie momenten is samen met een aantal ketenpartners en de raadsleden de stand van zaken geëvalueerd. Knelpunten werden zichtbaar en het beleid is bijgesteld. Belangrijke instrumenten daarbij zijn innovatie en preventie.

Door hulp en ondersteuning dichtbij, rondom en vanuit het netwerk van de inwoner te organiseren, komt de hulp het beste tot z’n recht. Daarbij is laagdrempelige toegang in de wijk of buurt van groot belang. Maar ook het portaal daar voor, de algemene voorzieningen die voor iedereen toegankelijk zijn ofwel basisstructuur, vervullen een belangrijke rol. In 2015 is gestart met een onderzoek naar de basisstructuur in Uden. Samen met inwoners, professionals, betrokken organisaties, is een eerste inventarisatie gemaakt. Dit proces loopt nog en krijgt in 2016 steeds verder vorm. Streven naar verbetering en optimalisatie is op basis van het transitiejaar leidend.

In 2016 introduceren we de term ‘populatiebekostiging’. Op basis van de historische vraag naar ondersteuning in een bepaald gebied, wordt aan één zorgaanbieder een bedrag uitgekeerd. Daarvoor worden inwoners van dat gebied ondersteund zonder dat elke individuele inwoner een aparte aanvraag moet indienen voor hulp en ondersteuning. Het stimuleert preventie. Want als de ondersteuningsvraag daalt, houdt de zorgaanbieder budgetruimte over. Dit geld wordt dan bijvoorbeeld voor welzijnsactiviteiten ingezet. Zij kunnen dan op tijden die bij hen passen gebruik maken van aanwezige diensten zoals vermaak, dagbesteding, maaltijdvoorziening, wassen etc. Bovendien maakt deze vorm van bekostiging het mogelijk om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt in te zetten.

Het beoogd doel van de transities was om de gemeente een grotere rol te geven in de ondersteuning van inwoners, omdat zij de inwoners en hun leefomgeving veel beter kennen. De versmelting van Jeugdwet en Wmo is inmiddels zichtbaar. Hierdoor kan naadloze ondersteuning geboden worden aan opgroeiende jeugd en het gezin. Ook richting de Participatiewet zijn de eerste effecten zichtbaar. Op het gebied van arbeid is regionaal het WerkgeversServicePunt ingericht. Lokaal ontstaat een krachtige samenwerking met ondernemers. De eerste successen op het gebied van uitstroom zijn daardoor zichtbaar. Het bedrijfsleven, verenigingen en intermediairs zoals bijvoorbeeld De Werkontwikkelaar vervullen daarin een belangrijke en actieve rol."

Ook de rol van werkbedrijf IBN is door deze verandering in wetgeving veranderd. In 2015 is samen met hen een pilot opgezet om de inzet van de IBN binnen de P-wet te onderzoeken. Dit zal in 2016 afgerond zijn, wat zal leiden tot nieuwe beleidskeuzes met de gemeenteraad.”

Jaarrekening

Analyse jaarrekeningresultaat

De planning en controlcyclus van de gemeente Uden is zo ingericht dat we jaarlijks 2 keer kritisch de budgetontwikkelingen beoordelen. Dit doen we bij de 1e (verantwoording over januari t/m maart) en de 2e (verantwoording over januari t/m augustus) financiële afwijkingenrapportage. Deze rapportages, voorzien van een aanpassing van de begroting, worden ter vaststelling aan de Raad aangeboden. Bij ontwikkelingen met grote financiële gevolgen wachten we niet tot deze rapportage momenten, maar gaan we direct in gesprek met de Raad. Het jaarrekeningresultaat 2015 bedraagt voor bestemming  € 774.000 voordelig. In de analyse jaarrekeningresultaat vermelden we op bestuurlijk productniveau, de belangrijkste mee- en tegenvallers.

Per programma is er ook een uitvoerige analyse beschikbaar. Deze is in het jaarverslag per programma opgenomen onder "wat heeft dit programma gekost".

Analyse jaarrekeningresultaat 2015

Programma   Resultaat  
DUURZAAM WONEN EN ONDERNEMEN
Bouwleges -190.000 N
Onroerend goed-exploitatie verkoop panden 190.000 V
Omgevingsvergunningen 104.000 V
Afwijking kostenplaatsen 259.000 V
Saldo overige afwijkingen  (producten < € 100.000) 28.000 V
Resultaat programma Duurzaam Wonen en Ondernemen 391.000 V
Voor de specificatie van deze analyse klik hier      
 
MAXIMAAL MEEDOEN
Uitkeringen levensonderhoud 180.000 V
Kosten invoeringsbudget jeugdwet 155.000 V
Saldo overige afwijkingen  (producten < € 100.000) 358.000 V
Resultaat programma Maximaal Meedoen 693.000 V
Voor de specificatie van deze analyse klik hier      
 
GOED LEVEN EN ONTMOETEN
Accommodaties -peuter-en kinderopvang -104.000 N
Accommodaties -wijkgebouwen en ontmoetingspleinen 177.000 V
Onderhoud openbaar groen 176.000 V
Herinrichting omgeving nieuwbouw Udens College (*) 100.000 V
Afwijking kostenplaatsen -252.000 N
Saldo overige afwijkingen  (producten < € 100.000) 417.000 V
Resultaat programma Goed Leven en Ontmoeten 514.000 V
Voor de specificatie van deze analyse klik hier      
(*) Voorgesteld wordt dit budget naar 2016 over te hevelen bij de resultaatbestemming 
 
VEILIG GEVOEL
Afwijking kostenplaatsen 128.000 V
Saldo overige afwijkingen  (producten < € 100.000) 87.000 V
Resultaat programma Veilig Gevoel 215.000 V
Voor de specificatie van deze analyse klik hier      
       
DIENSTBARE EN BETROUWBARE OVERHEID
Onroerende zaakbelastingen opbrengst -436.000 N
Algemene uitkering 128.000 V
Deelneming Markant -227.000 N
Pensioenvoorziening -545.000 N
Saldo overige afwijkingen  (producten < € 100.000) 41.000 V
Resultaat programma Dienstbare en Betrouwbare Overheid -1.039.000 N
Voor de specificatie van deze analyse klik hier      
 
TOTAAL REKENINGRESULTAAT 2015  (voor bestemming ) 774.000 V

Bijlagen

Als extra informatie hebben we een aantal bijlagen opgenomen. De meeste van deze bijlagen zijn cijfermatig van aard en geven nadere informatie op de balans. Met de SISA bijlage (Single Audit Single Information) wordt verantwoording afgelegd over de specifieke uitkeringen die de gemeente ontvangt.

Bijlage Muzerijk

Verantwoording subsidie bouwfase Ontmoetingsplein Bitswijk 2012 , 2013 en 2014

Op 2 augustus 2011 ontvingen wij een subsidiebeschikking waarin de provincie Noord-Brabant ons een subsidie van €450.000 heeft verstrekt voor de bouwfase van de multifunctionele accommodatie Muzerijk te Uden. Het gaat hierbij om een subsidie in het kader van de subsidieregeling vernieuwing ruimte Noord-Brabant 2010-2014 (ISV 3). Aan de subsidie is de verplichting gehangen dat verantwoording afgelegd dient te worden via de gemeente jaarstukken, waarbij herkenbaar aangegeven dient te worden welk bedrag per jaar besteed is aan subsidiabele kosten.

Het ontmoetingsplein bestaat uit een brede school (2 scholen) inclusief peuterspeelzaal en (gehandicapten) kinderopvang, een sporthal, een multifunctionele ontmoetingsruimte, gezondheidscentrum met o.a. fysiotherapie, logopedie etc, zorgwoningen, senioren appartementen en een halfverdiepte parkeervoorziening. De totale projectbegroting voor alle fasen van alle partners samen (gemeente Uden, Area en Zorggoed Brabant) bedroeg ongeveer € 24 miljoen. Het gemeentelijke deel was in totaal begroot op ongeveer € 9 miljoen. Fase 1 van het project, het bouwen van de Multifunctionele Accommodatie, waar het meeste geld van de gemeente in is gegaan, is opgeleverd op 20 december 2013. Op 27 maart 2015 is fase 2, het appartementengebouw opgeleverd.

Een eis van de subsidieregeling is dat een bepaald duurzaamheidsniveau behaald moest worden. De ambitie van de gezamenlijk partijen was om een gemiddelde gpr van 8 te halen over de 5 duurzaamheidscriteria: energie, milieu, gezondheid, gebruikskwaliteit en toekomstwaarde. Met de voorgestelde maatregelen zou er gemiddeld bijna een 8 gescoord worden. De maatregelen zijn allemaal uitgevoerd en als extra maatregel zijn nog zonnepanelen aangebracht. De maatregelen zijn opnieuw berekend op de gpr-score. Voor het gemeentelijk deel in Muzerijk is een 8 gehaald (dit is 2/3e deel van Muzerijk). Voor het deel van ZorggoedBrabant een 7,9 (1/3e deel van Muzerijk) en voor de appartementen van Area een 8. Daarmee zijn twee hele duurzame gebouwen opgeleverd.

Subsidiabele kosten in het kader van de ISV 3 subsidie

Dit jaar zijn zowel de subsidiabele kosten van 2012, van 2013 en van 2014 verantwoord. De plankosten die lopen vanaf 2009 zijn wel verwerkt in het gemeentelijke budget, maar zijn opgenomen onder de niet-subsidiabele kosten omdat daar al een separate provinciale subsidie voor is verstrekt. De kredieten zijn nog niet af te sluiten per eind 2014. Omdat het gemeentelijke deel eind 2013 is opgeleverd zijn de te verwachte wijzingen in 2015 alleen nog doorfacturering aan de partners voor voorgeschoten kosten, en kosten die gezamenlijk genomen dienen te worden in het laatste deel van de bouwfase.

Fase 1, het onderdeel waar de gemeente in geïnvesteerd heeft, is opgeleverd eind 2013. Het project in zijn totaliteit wordt naar verwachting in de loop van 2015 afgerond. Tevens zullen de kredieten in 2015 afgesloten worden.

  Totale begroting gemeentelijk deel Tijdelijke budgetcorrectie voor beheersmaatregelen (3 jaar) Gecorrigeerde begroting gemeentelijk deel Totaal gemaakte kosten           Waarvan subsidiabel    Waarvan niet subsidiabel*
Project kosten € 9.837.000 € - 867.418  € 8.969.582 € 8.946.541 € 8.045.916 € 900.625

* De niet subsidiabele kosten zijn per saldo genomen, na aftrek van de provinciale subsidie plankosten en bijdragen ontvangen voor doorbelaste kosten

Hoofdlijnen

De verslaggevingsregels voor het opstellen van de Programmarekening zijn vastgelegd in het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Volgens die richtlijnen dient de gemeente een aantal overzichten op te nemen die op hoofdlijnen een beeld geven van de jaarrekening.

Zo wordt de Programmarekening cijfermatig op hoofdlijnen gepresenteerd. De term 'programmarekening' wordt overigens conform de BBV met ingang van dit jaar vervangen door de term 'overzicht van baten en lasten'. Ook geven we in een totaaloverzicht weer de belangrijkste inkomstenbronnen van de gemeente.

Het overzicht van alle incidentele baten en lasten is eveneens verplicht.

Tenslotte presenteren we hier de monitor van de bezuinigingstaakstellingen. In dit document hebben we overigens ook toegevoegd de nieuwe bezuinigingen uit Programmabegroting 2015. Op die manier is deze bezuinigingsmonitor uitputtend en volledig actueel.

Monitoring bezuinigingstaakstellingen

In de programmabegroting van 2011 t/m 2016 zijn zoals bekend diverse bezuinigingsmaatregelen opgenomen. Niet al die bezuinigingen zijn direct realiseerbaar. Als dat het geval is worden ze als taakstelling opgenomen.

Extra aandacht voor deze bezuinigingsmonitor

Met de 4 keer per jaar opgestelde monitor houden we de voortgang van de realisatie van deze bezuinigingstaakstellingen continu in de gaten. De monitor wordt opgenomen in alle producten uit de planning en controlcyclus te weten; de Begrotingsnotitie, de Programmabegroting, de Bestuursrapportage en tenslotte de Programmarekening.

Het realiseren van de bezuinigingstaakstellingen volgens planning is zeer belangrijk. Het niet realiseren in enig jaar betekent immers dat er direct een dekkingstekort ontstaat in de exploitatie en dat er dus een financieel alternatief gezocht moet worden. In de jaren 2012 t/m 2015 is in totaal € 1.210.539 (PDF, 70.7 kB)om moverende redenen niet volgens planning gerealiseerd. Deze toelichting is opgenomen in de financiele afwijkingenrapportage van desbetreffende Bestuursrapportages. De algemene reserve vrij besteedbaar is aangewezen ter dekking van het ontstane tekort.

Tabel opgenomen en gerealiseerde bezuinigingen

In onderstaande tabel zijn ook de bezuinigingstaakstellingen zoals opgenomen in de meest actuele Programmabegroting (Programmabegroting 2016) verwerkt. In ons streven naar continious reporting is het belangrijk om altijd het meest complete beeld te presenteren. Het totaal aan te realiseren bezuinigingen bedraagt € 7,6 miljoen ( m.i.v. 2020). Van dit bedrag is momenteel € 6,6 miljoen (m.i.v. 2020) gerealiseerd. De verwachting is dat de resterende bezuinigingen volgens planning zullen worden gerealiseerd.

 

Gerealiseerde bezuinigingen in 2015

In 2015 is vier keer de bezuinigingsmonitor geactualiseerd.

  • In de 1e rapportage 2015 is een bedrag van € 259.333 gerealiseerd in 2015 ( € 653.004 in 2020). 
  • In de Begrotingsnotitie 2016 zijn niet te realiseren bezuinigingen als nadeel gemeld (€ 161.250) in 2015 (€ 18.500 in 2020).
  • In de 2e rapportage 2015 is een bedrag van € 51.789 gerealiseerd in 2015 (€ 21.789 in 2020).

De bezuinigingstaakstelling voor dienstjaar 2015 is hiermee afgerond. De monitor voor het jaar 2015 ziet er als volgt uit:

Nog te realiseren bezuinigingen na deze monitor

Na deze monitor reseert er nog een taakstelling van € 1.078.064 (2020). In deze taakstelling zijn de nieuwe bezuinigingen uit Programmabegroting 2016 (€ 852.500) al opgenomen, zodat nu het integrale beeld beschikbaar is. Een specificatie van dit bedrag treft u hier (PDF, 35.9 kB). Deze taakstelling kunnen we ook gefaseerd weergeven:

Fase 0 betekent dat er nog geen actie is opgestart om de bezuiniging te realiseren. Fase 1 geeft aan dat de definiëring van de bezuinigingstaakstelling loopt.

In 'Fase 2' is de te nemen maatregel om de bezuiniging te realiseren gedefinieerd en ook gecommuniceerd met de eventuele direct betrokkenen. De bezuiniging is echter nog niet gerealiseerd.

Onderwijstaakstellingen

Niet in de monitor opgenomen maar wel ter informatie in beeld gebracht, de taakstellingen op onderwijs (ca € 860.000 structureel).  Door het wegvallen van taken en verantwoordelijkheden rond onderwijs zijn gemeenten gekort op de algemene uitkering.  

Onderwijstaakstellingen 2015 2016 2017 2018 2019 2020
Taakstelling onderwijs a.g.v. overheveling verantwoordelijkheid naar schoolbesturen van buitenonderhoud en aanpassing scholen primair en speciaal onderwijs 339.000 331.000 326.000 318.000 318.000 318.000
Vrijval dotatie voorziening onderwijs na opheffing -169.000 -169.000 -169.000 -169.000 -169.000 -169.000
Incidenteel gedekt binnen programma onderwijs -170.000          
Vrijval kapitaallasten 2019         -7.933 -7.933
Vrijval kapitaallasten basisschool Jan Bluyssen en De Brinck   -38.296 -37.647 -36.997 -36.348 -36.348
Vrijval kapitaallasten basisschool Den Dijk   -46.513 -45.541 -44.516 -42.832 -42.832
Restant taakstelling 0 77.191 73.812 67.487 61.887 61.887
             
             
Taakstelling onderwijs a.g.v. algemene korting Gemeentefonds wegens landelijke onderbesteding onderwijshuisvesting voor het primair en voortgezet onderwijs 524.221 530.489 527.220 540.220 540.220 540.220
Inzet frictiebudget formatieve bezuinigingen (begrotingsnotitie '16) -365.001 -363.927 -362.653 -364.155 -366.505 -366.505
Betrokken bij het basisbeeld van begrotingsnotitie 2016 -159.220 -166.562 -164.567 -176.065 -173.715 -173.715
Taakstelling 0 0 0 0 0 0
             
TOTAAL 0 77.191 73.812 67.487 61.887 61.887

Balans en toelichting

Een balans is een overzicht van de bezittingen, de schulden en het eigen vermogen op een bepaald moment. Anders gezegd: op de balans staat wat je hebt (activa, de linkerzijde van de balans) en hoe je die bezittingen gefinancierd hebt (passiva, de rechterzijde van de balans, met eigen vermogen of bijvoorbeeld met leningen, vreemd vermogen).

Waarderingsgrondslagen

De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) daarvoor geeft. Dit besluit is met ingang van 1 januari 2004 in werking getreden. 

Algemene grondslagen

De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten (verkrijgings- of vervaardigingsprijs), tenzij bij de desbetreffende balanspost anders is vermeld.
De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts opgenomen voorzover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden.

Balans - Vaste activa

Immateriële vaste activa

Immateriële vaste activa worden gewaardeerd op basis van verkrijgings- of vervaardigingsprijs, verminderd met afschrijvingen. Afschrijving vindt bij kosten van geldleningen plaats binnen de looptijd van de lening en bij kosten van onderzoek en ontwikkeling in maximaal vijf jaar. Voor de verdere methode van afschrijven en de afschrijvingstermijnen wordt verwezen naar de Regeling activering en afschrijving gemeente Uden.  

Materiële vaste activa

Materiële vaste activa worden gewaardeerd op basis van verkrijgingsprijs (omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten) of vervaardigingsprijs (omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige kosten, die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend), verminderd met afschrijvingen.
Uitzondering hierop betreft de in erfpacht uitgegeven gronden. Voor in erfpacht uitgegeven gronden geldt de uitgifteprijs van eerste uitgifte als verkrijgingsprijs.

Afschrijving vindt plaats volgens een percentage van de aanschaffingswaarde, gebaseerd op de verwachte gemiddelde levensduur van de activa. Op grond wordt niet afgeschreven. Voor de verdere methode van afschrijven en de afschrijvingstermijnen wordt verwezen naar de Regeling activering en afschrijving gemeente Uden

Financiële vaste activa

De financiële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs.

Balans - Vlottende activa

Voorraden

De bouwgronden in exploitatie zijn gewaardeerd tegen de vervaardigingsprijs, dan wel de lagere marktwaarde. De vervaardigingspijs omvat de kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend (zoals grondaankopen en kosten van bouw- en woonrijpmaken), de rentekosten, de plankosten en de administratie- en beheerskosten.
De nog niet in exploitatie genomen bouwgronden zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs dan wel de lagere marktwaarde. Er wordt rente bijgeschreven op de boekwaarde van deze voorraden.
Winsten uit de grondexploitatie worden slechts genomen indien en voor zover die met voldoende mate van betrouwbaarheid als gerealiseerd aangemerkt kunnen worden. Zolang daarvan geen sprake is, worden de verkregen verkoopopbrengsten ten volle op de vervaardigingkosten in mindering gebracht.
Voor eventuele verwachte negatieve resultaten op de projecten is een voorziening gevormd.

Uitzettingen met een rente-typische looptijd korter dan 1 jaar

Uitzettingen met een rente-typische looptijd korter dan 1 jaar worden tegen nominale waarde gewaardeerd. Eventuele voorzieningen wegens oninbaarheid worden op de vorderingen in mindering gebracht.

Overlopende activa

Overlopende activa worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

Liquide middelen

Liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

Balans – Vaste passiva

Eigen vermogen

Onder het eigen vermogen zijn opgenomen de algemene reserves, de bestemmingsreserves en het saldo van de rekening van baten en lasten. De algemene reserves zijn alle reserves die primair dienen als weerstandsvermogen om incidentele tegenvallers in de exploitatie op te vangen. De bestemmingsreserves zijn reserves waaraan de gemeenteraad een bepaalde bestemming heeft meegegeven. Dit zijn vermogensbestanddelen die alleen in de aangegeven richting zijn aan te wenden.

Voorzieningen

Onder de voorzieningen zijn opgenomen, de op het moment van opstellen van de jaarrekening voorzienbare verplichtingen, verliezen en/of risico’s, voorzover de omvang hiervan redelijkerwijs is in te schatten. De voorzieningen zijn gewaardeerd op nominale waarde. De pensioenverplichting ten behoeve van de wethouders is echter op de contante waarde van de (reeds opgebouwde) toekomstige uitkeringsverplichtingen gewaardeerd. Ook de voorziening op grondexploitatienadelen is gebaseerd op de netto-contante waarde.
De onderhoudsegalisatievoorzieningen stoelen op een meerjarenraming van het uit te voeren groot onderhoud aan (een deel van) de gemeentelijke kapitaalgoederen, waarin rekening is gehouden met de kwaliteitseisen die terzake geformuleerd zijn. In de paragraaf 3.4 onderhoud kapitaalgoederen is het beleid nader uiteengezet.
Voorzieningen worden op grond van artikel 44 BBV gevormd voor:

  • verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is doch redelijkerwijs te schatten;
  • bestaande risico's op balansdatum terzake van verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs te schatten is;
  • kosten die in een volgend begrotingsjaar worden gemaakt maar de oorsprong hebben in het begrotingsjaar of een eerder begrotingsjaar en de voorziening strekt tot kostenegalisatie;
  • de bijdragen aan toekomstige vervangingsinvesteringen, waarvoor een heffing wordt geheven.

Vaste schulden met een rente-typische looptijd van 1 jaar of langer

Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rente-typische looptijd van één jaar of langer.
De aflossingen van het volgende begrotingsjaar zijn gerubriceerd onder de vlottende passiva.
 

Balans – Vlottende passiva

Overige schulden

De overige schulden worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

Overlopende passiva

De overlopende passiva worden gewaardeerd tegen nominale waarde.
Onder de overlopende passiva worden tevens de vooruitontvangen posten en periodieke erfpachtbetalingen opgenomen.

Kasgeldleningen

De kasgeldleningen worden gewaardeerd tegen nominale waarde.
 

Bestuurlijke structuur

Wie is de gemeente Uden?

Antwoord op die vraag kunnen we het best laten geven door onze inwoners zelf. Zij komen aan het woord in een kort introductiefilmpje over Uden. Verder geven we in dit onderdeel inzicht in de samenstelling van het dagelijks bestuur en de raad.