Verberg het menu

Programmabegroting 2017

Samenvatting Programmabegroting 2017

Investeren in een vitaal Uden!

Programmabegroting 2017 bestaat uit twee onderdelen: het Programmaplan en Financiën. Het Programmaplan beschrijft de belangrijkste ontwikkelingen en doelstellingen voor het komende jaar. In het hoofdstuk Financiën vindt u de financiële vertaling van deze ontwikkelingen.

Programmaplan

In de highlights per portefeuille worden de belangrijkste ontwikkelingen voor 2017 beschreven. Zonder uitputtend te zijn onderstaand een aantal belangrijke accenten zoals opgenomen in het programmaplan 2017. Dit om onze ambities zoals vastgelegd in het  coalitieprogramma ‘Samen voor een vitaal Uden! te realiseren of bijvoorbeeld ingegeven door nieuwe wetgeving of andere ontwikkelingen.

Duurzaam wonen en ondernemen

  • 150 nieuwe woningen in Uden, Volkel en Odiliapeel.
  • Voorbereiding invoering van de Omgevingswet.
  • Planologische procedure Foodcourt afgerond.
  • Afvalproeven continueren en realiseren duurzaamheidsagenda 2015-2020.

Maximaal meedoen

  • Voorzetten excellente wijze invoeren/verankeren sociale beleid.
  • Voorzetten samenwerking met IBN, onderwijs en lokale ondernemers.

Goed leven en ontmoeten

  • Renoveren en herinrichten van onder anderen; Vijfhuizerweg en de Morel, Oudedijk, Asfaltpaden Mellepark, fietspad Zeelandsedijk, Parallelweg (Fietspad) Middenpeelweg.

Veilig gevoel

  • De thema’s voor integrale handhaving: veilig recreëren (inventarisatie en controles op de campings), woonadresfraude (huisvesting van arbeidsmigranten, veilig wonen), vastgoed (misbruik, tegengaan oneigenlijk gebruik panden op industrieterreinen).

Dienstbare en betrouwbare overheid

  • Ondersteunen en faciliteren van Udenaar de toekomst.
  • Bevorderen mogelijkheden komst van een grote groene Maashorstgemeente.

Bedrijfsvoering

  • Transparanter maken van onze bedrijfsvoering.
  • Inzicht in overhead en duidelijke prestatie indicatoren.
  • Vergroten onderlinge vergelijkbaar tussen gemeenten.

Financiën

De gunstigere ontwikkeling van de economie, zoals voorspeld in de Begrotingsnotitie 2017, heeft stand gehouden. We hebben de crisis definitief achter ons gelaten. Na de magere jaren is eindelijk de prognose voor onze financiën weer gunstig. Waar we in de vorige begroting nog moesten kiezen voor het uitgangspunt ‘doen wat nodig is’, kunnen we op basis van de huidige financiële situatie weer investeren in een vitaal Uden. Samengevat kunnen we zo’n € 9,5 miljoen aan nieuwe investeringen doen om verder invulling te geven aan het coalitieprogramma. Er komen geen nieuwe bezuinigingen en opnieuw hoeven we - buiten de reguliere jaarlijkse indexering - geen extra belastingverhoging door te voeren.

Investeringen

Door het verbeterde financiële perspectief is er meer ruimte voor nieuwe investeringen. In deze programmabegroting is in totaal voor bijna € 9,5 miljoen aan nieuwe investeringen opgenomen. Onderstaand de investeringen van
€ 100.000 en meer:

Renovatie/herinrichting van:  
  • Herinrichting Terraveenplein Odiliapeel
€ 575.000
  • Rehabilitatie en herinrichting openbare ruimte   
€ 3.116.000
  • Herinrichting St Janstraat-Birgittinessestraat 
€ 525.000
  • Herinrichting Marktstraat
€ 1.205.000
Turborotonde A50 afrit Uden Noord (Oostzijde) € 100.000
Vervanging zandingestrooid kunstgrasveld HCU € 475.000
Oplossen waterproblematiek wooncomplex Brabantplein € 215.000
Voorzieningen onderwijshuisvesting  € 177.000
Nieuwbouw brandweerkazerne (Udens deel) €3.000.000

Naast deze nieuwe investeringen gaan we uiteraard ook in 2017 verder met de realisatie van de al eerder door de raad gevoteerde investeringen. Klik hier (PDF, 116.9 kB) voor een overzicht van de onderhanden werken en het investeringsprogramma. Verder wordt er eenmalig geld uitgetrokken voor o.a. de implementatie van de omgevingswet (€ 725.000), de duurzaamheidsagenda 2015-2020 (€ 236.000 in 4 jaar) en de bijdrage aan de regionale samenwerking Noordoost Brabant (NOB) (€ 276.000 in 4 jaar). 

Financiële positie

Wij bieden een structureel sluitende programmabegroting aan die voldoet aan de hiervoor geldende voorschriften van onze toezichthouder, Provincie Noord-Brabant. Ons weerstandsratio voldoet aan de norm die we met de raad hebben afgesproken en ons risicobeheer is geborgd in onze planning en controlcyclus.

Behandelingsprocedure

27 september aanbieding Programmabegroting 2017 aan de gemeenteraad
 9 oktober uiterste datum indienen technische vragen door de fracties
18 oktober verstrekken antwoorden op de technische vragen door het college
19 oktober raadsbrede inspraakavond
30 oktober uiterste datum indienen algemene beschouwingen door de fracties
10 november behandeling en vaststelling Programmabegroting 2017

Financiën

Hier vindt u de financiële vertaling van de Programmabegroting 2017-2020, vastgelegd in een meerjarenbeeld met de volgende onderdelen:

Bestedings- en dekkingsplan 2017-2020

  Bestedings- en dekkingsplan 2017-2020 (structureel) x € 1.000 (- = negatief) 2017 2018 2019 2020
1 Begrotingsnotitie 2017 -162 +450 +919 +1.192
2 Correcties basisbeeld indexeringen en begrotingswijziging Begrotingsnotitie 2017 +66 -13 -13 -13
3 Aanpassing systeem van rentetoerekenen aan het grondbedrijf/treasury -65 -65 -65 -65
4 Autonome ontwikkelingen  -191 -191 -191 -191
5 Offertes -471 -553 -570 -586
  Saldo Programmabegroting 2017-2020 -823 -372 +80 +337
  Bestedings- en dekkingsplan 2017-2020 (incidenteel) x € 1.000 (- = negatief) 2017 2018 2019 2020
1 Begrotingsnotitie 2017     -25  
2 Onderuitputting kapitaallasten structurele offertes +304 +52    
5 Offertes -1.168 -107 -107 -107
  Saldo Programmabegroting 2017-2020 -864 -55 -132 -107

Structureel

1. Begrotingsnotitie 2017

bedragen x € 1.000   - = negatief 2017 2018 2019 2020
Saldo begrotingsnotitie 2017 -162 +450 +919 +1.192

Uitgangspunt bij de voorbereiding van het bestedings- en dekkingsplan van Programmabegroting 2017 is het basisbeeld zoals opgenomen en toegelicht in de Begrotingsnotitie 2017.

2. Correcties basisbeeld indexeringen en begrotingswijziging Begrotingsnotitie 2017

bedragen x € 1.000  - = negatief 2017 2018 2019 2020
gevolgen gewijzigde mei-circulaire 2016 (juni)   -79 -79 -79
correctie basisbeeld a.g.v. afboeking bezuiniging GGD +51 +51 +51 +51
overige kleine verschillen +15 +15 +15 +15
Totaal +66 -13 -13 -13

Na publicatie van de Begrotingsnotitie 2017 is er nog een aanpassing op de meicirculaire gepubliceerd. Een herbereking de prognose van de algemene uitkering geeft een structureel nadeel van € 79.000. Zie voor aanvullende informatie de toelichting op de algemene uitkering.

In Begrotingsnotitie 2017 hebben we om redenen voorgesteld tot intrekken ten laste van het saldo van de restantbezuiniging op de GGD. In Programmabegroting 2016 hadden we echter dit bedrag ook al als correctie op het basisbeeld opgenomen omdat de Provincie op het standpunt staat dat bezuinigingen op GR's niet of nauwelijks realiseerbaar zijn door individuele deelnemers. Dit levert nu een structureel voordeel op van € 51.000.

Diverse kleine verschillen treden op bij het doorberekenen van de begrotingswijziging van de 1e financiële afwijkingenrapportage 2016 (als onderdeel van Begrotingsnotitie 2017). Per saldo levert dit een structureel voordeel op van € 15.000.

3. Aanpassing systeem van rentetoerekenen aan het grondbedrijf/treasury

bedragen x € 1.000  - = negatief 2016 2017 2018 2019
rentetoerekening -65 -65 -65 -65

In Begrotingsnotitie 2017 bent u geïnformeerd over de aankomende wetswijzigingen rond het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Dit in het onderdeel 'ontwikkelingen BBV'.  De wetswijzigingen worden door de commissieBBV verder verduidelijkt door publicatie van notities. Rond dit thema zijn twee notities verschenen; notitie rente (PDF, 453.8 kB)en notitie grondexploitaties (PDF, 571.1 kB). In de notitie rente wordt vooral ingezet op een vereenvoudiging van het systeem van renteomslag, waarbij niet langer gerekend wordt met een fictief rendement op het eigen vermogen maar vooral uitgegaan wordt van de werkelijke rentekosten. Een concrete uitwerking maakt vanaf nu onderdeel uit van de financieringsparagraaf.

Voor wat betreft de rente grondexploitatie is het niet langer toegestaan om rente over het eigen vermogen toe te rekenen aan de BIEs (Bouwgrond in exploitatie). De rente moet  worden gebaseerd op de daadwerkelijk te betalen rente over het vreemd vermogen. Wanneer er gebruik gemaakt wordt van projectfinanciering mag die rente gehanteerd worden. Wanneer er geen sprake is van projectfinanciering, wat in Uden het geval is, wordt de rente bepaald als het gewogen gemiddelde rentepercentage van de bestaande leningenportefeuille, naar verhouding vreemd vermogen/totaal vermogen. Op basis van de cijfers per 1-1-2016 komt dit neer op een rentepercentage van 3,06%.  Jaarlijks zal het rentepercentage opnieu worden berekend. Het is echter niet noodzakelijk om het rentepercentage ook jaarlijks aan te passen, een afwijking van 0,5% op het vastgestelde percentage is volgens de BBV toegestaan.

4. Autonome ontwikkelingen 

Autonome ontwikkelingen zijn ontwikkelingen die feitelijk onontkoombaar zijn en waar eingelijk geen keuzevrijheid meer in is. Om die reden presenteren we die ontwikkelingen ook separaat van de offertes. Bij de offertes kan wel de afweging gemaakt worden om iets wel of niet te doen.

bedragen x € 1.000  -  = negatief 2017 2018 2019 2020
Aframen opbrengst leges Wabo -100 -100 -100 -100
Cameratoezicht bij evenementen -10 -10 -10 -10
Areaaluitbreiding openbare ruimte -61 -61 -61 -61
Mutatie detectie luchtfotos -20 -20 -20 -20
Totaal -191 -191 -191 -191

Aframen opbrengst leges Wabo

Bij de leges op het gebied van Wabo-activiteiten (sloop, brandveilig gebruik, bouwen en gebruik, inritten) blijven de opbrengsten al een aantal jaren achter op de raming. De economische crisis heeft geleid tot structureel lagere bouwkosten en een afname van grote complexe bouwprojecten. Daarnaast leidt het vergroten van het aantal vergunningensvrije bouwwerken en het verkorten van de procedures bij grote bouwprojecten tot minder inkomsten. De verwachting is dat de in het verleden geraamde opbrengsten structureel zullen achterblijven.

Cameratoezicht bij evenementen

De kosten voor het inzetten en uitlezen van bewakingscamera's in de openbare ruimte zijn toegenomen. Dit als gevolg van de uurvergoeding en de extra inzet van cameratoezicht tijdens evenementen. Bijvoorbeeld bewaking via camera extra fietsenstalling tijdens kermis.

Areaaluitbreiding openbare ruimte

Door het uitbreiden en/of aanpassen van openbare ruimte, stijgt ook het jaarlijkse budget voor onderhoud. Deze uitbreiding wordt areaaluitbreiding genoemd. Dit betekent dat de budgetten voor onderhoud moeten worden verhoogd om te kunnen blijven voldoen aan het niveau, zoals vastgesteld in de Nota Openbare Ruimte. Daarnaast is in het verlden het noodzakelijke extra onderhoud van waterpasserende bestrating niet financieel vertaald. Deze dient frequent te worden gereinigd om functievervulling in stand te houden. Het totaalbedrag van € 61.000 bestaat uit areaal 'groen' € 20.500, aanvullend onderhoud waterpassages € 30.000 en voor de uitbreiding van een tweetal aansluitingen op de A50 bewaakt met slagbomen en camera's en een VRI op locatie Velmolenweg en Losplaats (€ 10.000).

Mutaties detectie luchtfoto's

We laten jaarlijks luchtfoto's en geo-oblieken maken van de gemeente. Informatie uit die foto's wordt gebruikt voor het actueel houden van onze basisregistratie. Het is een wettelijke verplichting voor het actueel houden van de basisregistraties BAG/BGT/WOZ. In het geval we niet voldoen aan de wettelijke eisen wordt er een boete opgelegd. Er zijn audits waarin getoetst wordt of we aan de wettelijke vereisten voldoen.

5. Offertes

Offertes met structurele financiële gevolgen (bedragen x € 1.000) (- = negatief)
Programma duurzaam wonen en ondernemen
Totaal duurzaam wonen en ondernemen   0 0 0 0
Maximaal meedoen
Totaal Maximaal meedoen   0 0 0 0
Goed leven en ontmoeten
Nr. Betreft Invest. 2017 2018 2019 2020
1 Turborotonde A50 afrit Uden Noord (oostzijde) (PDF, 89.0 kB) -100 -4 -4 -4 -4
2 Vervangen zandingestrooid kunstgrasveld HCU (PDF, 88.1 kB) -475 -33 -33 -32 -32
3 Oplossen waterproblematiek wooncomplex Brabantplein (PDF, 90.3 kB) -215 -9 -9 -9 -9
4 Herinrichting Terraveenplein Odiliapeel (PDF, 89.7 kB) -575 -26 -25 -25 -25
5 Zeelandsedijk 1, verleggen fietspad en verplanten van 3 bomen (PDF, 86.0 kB) -44 -2 -2 -2 -2
6 Rehabilitatie en herinrichting openbare ruimte (PDF, 123.9 kB) -3.116 -73 -140 -139 -137
7 Herinrichting St Janstraat-Birgittinessestraat (aanvullend budget) (PDF, 90.0 kB) -525 -23 -23 -23 -23
8 Noodzakelijke maatregelen a.g.v. nieuw beregeningsbeleid Waterschap Aa en Maas (PDF, 87.6 kB) -18 -1 -1 -1 -1
9 Aanvragen voorzieningen Onderwijshuisvesting (OHV 2016) (PDF, 143.7 kB) -177 -11 -11 -11 -11
10 Voorschoolse voorziening peuters (PDF, 93.7 kB)   -44 -66 -87 -109
11 Bouwkundige aanpassingen aan accommodatie de Schakel in Volkel (PDF, 86.3 kB) -28 -3 -3 -3 -3
12 Herinrichting Marktstraat (PDF, 94.0 kB) -1.205 -48 -42 -41 -40
Totaal Goed leven en ontmoeten -6.478 -277 -359 -377 -396
Veilig gevoel
Nr. Betreft Invest. 2017 2018 2019 2020
13 Nieuwbouw brandweerkazerne (Udens deel) (PDF, 88.3 kB) -3.000 -134 -134 -133 -131
Totaal Veilig gevoel -3.000 -134 -134 -133 -131
           
Dienstbare en betrouwbare overheid
Totaal Dienstbare en betrouwbare overheid   0 0 0 0
Bedrijfsvoering          
Nr. Betreft Invest. 2017 2018 2019 2020
14 Aankoop media-analysepakket (PDF, 85.6 kB)   -8 -8 -8 -8
15 Vervanging audiovisuele middelen/geluidsinstallaties in vergaderkantoren en raadszaal (PDF, 89.7 kB) -60 -11 -11 -11 -11  
16 Uitbreiden facilitair reserveringssysteem en vastgoedbeheer-en reserveringssysteem voor zowel intern gemeentehuis als voor de externe accommodaties (PDF, 92.8 kB)   -16 -16 -16 -16
17 Vervanging lamellen gevels gebouw D gemeentehuis (PDF, 84.4 kB) -90 -11 11 -11 -10
18 Mobiele telefoons (PDF, 86.2 kB) -53 -14 -14 -14 -14
Totaal Bedrijfsvoering -203 -60 -60 -60 -59
           
Totaal generaal -9.681 -471 -553 -570 -586

 

Offertes met incidentele financiële gevolgen (bedragen x € 1.000) (- = negatief)
Programma duurzaam wonen en ondernemen
Nr. Betreft Invest. 2017 2018 2019 2020
19 Implementatie omgevingswet (PDF, 106.5 kB)   -725      
20 Opstellen bestemmingsplan en exploitatieplan delen Uden-Noord (PDF, 181.3 kB)   -70      
21 Duurzaamheidsagenda 2015-2020 (incidenteel voor 4 jaren) (PDF, 86.1 kB)   -122 -38 -38 -38
22 Bijdrage aan Regionale samenwerking Noordoost Brabant (NOB) (incidenteel voor 4 jaren) (PDF, 88.1 kB)   -69 -69 -69 -69
Totaal duurzaam wonen en ondernemen   -986 -107 -107 -107
           
Maximaal meedoen
Totaal Maximaal meedoen   0 0 0  
Goed leven en ontmoeten
Nr. Betreft Invest. 2017 2018 2019 2020
23 Herstel keermuren diverse locaties in het centrum (PDF, 85.8 kB)   -15      
24 Park Moleneind (onderzoek) (PDF, 87.7 kB)   -30      
25 Voorbereidingskrediet voorzieningen in gebied Oost (PDF, 103.8 kB)   -40      
1 tm 12 Onderuitputting kapitaallasten diverse investeringen   +177 +52    
Totaal Goed leven en ontmoeten   +92 +52    
Veilig gevoel
Nr. Betreft Invest. 2017 2018 2019 2020
13 Onderuitputting kapitaallasten (Nieuwbouw brandweerkazerne (Udens deel))   +104      
Totaal Veilig gevoel   +104      
Dienstbare en betrouwbare overheid
Nr. Betreft Invest. 2017 2018 2019 2020
             
Totaal Dienstbare en betrouwbare overheid          
Bedrijfsvoering          
15 Vervanging audioviuele middelen/geluidsinstallaties in vergaderkantoren en raadszaal (PDF, 89.7 kB)   -2      
26 Verbeteren telefonische bereikbaarheid (PDF, 126.4 kB)   -30      
27 Onderzoek medewerkers tevredenheid/bevlogenheid (PDF, 84.0 kB)   -15      
28 Toetredingsbijdrage m.b.t. deelname Bureau Inkoop Zuidoost-Brabant (BIZOB) (PDF, 85.7 kB)   -30      
29 Conceptvertaling en herinrichting verkeersruimtes en ontvangsthal gemeentehuis (PDF, 87.2 kB)   -20      
17/18 Onderuitputting kapitaallasten   +23      
Totaal Bedrijfsvoering   -74      
           
Totaal generaal   -864 -55 -107 -107

De offertes dragen bij aan het realiseren van de doelstellingen zoals vastgelegd in ons coalitieprogramma. De financiële ruimte is sinds 2008 zéér beperkt geweest en alleen het hoogstnoodzakelijke is geprioriteerd geweest. We zien gelukkig een lichte groei in onze financiele mogelijkheden en dit is dan sinds lange tijd een Bestedings- en dekkingsplan zonder noodzakelijke bezuinigingen.

Kijken we naar naar de offertes dan zijn het vooral extra financiële impulsen in de infrastructuur. De rehabilitaite- en herinrichting van de openbare ruimte (€ 3 miljoen), het Udens deel van de nieuwbouw van een brandweerkazerne (€ 3 miljoen) en de herinrichting van de Marktstraat (€ 1,2 miljoen) zijn daarbij de grootste investeringen.

Kijken we naar de incidentele offertes, dan vraagt de implementatie van de omgevingsbudget een aanzienlijk budget (€ 725.000) gevolgd door het uitvoeringsbudget van de duurzaamheidsagenda 2015-2020 (€ 236.000 voor de komende vier jaren).

Niet gehonoreerde offertes

Met de raad is afgesproken dat extern ingebrachte offertes of offertes die niet geprioriteerd zijn, worden toegelicht. Ter voorbereiding van programmabegroting 2017 is één extern verzoek ontvangen van de Stichting platform gehandicapten, die om moverende redenen niet is gehonoreerd.

(bedragen x € 1.000) (- = negatief) 2017 2018 2019 2020
Verbetering toegankelijkheid Uden, Volkel en Odiliapeel (Stichting platform gehandicapten) (PDF, 86.8 kB) +100 +100 +100 +100

Toelichting algemene uitkering uit het gemeentefonds

Het gemeentefonds is de grootste inkomstenbron van gemeenten. De ontwikkeling ervan bepaalt in belangrijke mate onze financiële ruimte. Drie keer per jaar worden gemeente geïnformeerd over de gemeentefondsuitkeringen:

  • In mei/juni op basis van de Voorjaarsnota van het Rijk
  • In september op basis van de Miljoenennota
  • In december op basis van de Najaarsnota

Het Rijk informeert de gemeenten via zogenoemde circulaires (meicirculaire, septembercirculaire en decembercirculaire). In de Programmabegroting baseren we ons op de ontwikkelingen zoals vastgelegd in de meicirculaire.

De ontwikkeling van de algemene uitkering wordt grotendeels bepaald door de ontwikkelingen van de Rijksuitgaven. Dit gebeurt volgens de normeringssystematiek. Het gemeentefonds groeit of krimpt met de ontwikkelingen van de netto gecorrigeerde rijksuitgaven. Hier wordt het principe gehanteerd van 'samen de trap op, samen de trap af'. Een specificatie van de berekening van de algemene uitkering treft u hier (PDF, 234.9 kB).

Is de algemene uitkering uit het gemeentefonds vrij te besteden?

De algemene uitkering uit het gemeentefonds heeft verschillende verschijningsvormen; normale uitkering (= algemeen gedeelte), integratie-uitkering en decentralisatie-uitkering. Met ingang van 2015 is hier aan toegevoegd het Deelfonds sociaal domein.

Voor wat betreft de normale uitkering, integratie-uitkering en decentralisatie-uitkering zijn gemeenten vrij in hun besteding. De Raad heeft er voor gekozen om de integratie-uitkering WMO te oormerken voor de uitvoering van de WMO. Ook heeft de Raad op verzoek van de staatsecretaris besloten om de decentralisatie-uitkering vergunningverlening, toezicht en handhaving die in het kader van de Wet Milieubeheer is overgegaan van de provincie naar gemeenten één op één door te zetten naar de Omgevingsdienst Brabant Noord. Dit om de werkzaamheden hiervoor de continueren.

Verder is het beleid dat, indien afdelingen een aanvraag voor een decentralisatie-uitkering geïnitieerd hebben, zij bij toekenning de middelen ook hiervoor in mogen zetten.

Ook gebruikt het Rijk de algemene uitkering om bijvoorbeeld middelen beschikbaar te stellen voor het organiseren van verkiezingen of voor uitvoeringskosten van bijvoorbeeld de Participatiewet. In principe zijn dit vrije middelen die de gemeente mag inzetten om al haar (wettelijke) taken uit te voeren. Neemt niet weg dat in de praktijk vaak bij het voorbereiden van een offerte verwezen wordt naar deze middelen en ze dus min of meer geclaimd worden.

Onderstaand de omvang van de algemene uitkering uit het gemeentefonds zoals is opgenomen in de Programmabegroting 2017. Zie ook het Bestedings- en dekkingsplan.

De integratieuitkering Sociaal domein

De gemeenteraad van Uden heeft op 27 juni 2013 besloten om de integratieuitkering Sociaal Domein te oormerken, zodat deze ook volledig aan de drie transities (Wmo2015, Jeugd en Participatie) zal worden besteed. Beleidsmatig is het uitgangspunt gekozen om uitvoering van de nieuwe taken in het Sociaal Domein op termijn budgettair neutraal uit te voeren. Eventuele tekorten of overschotten worden aan de daarvoor ingestelde bestemmingsreserve Sociaal Domein onttrokken of toegevoegd.

Met ingang van 2016 zijn de nieuwe objectieve verdeelmodellen voor de Wmo2015 (voorheen Awbz) en Jeugd van toepassing. Voor 2015 gold voor beide nog het historisch model. Voor Participatie wordt vanaf het begin van de integratieuitkering met een objectief model begonnen.

Op basis van de informatie uit Meicirculaire Gemeentefonds 2016 geeft dit voor de gemeente Uden het volgende beeld.

Ontwikkeling Integratieuitkering Sociaal Domein Uden

  2016 2017 2018 2019 2020
WMO 5.432.663 5.441.442 5.378.626 5.324.845 5.297.922
Jeugd 9.512.440 8.909.667 9.007.116 9.007.128 9.008.521
P-wet 9.599.033 8.861.831 8.206.441 7.769.482 7.309.114
Totaal 24.544.136 23.212.940 22.592.183 22.101.455 21.615.557
           

taartdiagram deelfonds sociaal domein


 

Bestuurlijke structuur

Bij de gemeente Uden staat al een aantal jaren het klantgericht werken centraal. Klantgericht werken betekent dat de vragen, problemen en wensen van burgers en bedrijven de spil vormen voor onze manier van werken.

Onze organisatiestructuur (PDF, 21.9 kB) is er op gericht om slagvaardig te kunnen werken en de onderlinge afstemming tussen verschillende afdelingen te optimaliseren. Hierbij streven we naar één aanspreekpunt voor de inwoner.

Het College van burgemeester en wethouders

Van links naar rechts: wethouder Gerrit Overmans (PvdA), wethouder René Peerenboom (VVD/Leefbaar Uden), wethouder Ben Tuithof (Gewoon Uden), wethouder Thijs Vonk (Jong Uden), Burgemeester Hellegers, gemeentesecretaris Smarius, wethouder van Merwerode (D66).

Portefeuilleverdeling

Henk Hellegers, burgemeester

  • Bestuurlijke organisatie en coördinatie
  • Intergemeentelijke samenwerking
  • Openbare orde en veiligheid
  • Communicatie, representatie en jumelage
  • Algemene juridische zaken, levenszaken en interne zaken
  • Integrale handhaving
  • Defensie en vliegbasis
  • Dierenwelzijn
  • Drank- en Horecawet
  • Udenaar de Toekomst
  • Uden Wereldwijd

René Peerenboom, wethouder/loco-burgemeester

  • Ruimtelijke ontwikkeling
  • Volkshuisvesting en woningbouw
  • Financiën en grondbedrijf
  • Ontwikkeling Uden-Noord
  • Plan Hoek Promenade

Thijs Vonk, wethouder

  • Economische zaken en werkgelegenheid(evenementenbeleid en citymarketing)
  • Ontwikkeling centrum
  • Recreatie en toerisme
  • Onderwijs, educatie, brede school, kinderopvang en peuterspeelzaalwerk
  • Jeugd (inclusief transitie) en jongeren
  • Volksgezondheid
  • Leerlingenvervoer

Ben Tuithof, wethouder

  • Openbare Werken
  • Beheer, toezicht en handhaving openbare ruimte
  • Handhaving bouwen en milieu
  • Sport
  • Personeel, organisatie en dienstverlening

Matthie van Merwerode, wethouder

  • Duurzaamheid en milieu
  • Verkeer en vervoer
  • Ontwikkeling en beheer bedrijventerreinen (exclusief Uden-Noord)
  • Eigendommen, vastgoed en accommodatiebeleid
  • Natuur en landschap, Maashorst en Landschappen van Allure
  • Cultuur
  • Regiotaxi

Gerrit Overmans, wethouder

  • Maatschappelijk ontwikkeling en Sociale zaken
  • Armoedebeleid en schulddienstverlening
  • Transitie AWBZ
  • Invoering Participatiebeleid
  • Samenlevingsopbouw, burgerparticipatie en gebiedsplatforms
  • Arbeidsmarktbeleid
  • Integratie en inburgering

Jeroen Smarius, gemeentesecretaris

  • Bestuurlijke advisering en eindverantwoordelijke ambtelijke organisatie

De gemeenteraad 

 De gemeenteraad van Uden heeft 27 raadsleden, afkomstig van acht verschillende politieke partijen:

  • SP (6 zetels)
    • Marianne van Bergen
    • John-Pierre van Deursen
    • Ton Segers
    • Wim Somers
    • Jan Verbruggen
    • Spencer Zegers
  • VVD/Leefbaar Uden (6 zetels)
    • Annemarie van Asseldonk
    • Robert van den Berg
    • Jan Hens
    • Anne Marie Kamp
    • Daan Storm van Leeuwen
    • Ton de Vroomen
  • CDA (5 zetels)
    • Ellen Alofs - van den Boogaard
    • Mirjam de Groot - Arts
    • René Jetten
    • Franko van Lankvelt
    • John Timmers
  • Jong Uden (5 zetels)
    • Gijs van Heeswijk
    • Job van Lanen
    • Karin Schiffer
    • Ramona Sour
    • Stan Willems
  • Gewoon Uden (2 zetels)
    • Ruud Geerders
    • Gerda van den Wijngaard
  • PvdA (1 zetel)
    • Ingeborg Tros
  • D66 (1 zetel)
    • Frank Kersten 
  • Fractie Bozkurt (1 zetel)
    • Deniz Bozkurt

Bijlagen

Als extra informatie, hebben we een aantal bijlagen opgenomen. De meeste van deze bijlagen zijn cijfermatig van aard en geven nadere informatie op het financiele onderdeel van deze programmabegroting.

Financieel economische uitgangspunten

De prognoses van het Centraal Planbureau (CPB) worden door het Kabinet overgenomen in de Rijksbegroting. De programmabegroting is onder andere gebaseerd op informatie van het CPB. De zogenoemde meicirculaire is hierbij van groot belang. Op basis van die prognoses wordt namelijk de programmabegroting opgesteld. Zo nemen we het prijsindexcijfer over voor de berekening van de prijsinflatie. Voor de ontwikkeling van de sociale structuur (onze inwoners naar leeftijdsgroepen) hanteren we de ramingen van de Provincie. De BSOB bijvoorbeeld verstrekt ons informatie over de waardeontwikkelingen van de woningen. Kortom, allemaal belangrijke informatie over ontwikkelingen die we betrekken bij de voorbereiding van onze programmabegroting.

Klik hier (PDF, 70.1 kB) voor de financieel economische uitgangspunten van 2017 e.v..

 

Meerjarenbegroting

Klik hier (PDF, 54.2 kB) voor de Meerjarenbegroting.

Overzicht incidentele baten en lasten

Met ingang van juni 2013 dient volgens artikel 19 BBV het overzicht van incidentele baten en lasten meerjarig in beeld gebracht worden en er dient aangegeven te worden tot welk programma zij horen. Dit overzicht is een belangrijk hulpmiddel om een juist beeld te vormen van het structurele evenwicht in de meerjarenbegroting van de gemeente.

Klik hier (PDF, 63.4 kB) voor het overzicht incidentele baten en lasten.

Bezuinigingsmonitor

Voortgang realisatie bezuinigingsmonitor t/m 2016 (2e monitor 2016)

Het is een goed gebruik om de raad periodiek te informeren over de voortgang van de nog te realiseren bezuinigingen. Dit doen we op een eenduidige manier, gebruik makend van de hiervoor ontwikkelde bezuinigingsmonitor. Deze rapportage maakt onderdeel uit van al onze planning- en controlproducten te weten; de Begrotingsnotitie, de Programmabegroting, de Bestuursrapportage en de Programmarekening.

Totaal opgenomen in gerealiseerde bezuinigingen

In onderstaande tabel het totaal aan opgenomen bezuinigingen. Het totaal aan te realiseren bezuinigingen bedraagt € 7,7 miljoen (in 2020). Van dit bedrag is na de 1e monitor 2016 zoals gepresenteerd in Begrotingsnotitie 2017  € 7,3 miljoen gerealiseerd. Er resteert nu nog een structurele taakstelling van € 317.814 (PDF, 25.9 kB)

Realisatie bezuinigingen 2e monitor 2016

In deze 2e monitor zijn geen nieuwe taakstellingen als 'gerealiseerd' te melden. We gaan er vanuit dat de nog resterende taakstelling voor het jaar 2016 van € 68.907 in het jaar 2016 (Bestuursrapportage) alsnog gerealiseerd gaat worden.

Nog te realiseren bezuinigingen

Onderstaand een schematisch overzicht van de nog te realiseren structurele bezuinigingen.

Uitleg definities fasen

  • Fase 0 betekent dat er nog geen actie is opgestart om de bezuiniging te realiseren.
  • Fase 1 geeft aan dat de definiëring van de bezuinigingstaakstelling loopt.
  • In Fase 2 is de te nemen maatregel om de bezuiniging te realiseren gedefinieerd en ook gecommuniceerd met de direct betrokkenen. De bezuiniging is echter nog niet gerealiseerd.

Onderwijstaakstellingen

Niet in de monitor opgenomen maar wel ter informatie in beeld gebracht, de taakstellingen op onderwijs (ca. € 860.000 structureel). Door het wegvallen van taken en verantwoordelijkheden rondom onderwijs zijn gemeenten gekort op de algemene uitkering.

  2016 2017 2018 2019 2020
Restant Onderwijstaakstellingen
Taakstelling onderwijs a.g.v. overheveling verantwoordelijkheid naar schoolbesturen van buitenonderhoud en aanpassing scholen primair en speciaal onderwijs. 331.000 326.000 318.000 318.000 318.000
Vrijval dotatie voorziening na opheffing -169.000 -169.000 -169.000 -169.000 -169.000
Vrijval kapitaallasten 2019       -7.933 -7.933
Vrijval kapitaallasten JB en DB (B&W 16/02/2016) -38.296 -37.647 -36.997 -36.348 -36.348
Vrijval kapitaallasten Den Dijk (B&W 16/02/2016) -46.513 -45.514 -44.516 -42.832 -42.832
Vrijval kapitaallasten voormalige BS Jan Bluyssen (Hoogbouw)  -71.448 -69.568 -67.487 -61.887 -61.887

Incidentele dekking saldo via 44211110/34799

44211120/34799

-5.473

-4.271

     
TOTAAL 0 0 0 0 0

Ontwikkelingen BBV

In 2014 heeft een commissie onder leiding van de toenmalige wethouder Financiën van de gemeente Eindhoven, Staf Depla, voorstellen gedaan ten behoeve van de vernieuwing van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV).

Er zijn zeven adviezen uitgewerkt door diverse subwerkgroepen:

1. Naast een vrije programma-indeling komt er een vaste indeling van 50 taakvelden;

2. Er komt een landelijke set van ruim 50 beleidsindicatoren die alle gemeenten in de begroting zouden moeten opnemen;

3. Naast de beleidsindicatoren moeten gemeenten ook verplicht een aantal financiële kengetallen opnemen, welke in samenhang bezien worden maar niet worden genormeerd;

4. De voorgaande zaken zijn ook van toepassing op verbonden partijen. Verbonden partijen worden niet geconsolideerd in de gemeentelijke begroting;

5. Er komt nader onderzoek naar de huidige vormgeving van de accountantscontrole, aangezien die nu niet effectief en efficiënt is;

6. De overhead komt in een apart programma; de paragraaf bedrijfsvoering kan hiermee vervallen, want die is niet langer verplicht;

7. Investeringen met een maatschappelijk nut worden voortaan geactiveerd en over de levensduur afgeschreven;

Verder zijn er nog een 4-tal ontwikkelingen, die ook van invloed zijn op de planning en controlcyclus en die extra aandacht vragen te weten;

8. Verdere uitwerking indicatoren ‘Notitie Financiële strategie’

9. Verantwoording 3 D’s in de P&C cyclus + de rechtmatigheid hieromtrent

10. De BBV wijzigingen rond Bouwgrond in exploitatie (BIE)

11. De uitkomsten en implementatie van de wet Vennootschapsbelasting

Het doel is meer transparantie van het besluitvormingsproces rond begroting en verantwoording en daarmee een grotere betrokkenheid van alle belanghebbenden bij het besluitvormingsproces. Voor alle betrokkenen beschikbare en hanteerbare informatie over zowel de beoogde als gerealiseerde beleidsresultaten is daarbij essentieel. Een betere vergelijkbaarheid van kosten en beleidsresultaten en daarnaast inzicht in de financiële positie van de gemeente nu- en op termijn- staan centraal in de voorliggende vernieuwingen van de BBV.

Ad 1. Vaste taakveld-indeling

De vaste taakveld-indeling is verplicht voorgeschreven met ingang van de begroting 2017. De 50 nieuwe taakvelden vervangen de circa 105 oude IV3-functies. Gemeenten krijgen tot 2018 de tijd om de nieuwe functie-indeling in de gemeentelijke administratie op te nemen.

Ad 2. Prestatie-indicatoren

Het doel van de nieuwe indicatoren is: meer transparantie, een betere vergelijking tussen gemeenten en het relateren van de maatschappelijke effecten aan de begroting. De indicatoren zijn getoetst aan de volgende uitgangspunten:

  • De indicatoren leveren een bijdrage aan de versterking van het horizontale toezicht en stellen raadsleden in staat te sturen op maatschappelijke effecten. Daarmee lopen ze parallel an de opzet van de 3W-vragen in de programmabegroting;
  • De indicatoren zijn in alle gemeenten van toepassing;
  • De indicatoren zijn gebaseerd op reeds bestaande landelijke bronnen, zodat er geen extra uitvraag bij gemeenten nodig is en alle gemeenten automatisch deelnemen aan de indicatorenlijst;
  • De indicatoren zijn afkomstig uit bestaande bronnen waarvan de beschikbaarheid gegarandeerd lijkt;
  • De indicatoren zijn actueel, worden met regelmaat gepubliceerd en kunnen binnen deze termijn ook een verandering laten zien;
  • De basisset indicatoren uit de Monitor Sociaal Domein wordt overgenomen.

De ontsluiting van de indicatoren gaat plaatsvinden via www.waarstaatjegemeente.nl en kent hoogstwaarschijnlijk een verplichtend karakter om ze op te nemen in programmabegroting en programmarekening.

Ad 3 Financiële kengetallen

De financiële kengetallen stellen de Raad in staat om de kaderstellende rol te versterken en geeft de Raad meer inzicht in de financiële positie van de gemeente. Daarnaast geven de kengetallen inzicht in welke mate we over voldoende financiële ruimte beschikken om structurele en incidentele lasten te kunnen dekken.

Wij hebben daartoe de afgelopen jaren al de nodige stappen gezet. Aan de hand van 3 pijlers is het totale financiële beleid met ondersteunende indicatoren verankerd in de planning en controlcyclus

  • Pijler 1 Dekking
  • Pijler 2 Risicomanagement / weerstandscapaciteit
  • Pijler 3 Financiering

De volgende kengetallen zijn met ingang van programmabegroting 2016 (en programmarekening 2015) verplicht gesteld:

  • Netto schuldquote (netto schuld/totale baten)
  • Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen (netto schuld -/- doorgeleende gelden/totale baten)
  • Solvabiliteitsratio (Eigen Vermogen/Totaal Vermogen)
  • Grondexploitatie (Bouwgrond in exploitatie + niet in exploitatie genomen gronden / totale baten)
  • Structurele exploitatieruimte (structurele baten – structurele lasten + structurele onttrekkingen reserves – structurele toevoegingen reserves / totale lasten)
  • Belastingcapaciteit (woonlasten gemeente/ landelijk gemiddelde woonlasten)

Hoe de kengetallen worden beoordeeld in relatie tot de financiële positie van de gemeente is aan de gemeente zelf, hier is geen normering van rijkswege op van toepassing.
Voor zover de financiële kengetallen, de exacte definitie hiervan en de verplichte plaats van opname in de P&C-producten nog niet is afgestemd op de huidige wetgeving zullen we dat alsnog doen.

Ad 4 Verbonden partijen

De paragraaf Verbonden partijen zou zoveel als mogelijk beperkt moeten blijven tot de financiële aspecten van de verbonden partijen. Een deel van de informatie over verbonden partijen zou dan in een visie- of kaderdocument opgenomen moeten worden dat aan het begin van een raadsperiode wordt opgesteld. In de programma’s moeten we opnemen in welke mate het realiseren van de doelstellingen afhankelijk is van (de) verbonden partij(en).

In de programmabegroting wordt aangegeven wanneer er belangrijke risico’s bekend zijn dat de beleidsdoelstellingen niet worden gerealiseerd door een verbonden partij, met vermelding van de mogelijke oorzaken daarvan en welke maatregelen hierop worden genomen. Bij meerjarige beleidsdoelstellingen wordt hierbij tevens de inschatting voor de komende jaren vermeld. In de programmarekening moet gemeld worden welke belangrijke beleidsdoelstellingen niet zijn gerealiseerd door de verbonden partij, met vermelding van de oorzaken daarvan.

In de paragraaf Verbonden partijen moeten de volgende partijen worden opgenomen:

  • Gemeenschappelijke regelingen waarin wordt deelgenomen;
  • Stichtingen en verenigingen waarin een financieel en bestuurlijk belang is;
  • Coöperaties en vennootschappen waarin een financieel en bestuurlijk belang is.

De navolgende informatie moet in ieder geval worden vermeld in de paragraaf verbonden partijen:

  • De wijze waarop de gemeente met de organisatie bestuurlijk en financieel is verbonden, inclusief evt. garantstellingen;
  • De verwachte omvang van het eigen vermogen en het vreemd vermogen van de verbonden partij aan het begin en aan het einde van het begrotingsjaar;
  • De verwachte omvang van het financiële resultaat van de verbonden partij in het begrotingsjaar;
  • De materiële financiële risico’s met een verwijzing naar de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing.

Ad 5 Accountantscontrole

Ten aanzien van de accountantscontrole heeft een werkgroep een aantal adviezen uitgebracht:

  • Er is meer aandacht voor de kwaliteit van het opdrachtgeverschap van de Raad nodig;
  • De controlerende accountant moet over voldoende gemeente-specifieke kennis beschikken;
  • De accountant moet goed aansluiten bij de controlebehoefte van gemeenten (gemeenten kunnen dus ook over een eigen interne accountantsdienst beschikken);
  • Het college is verantwoordelijk voor een rechtmatige uitvoering van de begroting; het college doet daarom mededeling over de financiële rechtmatigheid, welke vervolgens door de accountant gecontroleerd wordt;
  • Er moet een eenduidige en specifieke interpretatie van de Nadere Voorschriften Controle en Overige Standaarden (NV COS) komen die aansluit bij de eigenheid van gemeenten;
  • Ook de toezichthouder op accountants die de gemeenten controleren dient over specifieke kennis te beschikken van de governance structuur en het juridische en financiële kader van de gemeenten;
  • Gemeenten kenmerken als organisaties met een OOB-status (Organisatie van Openbaar Belang) heeft volgens de werkgroep een toegevoegde waarde.

Dit alles gaat spelen met ingang van Programmarekening 2018. Voor die tijd dient verankering in de processen te hebben plaatsgevonden.

Ad 6 Overhead en kostentoerekening

Met ingang van de programmabegroting 2017 moet de overhead centraal begroot en verantwoord worden in de programmabegroting en programmarekening in een separaat programma. Het uitgangspunt hierbij is dat direct toe te rekenen kosten onderdeel uit maken van de directe producten en derhalve niet onder de overhead vallen. Hiermee vervalt de noodzaak van een complexe en veelal ondoorzichtige kostentoerekening aan alle gemeentelijke taken en activiteiten. Deze methodiek wordt ook van toepassing op de toerekening van rente. Hiermee winnen begroting en verantwoording aan transparantie; de raad kan beter sturen op de bedrijfsvoering en door het hanteren van een eenduidige systematiek is een betere vergelijking met andere gemeenten mogelijk.
Waar integrale kostprijs nog een rol speelt
Volgens deze nieuwe methodiek wordt in de begroting en verantwoording niet meer gerekend met de integrale kostprijs. In een aantal gevallen speelt het hanteren van een integrale kostprijs nog wel een rol.
Zo zou het niet toerekenen van overhead en rente aan grondexploitaties, investeringen en andere (subsidie)projecten (die gepaard gaan met activering en afschrijving) waar vaak specifieke dekkingsposten voor bestaan, leiden tot een tekort in de bestaande begroting.
Om dat te voorkomen, wordt in de nieuwe BBV geregeld, dat in die gevallen wel indirecte kosten worden toegerekend.

Ten aanzien van taken/activiteiten en daarmee samenhangende diensten waarvoor gemeente kostendekkende tarieven mogen berekenen (afval, riool, parkeren e.d.) zou het niet meenemen van overhead betekenen, dat voor die producten een positief resultaat kan ontstaan, omdat gemeenten overhead wel mogen meenemen in de berekening van de tarieven. Om verwarring te voorkomen is de verplichting opgenomen om in de paragraaf lokale heffingen toe te lichten hoe de algemene overhead zich verhoudt tot de heffingen.

Voor de berekening van BTW en integrale Vennootschapsbelasting is een integrale kostprijsbenadering eveneens noodzakelijk. Dit dient extracomptabel te gebeuren. De raad stelt hiervoor een opslagpercentage voor overhead vast.

Ad 7 Investeringen met maatschappelijk nut

Voor investeringen vanaf 2017 geldt dat investeringen met een maatschappelijk nut (dat wil zeggen, investeringen in goederen die niet verhandelbaar zijn en waar geen tarief voor gevraagd mag worden, zoals bruggen en wegen) voortaan over de levensduur afgeschreven worden. Voorheen konden die investeringen nog in één keer ten laste van bijvoorbeeld de voorzieningen gedekt worden. Vanaf 2017 mag dat dus niet meer. Dit uitgangspunt hanteren we met ingang van Programmabegroting 2017. Eventuele aanpassing van ons activabeleid is een gevolg hiervan.

Ad 8 verdere uitwerking indicatoren ‘Notitie Financiële strategie’

De notitie ‘Financiële strategie’ is een bundeling van ons financieel beleid zoals vastgelegd in onze P&C-producten. Aan de hand van deze notitie wordt intern met MT en college en met het audit-comité nagedacht over het financieel beleid binnen de gemeente Uden. Een aantal daarin genoemde indicatoren, die als hulpmiddel kunnen dienen bij deze discussie dienen nog verder te worden ontwikkeld.

Ad 9 verantwoording 3 D’s in de P&C cyclus + de rechtmatigheid hieromtrent

De financiële impact van de transities is aanzienlijk. Bijna de helft van de algemene uitkering uit het Gemeentefonds is door de raad voor dit doel geoormerkt. Daarnaast dienen de processen rond de uitvoering van de transities op een adequate wijze te worden ingeregeld. Dit alles en de behoefte van de raad aan meer inzicht in de 3D’s maken het wenselijk om met ingang van programmabegroting 2017 de 3 D’s in de vorm van een paragraaf of bijlage te presenteren.

Ad 10 de BBV wijzigingen rond Bouwgrond in exploitatie (BIE)

De nieuwe wijziging in wetgeving heeft onder andere gevolgen voor de wijze van toerekenen van rente en kosten. Eventuele financiële gevolgen dienen betrokken te worden bij de voorbereiding van Programmabegroting 2017

Ad 11 de uitkomsten en implementatie van de wet Vennootschapsbelasting

Gemeenten zijn met ingang van 2016 belastingplichtig en dienen dan ook te voldoen aan de wet Vennootschapsbelasting. Met name rond het grondbedrijf en vastgoed zijn er nu nog wijzigingen in de interpretatie van de wetgeving. Eventuele financiële gevolgen voor onze gemeenten dienen in beeld te zijn bij de voorbereiding van Programmabegroting 2017.

Uitbreiding programmabegroting 2017 e.v. met een programma Bedrijfsvoering

Het BBV kende tot nu toe geen voorschriften voor kostentoerekening van apparaats- en personeelskosten aan producten binnen de begroting. Het enige wat voorschreven was is dat er een paragraaf bedrijfsvoering en een paragraaf lokale heffingen moet worden opgenomen. In de paragraaf Bedrijfsvoering moeten de beleidsvoornemens rondom de bedrijfsvoering van de gemeentelijke organisatie worden vermeld. In de paragraaf lokale heffingen moet een overzocht op hoofdlijnen worden opgenomen van de heffingen, de lokale lastendruk en het kwijtscheldingsbeleid.

Met ingang van programmabegroting 2017 wordt nu verplicht gesteld om de overhead centraal te begroten en verantwoorden. Het uitgangspunt hierbij is dat direct toe te rekenen kosten onderdeel uit maken van de directe producten en derhalve niet onder de overhead vallen. Overhead mag wel worden toegerekend aan grondexploitaties, investeringen of andere projecten, voor zover anders een begrotingstekort zou ontstaan. Een aparte paragraaf bedrijfsvoering is niet meer verplicht.

Gevolgen voor Programmabegroting 2017 e.v.

Door de invoering van een programma Bedrijfsvoering worden de kosten van MT,  overige direct leidinggevenden en afdeling Middelen gebundeld tot 1 programma. Deze kosten worden dus niet meer doorbelast aan de afdelingen en als afgeleide daarvan hun producten.
Dit betekent dat de kosten van de producten binnen de programma’s  afnemen.
Daar staan de kosten van het programma Bedrijfsvoering tegenover (per saldo budgettair neutraal)

Om het budgettair neutraal te kunnen laten verlopen is het wel nodig dat in de tariefstelling van de belastingen er extra comptabel rekening gehouden dient te worden met de overhead component. Om die reden zal er ook gewoon overhead en rente doorberekend moeten worden naar het grondbedrijf en de investeringen. Hiermee ontstaat een eind aan de vele kostenverdelingen tussen programma’s, wat de transparantie en budgetbeheersing ten goede komt.

Programmaplan

Het programmaplan bevat nu zes programma's. Vijf programma's zijn vastgelegd in het coalitieakkoord ‘Samen voor een vitaal Uden!’  Met ingang van dit jaar is hier een zesde programma aan toegevoegd in samenspraak met de raad. Het betreft het programma 'Bedrijfsvoering'. Een verdere toelichting treft u bij de inleiding op het programma.

Prestatie-indicatoren

Gewijzigd zijn de prestatie-indicatoren. Eveneens een verbetering vanuit de BBV, om gemeenten beter vergelijkbaar te maken, is het verplicht stellen van een 50-tal indicatoren. In samenspraak met de raad zullen deze indicatoren op het beleidsveld 'Sociaal Domein' nog worden uitgebreid. Bij de presentatie van de indicatoren treft u een link naar de website 'waarstaatjegemeente.nl'.  Daar wordt alle informatie over de gemeente Uden centraal gepresenteerd.

Duurzaam wonen en ondernemen

Bouwen naar behoefte

Goed wonen maakt ook goed werken en goed ontspannen mogelijk. Hiervoor stemmen we het woningaanbod zoveel als mogelijk af op huidige en toekomstige behoeften. We verwachten in 2017 ongeveer 150 woningen in aanbouw te nemen.

In 2017 komen we samen met Area en de Bewonersraad Area tot nieuwe prestatieafspraken 2018-2021. Daarbij zetten we de monitoring van de bestaande prestatieafspraken voort.

In het coalitieakkoord is afgesproken dat de aandacht uit blijft gaan naar starters en dat de Starterslening van kracht blijft zolang de woningmarkt in het dal zit. Vanwege wijzigingen in het product Starterslening per 1 januari 2017 en het herstel van de woningmarkt, bekijken we of en hoe we per 1 januari 2017 verder gaan met de Starterslening. Daarentegen realiseren we in 2017 ca. 50-55 tijdelijke (sociale) huurwoningen voor onder andere de huisvesting van starters en statushouders.

In 2017 starten we met het implementeren van de Omgevingswet. Hierbij volgen we drie inhoudelijke sporen, te weten:

  1. Omgevingsvisie en programma’s
  2. Omgevingsplan en projectbesluit
  3. De Omgevingsvergunning

In 2017 richt spoor 1 zich op het aanvullen van de huidige Omgevingsvisie met afwegingskaders. In spoor 2 stellen we een ontwerp omgevingsplan op en passen we n.a.v. de Omgevingswet de nota grondbeleidaan. In spoor 3 inventariseren we de werkprocessen, producten en systemen die samenhangen met Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH).  Voor de uitvoering van deze werkzaamheden is een offerte opgenomen in de begroting. Alleen de geplande werkzaamheden voor 2017 zijn opgenomen. In de loop van dat jaar zal duidelijk worden met welke kosten voor de jaren 2018 en 2019 rekening gehouden moet worden. Hoewel de insteek van de nieuwe Omgevingswet ook kostenbesparing is, lijkt de implementatie van de wet eerst extra middelen te vergen.

Ook tijdens de voorbereidingen voor de Omgevingswet, staan ontwikkelingen in Uden niet stil. In 2017 werken we aan diverse bestemmingsplannen, waarmee ontwikkelingen en initiatieven mogelijk worden gemaakt, waaronder de nieuwbouw voor de  brandweer en het politiebureau. Voor delen van Uden-Noord wordt in samenspraak met bewoners gewerkt aan een geactualiseerd bestemmingsplan, passend bij de doelen van het Masterplan Uden-Noord. Hiertoe is een offerte opgenomen in de begroting.

Versterking economisch klimaat

We ontwikkelen het zorgpark in en om Uden-Noord verder als nieuwe economische drager. De ligging nabij de Maashorst biedt kansen voor verbindingen tussen natuur, gezondheid, voeding en recreatie. Door het uitvoeren van deelprojecten binnen ‘Meer Maashorst, een gezond landschap’ - waarvoor subsidie is gekregen vanuit Landschappen van Allure - wordt daar inhoud aan gegeven. Een van de projecten is het vitaliteitshuis Bernhoven, waar zorg en natuur met elkaar verbonden worden. De gemeente neemt hierbij de regierol op zich. Eind 2017 moet het programma afgerond zijn. Aan de westzijde wordt het Foodcourt in Uden-Noord (afslag 15, A50) ontwikkeld met McDonalds, KFC, Subway en TinQ. Het bestemmingsplan is in voorbereiding, naar verwachting start de bouw in 2018.

De gemeente investeert veel in de herinrichting van het openbaar gebied in het centrum. Voor de herinrichting van de Birgittenessestraat/Sint Janstraat is in 2016 gestart met de interactieve planvorming. De volgende stap in de kwaliteitsimpuls van het centrum is de herinrichting van de Markt en uitbreiding van terrassen ten behoeve van het stimuleren van de kansen voor horeca, toerisme en recreatie. In de begroting van 2017 is een offerte opgenomen voor herinrichting van de Marktstraat. Het Mondriaanplein staat vervolgens voor de komende jaren op de planning om te bekijken of een kwaliteitsimpuls nodig is. Overheidsinvesteringen brengen een vliegwiel op gang en leiden tot private investeringen. Veel private partijen hebben in het centrum vastgoed opgeknapt. Er is in het centrum veel dynamiek wat betreft vestiging van ondernemers. Dit leidt tot een goede mix van landelijk bekende ketens en lokaal ondernemerschap. De gemeente zet tevens in op meer beleving en evenementen in het centrum.

Voor de versterking van het economisch functioneren van het centrum en het behalen van meer promotionele slagkracht, is de ambitie van de gemeente het creëren van een onafhankelijk centrummanagement en het opzetten van een stuurgroep marketing op basis van het advies van BRO. Versterking van de promotionele slagkracht verbetert de kansen voor recreatie en toerisme binnen Uden. In 2017 ligt de nadruk op gebied van promotie en ontwikkelen van activiteiten. De gemeente werkt hiervoor samen met de recreatieve ondernemers en de VVV.

Op de bedrijventerreinen blijft de gemeente inzetten op het verder invullen van Goorkens en Hoogveld. De bedrijventerreinen in Uden hebben in de eerste helft van 2016 het certificaat KVO (keurmerk Veilig Ondernemen) behaald. Wat betreft plannen voor nieuwe bedrijventerreinen loopt er in de regio Noordoost-Brabant een proces om daar regionale afspraken over te maken. In Uden is het terrein Hoogveld-Zuid hierbij betrokken. Voor het zuidelijk deel van Hoogveld-Zuid wordt aan de ontwikkeling van een zonnepark gewerkt.

Binnen de regio Agrifood Capital Noordoost-Brabant werken overheid, ondernemers en onderwijs samen aan de ontwikkeling van Noordoost-Brabant als de topregio in agrifood. Een concreet voorbeeld van de samenwerking tussen de drie o’s is het jaarlijks terugkerend project “Innovation in a Week” van OndernemersLift+, waarin studenten intensief begeleid worden om de stap naar ondernemerschap te maken. De editie van 2016 vond in het najaar in Uden plaats. Uden neemt naast de reguliere participatie binnen Agrifood Capital deel aan de regionale bestuurlijke kopgroep detailhandel en aan de regionale bestuurlijke kopgroep infrastructuur. Udense projecten die financiële ondersteuning van Agrifood Capital ontvangen zijn o.a. Diabetes Challenge (Blauwrijk), Pre- en postoperatieve voeding (Bernhoven Ziekenhuis), Energy Storage System (Ecovat).

Verder zet Uden in op het goed faciliteren van ondernemers met flexibiliteit en maatwerk als kernbegrippen. Een ondernemersadviespunt in de vorm van bedrijvenregie blijft ook in 2017 belangrijk. Ondernemers hebben daardoor een duidelijk aanspreekpunt binnen de gemeente. Specifiek voor startende ondernemers draagt de gemeente financieel bij aan Startersmarktplaats Veghel-Uden-Schijndel. Daarnaast ondersteunt de gemeente het startersinitiatief Misfits in het centrum. In het kader van acquisitie wordt samen met UOV De Kring bekeken hoe ondernemers zich als ambassadeur kunnen inzetten. Bijzonder punt van aandacht binnen de acquisitietaak is het onderzoek naar de economische spin off vanuit de komst van de F35 en de rol van het Udense bedrijfsleven hierin.

Koploper in duurzaamheid

Eind 2015 is de Duurzaamheidsagenda 2015-2020 vastgesteld. De agenda richt zich op de thema’s energie, afval en maatschappelijk verantwoord ondernemen; er zijn 36 maatregelen benoemd die in de periode tot en met 2020 opgepakt zullen worden. Om de uitvoering verder te kunnen faciliteren is een offerte opgenomen in de begroting. De duurzaamheidagenda geeft invulling aan de volgende doelen:

  • een energieneutraal Uden in 2035
  • niet meer dan 75 kg restafval per inwoner in 2020
  • Uden voldoet aan de standaard van MVO-Nederland.

Het opnemen van een duurzaamheidsparagraaf in raadsvoorstellen en collegeadviezen is inmiddels gerealiseerd en de Titel ‘Fairtrade gemeente’ is ook weer  voor 2016 en 2017 behaald.

In 2017 wordt op basis van de twee afvalproeven bij de laagbouw de beste inzamelmethode voor gft, papier, verpakkingen en restafval vastgesteld en zo spoedig mogelijk ingevoerd. De proeven bij de hoogbouw lopen nog door en worden geëvalueerd in 2017. Naast deze bronscheiding wordt als aanvulling gestart met nascheiding van het grof om alsnog zo veel mogelijk materiaal her te gebruiken.  Ook wordt onderzocht hoe meer bewustwording gecreëerd kan worden waardoor minder recyclebaar afval terecht komt bij het zwerfafval.

Een aanvang is gemaakt met het creëren van bewustwording voor energiebesparing bij woningeigenaren en ondersteuning bij het treffen van energiebesparende maatregelen. We hebben ons aangesloten bij de samenwerking van een groot aantal gemeenten in Noordoost Brabant die via de aanpak ‘Brabant woont slim’ (BWS) woningeigenaren willen motiveren en faciliteren in het treffen van energie besparende maatregelen. Samen met lokale partners werken we aan een lokaal plan van aanpak wat aansluit bij de regionale aanpak van BWS en zorgt voor de lokale verankering.
We blijven duurzame (burger)initiatieven ondersteunen en faciliteren zoals bijvoorbeeld energie.germenzeel waar een bewonerscollectief initiatiefnemer is geweest voor het collectief plaatsen van zonnepanelen op hun huurwoningen en werkt aan verdere plannen voor een duurzame wijk.
De haalbaarheid van een grootschalige energieopwekking op de braakliggende gronden in Hoogveld Zuid is uitgevoerd, de verhuur van gemeentelijke gronden op Hoogveld-Zuid is gegund en een zonnepark ontwikkelaar is bezig met het voorbereiden van een SDE+ subsidieaanvraag.

Onderzocht wordt hoe de infrastructuur voor het elektrisch laden voor inwoners en bezoekers uitgebreid kan worden. Voor de verdere integratie van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO) in de gemeentelijke bedrijfsvoering wordt een uitvoeringsplan opgesteld en voor de plaatsing van zonnepanelen op het dak van het gemeentehuis is SDE subsidie aangevraagd en verkregen en is gestart met de voorbereiding voor de plaatsing van de panelen. Voor het uitdragen van MVO naar ondernemers in Uden zijn werkgroepen voor de thema’s energie en afval geformeerd en is een pilot uitgevoerd voor het ontwikkelen van een energiescan bij bedrijven. Op basis van de resultaten van deze pilot zullen ondernemers gestimuleerd worden om ook een scan voor hun bedrijf uit te voeren.
Onderzocht zal worden of er draagvlak is en of het haalbaar is om met Udense ondernemers een deelauto systeem op te zetten waaraan de gemeente Uden zal deelnemen.
Voor 2017 staat het aanpakken van de overige maatregelen uit de duurzaamheidsagenda gepland. Onder andere het uitvoeren van een campagne voor bewustwording en het creëren van betrokkenheid op duurzaamheid, het beschikbaar stellen van budget voor het faciliteren van duurzame burgerinitiatieven, het onderzoeken van de haalbaarheid tot teelt, verwerking van nieuwe gewassen voor de productie van bio-based producten en het stimuleren van duurzaamheid op onze bedrijventerreinen zijn hierin belangrijke onderdelen.

Voor afval zal in dat jaar besloten worden hoe in Uden de afvalinzameling aan huis bij laag- en hoogbouw wordt verbeterd en zal gestart worden met de voorbereidingen en invoering. Voor het grof restafval betekent dit een nieuw contract voor het verwerken van het afval.

Ook blijven we de mogelijkheden onderzoeken voor hergebruik van producten door uitbreiding van kringloopactiviteiten, reparatie en/of creatieve toepassingen.
Op dit moment wordt een nieuw verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan (vGRP+) opgesteld wat een looptijd heeft tot en met 2021. In het kader van de samenwerking in de Afvalwaterketen As50+ wordt m.b.v. een watervisie de actualisatie van dit plan in regionaal verband met buurgemeenten en waterschap opgepakt. Eind 2016 wordt het nieuwe plan naar verwachting aan de raad aangeboden.

Vanaf 2024 zijn asbestdaken, blootgesteld aan de buitenlucht, in Nederland verboden. In het buitengebied staan nog veel opstallen, die voorzien zijn van een asbestdak. Sanering zal door de agrarische sector opgepakt moeten worden. Er is een (beperkte) subsidie regeling beschikbaar.

Versterking buitengebied

Het buitengebied is steeds meer de aanjager van de ontwikkeling van Uden als recreatieve gemeente. Het aantal agrarische bedrijven dat omschakelt tot een recreatieve functie of zich verbreedt met een recreatieve functie blijft de laatste jaren stijgen.

De komende jaren ligt de nadruk op het nastreven van een zorgvuldige veehouderij voor de bestaande bedrijven zoals vastgelegd in de provinciale Verordening Ruimte 2014 en gemaakte afspraken in de regio.
Het beleid en de toegestane ontwikkelingsmogelijkheden voor de veehouderijen is ingrijpend gewijzigd: uitbreiding van veehouderijbedrijven is geen recht maar moet 'verdiend' worden. De aandacht voor Vitaliteit en Gezondheid van het buitengebied en Dierenwelzijn zijn hierbij belangrijke speerpunten die de komende jaren op de agenda staan. Daarnaast wordt de maatschappelijke dialoog met de omgeving bij nieuwe ontwikkelingen steeds belangrijker.

Het nieuwe (provinciale) beleid is verwerkt  tot een aanpassing nota van uitgangspunten buitengebied die de basis vormt  voor de partiele herziening van het bestemmingsplan buitengebied. Deze nota van aanpassingen is in mei 2016 door de raad vastgesteld en het ontwerp bestemmingsplan buitengebied is in juli 2016 ter inzage gelegd.  De planning is dat de vaststelling van het partiele herziening, aanpast op het laatste (provinciale) beleid) in december 2016 plaatsvindt. Ook zijn er in 2016 een twintigtal kleine (veeg) plannen meegenomen in de partiele herziening. In 2017 wordt opnieuw gestart met een nieuwe veegronde waarbij kleinere ruimtelijke plannen tegelijkertijd in procedure worden gebracht.

De gemeente is enerzijds regisseur van het “Udens deel” van het project Meer Maashorst (“Dynamisch Landschap Uden) en anderzijds verantwoordelijk voor de uitvoering van het deelproject “Beter bewegen” wat zich richt op het fysieke aspect van het gezonde landschap Inmiddels is de voorbereiding volop gestart en zullen de eerste deelprojecten  in 2016 in uitvoering komen. Eind 2017 moeten alle projecten uitgevoerd zijn. De gemeente Uden neemt ook deel in het project Agro As de Peel waarin de verbinding wordt gezocht tussen landbouw en natuur.

De digitale ontsluiting van het buitengebied begint vorm te krijgen. Gesprekken tussen diverse gemeenten in Noord- en Zuidoost Brabant en de partij die de glasvezel in de witte gebieden wil aanleggen verlopen gestaag. Zoals de plannen er nu uitzien zal glasvezel in 2017 in de gebieden waar men niet beschikt over een breedband aansluiting worden uitgerold. Wat uiteindelijk zal betekenen dat elk huishouden in de gemeente Uden kan beschikken over een breedband aansluiting (glasvezel of coax).

Gemeenschappelijke regelingen

Om de gemeentelijke doelstellingen te realiseren zijn er ook verbonden partijen waarmee de gemeente Uden samenwerkt. De gemeente is echter zelf verantwoordelijk voor de taken die we door de verbonden partijen laten uitvoeren. Het is daarom van belang om goed inzicht te hebben in de bijdrage van de verbonden partij aan de realisatie van het programma. Voorheen werd deze informatie alleen opgenomen in de paragraaf verbonden partijen.  Als gevolg van gewijzigde wetgeving dient met ingang van deze Programmabegroting hierover ook informatie opgenomen te worden in het programmaplan bij de betreffende doelstelling.

Doelstellingen

Klik op de links om te zien wat de ambities zijn voor de doelstellingen:

Projecten

Een beschrijving van de belangrijkste projecten binnen dit programma.

Wat gaat het kosten

Een beschrijving van kosten (PDF, 56.5 kB) van dit programma. In deze Programmabegroting zijn extra middelen beschikbaar gesteld door middel van offertes. Voor dit programma zijn dat:

(de bedragen zijn in € x 1.000)

Reden aanvraag Structureel/incidenteel investering 2017 2018 2019 2020
Implementatie omgevingswet Incidenteel   725      
Opstellen bestemmingsplan en exploitatieplan delen Uden-Noord Incidenteel   70      
Duurzaamheidsagenda 2015-2020 (incidenteel voor 4 jaren) Incidenteel   122 38 38 38
Bijdrage aan regionale samenwerking noordoost brabant (NOB) (incidendeel voor 4 jaren) Incidenteel   69 69 69 69

Wetten en regels

Een beschrijving van de kaders, wetten en regels van dit programma.

Bouwen naar behoefte

Wat willen we bereiken?

We willen voorzien in de woonbehoefte. We stemmen het woningaanbod af op de huidige en toekomstige behoefte. We kijken hierbij zowel naar de bestaande voorraad als naar nieuwbouw en hebben speciale aandacht voor ouderen en starters.

Wat gaan we daarvoor doen?

  • Uitvoeren woningmarktonderzoek en herijkingen woningbouwprogramma*.
  • (Half)jaarlijks monitoring woningbouwprogramma.
  • Realiseren woningen (volgens programma).
  • Uitvoeren startersleningen.
  • Bestemmingsplannen doorlopend actualiseren (continue).
  • Opstellen uitvoeringsregels met betrekking tot huisvestingsbeleid arbeidsmigranten*.
  • Opstellen omgevingsvisie.
  • Actualiseren nota grondbeleid.
  • Monitoren en (indien noodzakelijk) actualiseren prestatieafspraken met Area (continue).
  • Implementeren veranderende wet- en regelgeving [- WABO/BOR/Bijlage 2, - Herziening woningwet (2015)* , - Besluit militaire luchthavens (luchthavenbesluit Volkel) (planning 2015-2016), - Omgevingswet (planning 2018-2019)]

* Deze activiteiten zijn reeds uitgevoerd. Hierover zal met ingang van 2017 niet meer over gerapporteerd worden. 

Prestatie indicatoren

Indicator Aantal in aanbouw genomen woningen
Werkelijk 2014 67
Werkelijk 2015 203
Prognose 2017 150
Informatiebron Woningbouwprogramma
Aanvullende informatie Prognose op basis van rapportage Uden bouwt
Indicator Gemiddelde WOZ waarde
Prognose 2017 Duizend euro
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl    (basisset)
Aamvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017
Indicator Nieuw gebouwde woningen
Prognose 2017 Aantal per 1.000 woningen
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017
Indicator Demografische druk
Prognose 2017 %
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017
Indicator Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishouden
Prognose 2017 Euro
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017
Indicator Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden
Prognose 2017 Euro
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017

Koploper in duurzaamheid

Wat willen we bereiken?

De inspanningen zijn de komende jaren nog meer gericht op concreet handelen waarbij de principes van de circulaire economie leidend zijn. We faciliteren duurzame initiatieven en we gaan werk maken van Maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO). We maken deze duurzame ambities in samenspraak met stakeholders (waaronder burgers) waar. Gezamenlijk formuleren we de doelen in de duurzaamheidsagenda.

Wat gaan we daarvoor doen?

  • In samenspraak met stakeholders opstellen van een duurzaamheidsagenda*.
  • Faciliteren van nieuwe- en bestaande duurzame initiatieven.
  • Communicatie/educatie over het begrip Circulaire economie.
  • Conform Circulaire economie handelen in onze gemeentelijk uitvoering.
  • Deelnemen aan de kopgroep van MVO ondernemers.
  • Faciliteren van initiatieven die het handelen van woningeigenaren stimuleren.
  • Het gemeentelijk wagenpark verduurzamen.
  • Nieuwe afvalinzamelmethode bij laagbouw vaststellen.
  • Afvalproeven uitvoeren bij hoogbouw om afvalscheiding te verbeteren.
  • Onderzoeken naar recyclemogelijkheden grof restafval milieustraat.
  • Onderzoeken hoe meer bewustwording gecreëerd kan worden om zwerfafval te verminderen en daarmee meer afval beschikbaar te krijgen voor recycling.
  • Adviseren van bedrijven en maatschappelijke organisaties ten aanzien van mogelijkheden van duurzame energie.
  • Haalbaarheid onderzoeken van een zonnepark op gemeentelijke gronden*.
  • Met Energie Uden de potentie van duurzame energie-productie-locaties onderzoeken en realiseren.
  • Uitbreiding van het aantal laadvoorzieningen voor fiets en auto.
  • Uitvoeren van de acties uit het energieakkoord.
  • Onderzoeken haalbaarheid van teelt en verwerking nieuwe gewassen en productie van bio-based producten in Uden.

* Deze activiteiten zijn reeds uitgevoerd. Hierover zal met ingang van 2017 niet meer gerapporteerd worden. 

Gemeenschappelijke regelingen

Een gemeenschappelijke regeling die bijdraagt aan deze doelstelling is:

- Omgevingsdienst Brabant Noord (ODBN)

De ODBN voert wettelijke taken uit op het gebied van milieuadvisering bij vergunningverlening en voert voor de gemeente Uden integraal de WABO-toezichtstaken uit. Daarnaast houdt de ODBN zich bezig met collectieve taken op het gebied van milieucriminaliteit en ketenaanpak rondom asbest en bodemkwaliteit.

Prestatie indicatoren

Indicator Omvang huishoudelijk restafval
Prognose 2017 kg/inwoner
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landeljke indicator met ingang van 2017
Indicator Hernieuwbare elektriciteit
Prognose 2017 %
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017
Indicator Energieneutraal Uden
Prognose 2017 %behaald
Informatiebron energie in beeld 'Enexis'
Aanvullende informatie  

Toelichting projecten

Onderstaand wordt een toelichting gegeven op grote projecten (restant krediet >€ 500.000) van dit programma. Hierbij is gekeken naar Planning, Budget en Risico.

Woonrijp maken Hoenderbos III

 
  indicator omschrijving
Planning Langzamer dan de planning
Budget Inkomsten hoger / uitgaven lager (conform budget)
Risico Lage kans en weinig impact

Herontwikkeling van het laatste deel van Hoenderbos III is vertraagd vanwege de crisis, maar lijkt nu binnen enkele jaren afgerond te worden.

Bouw- en woonrijp maken Velmolen Oost

  Indicator Omschrijving
Planning Langzamer dan de planning
Budget Inkomsten hoger / uitgaven lager (conform budget)
Risico Lage kans en weinig impact

Het bouw- en woonrijpmaken van het plangebied is sterk afhankelijk van de voortgang van de woningbouw. Dit gaat minder snel dan voor de crisis was voorzien. Het middengebied aan de zuidzijde van de Morgenweg is volledig ingericht. Andere delen van de zuidzijde worden in de loop van het derde en vierde kwartaal woonrijp gemaakt. Dit is afhankelijk van de oplevering van de woningen die in aanbouw zijn.  

Vervanging pompen drukriolering

  Indicator Omschrijving
Planning Langzamer dan planning
Budget Inkomsten hoger / uitgaven lager (conform budget)
Risico Lage kans en weinig impact

De uitvoering van fase 1 heeft dit jaar plaatsgevonden, de uitvoering van fase 2 vindt plaats in 2016. Verwacht wordt dat de vervanging van de pompen en kasten van de drukriolering in 2017 geheel afgerond is. Vanwege. meer uitzoek- en onderzoekwerk is er enige vertraging opgetreden..

Landschap van Allure (Maashorst) (incl. verstrekking dreven en driften)

  Indicator Omschrijving
Planning Langzamer dan planning
Budget Inkomsten hoger / uitgaven lager (conform budget)
Risico Hoge kans en weinig impact

Project is in uitvoering. Door onvoldoende voortgang in grondaankopen  lopen deelprojecten achter op planning. Daarnaast vergt bewonersoverleg meer aandacht in de voorbereidingsfase van diverse deelprojecten, waardoor uitvoering enigszins later plaatsvindt dan voorzien 

Er is een risico dat kleine delen van project niet of vertraagd uitgevoerd worden door vertraging in grondverwerving van  percelen.  

Bouw en woonrijp maken Centrumgebied Uden- Zuid Fase 1 

  Indicator Omschrijving
Planning Conform planning
Budget Inkomsten hoger / uitgaven lager (conform budget)
Risico Lage kans en weinig impact

Het project is afgerond voor de opening van de supermarkt.

Versterken buitengebied

Wat willen we bereiken?

Het buitengebied van Uden is van groot economisch belang. De agrarische sector is een belangrijke economische factor en een belangrijke werkgever. De gemeente schept de voorwaarden voor de ontwikkeling van de agrarische sector. Zij doet dat door bedrijven goed te faciliteren, maatwerkoplossingen te bieden en waar mogelijk regels en procedures te vereenvoudigen en te versnellen. Daarnaast worden voorwaarden geschapen om recreatief medegebruik verder te stimuleren

Wat gaan we daarvoor doen?

  • Het opstellen van een partiële herziening van het bestemmingsplan Buitengebied.
  • Een nieuwe werkwijze voor het sneller en efficiënter doorlopen van ruimtelijke procedures waarbij de gemeente nieuwe economische dragers en vrijetijdseconomie stimuleert *.
  • Opstellen nieuwe Geurverordening *.
  • Nieuwe functies in het buitengebied maximaal benutten.
  • Landschap van Allure: projecten uitvoeren voor eind 2017.
  • Digitale ontsluiting buitengebied.

* Deze activiteiten zijn reeds uitgevoerd. Hierover zal met ingang van 2017 niet meer gerapporteerd worden

Prestatie indicatoren

Er zijn geen prestatie indicatoren gedefineerd voor deze doelstelling.
 

Versterken economisch klimaat

Wat willen we bereiken?

Economie is voor de gemeente een belangrijk thema. We willen een goed vestigingsklimaat creëren en bedrijven voldoende groeimogelijkheden bieden. Bedrijven moeten de meerwaarde van Uden zien om zich hier te (blijven) vestigen.

De gemeente Uden is een aantrekkelijke woongemeente met veel voorzieningen. Uden wil de gemêleerde samenleving blijven die zij al decennia is. Een goed voorzieningenniveau bieden aan de (potentiële) inwoners op een breed terrein (zoals winkels, cultuur, sport, werkgelegenheid) is van wezenlijk belang. Uden moet ook in de toekomst dé gemeente in de regio zijn waar iedereen wil wonen, werken, winkelen, recreëren, vestigen.

Wat gaan we daarvoor doen?

  • Het Zorgpark in en om Uden Noord verder ontwikkelen.
  • Verder ontwikkelen van regionaal overige onderdelen Uden Noord.
  • In centrum inzetten op funshoppen en beleving en optimaliseren kansen voor horeca, recreatie en toerisme.
  • Herinrichting Marktstraat.
  • Impuls Brabantplein *.
  • Bundelen promotieactiviteiten.
  • Versterken vestigingsklimaat bedrijventerreinen.
  • Verder invullen door het uitgeven van kavels bij Goorkens en Hoogveld.
  • Onderzoeken alternatieve exploitatie onverkochte bedrijventerreinen*.
  • Ondersteunen startende ondernemers en lokaal bedrijfsleven.
  • Acquisitie.
  • Nadrukkelijk participeren vanuit EZ alsmede Verkeer en Vervoer in Agri Food Capital.

* Deze activiteiten zijn reeds uitgevoerd. Hierover zal met ingang van 2017 niet meer gerapporteerd worden. 

Prestatie indicatoren

Indicator Functiemenging
Begroting 2017 %
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017. De functiemengingsindex (FMI) weerspiegelt de verhouding tussen banen en woningen, en varieert tussen 0 (alleen wonen) en 100 (alleen werken). Bij een waarde van 50 zijn er evenveel woningen als banen.
Indicator Bruto Gemeentelijk Product
Begroting 2017 Verhouding tussen verwacht en gemeten product
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017
Indicator Vestigingen (van bedrijven)
Begroting 2017 Aantal per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15 tm 64 jaar
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017
Indicator Bezoekersaantallen centrum
Werkelijk 2013* 88.500
Werkelijk 2015 90.000
Prognose 2017 95.000
Informatiebron Locatus (2-jaarlijks)
Aanvullende informatie * In 2014 heeft er geen meting plaatsgevonden

Dienstbare en betrouwbare overheid

Excellente dienstverlening

De dienstverlening aan inwoners, bedrijven en instellingen staat bij de gemeente Uden centraal. Dit alles zo effectief en efficiënt mogelijk, met onze basistaken als uitgangspunt. De afgelopen jaren heeft dit binnen de ontwikkeling van onze organisatie een belangrijke rol gespeeld en dat zal de komende jaren ook zo blijven. Het accent ligt op verminderde bureaucratie en regeldrukte. Geen overbodige regels, maar eenvoudige aanvraagprocedures en vergunningverlening.

Via het organisatie-ontwikkelingsprogramma besteden we voortdurend aandacht aan het professionaliseren van het ambtelijk apparaat. Medewerkers worden via het trainings- en opleidingsprogramma in staat gesteld zich te ontwikkelen. Het komende jaar gaan we verder met onze verbeterslag in de dienstverlening. Deze is gericht op houding en gedrag van alle medewerkers. Doel is onze inwoners en bedrijven gastvrijheid (hostmanship) te laten ervaren in de beste vorm. Medewerkers van gemeente Uden maken dingen mogelijk en denken mee met inwoners en ondernemers. Hiervoor worden maatregelen getroffen op het gebied van scholing en vorming van medewerkers en maatregelen ten aanzien van de dienstverleningskanalen. Zo zal de vernieuwde website constante aandacht krijgen. Er komt een aanpak om de telefonische dienstverlening te verbeteren. Hiervoor is een offerte ingediend.

Bij het toezicht in de openbare ruimte wordt gewerkt vanuit de gastvrijheid gedachte. In het werkplan worden keuzes gemaakt die zijn afgestemd op de wensen van inwoners en bedrijven. Hierbij zullen we duidelijk zijn met betrekking tot de regels en vriendelijk en gastvrij in de benadering.

De komende jaren blijven inwoners en de gemeenteraad verder vorm geven aan ‘Udenaar de toekomst’ en het raadsinitiatief G1000. De afgelopen jaren hebben bewezen dat veel Udenaren zich betrokken voelen bij de Udense samenleving en de handen uit de mouwen willen steken om nieuwe projecten op te zetten. Dit geldt ook voor het bedrijfs- en verenigingsleven. De rol van de gemeente is hierbij faciliterend en ondersteunend, met de insteek zaken mogelijk te maken. Met ‘Udenaar de toekomst’ en de G1000 blijkt dat Uden een belangrijke stap naar een moderne lokale democratie zet. 

Samenwerken in de regio

De gemeente Uden maakt deel uit van diverse samenwerkingsverbanden in de regio. De samenwerking binnen de regio Noordoost Brabant en de AgriFoodCapital zijn belangrijke pijlers voor de lokale en regionale economie. Uden wil hier nadrukkelijk in participeren. Dat geldt ook voor de samenwerking met buurgemeenten. De schaal van de samenwerking hangt mede af van het verloop van de opschalingsdiscussie. De AS50 en de ontwikkeling rondom de Maashorstgemeenten blijven twee belangrijke aspecten in die regionale samenwerking.

Met de gemeenten Oss en Landerd is afgesproken om op gebied van ICT te gaan samenwerken. In 2016 wordt onderzoek gedaan naar de manier waarop dat het beste kan. Uiteindelijk levert dit een bedrijfsplan op basis waarvan definitieve besluitvorming over de samenwerking kan plaatsvinden.

Klik op de links om te zien wat de ambities zijn voor de doelstellingen:

Projecten

Er zijn geen majeure projecten binnen dit programma.

Wat gaat het kosten

Een beschrijving van kosten (PDF, 53.9 kB) van dit programma. In deze Programmabegroting zijn geen extra middelen beschikbaar gesteld door middel van offertes.

Wetten en regels

Een beschrijving van kaders, wetten en regels van dit programma.

Excellente dienstverlening

Wat willen we bereiken?

De dienstverlening aan onze inwoners en bedrijven moet goed zijn. Inwoners, bedrijven en instellingen kunnen hun zaken snel en goed regelen. Het accent ligt op verminderde bureaucratie en regeldrukte. Geen overbodige regels, maar eenvoudige aanvraagprocedures en vergunningverlening. Een snelle afhandeling van aanvragen blijft ons streven. Daar waar regels gehandhaafd moeten worden, doen we dat volgens de Udense, menselijke maat.

In het coalitieprogramma is de doelstelling opgenomen dat voor het Centrum, Uden-Noord, bedrijventerreinen en de vliegbasis het bestuurlijk overheidsloket door één portefeuillehouder zichtbaar wordt. De portefeuilles van de wethouders en burgemeester zijn zodanig vormgegeven dat deze doelstelling is gerealiseerd. Daarom is verdere monitoring niet noodzakelijk en is het niet opgenomen in het overzicht met activiteiten.

Wat gaan we daarvoor doen?

  • De gemeente werkt ‘op afspraak’ maar ook klanten zonder afspraak worden geholpen. De klanten zonder afspraak vallen buiten de servicenormen.
  • De gemeente stemt haar dienstverlening af op de vraag van de klant. Dit (nog) binnen de vastgestelde openingstijden.
  • Klanten kunnen terecht bij de gemeente voor extra ondersteuning en hulp bij het regelen van zaken met de gemeente.
  • De gemeente Uden vertaalt haar dienstverlening in servicenormen.
  • De prestaties van de gemeente Uden worden voortdurend met andere gemeenten vergeleken (via benchmarks zoals Vensters voor bedrijfsvoering).
  • De ambtelijke organisatie moet deskundig, gemotiveerd, flexibel en op ontwikkeling gericht zijn. Om dit te bereiken voert de gemeente Uden een actief scholingsbeleid, loopbaanbeleid, flexibele werktijden en leeftijdsbewust personeelsbeleid.
  • Binnen het KCC wordt het klantsysteem ingevoerd.
  • Inwoners betrekken bij de voorbereiding en uitvoering van beleid.

Prestatie-indicatoren

Indicator Waardering inwoners algehele gemeentelijke dienstverlening
Prognose 2017 Score 1-10
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl
Aanvullende informatie Nieuwe indicator met ingang van 2017
Indicator Waardering ondernemers algehele dienstverlening
Prognose 2017 Score 1-10
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl
Aanvullende informatie Nieuwe indicator met ingang van 2017
Indicator Percentage gegronde en ongegronde bezwaren bij de commissie OCB
Werkelijk 2015

66% ongegrond

20% gegrond

Prognose 2016

Minimaal 50% ongegronde bezwaren

Maximaal 15% gegronde bezwaren

Prognose 2017 Minimaal 50% ongegronde bezwaren

Maximaal 15% gegronde bezwaren

Informatiebron Jaarverslag OCB
Aanvullende informatie De normpercentages zijn vastgelegd in ons beleid voor juridische kwaliteitszorg.
Indicator Servicenormen
Werkelijk 2015

5% afwijking t.o.v. de servicenorm balie

Prognose 2016 5% afwijking t.o.v. servicenorm balie
Prognose 2017
 
Informatiebron q-matic
Aanvullende informatie

Het gaat om de servicenorm m.b.t. wachttijden. Maximale wachttijd balie met afspraak is 5 minuten, zonder afspraak is 15 minuten. 

Samenwerking in de regio

Wat willen we bereiken?

De gemeente Uden maakt deel uit van diverse samenwerkingsverbanden in de regio. Samenwerking binnen Noordoost Brabant en AgriFood Capital (Noordoost-Brabant) draagt direct en indirect bij aan de regionale economie. De gemeente Uden wil hierin nadrukkelijk participeren. Ook een goede samenwerking met onze buurgemeenten is voor Uden belangrijk. De schaal van de samenwerking hangt mede af van het verloop van de opschalingsdiscussie. De As50 blijft een belangrijke samenwerking vanwege de inbreng vanuit deze regio naar de grotere regio Noordoost-Brabant.

De samenwerking binnen de regio Noordoost-Brabant en AgriFood Capital worden steeds belangrijker. De komende jaren  worden ondernemers en onderwijs gefaciliteerd door overheden  in de ambitie om in 2020 de Topregio in Agri en Food te zijn.

Wat gaan we daarvoor doen?

Binnen de As50- en Maashorstgemeenten versterken we elkaar in de bijdrage aan het behalen van de regionale ambitie door middel van de volgende activiteiten:

  • Udense bedrijven en onderwijs stimuleren om projecten op te zetten binnen Agrifood Capital.
  • Faciliteren van kennistafels met ondernemers om innovatie en business te stimuleren.
  • Bestuurlijke en ambtelijke deelname in diverse regionale netwerken.

Prestatie indicatoren

Indicator Aantal bedrijven, organisaties en instellingen wat deelneemt aan projecten binnen Agrifood Capital
Prognose 2017  
Informatiebron Jaarverslag Stichting Agrifood Capital
Aanvullende informatie

De invloedsfeer op de stichting (vanuit de gemeente) is beperkt

Dit is een gewijzigde indicator met ingang van 2017

Wetten en regels

De gemeente Uden of haar bestuursorganen handelen overeenkomstig het legitaliteitsbeginsel slechts op basis van taken en bevoegdheden die terug te vinden zijn in de Europese, landelijke of lokale wet- en regelgeving. De geldende regels zijn te raadplegen via www.overheid.nl. De geldende regels voor dit programma zijn eveneens  opgenomen in onderstaand overzicht. Hierbij dient opgemerkt te worden dat gezien de diversiteit van taken en wet-en regelgeving, de volledigheid van onderstaand overzicht niet gewaarborgd kan worden. Wel geeft het de belangrijkste wet- en regelgeving weer.  

Wetten

* voor zover niet opgenomen in de mandaatregeling

Verordeningen/­regelingen

** voor zover niet opgenomen in de mandaatregeling

Nota’s

Regelingen voor zover niet opgenomen in mandaatregeling

Alle uitvoerende regelgeving van wetten zoals genoemd in het overzicht wetten en regels zoals:

Wetten voor zover niet opgenomen in mandaatregeling


 

Maximaal meedoen

Sociale en doelmatige aanpak

De transities binnen het sociale domein zijn gericht op ombuigingen van de manier waarop de overheid burgers met een ondersteuningsvraag benadert. Concreet een andere manier van werken. De nadruk ligt hierbij op eigen kracht en verantwoordelijkheid van burgers. We richten ons op participeren in de samenleving en gebruikmaking van sociale netwerken ter versterking van de zelfredzaamheid van burgers.
Ondersteuning en participatie zal dichter bij de burger plaatsvinden, organisatie zo veel mogelijk op lokaal niveau. Onder het motto “voorkomen in plaats van genezen” zal ook ingezet worden op preventie.
De zorg voor de jeugd en volwassenen organiseren wij zo dichtbij mogelijk. Toegankelijk en laagdrempelig. We zoeken en houden daarbij contact met de ketenpartijen. Zij kunnen mede voorzien in zorg in de directe leefomgeving en op plaatsen waar inwoners van nature komen. Hierbij valt te denken aan het consultatiebureau, de school, huisarts, buurthuizen, wijkcentra en soms ook werkomgeving.

Iedereen aan het werk: investeren in meedoen

‘Participatie’ betekent meedoen. Belangrijk is dat iedereen kan en mag meedoen in de maatschappij, ook als je een arbeidsbeperking hebt. Hiervoor voeren wij de Participatiewet uit. De Participatiewet geldt voor iedereen die kan werken, maar daarbij mogelijk ondersteuning nodig heeft. Wanneer je niet kunt werken, ben je zoveel mogelijk maatschappelijk actief. We verwachten daarbij dat iedereen zelf zoveel mogelijk doet om aan het werk te komen op zijn of haar niveau en passend bij de mogelijkheden. De focus ligt op wat iemand kan.

Geen armoede, geen schulden

Het proactieve armoedebeleid wordt voortgezet, als onderdeel van het brede participatiebeleid. Door integraal met armoedeproblemen om te gaan komt ook maatschappelijke en sociale activering aan de orde en wordt tevens ingezet op preventie. Kinderen die opgroeien in armoede blijven we structureel ondersteunen.
Schulddienstverlening wordt integraal aangepakt zodat er structurele oplossingen komen. De verantwoordelijkheid voor het ‘uit de schulden komen’ wordt bij de cliënt gelegd. De gemeente heeft een adviserende en ondersteunende rol en draagt waar nodig zorg voor maatwerk. Inzet op preventie zal hierbij de nodige aandacht krijgen.

Meedoen door ondersteuning

Ondersteuning richt zich op het stimuleren en versterken van de eigen kracht van de burger en van zijn of haar sociale netwerk. Wij dragen zorg voor een samenhangend lokaal beleid voor maatschappelijke ondersteuning waarbij eigen kracht voorop blijft staan. We regelen dat mensen die hulp nodig hebben in het dagelijkse leven ondersteuning krijgen. Denk aan hulp bij het huishouden, begeleiding of woningaanpassing.

We willen mensen ondersteunen die zich inzetten voor hun medemens of buurt, zoals mantelzorgers en vrijwilligers, zonder risico van overbelasting. Van belang is dat inwoners zo lang mogelijk thuis kunnen blijven wonen en zelfstandig deel kunnen nemen aan de samenleving. Daarnaast stimuleren we activiteiten die de onderlinge betrokkenheid in buurten en wijken vergroten.
Iedere zorgvraag en elke situatie is anders. Dat betekent dat we tegemoet komen aan de specifieke behoefte van mensen met een zorgvraag. We bieden zoveel mogelijk maatwerk, waarbij goed gekeken wordt naar wat de persoon wel kan. Ook hier zetten we in op de eigen kracht van mensen.

Leefbare wijken en dorpen

In een groene, gezellige, gezonde en gastvrije gemeente is het prettig samen leven. Inwoners moeten hun leefomgeving als prettig ervaren. Als gemeente zijn wij continue bezig om de leefbaarheid in Uden, Volkel en Odiliapeel op peil te houden en daar waar nodig te verbeteren. Dat kan op allerlei manieren: in het onderhoud van wegen, openbare plekken, natuur en voorzieningen. Maar ook het stimuleren van burgerparticipatie, het bijdragen aan de integratie van nieuwkomers en aan het oplossen van problemen als schooluitval, werkeloosheid, huiselijk geweld en isolement van vrouwen.
Onze maatschappelijke opgave voor opvang van vluchtelingen vullen we in via vrijwilligers die worden ondersteund door Vluchtelingenwerk Nederland.

Gemeenschappelijke regelingen

Om de gemeentelijke doelstellingen te realiseren zijn er ook verbonden partijen waarmee de gemeente Uden samenwerkt. De gemeente is echter zelf verantwoordelijk voor de taken die we door de verbonden partijen laten uitvoeren. Het is daarom van belang om goed inzicht te hebben in de bijdrage van de verbonden partij aan de realisatie van het programma. Voorheen werd deze informatie alleen opgenomen in de paragraaf verbonden partijen.  Als gevolg van gewijzigde wetgeving dient met ingang van deze Programmabegroting hierover ook informatie opgenomen te worden in het programmaplan bij de betreffende doelstelling. 

Doelstellingen

Klik op de links om te zien wat de ambities zijn voor de doelstellingen:

Wat gaat het kosten

Een beschrijving van de kosten (PDF, 55.2 kB) van dit programma. In deze Programmabegroting zijn geen extra middelen beschikbaar gesteld door middel van offertes. 

(de bedragen zijn in € x 1.000)

Wetten en regels

Een beschrijving van de kaders, wetten en regels van dit programma.

Geen armoede, geen schulden

Wat willen we bereiken?

Het proactieve armoedebeleid wordt voortgezet, waarbij ook aandacht blijft voor verborgen armoede. Door integraal met armoedeproblemen om te gaan komt ook maatschappelijke en sociale activering aan de orde. Naast het bieden van ondersteuning wordt armoede ook actief opgelost. Kinderen die opgroeien in armoede blijven we structureel ondersteunen.

Schulddienstverlening wordt integraal aangepakt zodat er structurele oplossingen komen. De verantwoordelijkheid voor het ‘uit de schulden komen en blijven’ ligt bij de cliënt zelf of diens begeleiding. De gemeente heeft een adviserende en ondersteunende rol als de cliënt zelf verantwoordelijk is. De gemeente heeft een adviserende en regisserende rol als de cliënt begeleiding heeft. Schulddienstverlening is, naast het oplossen van schulden, sterk gericht op het voorkomen van schulden en het tegengaan van recidive.

Wat gaan we daarvoor doen?

  • We continueren de lijn die we al hebben in gezet, beschreven in het Beleidsplan Schulddienstverlening. Deze lijn is gericht op het bieden van praktische hulp, toeleiding tot ondersteuning en inzet schuldsanering. Als ondersteuning in de vorm van begeleiding nodig is, wordt deze verstrekt via de zogenoemde ‘toegang’ vanuit het Basisteam. Als generieke ondersteuning volstaat, wordt deze ingevuld met specifiek hiervoor opgeleide vrijwilligers onder aansturing van het maatschappelijk werk.
  • In 2015 heeft een inventarisatie van onze minimaregelingen plaatsgevonden in relatie tot het beschikbare budget. Om te komen tot een beleidsmatige evaluatie van de regelingen, moeten deze echter worden afgezet tegen wat we vanuit beleid willen bereiken. Ons beleid ten aanzien van armoede is gedateerd (2011) en daarmee toe aan actualisatie. Daarom wordt er in de tweede helft van 2016 nieuw armoedebeleid geformuleerd.  Dit leidt tot bestuurlijke uitgangspunten waaraan de samenhang van regelingen (minima, schuldhulpverlening, voedselbank) in de toekomst zou moeten voldoen. Sociale bestaanszekerheid is daarbij een leidend thema waarbij wij toeleiding naar werk als het belangrijkste middel zien. We willen de PMU maar ook huidige gebruikers van de regelingen betrekken wij de vraag of onze huidige armoederegelingen hieraan in voldoende mate bijdragen. Als laatste zullen wij bezien welke aanvulling of herziening van regelingen noodzakelijk is en u hiervoor een voorstel doen via een BOB-traject van beeld-, oordeel- en besluitvorming.

Prestatie indicatoren

Geen

Iedereen aan het werk

Wat willen we bereiken?

Toegevoegde waarde hebben voor de maatschappij is belangrijk voor het welzijn van inwoners. Bij voorkeur is dat in de vorm van werk voor inwoners die nog niet pensioen gerechtigd zijn. Voor inwoners van Uden die een grote afstand tot de arbeidsmarkt hebben, zal specifiek gezocht worden naar passende bezigheden die aansluiten bij hun capaciteiten en waar zoveel als mogelijk zelfstandig inkomen uit gehaald kan worden. Niet voor alle mensen is betaald werk of een volledig zelfstandig inkomen haalbaar. Daarom komt de hele participatieladder in beeld; van vrijwilligerswerk tot en met betaald werk, van voltijds tot en met deeltijdsaanstelling en van 100% loonwaarde tot en met de wettelijke ondergrens van 30%  loonkostensubsidie. Wij bieden onze inwoners de mogelijkheid te participeren op hun eigen niveau.

Wat gaan we daarvoor doen?

  • We zoeken nadrukkelijk samenwerking met werkbedrijven, onderwijs en lokale ondernemers om kansen op werk te vergroten.
  • We maken afspraken met organisaties over stage- en werkervaringsplaatsen.
  • We starten met de ontwikkeling van een breed plan van aanpak dat gericht is op  uitkeringsgerechtigden (van uitkering naar werk) maar met kennis van de economische ontwikkeling Uden. We willen bijdragen aan de optimale aansluiting van vraag en aanbod. Dit plan baseren we op een bestandsanalyse van onze bijstandsgerechtigden. Daarop baseren wij de activiteiten en middelen die wij inzetten om deze bijstandsgerechtigden naar werk te begeleiden. Inzicht in deze bestandsanalyse maakt dat wij nu al nieuwe activiteiten ontplooien voor m.n. die groep die dicht op de arbeidsmarkt staat, en met beperkte ondersteuning arbeidsmarktrijp te maken is. Wij verwachten dat  in 2017 onze uitstroom naar werk zal stijgen  (nu 100 personen) .

De raad heeft in juni 2016 aangegeven te opteren voor behoud van IBN als regionale voorziening voor onder andere beschut werk, dit naast een goede regeling van de afbouw van de WSW en IBN gedurende de komende jaren in staat te stellen als bedrijf die omslag te maken naar een ander bedrijfsmodel. Na 4 jaar worden de resultaten hiervan geëvalueerd en aan u voorgelegd.

Gemeenschappelijke regelingen

Een gemeenschappelijke regeling die bijdraagt aan deze doelstelling is:

- Werkvoorzieningsschap Noordoost-Brabant 

Het Werkvoorzieningschap is opdrachtgever voor IBN als uitvoeringsorganisatie van de Wet sociale werkvoorziening (Wsw). Het Werkvoorzieningschap is namens 11 gemeenten enig aandeelhouder en eigenaar van IBN.
 

Prestatie-indicatoren

Indicator Banen
Prognose 2017 Aantal per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15 tm 64 jaar
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (Basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017
Indicator Kinderen in uitkeringsgezinnen
Prognose 2017 %
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017
Indicator Netto participatiegraad
Prognose 2017 % mensen tussen 15 en 67 jaar dat een baan heeft
Informatiebron www.waarstaatjegmeente.nl (basisset)
Aanvullende informatiie Landelijke indicator met ingang van 2017
Indicator Werkloze jongeren
Prognose 2017 %16 tm 24 jarigen
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017
Indicator Personen met een bijstandsuitkering
Prognose 2017 Aantal per 10.000 inwoners
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017
Indicator Personen met een lopend re-integratietraject
Prognose 2017 Aantal per 10.000 inwoners
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017

Leefbare wijken en dorpen

Wat willen we bereiken?

In een groene, gezellige, gezonde en gastvrije gemeente is het prettig samen leven. Inwoners moeten hun leefomgeving als prettig ervaren.
Als gemeente zijn wij continue bezig om de leefbaarheid in Uden, Volkel en Odiliapeel op peil te houden en daar waar nodig te verbeteren. Dat kan op allerlei manieren: in het onderhoud van wegen, openbare plekken, natuur en voorzieningen. Maar ook het stimuleren van burgerparticipatie, het bijdragen aan de integratie van nieuwkomers en aan het oplossen van problemen als schooluitval, werkeloosheid, huiselijk geweld en isolement van vrouwen.

Onze maatschappelijke opgave voor opvang van vluchtelingen vullen we in door nieuwe woonvormen, samen met Area, te ontwikkelen. De nieuwkomers zelf worden in de eerste periode ondersteund door vrijwilligers met begeleiding van Vluchtelingenwerk Nederland. Een nauwe samenwerking met Ons-Welzijn en de wijkbewoners zal daarna moeten zorgen voor een succesvolle integratie en het voorkomen van isolatie en segregatie.

Wat gaan we daarvoor doen?

  • Jaarlijks actualiseren en monitoren van gebiedsontwikkelingsplannen met de gebiedsplatforms.
    Onderzoeken met het gebiedsplatform Oost hoe met medewerking van inwoners een MFA-functionaliteit in gebied Oost gerealiseerd kan worden waarin naast onderwijs, ontmoeting en welzijn (incl. sport en spel) ook zorg en ondersteuning is ondergebracht.
  • In samenwerking met inwoners een MFA-functionaliteit realiseren in Odiliapeel waarin naast onderwijs, ontmoeting en welzijn (incl. sport en spel) ook zorg en ondersteuning is ondergebracht. Wij verwachten dat we in 2017 er in slagen een vorm van gebruikersbeheer voor de MFA in Odiliapeel te hebben ingericht. Het Peelhonk is onderdeel van deze MFA. En daarin heeft een lokale groep een vorm van laagdrempelige en basis dagbesteding gerealiseerd voor het dorp.
  • Met medewerking van vrijwilligers realiseren van decentrale en laagdrempelige toegang tot informatie over met name het sociaal domein: het zogenaamde buurtuurtje. We zijn in 2016 begonnen op 3 locaties. En verwachten eind 2017 een eerste evaluatie te kunnen houden.
  • Burger- en overheidsparticipatie  vindt in Uden onder meer plaats via Udenaar de Toekomst, uitwerking van G-1000 ideeën en thema gerichte miniconferenties waar bewoners actief worden betrokken bij projecten en beleidsvorming . De gebiedsplatforms adviseren hierover. Deze werkwijze wordt onverkort doorgezet in 2017.
  • Huisvesten van statushouders, erkende vluchtelingen als een wettelijke taak en het actief inzetten op integratie van deze nieuwkomers.

Prestatie indicatoren

Geen.

 
 

Meedoen door ondersteuning

Wat willen we bereiken?

Naast de generieke ondersteuning vanuit sociaal en doelmatige aanpak, wordt aandacht besteed aan specifieke doelgroepen.

Als eerste het traceren en ondersteunen van mantelzorgers ter voorkoming van overbelasting, het behouden van een stabiele thuissituatie en het voorkomen van escalatie van zorg. Daarnaast wordt specifiek ingezet op het werven, begeleiden, ondersteunen en behouden van vrijwilligers voor het bieden van informele zorg, tijd en aandacht aan kwetsbare inwoners.

Ook stimuleren wij ouderen om zo lang mogelijk thuis of in hun eigen wijk te blijven wonen en zelfstandig deel te nemen aan de samenleving. Daarbij heeft dementie onze bijzondere aandacht en de overgang van zelfstandig wonen via aanleunwoningen naar instellingsgebruik.

Verder willen wij ook kwetsbare jongeren helpen bij het verkrijgen van zelfstandige woonruimte en werkzaamheden (betaald of onbetaald) die aansluiten bij hun vaardigheden en hen in staat stellen om, met begeleiding, een eigen bestaan op te bouwen. 

Iedere zorgvraag en elke situatie is anders. Dat betekent dat we tegemoet komen aan de specifieke behoefte van mensen met een hulpvraag. We bieden zoveel mogelijk maatwerk, waarbij wij nauw samenwerken met onze ketenpartners zoals Area en Ons-Welzijn. Ook hier zetten we in op de eigen kracht van mensen.

Wat gaan we daarvoor doen?

  • Aandacht voor aangepaste woonvormen en dagbesteding van kwetsbare inwoners.
  • Versoepelen van regels voor woningaanpassingen.
  • Sturen op kwalitatieve verbetering van professionele ondersteuning.
  • De doorontwikkeling van het basisteam.

Gemeenschappelijke regelingen

Gemeenschappelijke regelingen die bijdragen aan deze doelstelling zijn:

- Kleinschalig collectief vervoer Brabant Noordoost (Regiotaxi)

De regiotaxi brengt en houdt het hoogwaardig collectief vervoer in aanvulling tot het openbaar vervoer tot en in stand en ontwikkelt het. 

- Centrumregeling WMO Noordoost Brabant

11 gemeente in Noordoost Brabant kopen gezamenlijk de WMO hulp in. Oss is centrumgemeente voor de inkoop van Wmo-ondersteuning (voor de taken die vanaf 2015 door de gemeente worden uitgevoerd). Regionale inkoop leidt tot minder administratieve lasten voor de aanbieders, meer eenheid in de regio en een sterkere positie in het gesprek met aanbieders. De regeling draagt daarmee bij aan de doelstelling meedoen door ondersteuning.

Prestatie indicatoren

Geen.
  

Sociale en doelmatige aanpak

Wat willen we bereiken?

In het sociale domein doet de gemeente een beroep op de eigen verantwoordelijkheid van burgers en hun sociale omgeving. Wie zelfredzaam is, kan zoveel mogelijk zelf zijn zorg organiseren zodat de beperkte middelen die de gemeente tot haar beschikking heeft, beschikbaar blijven voor de meest kwetsbare inwoners. Doel is dat elke inwoner die hulp nodig heeft, ook daadwerkelijk geholpen wordt zodanig dat deze kan participeren op de wijze die bij hem past en waarbij de inwoner maximaal zijn eigen kwaliteiten kan gebruiken.

De zorg organiseren wij integraal, zo dichtbij, kort en eenvoudig als mogelijk vanuit het principe één gezin/huishouden, één plan. Integrale zorg is het leveren van fysiek, psychische e/o financiële ondersteuning, uitgaande van de te behalen klantdoelen, en kan vanuit zowel Wmo, Jeugdwet als P-wet of een combinatie daarvan worden bekostigd.

Preventie, lichte hulp en ambulante zorg wordt laagdrempelig, dichtbij en direct aangeboden. Zorgorganisaties bieden deze zorg in goede samenwerking met diverse partners. Ze kunnen voorzien in zorg aan alle inwoners, zowel kinderen als hun ouders in de directe leefomgeving, op plaatsen waar ze dagelijks komen: werk, consultatiebureau, school en vrije tijdsbesteding (sport, amateurkunst etc.), Hierin wordt door de professionals van Ons-Welzijn en gemeentelijke consulenten nauw samengewerkt met de huisartsen.

Wat gaan we daarvoor doen?

  • Op een excellente wijze invoeren van het nieuwe sociale beleid.
  • Als het gaat om preventie worden basisvoorzieningen belangrijk. Voor jeugdigen is dat bijv. het jongerenwerk en begeleiding binnen de onderwijsketen’. Voor volwassenen is dat het behoud van de factor ‘tijd en aandacht’ die vooral geleverd wordt door het product ‘hulp bij het huishouden’. Deergelijke voorzieningen willen we kwalitatief minimaal op het huidige niveau houden maar tegelijkertijd inpassen in het sociale domein. Daar waar de ondersteuning nog wordt verstrekt in de vorm van individueel maatwerk, willen we voorstellen doen voor omvorming naar algemene voorzieningen. Voor dit transformatie traject willen we een BOB-traject van beeld-, oordeel- en besluitvorming opzetten met de raad en overige betrokken partijen. 
  • In de hulpverlening richting gezinnen is het doel: weer meedoen in de samenleving en het uitgangspunt: één gezin, één plan, één regisseur.

Gemeenschappelijke regelingen

Gemeenschappelijke regelingen die bijdragen aan deze doelstelling zijn:

- Gemeenschappelijk orgaan Openbaar Basisonderwijs 

In de gemeenschappelijke regeling voor de ‘Openbaar OnderwijsGroep’ (OOG) zijn de wettelijk verplichte taken van gemeenten ondergebracht. Kerntaak is op afstand toezicht houden op ontwikkelingen en op materiële kenmerken en waarden van het openbaar onderwijs. Het orgaan voert zelf geen onderwijstaken uit.

- Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord

De RAV is een gemeenschappelijke regeling van 45 gemeenten. De RAV verzorgt het ambulancevervoer, houdt de meldkamer ambulancezorg in stand en levert een bijdrage aan de Geneeskundige Hulpverlening bij Ongevallen en Rampen (GHOR). Gemeenten betalen sinds 2012 geen bijdrage meer voor de RAV. Er wordt onderzoek gedaan naar welke organisatievorm in de toekomst past bij de RAV en wat daarin de wettelijke mogelijkheden zijn.

- Centrumregeling Jeugd Noordoost Brabant

18 gemeenten in Noordoost Brabant kopen gezamenlijk de jeugdhulp in. Daarvoor is een gemeenschappelijke regeling met een centrumgemeente ('s Hertogenbosch). Gezamenlijke inkoop leidt tot minder administratieve lasten voor aanbieders, efficiëntere inkoop en een betere positie in de onderhandeling met aanbieders. Een aantal taken (bijvoorbeeld gesloten jeugdzorg) moeten gemeenten verplicht gezamenlijk inkopen.
De regeling draagt bij aan de doelstelling sociale en doelmatige aanpak.

Prestatie-indicatoren

Indicator Jongeren met een delict voor de rechter
Prognose 2017 % 12 tm 21 jarigen 
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017
Indicator Melding kindermishandeling
Prognose 2017 %
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl  (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017
Indicator Jongeren (tm 18 jaar) met jeugdhulp
Prognose 2017 %
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017
Indicator Jongeren (tm 18 jaar) met jeugdbescherming
Prognose 2017 %
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017
Indicator Jongeren (tm 23 jaar) met jeugdreclassering
Prognose 2017 %
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017
Indicator Cliënten met een maatwerkarrangement WMO
Prognose 2017 Aantal per 10.000 inwoners
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017

Wetten en regels

De gemeente Uden of haar bestuursorganen handelen overeenkomstig het legitaliteitsbeginsel slechts op basis van taken en bevoegdheden die terug te vinden zijn in de Europese, landelijke of lokale wet- en regelgeving. De geldende regels zijn voor eenieder te raadplegen via www.overheid.nl. De geldende regels zijn eveneens voor dit programma opgenomen in onderstaand overzicht. Hierbij dient opgemerkt te worden dat gezien de diversiteit van taken en wet-en regelgeving de volledigheid van onderstaand overzicht niet gewaarborgd kan worden. Wel geeft het de belangrijkste wet- en regelgeving weer. 

Wetten

Verordeningen/regelingen

Nota's

Goed leven en ontmoeten

Samen de leefomgeving inrichten

Onderhoud, renovatie en inrichting van wegen, straten, pleinen en groenvoorzieningen zijn steeds meer onderwerp van gesprek met burgers. Met de gebiedsplatforms zijn afspraken gemaakt over de wijze waarop zij  betrokken worden bij planvorming en uitvoering van grote (onderhouds)projecten. Daarnaast is de gemeentelijke buitendienst met haar gebiedsgerichte werkwijze het dagelijks aanspreekpunt in de wijken.

Voor vervangingsinvesteringen (rehabilitatie) van wegen worden op basis van feitelijke noodzaak offertes  opgenomen in de begroting. Bij rehabilitatie van wegen vindt tevens een herinrichting van het gebied plaats o.b.v. actuele beleidsuitgangspunten/ beeldkwaliteitsniveau. In deze begroting zijn de volgende wegen opgenomen; Vijfhuizerweg/Morel, Asfaltpaden Mellepark, Fietspad Zeelandsedijk en de voorbereiding van de Reconstructie Oudedijk en de Parallelweg (fietspad) Middenpeelweg. Er zijn twee offertes opgenomen voor het herinrichten van het Terraveenplein in Odiliapeel en de Marktstraat. De herinrichting van het Terraveenplein maakt deel uit van de gehele herinrichting van de Oudedijk. Tevens is een aanvullende offerte opgenomen voor de herinrichting van de Birgitinessenstraat/Sint Jansplein zodat het nu ontbrekende deel tot aan de Veghelsedijk ook meegenomen kan worden en de beoogde kwaliteit gerealiseerd kan worden. Ook is de voorbereiding van de turborotonde bij Uden-noord als offerte opgenomen. De realisatie van de rotonde hangt samen met de realisatie van het Foodcourt. In de loop van 2017 is meer zicht op de totale kosten voor de aanleg van de rotonde.

Bij herinrichtingsprojecten wordt de voorbereiding steeds in samenspraak met de bewoners en betrokken organisaties/belangenpartijen opgepakt zodat de uiteindelijke plannen zo goed mogelijk aansluiten bij de wensen van de gebruikers van de openbare ruimte.

De toegekende areaaluitbreiding van de openbare ruimte is verwerkt binnen de hiervoor van toepassing zijnde onderhoudsmaatregelen en vertaald in een offerte. Ook is een offerte opgenomen om benodigd onderhoud uit te kunnen voeren aan de keermuren op diverse locaties in het centrum.

Het Brabantplein is in 2016 opnieuw ingericht, bij die inrichting is meteen een waterdichte bovenafwerking van de parkeergarage onder het plein aangebracht. Om ook de overige voegen in de bovenafwerking van de parkeergarage waterdicht te kunnen maken, is een offerte opgenomen in de begroting.

In 2016  is nieuwe wetgeving over onkruidbestrijding doorgevoerd,  wat tot gevolg  heeft dat de gemeente alleen nog op niet chemische wijze onkruid mag bestrijden. De financiële consequenties zijn hierbij in beeld gebracht bij de begrotingsnotitie 2017. Verder heeft het beregeningsbeleid van het waterschap gevolgen voor de beregening van de sportvelden. Om het grondwater op peil te houden zijn maatregelen nodig, hiertoe is een offerte opgenomen in de begroting.

Voor 2017 staat de vervanging van enkele kunstgrasvelden op de planning, hiertoe is een offerte opgenomen in de begroting.

Goed en veilig vervoer

Het centrum van Uden is een centrum dat snel en comfortabel bereikt kan worden. In het centrum zijn goede voorzieningen beschikbaar  om dicht bij de winkels te parkeren. Een goede bereikbaarheid van voorzieningen en woongebieden draagt bij aan het comfort en de kwaliteit van de openbare ruimte en zorgen ervoor dat onze inwoners plezierig kunnen wonen. Eind 2016/begin 2017 wordt het parkeerbeleid voor het centrum geactualiseerd en aangepast aan nieuwe ontwikkelingen zodat dit belangrijke pluspunt van het Udense centrum gewaarborgd kan blijven.

Ook goed en veilig openbaar vervoer draagt hier aan bij. De komende jaren zetten wij verdere stappen om het Hoogwaardig Openbaar Vervoer (HOV) efficiënt in te zetten. De onderzoeksresultaten van de HOV tracéstudie zijn gereed, de verdere trace-optimalisaties zullen de komende jaren worden uitgevoerd.
Voor het nieuwe busboekje van 2017 worden een aantal wijzigingen ten gunste van de reiziger doorgevoerd.

Daar waar de veiligheid op kruispunten extra aandacht vraagt, worden initiatieven tot verbetering genomen. De aanleg van een turborotonde op de kruising Oudedijk– Nieuwedijk is in voorbereiding (bestemmingsplanfase). Uitvoering is in 2017 gepland.. Het onderzoek naar de consequenties van een verlegging van de N605 over de Zeelandsedijk vindt in het najaar van 2016 plaats. Consequenties van dit onderzoek zullen worden meegenomen in onderhandelingen met de provincie betreffende wegenruil in 2017 indien de N605 wordt omgelegd via de Zeelandsedijk.

Het GVVP en het bijbehorende uitvoeringsprogramma zijn in 2016 vastgesteld. Uitvoeringsprojecten worden zoveel mogelijk gecombineerd met geplande rehabilitatieprojecten, waarvan er een aantal als offerte zijn opgenomen in deze begroting.

Onderwijs: talent ontwikkelen en benutten

De decentralisatie van de jeugdzorg en de invoering van de wet passend onderwijs zijn kansen voor de gemeente om haar regierol goed in te vullen en partijen bij elkaar te brengen, zowel voor het reguliere als het speciaal onderwijs.

Kwalitatief goed onderwijs, dat een goede basis vormt voor de nieuwe gemeentelijke taak ten aanzien van Jeugdzorg en tevens zorgdraagt voor een goede aansluiting op de arbeidsmarkt. Basisvoorzieningen, zoals het reguliere jongerenwerk en de onderwijsketen worden in preventief opzicht steeds belangrijker. Deze voorzieningen blijven minimaal op het huidige niveau gehandhaafd maar hierover wordt gerapporteerd in Sociaal doelmatige aanpak in programma 2, Maximaal Meedoen.

Met de invoering van de Wet OKE is de gemeente met betrokken partners bezig met de harmonisatie van  peuterspeelzaalwerk naar peuteropvang en de fiscalisering. De harmonisatie van peuterspeelzaalwerk en kinderopvang met versterking van VVE is verbonden met het proces van de IKC visie.
In geval van (vervangende) nieuwbouw voor onderwijs wordt ingezet op duurzaamheid en op het toepassen van ‘harmonisatie’ waardoor integrale kindcentra (IKC’s) gerealiseerd kunnen worden. Een IKC is een voorziening voor kinderen van 0-13 jaar, waar kinderen de dag doorbrengen om te leren, spelen, sporten, ontwikkelen en ontmoeten. Alle ontwikkelingsterreinen van kinderen komen aan bod. Een IKC biedt een gevarieerd totaalpakket op het gebied van educatie, opvang, ontwikkeling, zorg, welzijn en vrije tijd. Dit totaalpakket is niet verdeeld op basis van een institutionele en/of organisatorische verdeling. Het komt er op neer dat onderwijs, opvang, welzijn en zorg in een IKC gelijkwaardige partners zijn, die gezamenlijk een aanbod aan diensten bieden binnen een pedagogisch kader.

In juli 2016 is de nieuwbouw van Kindcentrum Odiliapeel in gebruik genomen. In november 2016 zal ook de nieuwbouw van de Brinck/Bluyssen gereed zijn en in december 2016 in gebruik genomen worden. Schoolbesturen en gemeente hebben ernaar gestreefd een van de duurzaamste schoolgebouwen van Nederland te realiseren. De openbare ruimte en de verkeersstructuur zijn daarbij nadrukkelijk betrokken en opnieuw ingericht. Omwonenden en ouders zijn nadrukkelijk bij het proces van ontwerpen en realiseren betrokken. De nieuwbouw van het Udens College locatie Schepenhoek start naar verwachting in de loop van 2017. Ook bij deze nieuwbouw speelt duurzaamheid een grote rol en zal een belangrijk deel van het imago worden.

Sportief bewegen

In 2015 is door de gemeenteraad een besluit genomen over een nieuwe meerjarige exploitatiebijdrage aan het 3Essen zwembad. In 2016 wordt dit project vervolgd met een onderzoek naar de vraag of het zwembad van zwemvereniging Zeester/Meerval er een financiële bijdrage krijgt.
De oorspronkelijk voor 2016 geplande realisatie van een tweetal kunstgrasvelden voor Udi’19 en HCU zijn na de zomer van 2015 al gereed gekomen en in gebruik genomen.
Nadat het project rondom de nieuwe exploitatiebijdrage aan 3Essen cs in de loop van 2016 geheel is afgerond, zal een start gemaakt worden met een update en daarna herijking van de Sportvisie. Hierbij zijn de ambities van ons coalitieakkoord leidend.

Cultureel lef en ondernemerschap

Betrokkenheid en draagvlak zijn sleutelbegrippen om onze gemeente leefbaar te houden. We kijken daarbij nadrukkelijk naar de behoefte van onze inwoners in hun eigen wijk of buurt. Goed leven en ontmoeten begint bij een goede kwaliteit van de publieke ruimte, van veilig verkeer en vervoer met een goede doorstroming en passende multifunctionele accommodaties.
Volkel en Odiliapeel zijn dorpen waar de mensen oog voor elkaar hebben. Ook Uden heeft ondanks haar wat grotere maat dat karakter weten te behouden. Draagvlak en betrokkenheid van onze inwoners voor hun omgeving is nodig om ontmoetingen te laten werken en mensen van betekenis voor elkaar te laten zijn.

Ook cultuur en sport zijn gelegenheden om elkaar te ontmoeten. Ze vormen een belangrijk onderdeel van de opvoeding en het onderwijs. De gemeente stimuleert de toegankelijkheid daarvan. Voor het onderwijs vervult de gemeente de komende jaren de rol van regisseur. We bieden maatwerk daar waar het nodig is.

Na het faillissement van het MIK in voorjaar 2015 is een tijdelijke organisatie ontstaan, onder trekkerschap van de bibliotheek die de faciliteiten wil scheppen zodat cultuureducatie in het seizoen 2015 – 2016 doorgang kan blijven vinden. Een kleine, facilitaire organisatie zorgt er voor dat docenten als zzp’er de cultuureducatie lessen kunnen (blijven) verzorgen. De docenten van het MIK zijn bij het totstandkomen van deze (tijdelijke) organisatie betrokken geweest.
Deze organisatie heeft een subsidie ontvangen van de gemeente om dit mogelijk te maken. Ook is het gebouw dat het MIK gebruikte, eigendom van de gemeente, beschikbaar gesteld alsmede de instrumenten die door de gemeente zijn overgenomen uit faillissement.
In de loop van 2016 moet er zicht komen op een definitieve invulling en vormgeving van de cultuureducatie.  Wij zien hierbij mogelijkheden om meer jeugd en volwassen inwoners met cultuureducatie te bereiken o.a. door meer vormen van cultuureducatie onder de nieuwe paraplu te ‘vangen’.

Deze ontwikkelingen hebben de noodzaak verscherpt om te komen tot een herijking van de Cultuurvisie. Dat proces is eind 2015 al gestart en moet medio 2016 zijn afgerond. Hierbij staat niet een nieuwe visie voorop, maar wel met name de vraag welke soort activiteiten de nog steeds actuele visie tot uitvoering kunnen brengen en welke organisatie en samenwerking van het culturele veld daarvoor nodig is. Het culturele veld is hierbij nauw betrokken en zal de voornaamste maker van het voorstel voor herijking zijn.

Gemeenschappelijke regelingen

Om de gemeentelijke doelstellingen te realiseren zijn er ook verbonden partijen waarmee de gemeente Uden samenwerkt. De gemeente is echter zelf verantwoordelijk voor de taken die we door de verbonden partijen laten uitvoeren. Het is daarom van belang om goed inzicht te hebben in de bijdrage van de verbonden partij aan de realisatie van het programma. Voorheen werd deze informatie alleen opgenomen in de paragraaf verbonden partijen.  Als gevolg van gewijzigde wetgeving dient met ingang van deze Programmabegroting hierover ook informatie opgenomen te worden in het programmaplan bij de betreffende doelstelling. 

Doelstellingen

Klik op de links om te zien wat de ambities zijn voor de doelstellingen:

Projecten

Een beschrijving van de belangrijkste projecten binnen dit programma.

Wat gaat het kosten

Een beschrijving van de kosten (PDF, 56.2 kB) van dit programma. In deze Programmabegroting zijn extra middelen beschikbaar gesteld door middel van offertes. Voor dit programma zijn dat:

(de bedragen zijn in € x 1.000)

Reden aanvraag Structureel/incidenteel Investering 2017 2018 2019 2020
Turborotonde A50 afrit Uden Noord (Oostzijde) Structureel 100 4 4 4 4
Vervangen zandingestrooid kunstgrasveld HCU Structureel 475 33 33 32 32
Oplossen waterproblematiek wooncomplex Brabantplein Structureel 215 9 9 9 9
Herinrichting Terraveenplein Odiliapeel Structureel  575 26 25 25 25
Zeelandsedijk 1, verleggen fietspad en verplanten van 3 bomen Structureel  44 2 2 2 2
Rehabilitatie en herinrichting openbare ruimte Structureel  3.116 73 140 139 137
Herinrichting St Janstraat-Birgittinessestraat (aanvullend budget) Structureel  525 23 23 23 23
Noodzakelijke maatregelen a.g.v. nieuwe beregeningsbeleid Waterschap Aa en Maas Structureel  18 1 1 1 1
Aanvragen voorzieningen Onderwijshuisvesting (OHV 2016) Structureel 177 11 11 11 11
Voorschoolse voorziening peuters Structureel   44 66 87 109
Bouwkundige aanpassingen aan accommodaties de schakel in Volkel Structureel 28 3 3 3 3
Herinrichting Markstraat Structureel 1.205 48 42 41 40
Herstel keermuren diverse locaties in het centrum Incidenteel   15      
Park Moleneind (onderzoek) Incidenteel   30      
Voorbereidingskrediet voorzieningen in gebied Oost Incidenteel   40      

Wetten en regels

Een beschrijving van de kaders, wetten en regels van dit programma.

Cultureel lef en ondernemerschap

Wat willen we bereiken?

Kunst en cultuur is een belangrijk verbindingselement in een veranderende gemeenschap als gevolg van de instroom van nieuwkomers/vluchtelingen. Wat met woorden niet direct uit te drukken is, kan met zang, dans en beeld vaak wel worden uitgelegd, waardoor integratie makkelijker wordt.  De herijking van de Kunst- en Cultuurvisie heeft niet geleid tot bijstelling. Cultuur, en cultuureducatie, als verbinding blijft de doelstelling. Om deze taak goed te blijven vervullen is cultureel ondernemerschap noodzakelijk. Hiervoor wordt met bestaande en nieuwe partners (w.o. Misfits) samengewerkt aan de hernieuwde inrichting en gebruik van het Mondriaanplein.

Een duurzame exploitatie van het Museum voor Religieuze Kunst is van belang omdat het MRK bijdraagt aan de doelen en visie van cultuur. Wel wordt samen met hen gezocht naar aanvullende verdienmogelijkheden door bijv. het toevoegen van functies.

Wat gaan we daarvoor doen?

  • Na om de al eerder vastgestelde doelen te kunnen behalen moet er zicht komen op de wijze het culturele veld is georganiseerd en samenwerkt.  Voor het maken van de uitvoeringsagenda wordt in samenwerking met Kunst&Co een database vormgegeven waaruit blijkt wie wat doet en met wie. Als de database is gevuld, kan ook het totaal aan activiteiten geprioriteerd gaan worden. 
  • Er wordt een voorstel ontwikkeld om te komen tot een stimuleringsregeling voor vernieuwing van de culturele sector waarbij op basis van co-financiering gestuurd kan worden op de realisatie van de in de cultuurvisie genoemde doelen.
  • De bibliotheek wordt steeds meer bevraagd om als culturele instelling haar positie in het sociale domein in te nemen, waarbij ondersteuning wordt geboden vanuit ontmoeting. Deze ontmoetingsfunctie zal in combinatie met de overige spelers van het Mondriaanplein (w.o. Kunst&Co) vormgegeven gaan worden.
  • Subsidie aan kunst- en cultuur instellingen zal in toenemende gericht moeten zijn op het behalen van de doelen vanuit de cultuurvisie; eerdere exploitatiesubsidies worden vervangen door prestatieafspraken.

Gemeenschappelijke regelingen

Een gemeenschappelijke regeling die bijdraagt aan deze doelstelling is:

BHIC 

Het Brabants Historisch Informatiecentrum (BHIC) voert voor de gemeente Uden en de andere deelnemende gemeenten en waterschappen wettelijk verplichte taken uit op het gebied van archiefbeheer, ordening, controle en –ontsluiting. Binnen de mogelijkheden werkt het BHIC aan het beleidsdoel ‘meer publiek, meer divers publiek’. Via onze deelname aan de BHIC borgen we een goede uitvoering van de archiefwet zodat de juiste informatie op de juiste manier beschikbaar is. Hierdoor helpt de BHIC niet alleen particulieren, maar ook organisaties, gemeenten, waterschappen en provinciale instellingen met al hun vragen op het gebied van archieven en cultuurhistorie. 

Prestatie-indicator

Geen.

Goed en veilig vervoer

Wat willen we bereiken?

In 2016 is de aanbesteding Regiotaxi afgerond; het nieuwe contract gaat per 1-1-2017 in en heeft een looptijd van 2 jaar. Deze relatief korte looptijd is gekozen om flexibel gebruik te kunnen maken van nieuwe ontwikkelingen zoals kleinschalige mobiliteitsoplossingen (KMO’s) en de ontwikkeling van regiecentrales in Midden-Brabant. De samenwerking met provincie als houder en hoeder van het openbaar vervoer is hierin van groot belang. Via een zogenoemd Ontwikkelteam, bestaande uit ambtenaren uit de regio, zal de transformatie van de huidige Wmo-voorziening vanuit Regiotaxi  naar een integrale mobiliteitsoplossing  voor het sociaal domein gerealiseerd worden. Daarbij zullen deelbesluiten over bijv. doelgroepenvervoer (naar Wmo-dagbesteding of jeugdvoorziening) en leerlingenvervoer, de komende twee jaar worden voorgelegd. 

Wat gaan we daarvoor doen?

  • Opstellen realisatieprogramma (GVVP)*.
  • Vanuit het realisatieprogramma van het nieuwe GVVP (Gemeentelijk verkeer en vervoerplan) uit 2016, inclusief parkeerbeleid, zullen voorstellen komen om meer op maat te gaan voorzien in mobiliteitsvraagstukken voor onze inwoners. Ook vanuit het sociale domein kunnen initiatieven komen, bijvoorbeeld het vervoer van- en naar een MFA binnen de wijk of dorp in de vorm van arbeidsmatige (met deels loonkosten subsidie gefinancierde) werkzaamheden.
  • Terugbrengen van de hoeveelheid verkeersborden door het 'shared space' concept.
  • Onderzoek tracé N605 / Zeelandsedijk.
  • Aanleg turborotonde Oudedijk.
  • Onderzoek naar huidige HOV tracé ten noorden van het busstation*.
  • Het openbaar vervoer voorziet in snelle en gemakkelijke verbindingen naar de grote steden om ons heen. Daar waar buslijnen niet toereikend zijn, wordt gezocht naar openbaar vervoer op maat met behulp van bewoners / organisaties.
  • Gedifferentieerd parkeerbeleid.

* Deze activiteiten zijn reeds uitgevoerd. Hierover zal met ingang van 2017 niet meer gerapporteerd worden.

Prestatie-indicator

Indicator

Ziekenhuisopname na verkeersongeval met een motorvoertuig

Prognose 2017 %
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017
Indicator Overige vervoersongevallen met een gewonde fietser
Prognose 2017 %
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017
Indicator Waardering bereikbaarheid bedrijfslocatie voor bevoorrading
Prognose 2017 Score 1-10
Informatiebron  
Aanvullende informatie  

Toelichting projecten

Onderstaand wordt een toelichting gegeven op grote projecten (restant krediet >€ 500.000) van dit programma. Hierbij is gekeken naar Planning, Budget en Risico.

Hoogwaardig Openbaar Vervoer (HOV)

  indicator omschrijving
Planning Vertraagd
Budget Inkomsten hoger / uitgaven lager (conform budget)
Risico Lage kans en weinig impact

De uitvoering is vertraagd doordat het voorbereidingstraject met Rijkswaterstaat langer duurt dan gepland. De laatste planning is dat de nieuwe aansluiting op de A50 rond de zomer(2015) in gebruik genomen kunnen worden.

Rehabilitatie /  renovatie Veghelsedijk

  Indicator Omschrijving
Planning Conform planning
Budget Inkomsten hoger / uitgaven lager (conform budget)
Risico Lage kans en weinig impact

De voorbereiding van dit project is gestart.

Verlengde Noordlaan met bijkomende werkzaamheden

  Indicator Omschrijving
Planning Conform planning
Budget Inkomsten hoger / uitgaven lager (conform budget)
Risico Lage kans en weinig impact

Vernieuwing Den Dijk

  Indictor Omschrijving
Planning Conform planning
Budget Inkomsten hoger / uitgaven lager (conform budget)
Risico Lage kans en weinig impact

Nieuwbouw Udens College Schepenhoek

  Indicator Omschrijving
Planning Conform planning
Budget Inkomsten hoger/uitgaven lager (conform budget)
Risico Lage kans en weinig impact


Rehabilitatie Ruitersweg

  Indicator Omschrijving
Planning Conform planning
Budget Inkomsten hoger/uitgaven lager (conform budget)
Risico Lage kans en weinig impact

Kunstgrasvelden Udi'19/HCU

  Indicator Omschrijving
Planning Conform planning
Budget Uitvoering binnen beschikbaar gestelde kredieten
Risico Geen. Een en ander conform projectplan

Samen de leefomgeving inrichten

Wat willen we bereiken?

Het leefbaar maken en houden van de woonomgeving staat voorop. Uitgangspunten hiervoor zijn vastgelegd in de Nota Openbare Ruimte. Wij doen dit in samenspraak met bewoners en gebiedsplatforms.

Wat gaan we daarvoor doen?

  • Het leefbaar maken en houden van de woonomgeving staat voorop.
  • Bij de inrichting van de publieke ruimte wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met de inpassing van speelruimtes voor de jeugd én ontmoetingsplekken voor ouderen.
  • Ook richt de gemeente de openbare ruimte zo groen mogelijk in.
  • Bij de inrichting van de leefomgeving houden we rekening met toegankelijkheid voor mensen met een handicap.
  • Het uitvoeren van rehabilitaties/ reconstructies aan de wegen en de civiele kunstwerken in de leefomgeving op basis van einde levensduur.
  • Het uitvoeren van klein en groot onderhoud aan de leefomgeving om de afgesproken kwaliteit te handhaven door middel van het uitvoeren van projecten. Financiering vanuit de daarvoor bestaande onderhoudsfondsen.
  • Het voorbereiden en uitvoeren van de plaatsing van een F-16 op een rotonde nabij vliegbasis Volkel.  
  • Waar dat mogelijk en doelmatig is,  kiest de gemeente Uden voor het afkoppelen van hemelwater, conform beleid.

Prestatie-indicator

Geen.

Sportief bewegen

Wat willen we bereiken?

Vanuit het overkoepelende begrip 'gezondheid', waarbij fysiek welbevinden een essentieel onderdeel is, wordt sport en bewegen benaderd dus niet vanuit het behalen van sportprestaties. De gemeente richt zich daarom vooral op de breedtesport met als uitgangspunt:sport moet toegankelijk zijn voor iedereen en uitnodigen tot beweging.

Vanuit een integrale visie op sportaccommodaties willen we sportverenigingen faciliteren om in te spelen op de veranderende vraag. Zij gaan mee samenwerken met onderwijs, zorg en kinderopvang om daarmee een zichtbare plaats in de basisstructuur in te nemen.

De gemeente voert een actief beleid voor gezonde leefstijl, waaronder het tegengaan van overgewicht en wil er voor zorgen dat informatie over sport en gezonde voeding voor iedereen beschikbaar is. Voor jongeren en hun ouders wordt dat gedaan via Jongeren Op Gezond Gewicht (JOGG); voor inwoners algemeen is dat onderdeel van 'gezonde wijk' waarin de samenwerking tussen huisartsen en basisteam/sociaal werk wordt gericht op preventie en nazorg (herstel na ziekte).

Accommodaties van de “21e eeuw” waardoor we het aantrekkelijk houden en maken om blijvend te sporten.

Onze accommodaties/parken ingericht zijn of worden zodat deze Multifunctioneel zijn of (met kleine aanpassingen) gemaakt kunnen worden, deze zijn duurzaam en toekomstbestendig !!

Focus op samenwerking van verenigingen en waar mogelijk onderzoeken of “Omniverenigingen” clubs kunnen versterken.

Wij hebben een zestal buitensportaccommodaties Udi, Volkel, Odiliapeel, FC Uden, Moleneind, HCU, De Keien keurig verdeeld over Uden. Gezien de drastische terugloop/aanwas van jeugd zal men met elkaar moeten concurreren om jeugdleden te krijgen of er in slagen senioren te blijven binden aan de club danwel “oudere jongeren” opnieuw aan het bewegen te krijgen.

Wat gaan we daarvoor doen?

  • Een visie opstellen over sportaccommodaties zodat deze nog beter gebruikt kunnen worden voor activiteiten voorkomende uit de samenwerking van onderwijs, zorg en kinderopvang. Dit wordt gekoppeld aan een update gevolgd door een herijking van de geldende Sportvisie waarvan de start in de 2e helft van 2016 is voorzien, na afronding van het project rondom de zwembaden.
  • In 2015 is een keus gemaakt voor een nieuwe meerjarige exploitatie bijdrage voor het 3essen zwembad. In 2016 wordt bezien of  er een financiële bijdrage wordt geleverd aan het zwembad van de vereniging Zeester/Meerval. In 2017 wordt nauwlettend gekeken naar de uitwerking van deze keuzes op de beschikbaarheid van zwemwater, de betaalbaarheid en de gemeentelijke risico’s op gebied van exploitatie (extra subsidie) en gezondheid (zoals legionella).
  • In 2016 is onderzocht op welke wijze de problemen rondom park Moleneind en de daar gehuisveste sportverenigingen kunnen worden opgelost. In 2017 moet dit leiden tot een besluit over oplossingen en tijdstip van realisatie.
  • Het traject met AV de Keien en De Kuip in het subsidie- en tarievenbeleid buitensportaccommodaties wordt verder uitgewerkt.
  • Het aantal van 8,4 fte buurtsportcoaches, die eind dit jaar  ingevuld dienen te zijn in het programma Sport en bewegen in de buurt, groeit gestaag door. Vanuit ‘gezonde wijk’ komen in 2017 voorstellen over borging van deze inzet in de zorgketen tussen huisarts en sociaal werk / basisteam.
  • De gemeente Uden is aan de slag gegaan met een beleid dat gericht is op het tegengaan van overgewicht; bij kinderen via de JOGG methodiek. In 2016 is de organisatie hiervan operationeel geworden, inclusief een procesregisseur. In 2017 vindt een groei van activiteiten plaats en zal JOGG zichtbaarder worden in de gemeente en bij haar ketenpartners.

Prestatie-indicatoren

Indicator Niet sporters
Prognose 2017 %
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017

Talent ontwikkelen en benutten

Wat willen we bereiken?

De decentralisatie van de jeugdzorg en de invoering van de wet passend onderwijs zijn kansen voor de gemeente om haar regierol goed in te vullen en partijen bij elkaar te brengen, zowel voor het reguliere als het speciaal onderwijs. Hierbij wordt ook aandacht besteed aan het verbeteren van de samenwerking tussen onderwijs en het basisteam om zorgvragen van ouders over hun kind effectief op te kunnen pakken waarbij niet-onderwijs gerelateerde problematiek door de juiste partij wordt opgepakt. Hierdoor behouden wij kwalitatief goed onderwijs, verkleint het risico van overbelasting van onderwijzers en vergroot de kans op het vroegtijdig traceren van jonge mantelzorgers.

Onderwijs vormt een goede basis voor de nieuwe gemeentelijke taak ten aanzien van Jeugdzorg en draagt tevens zorg voor een goede aansluiting op de arbeidsmarkt.

Basisvoorzieningen, zoals het reguliere jongerenwerk en de onderwijsketen worden in preventief opzicht steeds belangrijker. Deze voorzieningen blijven minimaal op het huidige niveau gehandhaafd. In geval van (vervangende) nieuwbouw voor onderwijs wordt ingezet op duurzaamheid en op het toepassen van ‘harmonisatie’ waardoor integrale kindcentra gerealiseerd kunnen worden.

Wat gaan we daarvoor doen?

  • De realisatie van een duurzame nieuwbouw voor het Udens College locatie Schepenhoek (HAVO, VWO) is van groot belang voor de toekomstige ontwikkelingen in het voortgezet onderwijs. De nieuwbouw start in de loop van 2017; het project bevindt zich nu in de fase van bestemmingsplan en omgevingsvergunningen.
  • We stimuleren het behoud van het ROC / MBO in Uden.
  • We voorzien dat gebouwelijke vernieuwing van twee scholen (Camelot/De Palster) op Germenzeel noodzakelijk is. Wij willen deze ontwikkeling afstemmen op de behoefte in gebied Oost aan een Multifunctionele Accommodatie (en vooral de activiteiten daar in). Hiervoor wordt door het Gebiedsplatform een inventarisatie gehouden om daarmee tot een (behoeften-)visie vanuit het gebied te komen.
    Met de betrokken schoolbesturen is afgesproken dat zij allereerst een (onderwijskundige) visie opstellen voor de nieuwbouw gebaseerd op de IKC Visie die uw raad in de tweede helft van 2016 aangeboden heeft gekregen en vastgesteld.
    Tenslotte is van belang dat initiatieven worden afgestemd met de eveneens noodzakelijke gebouwelijke vernieuwing van de aanwezige sporthal Germenzeel.
    In de meerjarenbegroting is, vanwege het feit dat eerst visies worden opgesteld, nog geen budget geraamd maar is in een separate tabel een indicatief budget aangegeven gebaseerd op normbedragen. Over het geheel van deze ontwikkelingen in het gebied zal een met de raad een BOB-traject worden doorlopen van beeld-, oordeel- en besluitvorming.

Gemeenschappelijke regelingen

Een gemeenschappelijke regeling die bijdraagt aan deze doelstelling is:

- Regionaal Bureau Leerlingzaken Brabant Noordoost

Het RBL BNO voert voor gemeente Uden en de regio de wettelijk verplichte taken uit rond leerplicht en RMC. Het voorkomen en terugdringen van ongeoorloofd schoolverzuim, voortijdig schoolverlaten en langdurig thuiszitters is haar kerntaak.

Prestatie indicatoren

Indicator Achterstandsleerlingen
Prognose 2017 %4 tm 12 jarigen
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017
Indicator Absoluut verzuim
Prognose 2017 Aantal per 1.000 leerlingen
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017
Indicator Relatief verzuim
Prognose 2017 Aantal per 1.000 leerlingen
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017
Indicator Vroegtijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie (vsv-ers)
Prognose 2017 % deelnemers aan het VO en MBO onderwijs
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017

Wetten en regels

De gemeente Uden of haar bestuursorganen handelen overeenkomstig het legitaliteitsbeginsel slechts op basis van taken en bevoegdheden die terug te vinden zijn in de Europese, landelijke of lokale wet- en regelgeving. De geldende regels zijn voor eenieder te raadplegen via www.overheid.nl. De geldende regels zijn eveneens voor dit programma opgenomen in onderstaand overzicht. Hierbij dient opgemerkt te worden dat gezien de diversiteit van taken en wet-en regelgeving de volledigheid van onderstaand overzicht niet gewaarborgd kan worden. Wel geeft het de belangrijkste wet- en regelgeving weer. 

Wetten

Verordeningen/regelingen

Nota's

Veilig gevoel

In december 2014 heeft de gemeenteraad van Uden de kadernota integrale veiligheid vastgesteld. Hierin zijn verschillende prioriteiten benoemd die een bijdrage moeten leveren aan een veilige woon- en leefomgeving. Daarnaast is het van belang dat opnieuw dwarsverbanden worden gelegd met de transities in het sociale domein en het terrein veiligheid. Om die reden vindt nauw overleg plaats met de zorg- en veiligheidspartners.

Voor veiligheid in de leefomgeving is de inzet van wijkagenten van belang, maar ook betrokkenheid van gebiedsplatforms, BOA’s en burgers. In mei 2015 zijn de wijkagenten benoemd en is voor de burger duidelijk wie het aanspreekpunt is. Onze BOA’s werken in de wijken nauw samen met de wijkagenten en de buurtplatforms.

Sociaal veilig

Uden wil een veilige gemeente zijn, waarin het goed wonen, werken en recreëren is. Kortom een VEILIG Uden. Prioriteiten binnen het basisteam Maas en Leijgraaf zijn Jeugdoverlast en woninginbraken. Prioriteit binnen Uden is woonadresfraude, aanpak campings, uitgaansgeweld, huiselijk geweld, fietsendiefstal en verkeersveiligheid.

Gekozen is voor de volgende thema’s integrale handhaving: veilig recreëren (inventarisatie en controles op de campings), woonadresfraude (huisvesting van arbeidsmigranten, veilig wonen), vastgoed (misbruik, tegengaan oneigenlijk gebruik panden op industrieterreinen).

Tot de speerpunten van het plan voor integrale veiligheid behoort bestrijding van grootschalige criminaliteit. Hierbij is o.a. sprake van vermenging van onder- en bovenwereld en intimidatie. Door het RIEC is per gemeente in de provincies Brabant, Zeeland en Limburg een beeld geschetst van mogelijke ondermijnende criminaliteit. Op basis daarvan wordt bepaald welke zaken lokaal aangepakt kunnen worden. Daarnaast worden per politieteam speerpunten bepaald. Wij zullen gemeentelijke inzet plegen om samen met politie, Openbaar Ministerie, Belastingdienst en maatschappelijke instellingen gezamenlijk de georganiseerde criminaliteit nog sterker aan te pakken. In dit kader loopt in onze gemeente reeds een project om eigenaren van vastgoed voor te lichten over het herkennen van verhuur van vastgoed aan criminelen en de risico's daarvan.

Minder regels

In het naleven van regels gaan we vooral op basis van menselijkheid en vriendelijkheid opereren. Mediation wordt belangrijker om tot oplossingen te komen. Daar waar regels gehandhaafd moeten worden, is de menselijke Udense maat belangrijk. De rol van de toezichthouders (BOA’s) in de publieke ruimte is belangrijk; zij letten niet alleen op overlast en regels, maar zij zijn vooral gastheer en –dame in een gastvrij Uden.

Veilig door politie en brandweer

Een goede politiezorg betekent onder andere dat de politie zichtbaar op straat aanwezig moet zijn. Inzet van de wijkagenten is voor de gemeente van groot belang. De wijkagent is het aanspreekpunt voor de burger. Politie, brandweer en ambulance maken deel uit van ons veiligheidssysteem. We staan het niet toe dat deze diensten in het uitvoeren van hun taak worden beperkt of gehinderd. Dat geldt ook voor medewerkers van de gemeenten en andere semipublieke organisaties (bv. woningcorporaties en ziekenhuizen). De politie wil een nieuw hoofdbureau in Uden. Het is de intentie dat ook de brandweer zich aansluit bij deze ontwikkelingen. Om zo te trachten dat beide hulpverleningsdiensten zich op één locatie kunnen vestigen in twee panden. In de nieuwe brandweerkazerne zullen naar verwachting ook enkele bovenregionale brandweertaken worden ondergebracht.

Veilig uitgaan

Uden wil een veilige gemeente zijn, waarin het goed wonen, werken en recreëren is. Kortom een VEILIG Uden. Het centrum van Uden moet meer het regionaal uitgaanscentrum gaan worden. Prioriteit binnen Uden is o.a. het uitgaansgeweld.

  • Met betrekking tot het terugdringen van geweldsincidenten is een samenwerking tussen politie, boa’s, horeca, bezoekers en gemeente van belang. Deze samenwerking wordt zowel op straat als in verschillende overleggen geborgd.
  • In samenwerking met politie, de horecaondernemers en bezoekers wordt getracht een veilig uitgaan te creëren. In het uitvoeringsprogramma integrale veiligheid worden de verschillende instrumenten benoemd die een bijdrage moeten leveren aan een veilig uitgaan.
  • De huidige horecasluitingstijden blijven behouden.
  • Het college vindt het belangrijk dat er meer uitgaansgelegenheden komen voor de jongeren. De jeugd  van Uden en de regio binden we aan de gemeente Uden. Een jeugdcafé 0.0 zodat de jeugd onder de 18 (ook zonder alcohol) kan uitgaan, ondersteunen we.

Gemeenschappelijke regelingen

Om de gemeentelijke doelstellingen te realiseren zijn er ook verbonden partijen waarmee de gemeente Uden samenwerkt. De gemeente is echter zelf verantwoordelijk voor de taken die we door de verbonden partijen laten uitvoeren. Het is daarom van belang om goed inzicht te hebben in de bijdrage van de verbonden partij aan de realisatie van het programma. Voorheen werd deze informatie alleen opgenomen in de paragraaf verbonden partijen.  Als gevolg van gewijzigde wetgeving dient met ingang van deze Programmabegroting hierover ook informatie opgenomen te worden in het programmaplan bij de betreffende doelstelling. 

Doelstellingen

Klik op de links om te zien wat de ambities zijn voor de doestellingen:

Wat gaat het kosten

Een beschrijving van de kosten (PDF, 54.4 kB) van dit programma. In deze Programmabegroting zijn extra middelen beschikbaar gesteld door middel van offertes. Voor dit programma zijn dat:

(de bedragen zijn in € x 1.000)

Reden aanvraag Structureel/incidenteel investering 2017 2018 2019 2020
Nieuwbouw brandweerkazerne (Udens deel) Structureel 3.000 134 134 131 131
             

Wetten en regels

Een beschrijving van de kaders, wetten en regels van dit programma.


 

Minder regels

Wat willen we bereiken?

We willen een veilige gemeente in een veilige openbare ruimte. Een goede samenwerking tussen politie, toezichthouders (boa’s) en inwoners is hierbij belangrijk. Boa’s moeten zoveel mogelijk zichtbaar zijn in de wijk en aanspreekbaar zijn voor cq in direct contact staan met inwoners. Wijkgericht werken willen we uitbouwen, het is een effectieve manier om bovenstaande in de praktijk te brengen.

In het naleven van regels opereren we op basis van menselijkheid en vriendelijkheid. Mediation wordt belangrijker om tot oplossingen te komen. Daar waar regels gehandhaafd moeten worden, is de menselijke Udense maat belangrijk. Het uitdelen van waarschuwingen is een belangrijk instrument, waar nodig worden boetes uitgedeeld. De rol van de boa’s in de publieke ruimte is belangrijk; zij letten niet alleen op overlast en regels, maar zij zijn vooral gastheer en –dame in een gastvrij Uden.

De goede samenwerking met Buurtbemiddeling Uden wordt verder bevorderd om (buurt)problemen in een vroeg stadium aan te pakken en om onnodige procedures te voorkomen.

Om de inzet van boa’s verder te optimaliseren, wordt gewerkt aan het uitbouwen van de samenwerking tussen de boa’s in gemeenten in het basisteam Maas- en Leijgraaf.

Wat gaan we daarvoor doen?

  • De handhavers in de openbare ruimte (BOSs) hebben hierin een spilfunctie. BOA's opereren samen met de politie, ze zijn professioneel en zijn duidelijk herkenbaar aan hun uniform.
  • We voegen gastheerschap toe aan de bestuurlijke opdracht aan onze BOA's.
  • Menselijke Udense maat is een belangrijke maatstaf bij de wijze van handhaving.
  • We bouwen de samenwerking met de boa’s in Maas en Leijgraaf uit.

Prestatie-indicator

Geen.

Sociaal veilig

Wat willen we bereiken?

Uden wil een veilige gemeente zijn, waarin het goed wonen, werken en recreëren is. Kortom een veilig Uden. Prioriteiten binnen het basisteam Maas en Leijgraaf zijn Jeugdoverlast en woninginbraken. Prioriteit binnen Uden is woonadresfraude, aanpak campings, uitgaansgeweld, huiselijk geweld, fietsendiefstal en verkeersveiligheid.

Gekozen is voor de volgende thema’s integrale handhaving: veilig recreëren (inventarisatie en controles op de campings), woonadresfraude (huisvesting van arbeidsmigranten, veilig wonen), vastgoed (misbruik, tegengaan oneigenlijk gebruik panden op industrieterreinen).

Tot de speerpunten van het plan voor integrale veiligheid behoort bestrijding van grootschalige criminaliteit. Hierbij is o.a. sprake van vermenging van onder- en bovenwereld en intimidatie. Door het RIEC is per gemeente in de provincies Brabant, Zeeland en Limburg een beeld geschetst van mogelijke ondermijnende criminaliteit. Op basis daarvan wordt bepaald welke zaken lokaal aangepakt kunnen worden. Daarnaast worden per politieteam speerpunten bepaald. Wij zullen gemeentelijke inzet plegen om samen met politie, Openbaar Ministerie, Belastingdienst en maatschappelijke instellingen gezamenlijk de georganiseerde criminaliteit nog sterker aan te pakken. In dit kader loopt in onze gemeente reeds een project om eigenaren van vastgoed voor te lichten over het herkennen van verhuur van vastgoed aan criminelen en de risico's daarvan.

Wat gaan we daarvoor doen?

  • Woninginbraken zijn speerpunt van beleid in 2015-2018.
  • Aandacht voor huiselijk geweld.
  • Inzichtelijk krijgen van de situatie op campings en andere accommodaties op het gebied van brandveiligheid, aan- en bij bouwsels, gebruiksvoorschriften, adresfraude, sociale zekerheids-fraude en permanente bewoning.
  • Verkeersveiligheid heeft betrekking op de veiligheid van verkeer voor verkeersdeelnemers in het algemeen, voor specifieke doelgroepen en in bepaalde gebieden.
  • Woonadresfraude, waaronder aandacht voor huisvesting van arbeidsmigranten.

Prestatie-indicatoren

Indicator

Verwijzingen Halt

Prognose 2017 Aantal per 10.000 jongeren
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie

Landelijke indicator met ingang van 2017. De gemeente Uden heeft hier nog geen specifieke doelstelling voor opgenomen

Indicator Harde kern jongeren
Prognose 2017

Aantal per 10.000 jongeren

Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017. De regionale doelstelling is voor elke jeugdgroep één plan van aanpak.
Indicator Winkeldiefstallen
Prognose 2017 Aantal per 1.000 inwoners
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie

Landelijke indicator met ingang van 2017. Deze indicator heeft geen prioriteit binnen de kadernota IV.

Indicator Geweldsmisdrijven
Prognose 2017 Aantal per 1.000 inwoners. (Voorbeelden van geweldsmisdrijven zijn seksuele misdrijven, levensdelicten zoals moord en doodslag en dood en lichamelijk letsel door schuld (bedreiging, mishandeling, etc.))
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie

Landelijke indicator met ingang van 2017. Onze doelstelling is 'het aantal geweldsincidenten ten opzichte van de voorgaande jaren zijn gedaald'.

Indicator Diefstallen uit woningen
Prognose 2017 Aantal per 1.000 inwoners
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017. Het aantal woninginbraken mag niet hoger zijn dan 1% van de woningvoorraad van de gemeente Uden.
Indicator Vernielingen en beschadigingen (in de openbare ruimte)
Prognose 2017 Aantal per 1.000 inwoners
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl (basisset)
Aanvullende informatie Landelijke indicator met ingang van 2017. Deze indicator heeft geen prioriteit binnen de kadernota IV.

Veilig door politie en brandweer

Wat willen we bereiken?

Een goede politiezorg betekent onder andere dat de politie zichtbaar op straat aanwezig moet zijn. Inzet van de wijkagenten is voor de gemeente van groot belang. De wijkagent is het aanspreekpunt voor de burger. Politie, brandweer en ambulance maken deel uit van ons veiligheidssysteem. We staan het niet toe dat deze diensten in het uitvoeren van hun taak worden beperkt of gehinderd. Dat geldt ook voor medewerkers van de gemeenten en andere semipublieke organisaties (bv. woningcorporaties en ziekenhuizen). De politie wil een nieuw hoofdbureau in Uden. Het is de intentie dat ook de brandweer zich aansluit bij deze ontwikkelingen. Om zo te trachten dat beide hulpverleningsdiensten zich op één locatie kunnen vestigen in twee panden. In de nieuwe brandweerkazerne zullen naar verwachting ook enkele bovenregionale brandweertaken worden ondergebracht.

Wat gaan we daarvoor doen?

  • Inzet van wijkagenten
  • Nieuwbouw brandweerkazerne (Udens deel)

Gemeenschappelijke regelingen

Een gemeenschappelijke regeling die bijdraagt aan deze doelstelling is:

- Veiligheidsregio Brabant-Noord 

In de Veiligheidsregio werken 19 gemeenten, de GGD en de Nationale Politie samen op het gebied van brandweerzorg, rampenbestrijding, crisisbeheersing, geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen, meldkamers en bevolkingszorg. Belangrijke ontwikkelingen zijn de komende tijd te verwachten ten aanzien van huisvesting (kantoren, werkplaatsen, opleidingslokalen), de vorming van de landelijke meldkamerorganisatie (LMO), en de verkenning naar de locatie onafhankelijke bluswatervoorziening. 

Prestatie-indicatoren

Indicator Aandeel dat zich wel eens onveilig voelt in de buurt
Prognose 2017 13%
Informatiebron www.waarstaatjegemeente.nl
Aanvullende informatie

Nieuwe indicator met ingang van 2017

Veilig uitgaan

Wat willen we bereiken?

Uden wil een veilige gemeente zijn, waarin het goed wonen, werken en recreëren is. Kortom een VEILIG Uden. Het centrum van Uden moet meer het regionaal uitgaanscentrum gaan worden. Prioriteit binnen Uden is o.a. het uitgaansgeweld.

  • Met betrekking tot het terugdringen van geweldsincidenten is een samenwerking tussen politie, boa’s, horeca, bezoekers en gemeente van belang. Deze samenwerking wordt zowel op straat als in verschillende overleggen geborgd.
  • In samenwerking met politie, de horecaondernemers en bezoekers wordt getracht een veilig uitgaan te creëren. In het uitvoeringsprogramma integrale veiligheid worden de verschillende instrumenten benoemd die een bijdrage moeten leveren aan een veilig uitgaan.
  • De huidige horecasluitingstijden blijven behouden.
  • De coalitie vindt het belangrijk dat er meer uitgaansgelegenheden komen voor de jongeren. De jeugd  van Uden en de regio binden we aan de gemeente Uden. Een jeugdcafé 0.0 zodat de jeugd onder de 18 (ook zonder alcohol) kan uitgaan, ondersteunen we.

Wat gaan we daarvoor doen?

  • Terugdringen van geweldsincidenten door samenwerking tussen politie, BOA's, horeca, bezoekers en gemeente.
  • Horecasluitingstijden behouden.
  • Een jeugdcafé 0.0 zodat de jeugd onder de 18 kan uitgaan.
  • Via beleidsregels ervoor zorgen dat het aantal klachten over evenementen vermindert.
  • Jeugdoverlast aanpakken, onder meer door toepassing van de (nieuwe) bevoegdheden van de boa’s om jongeren tot 18 jaar te kunnen verwijzen naar Halt. De bevoegdheden liggen op het terrein van bestrijding alcoholgebruik en afval.

Prestatie-indicator

Geen.

Wetten en regels

De gemeente Uden of haar bestuursorganen handelen overeenkomstig het legitaliteitsbeginsel slechts op basis van taken en bevoegdheden die terug te vinden zijn in de Europese, landelijke of lokale wet- en regelgeving. De geldende regels zijn voor eenieder te raadplegen via www.overheid.nl. De geldende regels zijn eveneens voor dit programma opgenomen in onderstaand overzicht.

Wetten

Verordeningen/regelingen

Nota's

Bedrijfsvoering

Inleiding

Het programma bedrijfsvoering is een nieuw toegevoegd programma met ingang van programmabegroting 2017. Het programma bevat naast het treasurybeleid inzicht in de overhead binnen onze organisatie.

"Overhead is het geheel van functies gericht op de sturing en de ondersteuning van de medewerkers in het primair proces. Tot de overhead horen alle functies die dit doel dienen".

Deze definitie is nu als zodanig (wettelijk) vastgelegd in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) en sluit aan bij de gehanteerde definitie van 'Vensters voor bedrijfsvoering'. Met Vensters voor bedrijfsvoering kan samen met andere organisaties gekeken worden naar vraagstukken binnen de bedrijfsvoering. Vensters voor bedrijfsvoering is geïnitieerd door de VNG en wordt een landelijke benchmark waarbij gemeenten op basis van een uniforme benadering van het begrip overhead elkaars bedrijfsvoeringskosten kunnen vergelijken.

Tot 2017 werden de overheadkosten toegerekend aan de uitvoeringsprogramma's. In onze planning en controlcyclus de programma's uit het coalitieprogramma vertaald in het programmaplan te weten;

  • Duurzaam wonen en ondernemen
  • Maximaal meedoen
  • Goed leven en ontmoeten
  • Veilig gevoel
  • Dienstbare en betrouwbare overheid

Met ingang van programmabegroting 2017 vindt begroten en verantwoorden van de overhead plaats in dit nieuwe programma 'Bedrijfsvoering'.

Het programma geeft op een transparante wijze inzicht in de activiteiten en kosten van alle overhead die niet rechtstreeks aan de uitvoeringsprogramma's toe te rekenen is. Dit zijn de kosten van het MT, het algemeen management, informatievoorziening en ICT en alle ondersteunende clusters binnen de afdeling Middelen.

Om aan de wetteljke eisen van de BBV te voldoen presenteren we de kosten van overhead overigens separaat in de paragraaf Bedrijfsvoering. We hebben een clustering aangebracht in de functies die samen de totale overhead vormen en feitelijk onze bedrijfsvoering omvat. Die concrete doelstellingen per functie zijn verder uitgediept, in navolging van de overige programma's uit het programmaplan.

De dienstverlening aan onze inwoners, bedrijven en instellingen staat bij de gemeente Uden centraal. Dit alles willen we effectief en efficiënt realiseren, met onze basistaken als uitgangspunt. De afgelopen jaren heeft dit binnen de ontwikkeling van onze organisatie een belangrijke rol gespeeld. Door voortdurende focus op de doelmatigheid van onze interne processen, faciliteiten, budgetten en planningen streven we naar excellente dienstverlening. De bedrijfsvoeringsfuncties zorgen ervoor dat het primaire proces zo optimaal mogelijk georganiseerd kan worden. De gemeentelijke organisatie speelt dagelijks in op de verschillende vraagstukken en ontwikkelingen vanuit de Udense samenleving en levert een breed pakket aan producten en diensten aan haar inwoners.

Ambities / Doelen

Klik op de links om te zien wat de ambities, doelen zijn van de diverse functies:

Gemeenschappelijke regelingen

Om de gemeentelijke doelstellingen te realiseren zijn er ook verbonden partijen waarmee de gemeente Uden samenwerkt. De gemeente is echter zelf verantwoordelijk voor de taken die we door de verbonden partijen laten uitvoeren. Het is daarom van belang om goed inzicht te hebben in de bijdrage van de verbonden partij aan de realisatie van het programma. Voorheen werd deze informatie alleen opgenomen in de paragraaf verbonden partijen.  Als gevolg van gewijzigde wetgeving dient met ingang van deze Programmabegroting hierover ook informatie opgenomen te worden in het programmaplan bij de betreffende doelstelling. 

Projecten

Er zijn geen majeure projecten binnen dit programma.

Wat gaat het kosten

Een beschrijving van kosten (PDF, 57.5 kB) van dit programma. In deze Programmabegroting zijn extra middelen beschikbaar gesteld door middel van offertes. Voor dit programma zijn dat:

(de bedragen zijn in € x 1.000)

Reden aanvraag Structureel/incidenteel Investering 2017 2018 2019 2020
Aankoop media-analysepakket Structureel   8 8 8 8
Vervanging audio-visuele middelen/geluidsinstallaties in vergaderkantoren en raadszaal Structureel 60 11 11 11 11
Uitbreiden facilitair reserveringssysteem en vastgoedbeheerbeheer - en reserveringssysteem voor zowel intern gemeentehuis als voor de externe accommodaties

Structureel

  16 16 16 16
Uitbreiden facilitair reserveringssysteem en vastgoedbeheerbeheer - en reserveringssysteem voor zowel intern gemeentehuis als voor de externe accommodaties Incidenteel   2      
Vervanging lamellen gevels gebouw D gemeentehuis Structureel 90 11 11 11 10
Mobiele telefoons Structureel 53 14 14 14 14
Verbeteren telefonische bereikbaarheid Incidenteel   30      
Onderzoek medewerkers tevredenheid/bevlogenheid Incidenteel   15      
Toetredingsbijdrage m.b.t. deelname Bureau Inkoop Zuidoost-Brabant (BIZOB) Incidenteel   30      
Conceptvertaling en herinrichting verkeersruimtes en ontvangsthal gemeentehuis Incidenteel   20      

Prestatie-indicatoren

Bijna alle indicatoren van het programma Bedrijfsvoering zijn niet specifiek te koppelen aan één ambitie/doel. Om die reden presenteren wij die dan ook centraal onder het programma

Indicator Formatie
Prognose 2017 Fte per 1.000 inwoners
Informatiebron Vensters voor bedrijfsvoering
Aanvullende informatie  
Indicator Bezetting
Prognose 2017 Fte per 1.000 inwoners
Informatiebron Vensters voor bedrijfsvoering
Aanvullende informatie  
Indicator Apparaatskosten
Prognose 2017 Kosten per inwoner
Informatiebron Vensters voor bedrijfsvoering
Aanvullende informatie  
Indicator Externe inhuur
Prognose 2017 Kosten per inwoner
Informatiebron Vensters voor bedrijfsvoering
Aanvullende informatie  
Indicator Overhead
Prognose 2017 %
Informatiebron Vensters voor bedrijfsvoering
Aanvullende informatie  
Indicator Vertrouwen in de manier waarop gemeente wordt bestuurd
Prognose 2017 %
Informatiebron  
Aanvullende informatie  

Wetten en regels

Een beschrijving van kaders, wetten en regels van dit programma.

Bestuurszaken en bestuursondersteuning

Het betreft bestuursadviseurs en bestuursondersteuner, zijnde de ambtelijke ondersteuning en beleidsadvisering van de burgemeester en het college van burgemeester en wethouders. Niet: raadsgriffie 

Wat willen we bereiken?

Wat gaan we daarvoor doen?

Prestatie-indicatoren

Geen.

Communicatie en creatie

Interne en externe communicatie m.u.v. klantcommunicatie. Het gaat om zowel interne als externe communicatie. Niet: projectcommunicatie en medewerkers die bij een projectbureau werken.

Wat willen we bereiken?

We zetten in op het verbeteren van de klanttevredenheid. Om dit te kunnen verbeteren, meten we eerst hoe onze klanten de dienstverlening van de gemeente ervaren. We doen dit aan de balie en op de website. Later meten we ook de klanttevredenheid via andere kanalen. Met de resultaten en de aanbevelingen van het klanttevredenheidsonderzoek gaan we de komende periode aan de slag

De website krijgt een opfrisbeurt als het gaat om de vormgeving. De website van de gemeente wordt nog altijd goed gewaardeerd: inwoners kunnen de informatie goed vinden en steeds meer mensen maken digitaal een afspraak bij de gemeente.
 

Wat gaan we daarvoor doen?

  • Continue meten klanttevredenheid via de balie en de website
  • Aanschaf van een media-analysepakket (offerte van € 8.000 structureel). Doel is het verwerven van een media-analysepakket teneinde een complete oplossing voor media monitoring en webcare te hebben. Met dit tool kunnen we monitoren en analyseren wat er op social media en nieuwssites over de gemeente Uden wordt gezegd. Zeker bij gevoelige projecten is het essentieel om de media en social media op een goede manier te monitoren. Ook kunnen we de tool inzetten voor webcare: het reageren op berichten. Aanschaf zal in overleg met de regio plaatsvinden.

Digitale informatie voorziening (DIV)

Het betreft medewerkers die kaders stellen en richtlijnen ontwikkelen, zich bezighouden met expertise-ontwikkeling, adviseren bij procesinrichting en –aansluitingen op e-depot, DMS inrichten en beheren, zich bezighouden met postregistratie en e-depot, archiefonderzoeken en coördineren (niet zijnde leidinggevende), fysieke en digitale documenten verwerken, vernietigen en overbrengen en fysiek en digitaal archief opbouwen en beheren. 

Wat willen we bereiken?

Het betreft medewerkers die kaders stellen en richtlijnen ontwikkelen, zich bezighouden met expertise-ontwikkeling, adviseren bij procesinrichting en –aansluitingen op e-depot, DMS inrichten en beheren, zich bezighouden met postregistratie en e-depot, archiefonderzoeken en coördineren (niet zijnde leidinggevende), fysieke en digitale documenten verwerken, vernietigen en overbrengen en fysiek en digitaal archief opbouwen en beheren.
Het fysieke archief wordt voor te vernietigen onderdelen beheerd. Het te bewaren archief wordt gedigitaliseerd. Hiervoor is een scanstraat aanwezig in samenwerking met IBN. Er is een substitutie vergunning.
Het digitale archief wordt beheerd in Corsa. Het postproces is opgenomen in Corsa. De applicatie wordt beheerd en er wordt een start gemaakt met kwaliteit beheer. Er is vooral aandacht voor instructie van medewerkers aan de voorkant

Wat gaan we daarvoor doen?

  • Inrichten en beheer van een scanstraat

Facilitaire zaken en huisvesting

Het is inclusief receptie, beveiliging en catering en gebouwenbeheerders. 

Wat willen we bereiken?

Populair gezegd gaat het over het huishouden van het bedrijf gemeente Uden. Facilitaire zaken zorgt ervoor dat  elk personeels-, college- en/of raadslid alle diensten en middelen (faciliteiten) tot hun beschikking hebben om hun werk goed te kunnen doen. Te denken valt aan de catering, beveiliging en onderhoud, schoonmaak, receptie. Belangrijke aspecten daarbij zijn:  attent zijn op mogelijke kostenbesparingen en de ontwikkeling van maatschappelijk verantwoord ondernemen.

 

Wat gaan we daarvoor doen?

  • Verder ontwikkelen van integraal vastgoedmanagement, inclusief evalueren organisatiestructuur (vastgoed en accommodaties) door middel van een nota ‘Integraal vastgoedmanagement’.
  • Strategisch vastgoedportefeuillebeheer; op basis van behoefte geformuleerd beleid en voorzieningenplanning.
  • Onrechtmatig grondgebruik aanpakken door het project ‘legaliseren’ voort te zetten / af te ronden.
  • Onderzoek dat het beheer (personeel) van de accommodaties  aan een mogelijke externe partij (IBN) uitbesteed gaat worden.
  • Uitvoeren van het uitvoeringsplan Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen.
  • Vervanging lamellen gevels gebouw D gemeentehuis.
  • Conceptvertaling en herinrichting verkeersruimtes en ontvangsthal gemeentehuis.
  • Vervanging audiovisuele middelen/geluidsinstallaties in vergaderkantoren en raadszaal.
  • We onderzoeken de servicenormen voor telefonie. We constateren dat we hier veelal met bewerkelijke gesprekken te maken hebben.
  • Uitbreiding facilitair reserveringssysteem voor zowel intern gemeentehuis als voor de externe accommodaties.

Prestatie-indicatoren

Indicator Servicenormen
Werkelijk 2015 27% afwijking t.o.v. de servicenorm telefonie
Prognose 2016 15% afwijking t.o.v. servicenorm telefonie
Prognose 2017  
Informatiebron telefooncentrale
Aanvullende informatie Maximale wachttijd telefoon is 30 seconde.

Financiën, toezicht en controle gericht op de eigen organisatie

Het betreft functies als controllers, financieel adviseurs en specialisten, planning en control, financiële verantwoording, administratieve organisatie, risicomanagement, (EDP) auditing, interne kwaliteitszorg, toezicht en controle gericht op de eigen organisatie.

Wat willen we bereiken?

De gemeente Uden is en wil graag ‘in control’ zijn. Hiervoor zijn tal van interne beheersingsmaatregelen aanwezig. Om de financiële rechtmatigheid te waarborgen, wordt onder andere met het model interne controle en rechtmatigheid gewerkt. Samen met het normenkader en het intern controleplan 2015 vormt dit het kader voor de interne controle. De doelstelling voor komende jaren blijft om de interne beheersing en het zelf controlerende vermogen verder te verbeteren

Een ander onderdeel dat bijdraagt aan het ‘in control’ zijn is risicomanagement. De gemeente Uden wil op een gestructureerde wijze risico’s beheersen en eventuele risico’s bewust nemen. Hierbij is de relatie tussen risico’s en de mate waarin de gemeente in staat is om eventuele grote financiële tegenvallers die bij de risico’s horen op te vangen van belang.
Kijken we naar onze planning en controlcyclus, dan is die helder, openbaar en afgestemd op de wensen van de gemeenteraad en het college. Een structureel sluitende programmabegroting en een gedegen financieel beleid zijn belangrijke pijlers. 

Wat gaan we daarvoor doen?

  • Structurele lasten worden gedekt door structurele baten (continu).
  • De financiële consequenties van het coalitieakkoord ‘Samen voor een vitaal Uden!’ zijn in de Programmabegroting verwekt.
  • Samen met de raad invulling geven aan een nieuwe opzet van de programmabegroting (met bijbehorend meetplan, zodat resultaten transparant en meetbaar zijn.
  • Systeem van risicomanagement continueren en waar mogelijk verbeteren waarbij risico’s worden gekwantificeerd en in relatie gebracht worden met de weerstandscapaciteit.
  • Voortvarende realisatie van de nog niet gerealiseerde bezuinigingstaakstellingen. Eventuele nieuwe bezuinigingen worden in een zorgvuldig proces met inwoners, bedrijfsleven, verenigingen en instellingen afgestemd.
  • Actief sturen op de schuldpositie door in het bestedings- en dekkingsplan daar geld voor te reserveren.
  • Actualiseren ‘Financiële verordening gemeente Uden’.
  • De interne processen op orde houden.
  • Daar waar de organisatieontwikkeling aanleiding geeft om de beschrijving van de werkprocessen aan te passen (AO/IC).
  • Het risicomanagement meer te koppelen aan de interne controle.

Informatievoorziening en automatisering (ICT)

Het betreft medewerkers informatisering en automatisering, systeem-en netwerkbeheer, werkplekondersteuning, helpdesk, ontwikkeling ICT projectmanagement, technisch applicatiebeheer en functioneel applicatiebeheer dat door bedrijfsvoering medewerkers wordt gedaan (het is exclusief functioneel beheer ten behoeve van primaire proces systemen). 

Wat willen we bereiken?

De organisatie gemeente Uden is wat betreft het niveau van ICT op orde. Omdat het voor de toekomst duurzaam op orde moet blijven, is besloten tot intensieve samenwerking met de gemeente Landerd, Bernheze en Oss (ofwel BLOU). De projectleider, die de samenwerking voorbereidt, levert eind 2016 een bedrijfsplan (wat wordt gerealiseerd?) en een transitieplan (hoe komen we er?) op. Uiteindelijk zal er een zelfstandige organisatie komen, geheel verweven met de samenwerkende gemeenten. Het doel van deze organisatie is de deelnemende gemeente op tijd te voorzien van actuele, juiste en voldoende gegevens voor hun werkprocessen.

Als de vier gemeenteraden kiezen voor deze samenwerkingsvorm dan wordt in 2017 gestart met de realisatie van het eerste plateau. Op het eerste plateau (duur: 2 jaar) is de organisatie gebouwd en is een gezamenlijke basis in de vorm van een technische infrastructuur en een Mid-office omgeving gereed. Hiervoor is een datalijnverbinding tussen de betrokken gemeenten noodzakelijk. Hiervoor zijn structureel extra uitgaven voorzien van € 22.000 en incidenteel € 60.000 in 2017.

Door het samenwerken van de 4 gemeenten zullen de  kosten voor ICT niet stijgen, wel komen er extra kosten voor de datalijnverbinding. Ieder voor zich heeft echter al te maken met een stijging ICT in de werkprocessen. Hierdoor kunnen wij betere dienstverlening leveren. Doel is de meerkosten hiervan gezamenlijk beter te beheersen. Tijdens de realisatie van het eerste plateau worden incidentele/frictie kosten voorzien. Er is extra inzet van menskracht nodig om de nieuwe ICT omgeving in te richten. Dit terwijl het normale beheer en de dienstverlening gewoon door gaat. In verschillende functiegroepen is extra inzet nodig. Bij het schrijven van dit programmaplan zijn deze kosten voor 2017 geschat op € 250.000.  Voor 2018 is een PM post opgenomen. Voor de plateaus die later volgen is geen doorberekening gemaakt omdat daarvoor nog inhoudelijke beslissingen moeten worden genomen

Wat gaan we daarvoor doen?

  • Eind 2016/ begin 2017 wordt definitief besloten of de gemeente Uden samen met de gemeenten Landerd, Bernheze en Oss een gezamenlijke ICT organisatie gaat vormen.
  • Systeem- en netwerkbeheer, beheer basisregistraties en kernregistraties, applicatiebeheer, informatiemanagement, servicedesk en gebruikersondersteuning.
     

Inkoopbeleid

Inkoop (inclusief aanbesteding en contractmanagement).

Wat willen we bereiken?

Naast doelmatigheid en rechtmatigheid is maatschappelijk verantwoord inkopen een belangrijk aspect  bij inkoop- en aanbestedingstrajecten van de gemeente Uden. Regionale inkoopsamenwerking vergt aandacht en afstemming. De uitgevoerde inkooptrajecten zoals bijv. de actualisering van diverse bestemmingsplannen, de aanschaf van papier en de accountantsdienstverlening hebben zowel wat betreft kwaliteit als prijs goede resultaten opgeleverd. Naast het meenemen van duurzaamheid speelt ook ‘social return’ een belangrijke rol in aanbestedingstrajecten.
Samen met UOV de Kring worden met het oog op lokale ondernemers regelmatig informatie-bijeenkomsten georganiseerd. Hierin wordt onder andere uitleg gegeven over het inkoopbeleid en Tenderned.

In 2016 is de samenwerking met het Bureau inkoop en aanbesteding Zuidoost-Brabant (BIZOB) geëvalueerd. De gemeente Uden gaat na 4 jaar definitief deel uitmaken van het BIZOB. De geleverde diensten, advisering zijn uitstekend en de gemeente wil de samenwerking omzetten naar een daadwerkelijk deelname aan de stichting. Via BIZOB hebben wij de kwaliteit van onze inkoop- en aanbestedingstrajecten verbeterd en veel meer planmatig in beeld gebracht. Daarnaast hebben we als gevolg van een groter inkoopvolume besparingen op diverse projecten gehad. Voorheen deelden wij niet in het resultaat, maar vanaf 2017 (bij deelname) wel. Eventuele revenuen worden door de deelnemende partijen verdeeld. Verder wordt samengewerkt in het inkoopplatform Noordoost-Brabant. Jaarlijks wordt een inkoop- en aanbestedingsagenda (in overleg met diverse regiogemeenten) samengesteld. Voordeel van samenwerking is kwaliteit en nog steeds een financieel (kwantum)voordeel bij de diverse aanbestedingen.

Wat gaan we daarvoor doen?

  • Deelname aan de Stichting BIZOB. Daarvoor moet een eenmalige (start)bijdrage betaald worden (offerte van € 30.000).
  • Deelname aan het inkoopplatform Noordoost-Brabant.
     

Leiding geven primair proces inclusief ondersteuning

Het betreft alle hiërarchische leidinggevenden in het primair proces. Zij hebben een personele verantwoordelijkheid waaronder het voeren van functioneringsgesprekken. Projectleiders en coördinatoren vallen hier buiten.

Het betreft ook de ambtelijke ondersteuning en beleidsadvisering van de burgemeester en het college van burgemeester en wethouders en de secretariaten ter ondersteuning van de afdelingen. De raadsgriffie valt hier overigens niet onder.

Wat willen we bereiken?

Het uitzetten van de koers voor de organisatie, het uitdragen van de visie en het bieden van inspiratie voor de medewerkers komt alleen tot zijn recht als het gesprek daarover met de medewerkers goed gevoerd wordt. Als leiderschap door de managers getoond wordt, kunnen medewerkers daarop aanhaken. Medewerkers zijn het belangrijkste kapitaal van onze organisatie. Medewerkers (her)kennen de koers van de gemeente Uden en halen daar inspiratie uit om zich verder te ontwikkelen in hun werk.
Doelen:

  • Ontwikkeling van coachend leiderschap in de gehele managementlaag.
  • Vergroten van de sturing op organisatiedoelen.
  • Vergroten van de sturing op competenties en talentontwikkeling.
  • Vergroten van de betrokkenheid van medewerkers bij de organisatie(doelen).
  • Verbeteren van de communicatie met medewerkers (alle richtingen).

Wat gaan we daarvoor doen?

  • Medewerkers halen inspiratie en ontwikkelingskansen uit de koers van de organisatie en zetten hun kennis, talent en vaardigheden in om de met elkaar afgesproken uit te voeren taken/activiteiten per kalenderjaar t.b.v. de klanten uit te voeren. Via de HRM-cyclus wordt (minimaal) op drie momenten van het jaar met medewerkers gesproken over wat hun taken/verantwoordelijkheden /ontwikkelingen zijn.
  • Wij beschikken over een evenwichtig personeelsbestand (vaste en flexibele schil) passend bij de doelen van de organisatie en daaraan gekoppelde uit te voeren taken t.b.v. de klanten.
  • Onze organisatie faciliteert medewerkers zodat zij het beste uit zichzelf kunnen halen. Door middel van hun eigen PLOT (plan leren-ontwikkelen-talentgerbuik) en het project Arbeidsmarktproof worden medewerkers uitgedaagd eigen regie te voeren op hun loopbaan, op hun duurzame inzetbaarheid en op de hoogte te blijven van de arbeidsmarktontwikkelingen.
  • Iedereen kent en draagt de visie van de gemeente Uden uit.

Managementondersteuning primair proces

Het betreft secretariaten, office management en management assistentie in het primair proces.  

Wat willen we bereiken?


 

Wat gaan we daarvoor doen?


  •  

 

Prestatie-indicatoren

Geen.

Personeel en organisatie

P&O / HRM. Het betreft salarisadministratie, P&O / HRM advies, organisatie- en formatieadvies, OR-ondersteuning, mobiliteitscentrum, coaching, leren en ontwikkelen, bedrijfsmaatschappelijk werk, ARBO, recruitment, arbeidsvoorwaarden, HR control. Het is exclusief opleidingen door P&O gegeven en gericht op de directe uitvoeringspraktijk.

Wat willen we bereiken?

De gemeente Uden is een organisatie met lef die durft te kiezen voor resultaten. Excellente dienstverlening, gastvrijheid (hospitality), maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) als ook het regionaal samenwerken met andere (overheids)organisaties staat de komende jaren centraal. Dat betekent eveneens voortdurend investeren in het ontwikkelen en opleiden van onze werknemers vooral ook op het gebied van competenties en inzetten op talent.

Wat gaan we daarvoor doen?

De belangrijkste aandachtspunten van het HRM-beleid in 2017-2020 zijn:

  • Het duurzaam en wendbaar inzetbaar zijn van onze organisatie en van onze medewerkers door strategische personeelsplanning, actieve ontwikkeling via trainingen, loopbaanactiviteiten, mobiliteit. Met als speerpunt het ‘arbeidsmarktproof’ maken/ zijn van onze medewerkers. Centraal daarbij het voeren van eigen regie op loopbaan en leren omgaan met interne en externe veranderingen.
  • Bevorderen van instroom van jongeren en arbeidsbeperkten in de organisatie.
  • Vergroten van vaardigheden, het inzetten van talenten van onze medewerkers om nog beter te kunnen inspelen op de klantvragen en de veranderende rol van de publieke medewerker in de (nabije) toekomst. Centraal daarbij staat het 'van buiten naar binnen' en 'van binnen naar buiten' werken.
  • Het blijven van een aantrekkelijke werkgever.
  • Het anticiperen op mogelijke verdergaande samenwerking met regiogemeenten.
  • De ambtelijke organisatie is deskundig, gemotiveerd, flexibel en op ontwikkelingen gericht. Om dit te bereiken voert de gemeente Uden een actief beleid op het gebied van het leren van vaardigheden (Uden Academie), een loopbaan- en mobiliteitsbeleid gericht op het voeren van eigen regie ter verhoging van de duurzame, wendbare inzetbaarheid, flexibele werktijden.
  • Professionalisering van het ambtelijk apparaat met een vierjarenplan waarin efficiency en kwaliteitsverbetering centraal staat.
  • Onderzoek medewerkers tevredenheid /bevlogenheid (MTO). Eenmaal per 2 jaar houdt de gemeente Uden een medewerkers tevredenheidonderzoek. De uitkomsten hiervan worden gebruikt ter verbetering van het functioneren van de organisatie als ook ter verbetering van de (kwaliteit) van de dienstverlening. Hiervoor is een offerte ingebracht (€ 15.000).Kwaliteit gemeentelijke organisatie.
  • Om de kwaliteit van de gemeentelijke organisatie te waarborgen en waar nodig te verbeteren neemt de gemeente deel aan twee landelijke benchmarks. Met de deelname aan ’Waar staat je gemeente’ (tweejaarlijks) wordt gekeken naar de tevredenheid van de burger. De resultaten worden vergeleken met andere gemeenten die dezelfde hoeveelheid inwoners kennen. Het tweede onderzoek ‘Vensters voor bedrijfsvoering’ is meer intern op de bedrijfsvoering gericht: Het doel van deze benchmark is (jaarlijks) zicht op de bedrijfsvoering te krijgen en te beoordelen op welke aspecten verbetering van de organisatie mogelijk is. Met dit instrument kan naast een totaalbeeld van de bedrijfsvoering ook een vergelijking met andere deelnemende gemeenten gemaakt worden.

Samenwerking in de regio

Wat willen we bereiken?

De gemeente Uden maakt deel uit van diverse samenwerkingsverbanden in de regio. Samenwerking binnen Noordoost Brabant en AgriFood Capital (Noordoost-Brabant) draagt direct en indirect bij aan de regionale economie. De gemeente Uden wil hier nadrukkelijk in participeren. Ook een goede samenwerking met onze buurgemeenten is voor Uden belangrijk. De schaal van de samenwerking hangt mede af van het verloop van de opschalingsdiscussie. De As50 blijft een belangrijke samenwerking vanwege de inbreng vanuit deze regio naar de grotere regio Noordoost-Brabant.

De samenwerking binnen de regio Noordoost-Brabant en AgriFood Capital worden steeds belangrijker. De komende jaren  worden ondernemers en onderwijs gefaciliteerd door overheden  in de ambitie om in 2020 de Topregio in Agri en Food te zijn.

Wat gaan we daarvoor doen?

Binnen de As50- en Maashorstgemeenten versterken we elkaar in de bijdrage aan het behalen van de regionale ambitie door middel van de volgende activiteiten:

  • Udense bedrijven en onderwijs stimuleren om projecten op te zetten binnen Agrifood Capital.
  • Faciliteren van kennistafels met ondernemers om innovatie en business te stimuleren.
  • Bestuurlijke en ambtelijke deelname in diverse regionale netwerken.

Prestatie indicatoren

Indicator Aantal bedrijven wat deelneemt aan projecten binnen Agrifood Capital
Werkelijk 2014 Dit is een nieuwe prestatie indicator. Er zijn nog geen werkelijke cijfers bekend.
Prognose 2015 Elk jaar minimaal één ondernemer meer bij een project betrokken (voor 2015: 2)
Prognose 2016 Elk jaar minimaal één ondernemer meer bij een project betrokken (voor 2016: 3)
Informatiebron Jaarverslag Stichting Agrifood Capital
Aanvullende informatie De invloedsfeer op de stichting (vanuit de gemeente) is beperkt

Treasury

Wat willen we bereiken?

De centrale doelstelling van het treasurybeleid is het beheren van de financiële geldstromen en het beperken van de financiële risico’s voor de gemeente. De uitvoering van treasury wordt wettelijk geregeld in de Wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO). Deze wet regelt dat de uitvoering van de treasuryfunctie binnen de gemeente uitsluitend de publieke taak dient en geschiedt binnen de financiële kaders van de kasgeldlimiet en de renterisiconorm.

Wat gaan we daarvoor doen?

Uitvoering geven aan de financiële strategie en beleid zoals opgenomen en verder uitgewerkt in de Financieringsparagraaf.

Gemeenschappelijke regelingen

Een gemeenschappelijke regeling die bijdraagt aan deze doelstelling is:

- Belastingsamenwerking Oost-Brabant (BSOB) 

De BSOB voert voor onze gemeente taken uit op het gebied van het waarderen van onroerende zaken en het heffen en innen van belastingen. Door samen werking efficiënter wer¬ken en de kwaliteit van de dienstverlening verbeteren. In 2017 krijgt de BSOB er een aantal extra wettelijke taken bij. Voorbeelden zijn de verplichte aansluiting van de WOZ op de basisadministraties, het nieuwe woning waarderingsstelsel, openbaarheid van de WOZ-waarde per 1 oktober 2016 en de uitbreiding van de aansluiting op Mijnoverheid.
Verder is de BSOB bezig met een organisatieontwikkeling, waarbij de bedrijfsvoering beter op orde komt. De kosten hiervan moeten gedragen worden door de BSOB zelf.
Een belangrijke ontwikkeling voor de BSOB is de uittreding van de gemeente Veghel. In de kadernota 2018 van de BSOB worden de financiële gevolgen daarvan in beeld gebracht, inclusief de effecten voor de langere termijn.

Wetten en regels

De gemeente Uden of haar bestuursorganen handelen overeenkomstig het legitaliteitsbeginsel slechts op basis van taken en bevoegdheden die terug te vinden zijn in de Europese, landelijke of lokale wet- en regelgeving. De geldende regels zijn voor eenieder te raadplegen.

Landelijke wet- en regelgeving

Via www.overheid.nl zijn alle geldende regels voor de gemeente Uden opgenomen en raadpleegbaar.

Lokale wet- en regelgeving

Zoekt u een wet of regel van de gemeente Uden? Bijvoorbeeld een verordening of beleidsregel? Alle regelingen van de gemeente vindt u op de website Overheid.nl. De lokale regels worden overigens ook gepubliceerd op de website van de gemeente Uden. U kunt ze hier raadplegen.

Beleidsnotities

Een overzicht van de beleidsnotities en nota’s van de gemeente zijn eveneens opgenomen en treft u hier.

Regelingen voor zover niet opgenomen in mandaatregeling

Alle uitvoerende regelgeving van wetten zoals genoemd in het overzicht wetten en regels zoals:

Wetten voor zover niet opgenomen in mandaatregeling


 

Zorg voor juridische kwaliteit (JKZ)

Het betreft juridische medewerkers die op de bedrijfsvoering afdeling werken of belast zijn met een bedrijfsvoeringstaak op een afdeling. Niet: afhandeling van bezwaar- en beroepschriften. Niet: juristen die primaire taken verrichten (bijv. vergunningverlening). 

Wat willen we bereiken?

Handelt de gemeente niet volgens de geldende regels en zonder dat de klant hierop zijn invloed heeft gehad, dan kan de klant zijn recht op rechtsbescherming inroepen: bezwaar, klacht of rechtszaak. En de klant heeft altijd invloed op zijn persoonsgegevens en op de openbaarmaking van bestuurlijke documenten. Verder dient de klant zicht te hebben op de bevoegdheden die de gemeente gebruikt.
Daarom is de zorg voor juridische kwaliteit gericht op de kwaliteitsbeheersing van de besluiten, de bezwaren, de klachten, de rechtszaken, de privacybescherming, de openbaarheid en de gebruikte bevoegdheden. Deze Zorg voor juridische kwaliteit sluit aan op de niet-financiële rechtmatigheid uit het Besluit accountantscontrole decentrale overheden. In de paragraaf over Weerstandvermogen is onder ‘JKZ’ voormeld risico nader uitgewerkt. Namelijk roept een klant zijn rechtsbescherming in dan brengt dat mogelijk extra werk, het niet halen van het beoogde resultaat en een financieel risico met zich mee. Voor 2017 komt specifiek de focus te liggen op: Aantoonbaar privacyproof.

Niet-financiële rechtmatigheid

De gemeente werkt voor haar gemeenschap of klanten: inwoners, bezoekers, instellingen en bedrijven. Haar handelingen komen voort uit wettelijke regels overeenkomstig de werking van onze democratische rechtsstaat. Dat betekent ook dat de klant recht heeft op invloedsuitoefening of rechtsbescherming. Op het voorgaande ziet de niet-financiële rechtmatigheid. Daar moet de gemeente aan voldoen om doelmatig of doeltreffend te zijn. Namelijk handelt de gemeente niet volgens de geldende regels dan brengt zo’n handeling mogelijk extra werk, het niet halen van het beoogde resultaat, en een financieel risico met zich mee.
Vandaar dat Uden voor haar handelingen een intern systeem van risicoafwegingen hanteert. Deze Zorg voor Juridische Kwaliteit sluit aan op het Besluit accountantscontrole decentrale overheden.

Wat gaan we daarvoor doen?

Met de “Privacy Kompas” als organisatiebrede aanpak krijgt iedere klant niet alleen zicht op de bescherming en de beveiliging van zijn klantgegevens bij de gemeente, maar ook de grip hierop. Hierdoor kan de klant de gemeente die in het bezit is van zijn persoonsgegevens vertrouwen.

 

Paragrafen

De verslaggevingsregels voor het opstellen van de Programmarekening zijn vastgelegd in het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Volgens deze regels moet de gemeente 7 paragrafen opnemen. Dit zijn:

Met ingang van deze Programmabegroting hebben wij er een paragraaf 'Sociaal Domein' aan toegevoegd. De raad wordt tussentijds geinformeerd over dit thema en met deze paragraaf wordt het 'Sociaal Domein' ook geïntegreerd in de planning en controlcyclus.

In de paragrafen worden de onderwerpen behandeld die van belang voor het inzicht in de financiële positie. De paragrafen bevatten de beleidsuitgangspunten van hoe wij grip proberen te houden op de zeven bovenstaande activiteiten. Daarnaast bevatten de paragrafen een dwarsdoorsnede van de Programma’s vanuit onderwerpen waaraan politiek of financiële risico’s verbonden zijn.

Bedrijfsvoering

Inleiding

Met de introductie van het programma Bedrijfsvoering worden de bedrijfsvoeringsfuncties en de overhead volgens de definitie zoals opgenomen in de notitie overhead met ingang van dit jaar toegelicht in het programma. De wetgever heeft echter vooralsnog besloten om ook een paragraaf verplicht te stellen. Wij gebruiken de paragraaf voor het presenteren van het nieuwe overzicht van baten en lasten.

Overzicht baten en lasten

In dit overzicht wordt duidelijk gemaakt op welke wijze de overhead in het overzicht baten en lasten tot uitdrukking komt. In de programmabegroting en de programmarekening moet met ingang van 2017 ten eerste het overzicht baten en lasten op het niveau van de programma's en overzichten worden gepresenteerd  Leidend hierbij zijn BBV artikelen 17 (programmabegroting) en 27 (programmarekening).

Begrotingsjaar 2017 Lasten Baten Saldo
Overzicht baten en lasten (x € 1.000) (+ = nadeel, - = voordeel)
Programma Duurzaam wonen en ondernemen 18.578 18.650 -72
Programma Maximaal meedoen 47.421 11.788 35.632
Programma Goed leven en ontmoeten 23.553 5.979 17.574
Programma Veilig gevoel 2.294 29 2.265
Programma Dienstbare en betrouwbare overhead 2.565 719 1.846
Programma Bedrijfsvoering 1.008 517 490
       
Algemene dekkingsmiddelen 0 67.576 -67.576
       
Overhead 9.656 144 9.512
       
Heffing VPB 200    
       
Bedrag onvoorzien 25    
       
Saldo van baten en lasten 105.299 105.403 -104
       
Toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves per programma 6.867 5.941 927
       
Resultaat     823

Overhead

Met ingang van 2017 wordt de overhead centraal begroot en verantwoord op het overzicht overhead via taakveld 0.4 Overhead, ondersteuning organisatie. Met ingang van 2017 is er een nieuw programma Bedrijfsvoering toegevoegd aan het programmaplan. We hebben een clustering aangebracht in de functies die samen de totale overhead vormen en feitelijk onze bedrijfsvoering omvat. Die concrete doelstellingen per functie zijn verder uitgediept, in navolging van de overige programma's uit het programmaplan. Hiermee is er dus zowel beleidsmatig als financieel sprake van centralisatie van het begrip overhead. 

Berekening opslagpercentage overhead van de tarieven lokale heffingen

Zoals eerder vermeld wordt de overhead niet meer toegerekend aan alle producten. Voor de berekening van de lokale heffingen en andere kostendekkende tarieven dienen we extra comptabel echter wel een component overhead te berekenen. Op deze manier worden alle kosten in een tarief omgeslagen en ontstaat er door deze systeemwijziging geen begrotingstekort.

De wetgever laat gemeente redelijk vrij in de methodiek van toerekenen. Wel is het noodzakelijk om de gekozen methodiek vast te leggen in de financiele verordening van de gemeente.

In Uden is gekozen voor de methode van 'toerekenen op basis van personeelslasten'. De formule die hiervoor geldt is

((personeelslasten taakveld + inhuur derden taakveld)/(totale personeelslasten alle taakvelden+inhuur derden alle taakvelden exclusief overhead)) x overhead= opslag taakveld

Deze methode sluit het best aan bij de tot nu toe gehanteerde systematiek. De uitkomst van de gekozen methode resulteert in een opslagpercentage van 63,96%.

Heffing VPB

Met ingang van 2016 zijn gemeenten Vennootschapsbelastingplichtig. Alle gemeentelijke activiteiten zijn hiervoor tegen het licht gehouden en getoetst aan de wetgeving hieromtrend. Voorlopige conclusie is dat alleen de gemeentelijke grondexploitaties (GREXEN) belastingplichtig zijn. Wij ramen vooralsnog jaarlijks € 200.000. De eventuele aanslag wordt gedekt door een bijdrage uit de Algemene Bedrijfsreserve Grondexploitaties.

Bedrag onvoorzien

De Udense P&C cyclus heeft vier (financiële) bijsturingsmomenten. Daarnaast beschikken we sinds 2010 over een adequaat risicobeleid. Deze combinatie heeft het daarnaast in stand houden van een 'post onvoorzien' feitelijk overbodig gemaakt. Om toch aan de wettelijke vereisten van de BBV (Besluit Begroting en Verantwoording, artikel 8 en artikel 17) te voldoen ramen we met ingang van programmabegroting 2016 een incidentele post onvoorzien van € 25.000.

Overzicht Algemene dekkingsmiddelen

Artikel 66 van de nieuwe BBV verplicht gemeenten om alle kosten en opbrengsten met ingang van 2017 in te delen naar taakvelden. In onderstaande tabel is een specificatie opgenomen van de 'algemene dekkingsmiddelen' naar taakveld.

exploitatie-inkomsten (x € 1.000)

2015

rekening

2016

begroting

2017 2018 2019 2020

 
Dividend 10 20 20 20 20 20
Rente eigen vermogen/voorzieningen en rente-resultaat 2.354 2.425 455 524 625 760
Totaal taakveld 0.5 Treasury 2.364 2.445 475 544 645 780
             
Totaal taakveld 0.61 OZB woningen 4.086 4.117 4.272 4.293 4.327 4.327
Totaal taakveld 0.62 OZB niet-woningen 4.279 4.538 4.693 4.716 4.754 4.754
Totaal taakveld 0.64 Belastingen overige - - - - - -
             
Algemene uitkering - WMO 2007 3.049 2.481 2.867 2.867 2.867 2.867
Algemene uitkering-Decentralisatie-uitkering WMO huishoudelijke Hulp Toeslag 178 178 - - - -
Algemene uitkering 30.411 32.712 32.056 32.318 32.562 32.904
Algemene uitkering-sociaal deelfonds Jeugd 10.219 9.512 8.910 9.007 9.007 9.009
Algemene uitkering-sociaal deelfonds WMO 2015  4.904 5.433 5.441 5.379 5.325 5.298
Algemene uitkering-sociaal deelfonds participatiebudget 10.045 9.599 8.862 8.206 7.769 7.309
0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds 58.807 59.916 58.136 57.778 57.531 57.387
             
Totaal algemene dekkingsmiddelen 69.536 71.016 67.576 67.331 67.258 67.249

Financieringsparagraaf

Het doel van deze paragraaf is om de financiële positie van de gemeente op basis van het door de raad vastgestelde treasurystatuut te evalueren. Daarnaast is de paragraaf een belangrijk instrument voor het transparant maken van de financieringsfunctie. De centrale doelstelling van het treasurybeleid is het beheren van de financiële geldstromen en het beperken van de financiële risico’s voor de gemeente. De uitvoering van treasury wordt wettelijk geregeld in de Wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO). Deze wet regelt dat de uitvoering van de treasuryfunctie binnen de gemeente uitsluitend de publieke taak dient en geschiedt binnen de financiële kaders van de kasgeldlimiet en de renterisiconorm.

Financiële strategie en beleid

Zoals ook te lezen is in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing sturen we voor gezonde gemeentefinanciën op drie belangrijke pijlers. In onderstaand schema is dit weergegeven.


Dekking/sluitende begroting

Een structureel sluitende begroting is een begroting waarin de jaarlijks terugkerende lasten ook daadwerkelijk gedekt worden door jaarlijks terugkerende inkomsten. Onze begroting staat al een aantal jaren onder druk. Vanaf de aanvang van de economische recessie was dat goed te verklaren. Onze belangrijkste inkomstenbron 'de algemene uitkering van het Rijk' werd namelijk aanzienlijk lager door de vele rijksbezuinigingen die hierin doorberekend zijn. Verder kregen gemeenten er -als vorm van Rijksbezuiniging- ook steeds meer taken bij, waarbij niet altijd een financiële vergoeding tegenover stond. Neem hierbij ons standpunt om bewust in te teren op onze reserves om toch tijdens deze recessie zoveel als mogelijk te realiseren voor onze inwoners en onze coalitiestandpunten om géén OZB-verhoging door te voeren en het sociaal vangnet in tact te laten de druk op de begroting is verklaard. Om toch een structureel sluitende Programmabegroting te kunnen aanbieden gedurende die jaren is er in drie bezuingingsronden voor bijna  € 7 miljoen structureel aan bezuinigingen gerealiseerd. De realisatie van deze bezuiniging loopt volgens planning. Zonder nieuwe bezuinigingen hebben we een structureel sluitende meerjarenraming (met ingang van 2019) in deze Programmabegroting kunnen presenteren. Zie het bestedings- en dekkingsplan 2017-2020.

Actuele ontwikkelingen

bbp

Zoals uit bovenstaande grafiek blijkt, is er sprake van een lichte verbetering in de economische situatie Deze ontwikkelingen zien wij als gemeente hopelijk terug in het aantrekken van de grondverkopen, de toename van banen en als afgeleide hiervan een afname in het aantal bijstandsontvangers.

De pijler dekking/sluitende begroting wordt nader toegelicht in het bestedings- en dekkingsplan.

Risicomanagement/weerstandscapaciteit

De pijler risicomanagement komt aan de orde in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing.

Financiering/EMU-saldo, Wet hof en schuldpositie

Zichtbaar is dat financiering, wat het onderwerp is van deze paragraaf, slechts 1 van de 3 pijlers is. De actuele ontwikkelingen, het beleid en risico’s rond financiering worden nader uitgewerkt in deze paragraaf.
Deze 3e pijler en vooral het actief sturen op deze pijler is vrij nieuw voor onze gemeente. We hebben ‘het sturen op schuld’ als doelstelling opgenomen in het coalitieprogramma ‘Samen voor een vitaal Uden!’. Tevens zijn er prestatie indicatoren opgenomen om de realisatie van deze doelstelling te kunnen monitoren. In de programmarekening 2015 is er voor het eerst verantwoording afgelegd over deze nieuwe indicatoren.

Tijdens de economische crisis van de afgelopen jaren hebben we vooral ingezet op zoveel als mogelijk blijven doen voor onze gemeente. Dit uiteraard wel binnen de voor ons geldende richtlijnen en boekhoudvoorschriften (BBV). Extra investeringen worden door ons gefinancierd met langlopende geldleningen. Hierdoor neemt onze schuld toe. In deze begroting is voor ruim € 9,5 miljoen aan nieuwe investeringen opgenomen. Aflossingen daarintegen hebben een positief effect op de schuldpositie.

Financiering en rentebeleid

Wettelijke kaders

Ten aanzien van het treasurybeleid zijn de volgende kaders van belang:

De wet Fido geeft aan dat het aantrekken en uitlenen van geld alleen kan plaatsvinden in het kader van de publieke taak. Er is een verbod op bankieren door overheden. De Ruddo geeft onder andere voorschriften over beleggingen (minimale ratings) en derivatenconstructies.
In het treasurystatuut van de gemeente Uden zijn de doelstellingen van het treasurybeleid opgenomen. Daarnaast is vastgelegd wie welke rol heeft in het treasurybeleid.

Rentevisie

Een rentevisie is een instrument dat helpt renterisico’s te beheersen. Een rentevisie is gebaseerd op het interpreteren van een aantal economische variabelen. De belangrijkste variabele daarbij is de inflatieverwachting. Wanneer men veel inflatie verwacht dan zal de Europese Centrale Bank (ECB) reageren door de korte termijn voorschotrente te verhogen. Op basis van deze voorschotrente worden de banktarieven berekend. De actuele situatie op de rentemarkt leest u hier.

Kengetallen

De financieringspositie wordt in meerjarig opzicht bepaald door de uitvoering van de investeringen (onderhanden werken) de financiële activa, de aangetrokken geldleningen en de verwachte opbrengst grondverkoop.

Het kengetal netto schuld als aandeel van de inkomsten zegt het meest over de financiële (vermogens)positie van een gemeente. Dit kengetal wordt wel de netto-schuldquote genoemd. De netto-schuldquote geeft aan of een gemeente investeringsruimte heeft of juist op haar tellen moet passen. Het eigen vermogen in de vorm van reserves zegt daar weinig over. Het eigen vermogen geeft aan in hoeverre het gemeentebezit vrij van schuld is. Dat zegt niets over de hoogte van de schuld waarmee het bezit wel is belast.
De norm van de VNG ligt tussen 0 en 100. Boven een netto-schuldquote van 100 is de situatie kritiek. In het coalitieprogramma “Samen voor een vitaal Uden!’ is het streven opgenomen naar een percentage niet hoger dan 80%.
De netto-schuldquote is de aflopen jaren gestegen naar 107,0% (ultimo 2013). Hierna is de netto-schuldquote gedaald naar 76,4% in 2015. Voor 2016 komt de netto schuldquote naar verwachting uit op 74,6%. Bij de integrale afweging van middelen is er tot nu toe nog niet voor gekozen om actief op deze indicator te sturen. Wel zijn er stappen gezet om samen met het auditcomité het financieel beleid achter de 3 pijlers te doorgronden. Zoals eerder aangegeven om dan ook op termijn op basis van de verzamelde informatie een realistisch en passend streefgetal te kunnen vaststellen.

Vanwege de nieuwe investeringen geraamd in de programmabegroting 2016 en 2017, zullen we hoogstwaarschijnlijk (in 2017) een nieuwe geldlening aan moeten trekken van ongeveer € 15 miljoen. Hiermee neemt onze schuldpositie toe en dus ook de schuldquote. Hier moeten we wel de reguliere aflossingen op de reeds afgesloten langlopende geldleningen bij betrekken. De verwachting is dat de netto-schuldquote in 2017 uit zal komen op 96,7% en in 2018 op 94,8%.
Voor een nadere onderbouwing van de financieringspositie en het rentebeleid klik hier.

Inzicht rentelasten/-baten

Bij de wijzigingen van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) en de invoering van de Vennootschapsbelasting (VPB) voor de lagere overheden is de toerekening van rente een belangrijk aandachtspunt. Hiertoe is de notitie rente 2017 (PDF, 453.8 kB)(juli 2016) van de Commissie BBV verschenen. In de notitie wordt ingegaan op de verwerking van de rentelasten en –baten in de begroting en jaarstukken. Deze wijzigingen worden verplicht gesteld vanaf de begroting 2018. Er wordt aanbevolen om de wijzigingen al te verwerken in de begroting 2017. 

Doelstelling van deze notitie is het bevorderen van een eenduidige handelwijze met betrekking tot rente door gemeenten (harmonisering), stimuleren dat gemeenten de (verwachte) werkelijke rentelasten opnemen in de begroting en de jaarstukken en het eenduidig inzichtelijk maken van de wijze waarop de gemeenten met rente zijn omgegaan (transparantie). Hoe met de rente moet worden omgegaan bij de grondexploitatie staat beschreven in de notitie grondexploitatie (PDF, 571.1 kB).

Uitgangspunten uit deze notities zijn:

  • Het aantrekken en verstrekken van een lening betreft een treasury activiteit. De met deze activiteit gepaarde rentelasten en rentebaten behoren op het taakveld Treasury (programma 6 bedrijfsvoering).
  • Aanbeveling is om geen rentevergoeding te rekenen over het eigen vermogen en de voorzieningen. Als er wel een rentevergoeding over het eigen vermogen en/of de voorzieningen wordt berekend, dan is deze vergoeding maximaal het rentepercentage dat is gebaseerd op het gewogen samenstel van de (bruto) externe rentelasten over het totaal van de lang en kort aangetrokken financieringsmiddelen.
  • De omslagrente wordt berekend door de aan de taakvelden toe te rekenen rente (in Euro’s) te delen door de boekwaarde per 1 januari van de vaste activa die integraal zijn gefinancierd. De omslagrente moet vervolgens op consistente en eenduidige wijze worden toegerekend aan de individuele activa. Het is niet toegestaan om per investering of taakveld te differentiëren in het toe te rekenen rentepercentage. Het bij de begroting (voor)gecalculeerde omslagrente-percentage mag binnen een marge van 0,5% worden afgerond.
  • Indien de werkelijke rentelasten in Euro’s die over een jaar aan taakvelden hadden moeten worden doorbelast afwijken van de rentelasten in Euro’s die op basis van de voorgecalculeerde renteomslag aan de taakvelden zijn toegerekend, dan kan de gemeente besluiten tot correctie. Correctie wordt verplicht gesteld indien deze afwijking groter is dan 25%.
  • De commissie BBV adviseert het renteschema uit deze notitie in de paragraaf financiering van de begroting en jaarstukken op te nemen. Hiermee wordt inzicht gegeven in de rentelasten externe financiering, het renteresultaat en de wijze van rentetoerekening.

De gemeente Uden heeft de uitgangspunten en wijzigingen verwerkt in de begroting 2017. De financiële effecten zijn verwerkt in het bestedings- en dekkingsplan. Schematisch kan de rentetoerekening als volgt weergegeven worden.

Schema rentetoerekening 2017  
  

a. De externe rentelasten over de korte en lange financiering € 4.077.067  
b. De externe rentebaten (idem) - € 662.422  
  Totaal door te rekenen externe rente   € 3.414.645
c1. De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend - € 1.403.262  
c2. De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld
moet worden toegerekend 
-  
c3.

De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken

(= projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend  

-  
      - € 1.403.262
  Saldo door te rekenen externe rente       € 2.011.383
d1. Rente over eigen vermogen   € 243.410  
d2. Rente over voorzieningen   € 29.610  
  Totaal aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)   € 2.284.403
e. De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)     - € 2.428.881
       
f. (positief) Renteresultaat op het taakveld Treasury      - € 144.478

  

a:  Betreft de rentelasten over de reeds opgenomen langlopende geldleningen, de verwachte op te nemen lening ad. €15.000.000 en de  rente over kortlopende financiering (rekening-courant).

b:  Betreft de renteopbrengsten over de verstrekte langlopende leningen aan Area en derden.

c1:   De toe te rekenen rente aan de grondexploitatie (Bouwgronden In Exploitatie) betreft  het gewogen gemiddelde rentepercentage van de bestaande leningenportefeuille van de gemeente, naar verhouding vreemd vermogen/totaal vermogen, indien geen sprake is van projectfinanciering (volgens de notitie grondexploitaties 2016 van de commissie BBV). Voor 2016 is dit begroot op 3,06% en is structureel met dit percentage opgenomen in de meerjarenraming (2017-2020). Jaarlijks zal dit percentage herrekend moeten worden.

c2:   De gemeente Uden maakt geen gebruik van projectfinanciering.

c3:   Voor Uden betreft dit 3 leningen die doorgeleend zijn aan woningbouwcorporatie Area met een rentelast van +/- €556.000. In de 1e versie van de notitie rente BBV (mei 2016), op basis waarvan de begroting van de gemeente Uden aangepast is, was deze doorrekening nog niet opgenomen. Derhalve worden deze rentelasten in de begroting 2017 over de taakvelden verdeeld (via e). Pas in de 2e versie van de notitie rente BBV (juli 2016) is dit onderdeel toegevoegd. Aangezien de gewijzigde rentesystematiek een aanbeveling is voor begrotingsjaar 2017, en een verplichting vanaf 2018, is er voor gekozen om de begroting niet meer aan te passen aan de gewijzigde voorschriften. In de programmabegroting 2018 zal deze wijziging vanzelfsprekend wel verwerkt worden.

d1:   Dit betreft de rentetoevoeging aan de bestemmingsreserve nr. 9 dekking kapitaallasten (2,85% in 2017). Deze reserve dient ter dekking van kapitaallasten van diverse investeringen. Voor meer informatie zie de herijking reserves en voorzieningen (PDF, 581.5 kB).

d2:   Dit betreft de rentetoevoeging aan de voorziening nr. 7011 Afkoop onderhoud begraafplaats (4,0%). Deze voorziening is op contante waarde gewaardeerd. In dat geval is rentetoevoeging aan de voorziening toegestaan.

e/f:   De totaal aan taakvelden toe te rekenen rente bedraagt €2.284.403. De omslagrente wordt berekend door de werkelijk aan de taakvelden toe te rekenen rente (in Euro’s)  te delen door de boekwaarde per 1 januari van de vaste activa die integraal zijn gefinancierd. Op basis van de uitgangspunten in de notitie rente mag het omslagpercentage op een half procent worden afgerond om een consistent percentage te kunnen hanteren.
Het te hanteren omslagpercentage is vastgesteld op 2%. Dit leidt naar verwachting tot €2.428.881 aan doorbelaste rente en een begroot renteresultaat van €144.478 voordelig. Jaarlijks zal de noodzaak tot aanpassing van het renteomslag-percentage beoordeeld worden. 

Onderbouwing financieringspositie en rentebeleid

Financieringspositie

De financieringspositie ultimo 2015 was als volgt:

Balans per 31 december 2015 (in miljoenen euro's)

Materiële Vaste activa

-gronden en terreinen

-gebouwen

-wegen, riolering, etc.

-machines

106,0

Eigen vermogen 

-algemene reserves

-bestemmingsreserves

-jaarrekeningresultaat


 

51,6

Financiele Vaste Activa

-verstrekte leningen (woningbouwcorp./derden)

-aandelen

-overige langlopende vorderingen

21,1

Voorzieningen

-t.b.v.verplichtingen

-t.b.v. risico's

-t.b.v.kosten volgend jaar

-t.b.v.specifieke bestedingen

25,9
   

Leningen

-opgenomen geldleningen van banken

94,1
Totaal vaste activa 127,1 Totaal vaste passiva 171,6
       

Voorraden

-Bouwgronden in exploitatie

-Niet in expl genomen bouwgronden

-Overige gronden

45,1    

Overige kortlopende activa

-debiteuren/Nog te ontvangen bedragen

-kas-/banksaldi

16,0

Kortlopende passiva

-crediteuren (nog te betalen bedragen)

-vooruitontvangsten Rijk

16,6 mln
Totaal vlottende activa 61,1 Totaal vlottende passiva 16,6
Balanstotaal 188,2 Balanstotaal 188,2

In de uitvoering van de treasuryfunctie streven wij ernaar om langlopende zaken ook langlopend te financieren en kortlopende activa min of meer in evenwicht te houden met kortlopende passiva. De financiering van de gemeentelijke activa vindt plaats met interne middelen (reserves en voorzieningen) en met extern aangetrokken geldleningen. De rentelasten van de financieringsmiddelen worden intern doorbelast aan de gemeentelijke onderdelen door middel van de omslagrente.

Het meerjarig beeld van de financieringspositie is nog steeds lastig te bepalen. Enerzijds is er nog een aanzienlijke hoeveelheid restantkredieten van investeringen die nog niet zijn opgestart c.q. moeten worden afgerond, zie hiervoor de bijlage staat van onderhanden werken. Daarnaast is het toekomstig verloop van de grondexploitatie onzeker. Op termijn is echter wel de verwachting dat het geïnvesteerd vermogen in de grondexploitatie zal dalen (doordat bouwkavels verkocht worden). Bij het afsluiten van geldleningen zal met deze verwachting rekening worden gehouden.

In onderstaand overzicht is de verwachting ontwikkeling van de financieringspositie weergegeven door middel van een kasstroomoverzicht. Een kasstroomoverzicht is een overzicht van de feitelijke geldstromen die in een organisatie in de loop van een boekjaar binnenkomen en uitgaan. Op basis van onderstaande kasstroomoverzicht kan geconcludeerd worden dat er in 2016/2017 een langlopende lening afgesloten zal moeten worden. De forse negatieve kasstroom overstijgt namelijk de kasgeldlimiet.  

Kasstroom uit operationele activiteiten: Het eerste deel beschrijft de kasstromen die voortvloeien uit de bedrijfsvoering. Dit begint met het rekening-/begrotingsaldo zoals die is vermeld in de programmarekening/-begroting en corrigeert dit bedrag op een aantal punten (geen uitgaven of ontvangsten).
Kasstroom uit investeringsactiviteiten: het gaat hierbij om de investeringen in materiele vaste activa. Eventuele desinvesteringen worden hierop in mindering gebracht. De investeringen uit investeringsactiviteiten zijn over het algemeen negatief, want betreffen een uitgaande kasstroom. Kasstromen uit investeringsactiviteiten betreffen uitgaven die op de balans geactiveerd worden.
Kasstroom uit financieringsactiviteiten: dit betreffen de opnamen/aflossingen van langlopende geldleningen/kasgeldleniningen. Ook geldleningen worden op de balans geactiveerd. 

Voorgaande verwachte ontwikkeling van de kasstromen zal leiden tot het volgende verloop van de opgenomen/uitgezette geldleningen.

Verloop opengenomen en verstrekte geldleningen (x € 1.000) opgenomen uitgezet
Stand per 1 januari 2017 94.152 12.859
Aantrekkingen/uitzettingen in 2017 15.000 0
Begrote aflossingen in 2017 6.719 1.521
Begrote stand per 31 december 2017 102.433 11.338
Aantrekkingen/uitzettingen in 2018 0 0
Begrote aflossingen in 2018 7.131 1.608
Stand per 31 december 2018 95.302 9.730

Naast de 'rekening courant' en 'kasgeldleningen' kent de gemeente Uden geen kortlopende leningenportefeuille.

Netto-schuldquote

De netto-schuldquote wordt als volgt berekend:

Zie verder de hoofdpagina voor de actuele ratio's.

Solvabiliteit

Doormiddel van de solvabiliteit wordt gekeken of een organisatie in staat is om op korte en lange termijn aan haar schulden te kunnen voldoen. De solvabiliteit wordt uitgedrukt in een kengetal (ratio). Het solvabiliteitsratio wordt als volgt berekend:

Het solvabiliteitsratio is het afgelopen jaar verbeterd van 21,64% (ultimo 2013) naar 27,4% (ultimo 2015). Volgens de VNG springt het licht voor een gemeente op oranje indien het solvabiliteitsratio lager is dan 30%. De huidige stand is derhalve nog steeds aan verbetering toe. Vanwege de nog te financieren onderhanden werken en de nieuwe investeringen door middel van het aantrekken van een nieuwe  geldlening van € 15 miljoen zal het percentage voorlopig niet boven 30% uitkomen.

Onderbouwing kasgeldlimiet en renterisiconorm

Voor de toetsing van het renterisico heeft de overheid twee instrumenten gedefinieerd namelijk de kasgeldlimiet en de rente risiconorm. De kasgeldlimiet geeft aan hoeveel de gemeente kort mag financieren als percentage van de begroting. De toegestane kasgeldlimiet bedraagt 8,5% van het begrotingstotaal.
De renterisiconorm heeft als doel om het renterisico bij herfinanciering te beheersen. De renterisiconorm houdt in, dat de jaarlijkse verplichte aflossingen en de renteherzieningen niet meer mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal bij aanvang van het jaar.

De kasgeldlimiet 2017

Omschrijving kwartaal 1 kwartaal 2 kwartaal 3 kwartaal 4
 
Omvang begroting (x €1.000) 112.167 109.542 109.362 108.389

Toegestane kasgeldlimiet

  • in procenten van de grondslag

8,5

8,5

8,5

8,5

  • in bedrag (x €1.000)
9.534 9.311 9.295 9.213

Conform de wet Fido mag de kasgeldlimiet gedurende maximaal drie achtereenvolgende kwartalen worden overschreden. Intern wordt hierop gestuurd.

De renterisiconorm

Voor de toetsing van het renterisico heeft de overheid twee instrumenten gedefinieerd namelijk de kasgeldlimiet en de rente risiconorm. De kasgeldlimiet geeft aan hoeveel de gemeente kort mag financieren als percentage van de begroting. De toegestane kasgeldlimiet bedraagt 8,5% van het begrotingstotaal.
De renterisiconorm heeft als doel om het renterisico bij herfinanciering te beheersen. De renterisiconorm houdt in, dat de jaarlijkse verplichte aflossingen en de renteherzieningen niet meer mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal bij aanvang van het jaar.

In onderstaand overzicht wordt de renterisiconorm en het renterisico uiteengezet.

Nr. Renterisiconorm (x €1.000) 2017
Renterisico
1. Stand van het begrotingstotaal 2017 112.167
2. Renterisiconorm (20 % van 1) 22.433
3. Renterisico op de vaste schuld 6.719
4. Ruimte onder de renterisiconorm 15.714

 * Renterisico op de vaste schuld is de som van de renteherzieningen en aflossingen op langlopende opgenomen geldleningen. De afgelopen jaren is de renterisiconorm van de gemeente Uden niet overschreden.

Rentevisie

Als er gesproken wordt over de rente van de Europese Centrale Bank (ECB) gaat het meestal om de zogenaamde refirente. De refirente is de rente die banken moeten betalen aan de ECB wanneer zij geld bij de ECB opnemen Deze rente is momenteel 0,000 %, het laagste niveau ooit. Met de verlaging wil de ECB de economie en de inflatie stimuleren. Door de lagere rente wordt het goedkoper om geld te lenen.

De situatie op de rentemarkt kan worden bezien op de lange en korte termijn. Als referentierente voor de korte markt (geldmarkt) wordt gewoonlijk de 3-maands Euribor (Euro Interbank Offered Rate) gebruikt. Op de lange markt ofwel kapitaalmarkt fungeert het tarief van de 10-jaars staatslening als referentie.

De standen van de genoemde renteniveaus luidden:
• 3-maands Euribor: -0,291 (stand 12 juli 2016)

De 3-maands Euribor is de aflopen jaren aanzienlijk gedaald, mede door ingrijpen van de Europese Centrale Bank. De verwachting is dat het niveau van -0,291% de komende tijd ongeveer gelijk zal blijven.


 


• 10-jaars staatsobligatie

De huidige rentestand van een 10-jaars staatslening is 0,075% (stand 12 juli 2016). Ook deze rente is de afgelopen jaren fors gedaald. Medio 2013 liep deze rente licht op, waarna deze weer daalde. De verwachting is dat deze rente vanwege de situatie in Groot-Brittanie (Brexit) het komende jaar niet fors zal stijgen.  

Voor de gemeente Uden betekent dit dat het aantrekken van langlopende leningen nog steeds relatief goedkoop is. Vanwege de nieuwe investeringen geraamd in de programmabegroting 2016, was de verwachting dat er in 2016 een nieuwe geldlening aangetrokken moet worden van ongeveer € 15 miljoen. Aangezien diverse investeringen achterlopen is de verwachting dat deze lening pas in 2017 aangetrokken zal moeten worden.

Let wel, bovenstaande prognose is een momentopname. Gezien de snelheid van de ontwikkelingen op de financiële markt is het goed mogelijk dat ten tijde van behandeling van de programmabegroting in de raadsvergadering de economische situatie weer gewijzigd is. Grote onbekende op korte(re) termijn blijft namelijk de invloed van dossier ‘Brexit’.

Onderbouwing schatkistbankieren en wet HOF

Schatkistbankieren

De Wet Schatkistbankieren is op 15 december 2013 van kracht geworden. De Wet verplicht alle decentrale overheden om hun overtollige (liquide) middelen, rekening houden met een bepaald drempelbedrag, aan te houden in de schatkist. Het woord ‘overtollig’ verwijst naar alle middelen die decentrale overheden niet onmiddellijk nodig hebben voor de publieke taak. Een decentrale overheid behoudt, op basis van de wet Fido, de mogelijkheid om leningen te verstrekken en uitzettingen te verrichten uit hoofde van de publieke taak. Deelname aan schatkistbankieren verandert daar niets aan. De komende jaren verwachten wij, als gevolg van de grote onderhanden werken positie, geen ruime overtollige middelen te bezitten. De financiële gevolgen van het verplicht schatkistbankieren zijn naar verwachting voor onze gemeente dan ook te verwaarlozen.

In onderstaande tabel zijn de drempelbedragen in € voor de komende vier jaren opgenomen:

(1) Berekening drempelbedrag        
    2017 2018 2019 2020
(4a) Begrotingstotaal verslagjaar 112.167.000 109.542.000 109.362.000 108.389.000
(4b)  Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen                               112.167.000 109.542.000 109.362.000 108.389.000
(4c) Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat                               0 0 0 0
  (1) = (4b)*0,0075 + (4c)*0,002 met een minimum van €250.000 841.252 821.565 820.215 812.917


Wet HOF

Macro-norm

Sinds Nederland deel uitmaakt van de Economische en Monetaire Unie (de EMU) wordt voor het begrotingssaldo een definitie gebruikt die binnen de gehele EMU hetzelfde is, het EMU-saldo. Het EMU-saldo is het saldo van de inkomsten en uitgaven van de overheid. Het EMU-saldo van de lokale overheid telt mee voor het EMU-saldo van de totale overheid. In het Verdrag van Maastricht (1992) is afgesproken dat het EMU-tekort van een land max. 3% BBP (Bruto Binnenlands Product) mag zijn.

In de wet staat dat gemeenten een gelijkwaardige bijdrage moeten leveren aan het terugdringen van het EMU-tekort. Het EMU-saldo ofwel het nationale begrotingstekort mag niet groter zijn dan 3% van het bruto binnenlands product (bbp). Van dit tekort neemt het Rijk 2,5% voor zijn rekening en de decentrale overheden 0,5%.

In het Bestuurlijk overleg van 18 januari 2013 is een Financieel Akkoord bereikt tussen het Rijk en de decentrale overheden. In dit akkoord zijn voor de ontwikkeling van het EMU-saldo van de decentrale overheden zowel een ambitie als een tekortnorm vastgesteld voor de jaren 2014 tot en met 2017 (zie onderstaande tabel). Deze ambitie en tekortnorm gaan verder dan het maximale tekort uit het verdrag van Maastricht.

  2013 2014 2015 2016 2017
Ambitie voor EMU-saldo van decentrale overheden gezamenlijk, in procenten bbp -0,5 -0,3 -0,3 -0,2 -0,2
           
Afgesproken tekortnorm voor deze kabinetsperiode, cf wet Hof, in procenten bbp* -0,5 -0,5 -0,5 -0,4 -0,3


Ambitie en tekortnorm EMU-saldo decentrale overheden

Eind 2015 heeft er een nieuw bestuurlijk overleg plaatsgevonden tussen VNG, IPO en UvW. Zij hebben via een brief aan minister Dijsselbloem van Financiën de uitkomsten van het Bestuurlijk Overleg over de EMU-tekortruimte bevestigd.

De bestuurlijke heroverweging van de daling van deze ruimte naar 0,4% BBP in 2016 en 0,3% BBP in 2017 leverde de volgende uitkomsten op:

  • De EMU-tekortruimte voor de decentrale overheden in 2016 bedraagt -/- 0,4% BBP.
  • De decentrale overheden kunnen hun geplande investeringen gewoon door laten gaan. Dit geeft invulling aan de in de Tweede Kamer aangenomen motie-Van Hijum. Het kabinet heeft de afspraak uit het financieel akkoord bevestigd dat er in deze kabinetsperiode tot en met 2017 geen sancties zullen worden opgelegd bij overschrijding van de ruimte.
  • De EMU-tekortruimte van -/- 0,4% BBP wordt op verzoek van de koepelorganisaties niet nader verdeeld over gemeenten, provincies en waterschappen, met het gevolg dat er vóór 2016 geen formeel vastgestelde referentiewaarden op het niveau van individuele provincies, gemeenten en waterschappen zijn.
  • Er is geen gezamenlijk besluit genomen over de EMU-tekortruimte in 2017. In een bestuurlijk overleg wordt over een jaar op basis van een nieuwe tranche realisatiecijfers opnieuw naar de EMU-tekortnorm gekeken.

Inzicht in individuele EMU-saldi

Met het oog op een betere raming en beheersing van het EMU-saldo wordt in het vernieuwde BBV een geprognosticeerde balans voorgeschreven en het meerjarig opnemen van het EMU-saldo in een paragraaf in de begroting. Via de geprognosticeerde balans krijgt de raad meer inzicht in de ontwikkeling van onder meer investeringen, het aanwenden van reserves en voorzieningen en in de financieringsbehoefte.

Aandachtspunt hierbij is wel dat een aantal componenten uit deze berekening moeilijk te voorspellen zijn, zoals bijvoorbeeld grond aan- en verkopen.  Dit wordt veroorzaakt door de economische ontwikkelingen en het doorlopen van bijvoorbeeld planprocedures.

Meerjarige EMU-saldi gemeente Uden (PDF, 56.3 kB)

Het EMU- saldo is gebasseerd op deze (PDF, 52.2 kB) geprognosticeerde balans.

Grondbeleid

Het grondbeleid van een gemeente bevat uitgangspunten voor de wijze waarop en met welke middelen het grondgebied wordt ingevuld, de instrument om ruimtelijke doelstellingen te bereiken. Die doelstellingen liggen op het terrein van de volkshuisvesting, ruimtelijke ordening, economische en maatschappelijke ontwikkeling, openbare ruimte, infrastructuur, recreatie en natuur. De gemeente geeft in deze paragraaf een overzicht van de lopende, af te ronden en toekomstige projecten, de prioritering en het instrumentarium van control en beheersing alsmede de kaders van het grondbeleid.

Beleid

In de raadsvergadering van 21 december 2006 is de nota grondbeleid  ‘Grondig Uden en Veghel’ (PDF, 355.8 kB)vastgesteld.  Hierin staan de algemene uitgangspunten en doelstellingen voor het grondbeleid alsmede de kaders voor de uitvoering van het grondbeleid. Op 11 februari 2010 is hierop vanwege de invoering van de grondexploitatiewet per 1 juli 2008 en de Interimstructuurvisie Uden ( ISVU ) 2009-2015 een aanvulling (PDF, 233.5 kB) vastgesteld. Op 17 december 2015 is door de raad de Omgevingsvisie vastgesteld, dit is een herziening van de oude Structuurvisie in de stijl van de nog in te voeren Omgevingswet. 

De gemeente Uden voert thans geen actief grondbeleid meer. Dit is besloten bij de vaststelling van het Actieplan Gebiedsontwikkeling in september 2011. Aankopen vinden alleen nog plaats als de grond strategisch is gelegen of substantieel bijdraagt aan een betere benutting van al in bezit zijnde gronden.

De gemeente hanteert een marktconform grondprijsbeleid en kostenverhaal bij particuliere initiatieven vindt bij voorkeur plaats via te sluiten privaatrechtelijke overeenkomsten. In de loop van 2016 zal in navolging van de nieuwe Omgevingsvisie ook een herziening van de Nota grondbeleid plaatsvinden.

Risico's

Vanwege de verminderde afzet van woningbouwgrond en bedrijfsterreinen door de economische crisis heeft Uden, zoals vele gemeenten, de winstprognoses naar beneden bijgesteld en voorzieningen getroffen ter afdekking van verliesgevende grondexploitaties. Op de nieuwe marktsituatie is ingespeeld met o.a. temporisering en jaarlijkse herijking van de uitgifte-prognoses en het Actieplan Gebiedsontwikkeling. Het Actieplan gebiedsontwikkeling is door de Raad vastgesteld met als doel om maatregelen te nemen die bijdragen aan het financieel gezond houden van het grondbedrijf en het zoveel mogelijk beperken en beheersen van de risico’s. Deze risico’s staan vermeld in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing. Voorzichtig herstel van de markt is zichtbaar wat voor sommige locaties (bijvoorbeeld Velmolen Oost) heeft geleid tot een verwachte versnelling van afzet welke zijn verwerkt in het MeerJarenPerspectief ( MJP ) 2016.

Reserves en voorzieningen

Alle reserves en voorzieningen van het grondbedrijf worden jaarlijks herijkt. Er zijn 5 reserves en 3 voorzieningen. De 4 specifieke bestemmingsreserves bedragen totaal ca.  3,5 mln. De Algemene bedrijfsreserve bedraagt ca. 10 mln. In het MJP wordt jaarlijks een prognose gegeven van de te verwachten cashflow in de reserves. De Algemene Reserve grondbedrijf is onderdeel van de totale weerstandscapaciteit van de gemeente Uden. De 3 voorzieningen betreffen een totaalbedrag van ca. € 23,9 mln.

Grondvoorraad

Met ingang van 1 januari 2016 is er een wijziging doorgevoerd ten aanzien van de classificatie van gronden. De categorie NIEGG ( Niet In Exploitatie Genomen Gronden ) is komen te vervallen. Deze gronden zullen moeten worden heringedeeld naar of de categorie BIE ( Bouwgrond In Exploitatie ) of binnen de Materiële Vaste Activa (MVA) de categorie Gronden en Terreinen. Bouwgrond in exploitatie betreft die gronden die in een transformatieproces bevinden waarbij in bezit zijnde grond wordt omgevormd naar bouwrijpe grond, met als oogmerk (opnieuw) te worden bebouwd. Er is een grondexploitatiebegroting vastgesteld en kosten kunnen worden geactiveerd. Voor grond in de MVA categorie Gronden en Terreinen gaat het om grond die niet in een transformatieproces zitten en waar andere waarderingsregels op van toepassing zijn. Om een NIEGG om te zetten naar een BIE is een raadsbesluit nodig. In de loop van 2016 zullen alle NIEGG’s worden gescreend en daar waar nodig zal een raadsbesluit genomen worden om deze met terugwerkende kracht per 1 januari 2016 als BIE aan te merken. Vooralsnog worden alle NIEGG’s herverdeeld onder de MVA categorie Gronden en Terreinen.

Het totaal geïnvesteerde vermogen van het grondbedrijf in BIE’s bedraagt per 1-1-2016 ca. € 41,6 mln. Hiervan is een groot deel afgedekt door de voorziening exploitatierisico’s. Het netto geïnvesteerde vermogen in BIE’s bedraagt daarom ca. € 28,0 mln. Het totaal geïnvesteerde vermogen van het grondbedrijf in MVA Gronden en Terreinen ( voorheen NIEGG ) bedraagt per 1-1-2016 ca. € 32,4 mln. Hiervan is een groot deel afgedekt door de voorzieningen herwaardering en  exploitatierisico’s. Het netto geïnvesteerde vermogen in Gronden en Terreinen ( voorheen NIEGG ) bedraagt daarom ca. € 22,6 mln. 

Onderstaande tabel toont het verloop van de ( bruto) grondvoorraad van de ‘Bouwgronden in exploitatie’ vanaf 2016. Uit het MJP 2016 blijkt dat de komende jaren de boekwaarde van deze ‘Bouwgronden in exploitatie’ zal dalen omdat er nagenoeg geen gronden meer aangekocht worden en de meeste complexen in de realisatiefase zitten. Hierdoor zijn de opbrengsten hoger dan de nog te maken kosten en neemt als gevolg daarvan de boekwaarde af. 

Ontwikkeling totale (bruto) grondvoorraad van de in exploitatie genomen gronden

 Vooruitblik

Via het jaarlijks opstellen van een geactualiseerd MeerJarenPerspectief ( MJP ) voor het grondbedrijf houden we de vinger aan de pols. Het MJP 2016 is behandeld in de raadsvergadering van 7 juli 2016. Hierbij is, gelet op het in 2015 ingetreden licht herstel van de woningmarkt, ingestemd met op enkele locaties versnelde uitgifte van woningen. Voor bedrijfsterreinen is de uitgifte snelheid conform 2015 aangehouden als gevolg van stabilisering binnen de markt voor bedrijfsterreinen.  

Ontwikkeling winstprognoses

De cijfers uit het MJP 2016 zijn vervolgens betrokken bij het opstellen van de programmabegroting 2017. In het MJP 2016 is een prognose gegeven van de nog te realiseren ( tussentijdse ) winstnemingen bij de nog winstgevende complexen. De verliesgevende complexen zijn afgedekt met reeds getroffen voorzieningen.  Het totaal aan geprognosticeerde verwachte resultaten van alle grexen, na verrekening van de voorziening exploitatienadelen, is per 1-1-2017 circa € 21 miljoen NCW.

Grondprijzen

De gemeente hanteert een marktconform grondprijsbeleid. Op basis hiervan geldt als indicatie voor de grondprijzen 2016: (alle prijzen zijn exclusief btw of overdrachtsbelasting)

• voor woningbouw een gemiddelde basisgrondprijs van € 275 per m2
• voor bedrijfsterreinen een gemiddelde basisprijs van € 145 per m2.
• voor maatschappelijke doeleinden een basisprijs van € 197,50 per m2/bvo
• voor kantoorlocaties / dienstverlening een basisprijs van € 250 per m2/bvo
• voor reststroken is basisuitgangspunt 50% van de normale grondprijs, waarbij verder nog rekening wordt gehouden met de ligging, bestemming, gebruiksmogelijkheden en grootte. Dit is mede nader uitgewerkt in de Notitie reststroken 2011.

De raad heeft aan het College een mandaat verleend om tov de gemiddelde prijzen een marktconforme differentiatie toe te passen tot 25 %. Dit mandaat geldt ook voor de sociale woningbouwgrondprijs. In het vastgestelde Actieplan gebiedsontwikkeling van september 2011 is gekozen voor meer gedifferentieerde maar wel marktconforme grondprijzen waarbij zo goed mogelijk rekening wordt gehouden met locatie, ligging, bebouwingsmogelijkheden, kavelgrootte en overige perceelkenmerken. Bij de taxatie 2016 is net als in 2015 uitgegaan van een prijsdifferentiatie gekoppeld aan een normatieve kavelgrootte per type woning. Hiermede wordt nog beter voldaan aan het maatwerk dat de huidige marktsituatie vraagt. 

De grondprijsdifferentiatie komt tot stand via een taxatiecommissie waaraan externe en interne ( vastgoed )taxateurs deelnemen.
Hierbij kan zo nodig een residuele grondwaardetoets plaatsvinden. Dit geldt ook voor specifieke bestemmingen.
 

Vennootschapsbelasting per 1 januari 2016

Per 1 januari 2016 wordt de vennootschapsbelasting voor overheidsbedrijven ingevoerd. De gemeentelijke grondexploitatie wordt daardoor een belaste activiteit voor de vennootschapsbelasting. In overleg met onze fiscale adviseur wordt gewerkt aan een juiste fiscale openingsbalans per 1 januari 2016. Deze openingsbalans is van belang voor de vanaf 1 januari 2016 te bepalen jaarlijkse fiscale winsten of verliezen. Het uiteindelijke effect is thans nog niet aan te geven omdat de betreffende fiscale uitvoeringsregels nu nog niet geheel helder zijn. Tevens is het de bedoeling om in 2016 het BBV aan te passen en daarbij o.a. een aantal zaken af te stemmen met de invoering van de vennootschapsbelasting. Het fiscale winstsaldo wordt belast met 20 tot 25 %. De eerste aangifte zal plaatsvinden in 2017. 

Wijzigingen BBV

Medio maart 2016 is door de Commissie Besluit Begroting en Verantwoording gemeenten en provinciën ( Commissie BBV ) het definitieve wijzigingsbesluit gepubliceerd. Hiermee wordt beoogd de toegankelijkheid van de begroting en jaarrekeningen van gemeenten te vergroten. Voor het Grondbeleid heeft dit geresulteerd in een tweetal notities: notitie Grondexploitatie 2016 en de notitie Faciliterend grondbeleid. Deze notities treden in werking met terugwerkende kracht per 1 januari 2016.  Er zijn een groot aantal wijzigingen t.o.v. de hiervoor geldende BBV-voorschriften doorgevoerd waarvan een aantal mogelijk met behoorlijke impact. Wat de wijzigingen voor Uden zijn en welke consequenties deze hebben wordt op dit moment uitgewerkt en dit zal voor eind 2016 aan de raad worden voorgelegd. Voor deze paragraaf is vooralsnog zoveel mogelijk geënt op het MJP 2016 om aansluiting te houden met besluitvorming.    

Snel naar 

Complexen die nog niet in exploitatie zijn genomen

Het onderscheid tussen deze complexen en de complexen onder ‘In exploitatie genomen’ bestaat formeel uit het feit dat voor deze complexen nog geen op een concrete verkavelingsschets gebaseerde exploitatieopzet is vastgesteld. Een eventuele exploitatieopzet is gedeeltelijk gebaseerd op normen en kengetallen.
In deze complexen is per 1-1-2016 een bedrag geïnvesteerd van ca. € 20,1 mln.

Hieronder volgt een toelichting per beoogd exploitatiegebied.

Eikenheuvel

Verwachte start van de uitgifte 2022  
Verwacht einde exploitatie 2026  
Verwacht eindsaldo circa € 0,550 mln N per einde 2016
  circa € 0,380 mln N (Netto contante waarde)

Toelichting:

Op basis van de huidige woningmarktsituatie en de gekozen uitgangspunten in het MJP 2016 komt dit plangebied pas in 2022 aan snee. Conform het vastgestelde Actieplan gebiedsontwikkeling wordt in dit plangebied vooralsnog geen grond meer bijgekocht. Voor het grondbezit van ongeveer 142.000m2 is een globale exploitatieopzet gemaakt die uitgaat van gronduitgifte vanaf 2022. Hierbij gaat het dan om ca. 50.000 m2 voor ca. 70 woningen ( afhankelijk van de uiteindelijke kavelgrootte ). Door aanpassing van de grondprijs kent deze exploitatie inmiddels een gecalculeerd negatief saldo, waarvoor in de jaarrekening 2014 een voorziening is getroffen. 
 

Locatie voormalig steunpunt / kwekerij Hoeven aan de Klantstraat

Boekwaarde per 1-1-2016 circa € 48.000
Verwachte start van de uitgifte nog in de planning "Woningbouwprogramma, actualisatie 2015 in te passen

Toelichting:

Uit een oogpunt van efficiënte bedrijfsvoering is in 2011 besloten om het gemeentelijk steunpunt met bijbehorende kwekerij te ontmantelen. Hierdoor is deze locatie van ca. 16.500 m2 vrijgekomen voor herontwikkeling en is de toen resterende boekwaarde overgebracht naar het grondbedrijf.
Begin 2013 is besloten om vooralsnog het merendeel van deze locatie voorlopig te benutten voor stadslandbouw. ( De Hof van de Toekomst )  Ongeveer 2.000 m2 ligt in een directe bebouwingsstrook. Gelet op de potentie van deze bebouwingsstrook zou de boekwaarde inclusief overig te maken kosten via gronduitgifte voor woningbouw terugverdiend kunnen worden.
 

Locatie Vluchtoordweg (voorheen uitbreidingslocatie voor EMI)

Boekwaarde per 1-1-2016 circa € 3,2 mln
Marktwaarde per 1-1-2016 circa € 1,65 mln
Getroffen herwaarderingsvoorziening circa € 1,55 mln

Toelichting:

Deze gronden zijn destijds aangekocht voor de toen geplande uitbreiding van EMI. Deze uitbreiding is niet doorgegaan. Eind 2012 is dit perceel voor 3 jaar in koopoptie gegeven aan de nieuwe eigenaar van het voormalige EMI-pand ten behoeve van eventuele uitbreiding. Er is geen gebruik gemaakt van deze optie waardoor nu bekeken zal worden op welke wijze deze locatie het beste ingevuld kan worden. De marktwaarde van dit terrein op basis van recente taxatie volgens de vigerende bestemming bedraagt € 1.650.000. Voor het verschil tussen de marktwaarde en de boekwaarde is een voorziening getroffen. Indien verkoop volgens de vigerende bestemming niet mogelijk is kan er voor gekozen worden om dit perceel opnieuw te verkavelen en daarvoor een aangepast bestemmingsplan op te stellen. In deze laatste situatie kan uitgegaan worden van een bruto-plangebied van ca. 32.000 m2. Uitgaande van ca. 65% uitgeefbaar betekent dit dat ca. 21.000 m2 te verkopen is. Naar verwachting zal de marktwaarde in die situatie nagenoeg gelijk zijn aan de hierboven getaxeerde waarde. 
 

Hoogveld-Zuid-Noord

Verwacht einde exploitatie 2036  
Verwacht eindsaldo circa € 3,6 mln N per einde 2036
  circa € 1,8 mln N (Netto contante waarde)

Toelichting:

In de ‘StructuurvisiePlus 2001’, het uitwerkingsplan van het Streekplan 2004 alsmede in de Interim-Structuurvisie 2009-2015 en de eind 2015 vastgestelde Omgevingsvisie  is het gebied Hoogveld-Zuid tussen de Kromstraat en de Noordelijke Rondweg Volkel aangewezen als beoogde uitbreiding voor bedrijfsterreinen. Dit als opvolger voor Goorkens en Hoogveld. Het totale gebied betrof ca. 35,6 ha. Door de opgetreden verminderde uitgifte van bedrijfsterreinen en de daarop afgestemde uitgifteprognose is deze locatie pas in 2024 nodig. Om deze reden is bij de vaststelling van het MJP 2012 besloten om er vooralsnog vanuit te gaan dat alleen het Noordelijk gedeelte tussen de Kromstraat en de Venstraat als bedrijfsterrein wordt uitgegeven. Dit betreft totaal ca. 17 ha. Hiervoor is een globale exploitatie opgesteld met een verwacht nadelig saldo van ca. € 1,8 mln., waarvoor een voorziening is getroffen. 

Locatie achter Kortestraat 5a in Loopkant-Liessent

Boekwaarde per 1-1-2016 circa € 0,805 mln
Marktwaarde per 1-1-2016 circa € 0,705 mln
Getroffen herwaarderingsvoorziening circa € 0,1 mln

Toelichting:

Deze voormalige agrarische gronden zijn in 2005 aangekocht ten behoeve van een mogelijke uitbreiding van het bestaande bedrijfsterrein Loopkant-Liessent en mede ten behoeve van een afscherming tussen het bedrijventerrein en het buurtschap Lankes. De beoogde afschermende groenstrook is inmiddels gerealiseerd. De resterende gronden ad ca 14.125 m2 zijn inmiddels met een wijzigingsbevoegdheid opgenomen in het nieuwe bestemmingsplan Loopkant-Liessent 2013. Hierop is de bovengenoemde marktwaarde ad € 0,95 mln gebaseerd. De uitgiftemogelijkheden zijn nog in onderzoek waarbij de nabijgelegen bestaande bedrijven mede in ogenschouw worden genomen.

Gronden omgeving Dicoterrein

Boekwaarde per 1-1-2016 circa € 0,566 mln
Marktwaarde per 1-1-2016 circa € 0,456 mln
Getroffen voorziening herwaardering circa € 0,110 mln

Toelichting:

Deze gronden met een oppervlakte van ca. 9.000 m2 komen uit het voormalige complex ‘Molenheide’ en zijn met name gelegen aan de Losplaats en de Maasstraat tegen de gronden van het voormalige Dico-complex. Het is de bedoeling om deze gemeentelijke gronden te betrekken bij de beoogde woningbouwontwikkeling op het Dico-terrein. Hierop is de marktwaarde gebaseerd middels een taxatie.

In exploitatie genomen gronden 

Algemeen

Het betreft exploitaties waarvoor een op uitvoering gebaseerde exploitatieopzet is vastgesteld. In deze complexen is per 1 januari 2016 totaal een bedrag geïnvesteerd van ca. € 41,6 mln.

De geplande verkopen vanaf 1-1-2016 tot eind 2032 bedragen ca. € 86 mln. Om deze verkopen te kunnen realiseren dient op basis van voorcalculatie nog ca. € 26 mln. aan kosten gemaakt te worden. Dit betreft verwerving, bouw- en woonrijp maken, plankosten en rente.

Hieronder volgt een toelichting per exploitatie.

Hoenderbos/Velmolen

Verwacht einde exploitatie 2021  
Verwacht eindsaldo € 2,3 mln V per einde 2021
  € 1.9 mln V (Netto contante waarde)
Reeds tussentijds genomen winst € 15 mln  

Toelichting:

Dit exploitatiegebied is gelegen in het midden van het uitleggebied Uden-Zuid.
Inmiddels is globaal 90% van het plangebied uitgegeven.
Het aantal geplande nog te verkopen m2 grond voor woningbouw vanaf 1-1-2016 tot eind 2021 bedraagt nog ca. 12.000 m2. Dit betreft het restant in Hoenderbos III ( nog ca. 1.500 m2 ) en het middengebied Velmolen III ( nog ca. 10.500 m2 ). Voor het middengebied Velmolen III is de geplande woningbouw aan weerszijden van de medio 2016 te openen supermarkt in voorbereiding.  Alle gronden zijn in eigendom van de gemeente.


Nieuw Hoenderbos

Verwacht einde exploitatie 2025  
Verwacht eindsaldo circa € 0,8 mln N per einde 2025
  circa € 0,6 mln N (Netto contante waarde)

Toelichting:

Dit plangebied is gelegen ten Zuidwesten van het plangebied Hoenderbos III en voorziet in de bouw van ca. 150 woningen op ca. 37.000 m2 uit te geven bouwterrein. Het bestemmingsplan is medio 2012 door de raad vastgesteld en medio 2013 grotendeels onherroepelijk geworden. Het plangedeelte met een wijzigingsbevoegdheid is door het besluit van de raad van State niet onherroepelijk geworden. De planning is thans om in 2017 met de bouw van de eerste woningen in het Noordelijk gedeelte te starten. Tot die tijd wordt voorrang verleend aan uitgiften in het plangebied Velmolen-Oost. Ter afdekking hiervan is een voorziening beschikbaar. 

Velmolen-Oost

Verwacht einde exploitatie 2021  
Verwacht eindsaldo circa € 6,1 mln V per einde 2021
  circa € 5 mln V (Netto contante waarde)

Toelichting:

Voor dit gebied aan de oostzijde van Uden-Zuid is in juni 2007 door de Raad een bestemmingsplan vastgesteld. Realisatie geschiedt door vaststelling van uitwerkingsplannen. Door de gewijzigde situatie op de woningmarkt hebben we vastgestelde uitwerkingsplannen op onderdelen weer moeten aanpassen. Het totale plan voorziet in de bouw van ca. 700 woningen in verschillende prijsklassen. Daarnaast is aan de oostzijde ook de bouw van een school gerealiseerd. De gemeente heeft in dit gebied de gronden volledig verworven.
Inmiddels is ruim 70% van de geplande 700 woningen gerealiseerd. Er is nog ca. 50.000 m2 bouwterrein voor ca. 205 woningen te verkopen. De fasering hiervan is wordt door het aantrekken van de markt thans voorzien tot en met 2021.

Volkel-West II

Verwacht einde exploitatie 2017  
Verwacht eindsaldo circa € 0,3 mln V per einde 2017
  circa € 0,3 mln V (Netto contante waarde)

Toelichting:

Eind 2013 is bebouwing in voorbereiding genomen. Medio 2014 is met een ontwikkelaar een intentieovereenkomst gesloten en de opstelling van een passend bestemmingsplan gestart dat in april 2015 is vastgesteld. De hierbij behorende exploitatie sluit met een positief saldo. Het plan voorziet in de bouw van ca. 20 woningen, waarvoor medio 2015 de eerste kavels zijn verkocht en naar verwachting wordt de rest in 2016 verkocht. 

Nieuwe hoeven (Locatie Maatsestraat, voormalige LTS)

Verwacht einde exploitatie 2018  
Verwacht eindsaldo circa € 1,8 mln N per einde 2018
  circa € 1,6 mln N (Netto contante waarde)

Toelichting:

Medio 2013 is overeenstemming bereikt over een aangepast bestemmingsplan dat voorziet in de marktbehoefte van grondgebonden woningen en dit is vastgelegd in een realisatieovereenkomst. Het bestemmingsplan hiervoor is in 2015 onherroepelijk geworden waarna de 1e fase is uitgegeven. De 2e en 3e fase zullen naar verwachting beide in 2016 plaatsvinden. Op basis van de gesloten overeenkomst sluit de grondexploitatie met een nadelig saldo van ca. € 1,6 mln. Ter afdekking hiervan is een voorziening beschikbaar. 

Locatie Schepersweg

Verwacht einde exploitatie 2019  
Verwacht eindsaldo circa € 106.000 N per einde 2019
  circa € 92.000 N (Netto contante waarde)

Toelichting:

Voor deze locatie is in april 2013 een nieuw bestemmingsplan vastgesteld dat kort daarna onherroepelijk is geworden.
Het plan voorziet totaal in de bouw van 17 woningen, waarvan 5 op gemeentelijk terrein. Medio 2013 zijn de 5 gemeentelijke kavels in de verkoop gegaan en is het gebied bouwrijp gemaakt. Hierbij zijn in het zuidelijk plangedeelte archeologische vondsten gedaan. Vanwege o.a. het belang van deze vondsten voor de lokale geschiedenis is besloten om deze vondsten te laten opgraven. De hieraan verbonden kosten komen ten laste van deze exploitatie en zijn daarbinnen grotendeels opgevangen door o.a. de gebruikelijke stortingen in de bestemmingsreserves te schrappen. Deze extra kosten alsmede een grondprijsaanpassing voor de gemeentelijke kavels zijn verwerkt in de geactualiseerde exploitatieopzet, evenals de vertraagde uitgifte als gevolg van de vondsten. De exploitatie sluit nu met een gecalculeerd tekort van ca. € 92.000 (NCW). Hiervoor is een voorziening getroffen. In 2015 is de eerste gemeentelijke kavel verkocht.
 

Spechtenlaan 2e fase te Odiliapeel

Verwacht einde exploitatie 2024  
Verwacht eindsaldo circa € 221000 V per einde 2024
  circa € 162.000 V (Netto contante waarde)

Toelichting:

Voor dit plangebied geldt een onherroepelijk bestemmingsplan dat voorziet in de bouw van ca. 50 woningen verdeeld over 2 fasen. De 1e fase bevat 24 woningen en is medio 2012 bouwrijp gemaakt. De uitgifte van bouwkavels in de 1e fase is nadien gestart maar stagneerde. Begin 2014 is gestart met een heroriëntatie op de daadwerkelijke vraag en is ook de grondprijs naar beneden bijgesteld. Dit heeft geleid tot daadwerkelijke nieuwe verkopen. Een verdere herverkaveling om nog beter aan de vraag te kunnen voldoen is medio 2015 ter hand genomen. Bij de laatste actualisatie is gebleken dat de gebruikelijke stortingen in de bestemmingsreserves geheel moesten vervallen om een negatief saldo te voorkomen. Het saldo zonder deze stortingen bedraagt nu ca. € 162.000.

Uden-Noord I

Verwacht einde exploitatie 2025  
Verwacht eindsaldo circa € 10,8 mln N per einde 2025
  circa € 8,9 mln N (Netto contante waarde)

Toelichting:

Het plangebied Uden-Noord I maakt onderdeel uit van het Masterplan Uden-Noord dat medio 2012 door de raad is vastgesteld.
In dit gebied ten oosten van de Nistelrodeseweg is de nieuwbouw van ziekenhuis Bernhoven gerealiseerd. Daarnaast zijn in het plangebied de bouw van ruim 100 woningen op ca. 60.000 m2 en ca. 11.000 m2 bvo maatschappelijke dienstverlening.  Aan de Slabroekseweg zijn inmiddels 4 grote kavels voor woningbouw uitgegeven.
Voor het hele plangebied is een onherroepelijk bestemmingsplan van kracht dat voor de plandelen buiten het ziekenhuisterrein in fases uitgewerkt wordt. Alle gronden zijn inmiddels eigendom van de gemeente. Het 1e uitwerkingsplan voor de woningbouw ( kamer 1 ) is begin 2014 vastgesteld en bouwrijp gemaakt. Hierna is de verkoop opgestart. Begin 2016 zijn voor dit plangebied de prijzen opnieuw marktconform bijgesteld. Op basis van deze grondprijzen en een actualisatie van de te verwachten kosten is het herziene saldo ca. € 7,7 mln nadelig. Voor dit gecalculeerde nadelig saldo van de exploitatie is een voorziening getroffen.
 

Uden-Noord II

Verwacht einde exploitatie 2018  
Verwacht eindsaldo circa € 590.000 N per einde 2018
  circa € 530.000 N (Netto contante waarde)

Toelichting:

Het plangebied Uden-Noord II maakt eveneens onderdeel uit van het Masterplan Uden-Noord dat medio 2012 door de raad is vastgesteld.
In dit gebied ten westen van de Nistelrodeseweg is veel bestaande bedrijvigheid aanwezig. In het vastgestelde ‘Masterplan Uden-Noord’ is aangegeven welke nieuwe functies eventueel in dit gebied kunnen worden gerealiseerd / toegevoegd. De gemeente heeft besloten zelf maar beperkt actief als exploitant in dit gebied op te treden en heeft alleen aan de zuidelijke rand gronden in eigendom. In dit plangedeelte is inmiddels een hotel gerealiseerd. Voor de locatie van ca. 6.000m2 ten oosten van het hotel is een realisatieovereenkomst gesloten voor een zorgcomplex en is daarvoor een ontwerpbestemmingsplan opgesteld dat naar verwachting in 2016 ter vaststelling aan de raad zal worden aangeboden. Voor de snelweglocatie ten westen van het hotel is inmiddels een realisatieovereenkomst gesloten voor de realisatie van een foodcourt. Voor de realisatie hiervan is een bestemmingsplan in voorbereiding dat naar verwachting in 2016 in procedure wordt gebracht. Door hogere verwervings- en plankosten is de exploitatie wel verliesgevend geworden. Ter afdekking hiervan is een voorziening getroffen.
 

Locatie Runmolen

Verwacht einde exploitatie 2020  
Verwacht eindsaldo circa € 0,805 mln V per einde 2020
  circa € 0,680 mln V (Netto contante waarde)

Toelichting:

Op deze locatie is destijds een tuincentrum gevestigd, waarvan de ondergrond door de gemeente in erfpacht is uitgegeven. In 2012 is met een plaatselijke ontwikkelaar overeenstemming bereikt om op deze locatie in combinatie met zijn aangrenzende perceel met daarop thans nog een autogarage, gefaseerd woningen te realiseren. Totaal gaat het om 49 patiobungalows verdeeld in 37 huur- en 12 koopwoningen. In de gemeentelijke grondexploitatie zitten 39 van de 49 woningen. De overige 10 woningen komen op het particuliere plangedeelte waarop thans nog een autogarage is gevestigd. De gesloten overeenkomst gaat uit van een gefaseerde realisatie. De aanvang van de realisatie is in eerste instantie vertraagd door de situatie op de woningmarkt. Nadien is met de ontwikkelaar begin 2015 overeengekomen om op deze locatie tijdelijke schoolnoodlokalen te vestigen. Hierdoor is de uitgifte verder opgeschoven en staat de 1e fase nu gepland voor 2017. Mogelijk zal het geplande programma als gevolg van marktveranderingen opnieuw bekeken worden.

Bedrijfsterrein Goorkens

Verwacht einde exploitatie 2023  
Verwacht eindsaldo circa € 5,2 mln V per einde 2023
  circa € 3,9 mln V (Netto contante waarde)

Toelichting:

In dit plangebied is nog ca. 4,0 ha voor verkoop beschikbaar. Bij de vaststelling van het MJP 2015 hebben we de prognose voor de totale jaarlijkse uitgifte van bedrijfsterreinen bepaald op 1,6 ha per jaar. Dit is in het MJP 2016 gehandhaafd. In combinatie met de nog beschikbare bedrijfskavels op Hoogveld is daarmede de verwachte einddatum van de exploitatie in 2023 komen te liggen. 

Bedrijfsterrein Hoogveld

Verwacht einde exploitatie 2032  
Verwacht eindsaldo circa € 14,4 mln V per einde 2032
  circa € 8,0 mln V (Netto contante waarde)

Toelichting:

Op dit bedrijfsterrein ten oosten van Goorkens is nog ca. 14.5 ha voor verkoop beschikbaar.
Op basis van de uitgifteprogenose uit het MJP 2016 voor bedrijfsterreinen van totaal ca. 1,6 ha per jaar loopt deze exploitatie nog door tot eind 2032.

Herstructurering Loopkant-Liessent

Verwacht einde exploitatie 2017  
Verwacht eindsaldo circa € 3,3 mln N per einde 2017
  circa € 3,1 mln N (Netto contante waarde)

Toelichting:

Voor dit plangebied is met de Stichting Beheer Bedrijfsterreinen Uden (SBBU) en de Brabantse Ontwikkelingsmij (BOM) in 2008 een herstructureringsproject opgezet. De belanghebbende ondernemers zijn via informatie- en meedenkavonden bij deze herstructurering betrokken. De BOM heeft een bijdrage van ca. € 1,5 mln voor de herstructurering verstrekt welke is geregeld in een met de BOM gesloten participatieovereenkomst. Deze overeenkomst liep tot eind 2015 en is in december jl. in overleg met de BOM beëindigd. Aan de bijdrage van de BOM is de voorwaarde verbonden dat ook de gemeente substantieel bijdraagt in de herstructureringsopgave. Zoals uit de grondexploitatie blijkt is de bijdrage van de gemeente inmiddels ca. € 3,1 mln op basis van NCW. De gemeentelijke bijdrage wordt - voor zover mogelijk - gedekt uit de bestemmingsreserve Revitalisering bedrijfsterreinen. Omdat deze reserve ( thans ) niet toereikend is, is voor het tekort een afzonderlijke voorziening getroffen. Er zijn nog 2 uitgeefbare percelen welke naar verwachting op zijn vroegst in 2017 zullen worden uitgegeven.

Kostenverhaal

Het kostenverhaal vindt bij voorkeur plaats via te sluiten privaatrechtelijke overeenkomsten.

Op 1 juli 2008 is de nieuwe Wet Ruimtelijke Ordening met als onderdeel de grondexploitatiewet in werking getreden. Deze vormt vanaf genoemde datum de basis voor zowel privaatrechtelijk als publiekrechtelijk kostenverhaal. Bij deze nieuwe wet is kostenverhaal via overeenkomsten het uitgangspunt. Als dat niet lukt, dient kostenverhaal plaats te vinden op basis van een door de Raad (tegelijk met het bestemmingsplan) vast te stellen exploitatieplan.

Samenwerking met marktpartijen wordt toegepast door het sluiten van realisatieovereenkomsten waarbij de risico’s voor de gemeente zoveel mogelijk worden beperkt.

 

Overige locaties

Ook voor herontwikkeling van bestaande locaties buiten het gebied Centrum-Oost komen regelmatig verzoeken binnen. Ook hiervoor geldt eenzelfde gedragslijn met betrekking tot kostenverhaal, bijdrage in Bovenwijkse voorzieningen en te sluiten intentie- en realiseringsovereenkomsten.

Ook over deze initiatieven wordt nader gerapporteerd in de voortgangsrapportages van het ’Woningbouwprogramma, actualisatie 2015’.
 

Particuliere initiatieven

Gebied Centrum-Oost

Voor dit gebied is bij raadsbesluit van 31 maart 2005 een Structuurvisie vastgesteld. Het betreft een gebied aan de oostzijde van het centrum van Uden waaronder o.a. het voormalige Dicoterrein. De exploitatie geschiedt nagenoeg geheel door particuliere initiatiefnemers. De gemeente is hierbij wel nadrukkelijk betrokken gelet op de ruimtelijke en stedenbouwkundige planvorming, het woningbouwprogramma en de aan te leggen dan wel aan te passen infrastructuur. De door de gemeente te maken kosten voor aanpassingen in de infrastructuur, de planbegeleidingskosten, eventuele planschade en een bijdrage in Bovendijkse voorzieningen worden verhaald conform het gemeentelijk kostenverhaalsbeleid. Dit wordt geregeld in te sluiten realisatieovereenkomsten.

In februari 2012 heeft de raad voor een gedeelte van dit plangebied de gebiedsvisie ‘Kastanjeweg-Oost’ vastgesteld. Hieraan kunnen concrete initiatieven voor dit deelgebied worden getoetst.

Eind 2013 heeft de raad het bestemmingsplan voor woningbouwontwikkeling nabij het Retraitehuis vastgesteld.

Tussentijds wordt de Raad via rapportages over het “Woningbouwprogramma, actualisatie 2015” nader geïnformeerd. Een groot deel van de beoogde plannen zijn door de ontstane situatie op de woningmarkt vertraagd. 

 

Plankosten

Toerekening apparaatskosten aan het grondbedrijf en externe plankosten

In de diverse grondexploitaties wordt een genormeerd bedrag opgenomen voor plankosten. Deze normering bedraagt 25% van de gecalculeerde kosten voor het bouw- en woonrijp maken met een minimum van ca. € 6.700 ( prijspeil 2017 ) per woning of equivalent daarvan. De bewaking van de plankosten dient vooral plaats te vinden op complexniveau. Bij iedere herziening van de exploitatie voor een bepaald complex vindt opnieuw toetsing plaats aan de vastgestelde normering. Door de ontstane marktsituatie zijn herontwikkelingen en maatwerk nodig en kost het extra inspanningen om woningbouw- en bedrijfskavels te verkopen. Daarnaast brengt de omgevingsdialoog ook extra inspanningen met zich mee. Dit samen  verhoogt de plankosten waardoor de genormeerde plankostenbudgetten ( veelal) niet meer toereikend zijn en er een bijraming moet plaatsvinden. In de praktijk blijkt dat de normering op 35% of nog hoger uitkomt. Bijraming geschiedt op maat en afgestemd op de betreffende exploitatie. Dit wordt bij de betreffende herziening van de exploitaties dan nader aangegeven en toegelicht.

Het totaal aan plankostenbudget in de diverse grondexploitaties voor de komende 10 jaren ( 2017 tot en met 2026) is thans gecalculeerd op ca. € 4,7 mln. Hieruit moeten naast de eigen apparaatskosten ook de externe plankosten voor inhuur en advisering worden gedekt.  Vanuit genoemd bedrag van € 4,7 mln. is voor de jaarschijf 2016 samen met een stelpost voor overige nog niet in exploitatiegenomen gronden en particuliere initiatieven totaal ca. € 1,2  mln geraamd.

In de begroting 2017 wordt aan eigen apparaatskosten een bedrag toegerekend aan de grondexploitatie van ca. € 1,2 mln.  Dit betreft zowel de eigen exploitaties als de in te zetten uren ten behoeve van diverse particuliere initiatieven. Deze laatste categorie uren wordt voorgefinancierd uit de ABR van het grondbedrijf en vervolgens via te sluiten overeenkomsten (zo veel mogelijk) verhaald op de initiatiefnemers.

Er kunnen zich natuurlijk verschuivingen in de geprognosticeerde jaarlijkse plankosten van de diverse exploitaties voordoen vanwege ontwikkelingen binnen projecten door o.a. procedures en wijzigingen in de uitgifte van gronden. Het is duidelijk dat de huidige toerekening van eigen apparaatskosten aan het grondbedrijf op basis van de geldende plankostennormering onder druk staat. Getracht wordt de formatie en de capaciteitsvraag zo goed mogelijk op elkaar af te stemmen en het kostenverhaal te optimaliseren.
 

Verspreid liggende gronden / overige complexen

In deze complexen is per 1 januari 2016 een bedrag geïnvesteerd van ca. € 12,3 mln.
Hieronder volgt een toelichting per complex.

Hoogveld-Zuid-Zuid

Boekwaarde per 1-1-2016 circa € 3,5 mln
Marktwaarde volgens huidige bestemming per 1-1-2016 circa € 0,4 mln
Getroffen voorziening herwaardering circa € 3,1 mln 

Toelichting

Dit betreft het zuidelijk gedeelte van het oorspronkelijke plangebied Hoogveld-Zuid.
In dit gedeelte van totaal ca. 18,6 ha heeft de gemeente ca. 7 ha in eigendom. Vanwege de onzekerheid of deze gronden mogelijk nog in exploitatie genomen worden, is voorzichtigheidshalve een voorziening getroffen voor het verschil tussen de boekwaarde en de waarde op basis van de huidige agrarische bestemming.
Voor de gronden in ons eigendom is eind 2015 de realisatie van een zonnepanelenpark in voorbereiding genomen.
 

Groesplak II/Tarwestraat

Boekwaarde per 1-1-2016 circa € 722.000 
Marktwaarde volgens huidige bestemming per 1-1-2016 circa € 29.000
Getroffen voorziening voor herwaardering circa € 693.000

Toelichting

Dit complex betreft een perceel van ca. 9.500 m² met vooralsnog de bestemming groen / landbouwgrond aan de oostzijde van de kom Odiliapeel. Op termijn is hier wellicht woningbouw mogelijk, maar eerst wordt er gebouwd in het plan Spechtenlaan 2e fase. Voor het verschil tussen de boekwaarde en de marktwaarde volgens de huidige bestemming, is een voorziening getroffen. 

Strategische gronden / ruilgronden

Boekwaarde per 1-1-2016 circa € 3,8 mln
Marktwaarde volgens de huidge bestemming per 1-1-2016 circa € 1,7 mln
Getroffen voorziening voor herwaardering circa € 2,1 mln

Toelichting

Dit complex bevat de nog resterende gronden die de gemeente grotendeels uit strategische overwegingen heeft aangekocht. Totaal had de gemeente per 1-1-2015 binnen dit complex ca. 127.000 m² grond (deels met opstallen) in bezit.
De gronden zijn gelegen op verschillende locaties.
Jaarlijks wordt bij het opmaken van de jaarrekening de boekwaarde per locatie getoetst aan de marktwaarde. Op basis van deze toetsing is vastgesteld dat voor een aantal locaties de boekwaarde hoger is dan de marktwaarde. Dit betreft totaal een bedrag van ca. € 2,1 mln. Hiervoor is een herwaarderingsvoorziening getroffen.

Budget voor strategische verwervingen

Toelichting

In overeenstemming met de vastgestelde nota grondbeleid is via de programmabegrotingen 2008, 2009 en 2010 totaal voor 20 mln. budgetrecht verleend om strategische aankopen te kunnen doen. Dit betreft aankopen die zijn gelegen buiten gebieden waarvoor door de Raad een exploitatieopzet is vastgesteld, dan wel aanvankelijk niet in de grondexploitatieopzet waren opgenomen. Over de aanwending van dit budgetrecht wordt de Raad via Beraps en het jaarverslag geïnformeerd. Totaal is tot medio 2016 ca. € 13,5 mln. aangewend. Genoemde aankopen zijn opgenomen in het investeringsplan als rendabele investeringen en worden gedekt uit de betreffende of toekomstige grondexploitatie. Het restantbudgetrecht wordt jaarlijks naar het volgende begrotingsjaar overgeheveld. Het totale restant budgetrecht van ca. € 6,5 mln. is – mede door een thans terughoudend aankoopbeleid - toereikend voor eventuele aanvullende strategische aankopen in 2017. Daadwerkelijke aankopen worden voorzien van een taxatie door een externe taxateur. 

Complex huren en pachten

Boekwaarde per 1 januari 2016: circa € 0,465 mln.

Toelichting

In dit complex is de in 2008 gekochte tennishal aan de Hockeyweg opgenomen. De oppervlakte bedraagt ca. 7.000 m2. Deze aankoop heeft plaatsgevonden doordat de gemeente gebruik heeft gemaakt van haar voorkeursrecht tot aankoop zoals opgenomen in de destijds gesloten recht van opstalovereenkomst. Vanwege de strategische ligging en de herontwikkelingsmogelijkheden op deze locatie is tot aankoop besloten. Het huurcontract met de exploitant van het pand is door de gemeente na aankoop overgenomen. Dit huurcontract liep tot 31 december 2015 en is na een verlenging op 1 april 2016 beëindigd waarna de locatie vrij is gekomen voor daadwerkelijke herontwikkeling. De mogelijkheden hiervoor zijn in onderzoek. De boekwaarde van deze locatie bedraagt per € 465.000. Dit is lager dan de marktwaarde welke begin 2016 getaxeerd is op € 478.000. 

Complex erfpachten

Boekwaarde per 1 januari 2016: circa €  3,8  mln

Toelichting:

Onder dit complex worden de gronden opgenomen die de gemeente vanuit de grondexploitatie in erfpacht ( eventueel met kooprecht ) heeft uitgegeven. Deze gronden worden hier opgenomen voor de waarde waarop de erfpachtcanon is gebaseerd en voor dezelfde waarde als opbrengst is verantwoord in de betreffende grondexploitatie. Deze verantwoordingswijze is afgestemd met de accountant. Hiermede is ook het praktische probleem dat de erfpachtperiode meestal langer loopt dan de grondexploitatieperiode opgelost.
De rentelasten in dit complex worden gedekt door de te ontvangen erfpachtcanon. Het betreft thans 5 locaties met in totaal een oppervlakte van 25.927 m2.                             
                         
 

Voorzieningen en reserves binnen het grondbedrijf

Er zijn drie voorzieningen en vijf reserves.

Voorzieningen

Voorziening herwaardering: (VH)

Deze voorziening is getroffen voor de hiervoor genoemde nog niet in exploitatiegenomen gronden waarvan de boekwaarde hoger is dan de marktwaarde. Deze toetsing wordt jaarlijks gedaan. Bij de laatste toetsing (voor de jaarrekening 2015 en het MJP 2016) is de voorziening bepaald op circa € 7,6 mln.

Voorziening kosten gerealiseerde complexen: (VGC)

Deze voorziening is nodig ter dekking van de laatste werkzaamheden of nakomende kosten bij al administratief afgesloten complexen. Bij de jaarrekening 2015 is het benodigde saldo bepaald op circa € 0,5 mln.

Voorziening Exploitatienadelen: (VEN)

Op basis van het Besluit Begroting en Verantwoording ( BBV) is het verplicht een voorziening te treffen voor verliesgevende exploitaties. Dit wordt gedaan op basis van de Netto-Contante-Waarde-methode.
Bij de actualisering van de diverse exploitaties voor het MJP 2016 is gebleken dat bij 8 exploitaties sprake is van een (vooralsnog) gecalculeerd nadeel. Dit betreft de exploitaties Herstructurering Loopkant-Liessent, Hoogveld-Zuid-Noord, Nieuw Hoenderbos, Uden-Noord I, Uden-Noord II, Eikenheuvel, Schepersweg en de locatie Maatsestraat. In de jaarrekening 2015 is hiervoor in totaal een voorziening getroffen van ca. € 15,7 mln. Bij het opmaken van de jaarrekening 2016 zal de noodzakelijke hoogte van deze voorziening opnieuw worden bepaald.
 

Specifieke bestemmingsreserves

Reserve Bovenwijkse Infrastructuur (RBI)

Deze reserve is bedoeld voor de realisering van bovenwijkse infrastructurele voorzieningen en wordt gevoed met een storting van € 15 per m² verkochte grond dan wel te realiseren m2 bruto vloeroppervlak ( bvo) Ook vanuit particuliere initiatieven dient aan deze bestemmingsreserve te worden bijgedragen.

In het kader van de optimalisatieslag grondbedrijf is begin 2008 aan de Raad een meerjareninvesteringsprogramma met bijbehorende dekking vanuit deze bestemmingsreserve gepresenteerd. Bij de jaarlijkse actualisering van de grondexploitaties wordt aan de Raad tevens een geactualiseerd meerjareninvesteringsprogramma aangeboden.
Het saldo van de reserve bedroeg per 1-1-2016 circa € 3,2 mln.

Reserve Groenstructuur en Buitengebied (RGB)

Deze reserve is ingesteld bij de vaststelling van de begroting 2004 en wordt gevoed met een storting van € 5 per m² verkochte grond dan wel te realiseren bruto vloeroppervlak ( bvo). Ook vanuit particuliere initiatieven dient aan deze bestemmingsreserve te worden bijgedragen.

De reserve is voornamelijk bedoeld voor bestedingen aan groenvoorzieningen in het buitengebied (zoals het Landschapsbeleidsplan) en voor groenstructuren op stedelijk niveau. Ook loopt de ‘rood-voor-groen-koppeling’ die door de provincie als eis gesteld kan worden bij nieuwe planontwikkeling via deze bestemmingsreserve.
In het kader van de optimalisatieslag grondbedrijf is begin 2008 aan de Raad een meerjareninvesteringsprogramma met bijbehorende dekking vanuit deze bestemmingsreserve gepresenteerd. Bij de jaarlijkse actualisering van de grondexploitaties wordt aan de Raad tevens een geactualiseerd meerjareninvesteringsprogramma aangeboden.
Het saldo van de reserve bedroeg per 1-1-2015 circa € 330.000.

Voor ontvangen (en te besteden) middelen uit kwaliteitsverbeterende bebouwing in de bebouwingsconcentraties van het buitengebied (de zgn BIO-regeling ) is bij raadsbesluit van 22 oktober 2009 een afzonderlijke bestemmingsreserve ingesteld. Daarnaast is bij raadsbesluit van 16 mei 2013 een bestemmingsreserve voor de uitvoering van de beleidsnotitie ‘Landschapsinvesteringsregeling’ ( LIR ) ingesteld. Voor zover initiatiefnemers in het buitengebied geen compensatie in natura / directe kwaliteitsverbetering van het landschap uitvoeren, verlopen de ontvangsten en bestedingen via deze reserve.

Reserve Revitalisering Bedrijventerreinen (RRB)

Bij raadsbesluit van 28 februari 2008 is de bestemmingsreserve Revitalisering Bedrijventerreinen ingesteld. De Raad heeft besloten deze reserve te voeden met een storting van € 5 per m2 te verkopen bedrijfsterrein dan wel te realiseren bruto vloeroppervlak (bvo). Ook vanuit particuliere initiatieven tot uitbreiding of realisering van nieuwe bedrijfsterreinen dient aan deze bestemmingsreserve te worden bijgedragen.
Ten laste van deze reserve kunnen bijdragen worden ingezet t.b.v. revitalisering van bestaande bedrijfsterreinen zoals thans voor de herstructurering van het gebied Loopkant-Liessent.
Per 31-12-2015 bedroeg het saldo van deze reserve ca. € 28.500. Dit saldo is meteen gestort in de ABR van het grondbedrijf omdat mede ten laste van de ABR een voorziening is getroffen voor afdekking van het gecalculeerde tekort op het complex Herstructurering Loopkant-Liessent.

Reserve Sociale woningbouw (RSW) / Reserve Leefbaarheid woonwijken

Deze reserve is ingesteld bij de vaststelling van de begroting 2004 en wordt gevoed met een storting van € 5 per m² verkochte (vrije sector ) woningbouwgrond dan wel te realiseren bruto vloeroppervlak (bvo). Het beleid is om ook vanuit particuliere initiatieven tot realisering van aanvullende nieuwe vrije sector woningbouw aan deze bestemmingsreserve te laten bijdragen.
De reserve kan o.a. worden ingezet voor realisering / haalbaarheid van goedkope koopwoningen en huurwoningen met een passende huurprijs binnen de geldende huurtoeslagregeling.

Op 28 februari 2008 heeft de Raad ingestemd met het voornemen om deze reserve om te zetten in een reserve Leefbaarheid woonwijken. Uitgangspunt hierbij is dat deze reserve niet meer ingezet behoeft te worden voor lagere grondprijzen voor de sociale woningbouw maar breder ingezet kan worden voor projecten / investeringen die de leefbaarheid en de sociale woningbouw in de wijken ten goede komt. Zowel de gemeente als Area hebben hierin een verantwoordelijkheid. Deze nieuwe insteek heeft in 2009 geleid tot nieuwe prestatieafspraken met toen nog SVUwonen waarmee de Raad heeft ingestemd op 25 juni 2009. Hierbij heeft de Raad besloten om als gemeente € 2 mln ten laste van deze bestemmingsreserve beschikbaar te ( gaan ) stellen voor een eerste fase van samenwerking op basis van deze nieuwe afspraken. Ook SVUwonen heeft toen voor deze eerste fase € 2 mln beschikbaar gesteld. Op basis van deze besluitvorming is gewerkt aan de ontwikkeling van een zo concreet mogelijk (bouw)programma voor deze eerste fase. Hiervoor is in juli 2010 een convenant gesloten waarover de raad is geïnformeerd. De uitvoering van dit convenant loopt nog.

Het saldo van deze reserve bedroeg per 31-12-2015 circa € 163.000. Dit saldo is meteen gestort in de ABR van het grondbedrijf omdat ten laste van de ABR in 2010, 2011, 2012 en 2013 telkens € 500.000 is gestort in de bestemmingsreserve Leefbaarheid. Deze storting had feitelijk geheel ten laste van de Reserve Sociale Woningbouw gemoeten, maar die was ( nog ) niet toereikend. O.b.v. het raadsbesluit van 25 juni 2009 komt bij onvoldoend saldo in de Reserve Sociale Woningbouw de voeding voor de Reserve Leefbaarheid ( tijdelijk ) uit de ABR van het grondbedrijf.

Algemene Bedrijfsreserve Grondexploitatie (ABR-ge) 

In de Algemene Bedrijfsreserve worden de positieve eindresultaten van de diverse grondexploitaties en tussentijdse winstnemingen gestort.

Uit de ABR wordt zo nodig en indien mogelijk ook geput voor eventuele ( te verwachten ) nadelen op grondexploitaties en te treffen voorzieningen voor herwaardering van gronden voor zover daarin nog niet op andere wijze is voorzien. Tevens dient deze reserve als risicobuffer en voor egalisatie van ( tijdelijke ) tekorten in overige bestemmingsreserves van het grondbedrijf. Het saldo van de ABR bedroeg op 1-1-2016 ca € 10 mln.


 

Winstneming en afdekking verliezen

Op basis van de geldende voorschriften (BBV) en het beleid van de provincie in het kader van het financieel toezicht op de gemeenten, dient bij de grondexploitatie het voorzichtigheidsprincipe te worden gehanteerd.

Bij de jaarlijkse opstelling/actualisering van het Meerjarenperspectief van het grondbedrijf en het opmaken van de Programmarekening worden deze principes dan ook gehanteerd. Dit houdt in dat voorziene verliezen meteen moeten worden genomen/afgedekt zodra zij bekend zijn en dat winsten pas mogen worden genomen als zij met voldoende zekerheid vaststaan en dus zijn gerealiseerd.

Bij de jaarlijkse opstelling/actualisering van het MeerJarenPerspectief van het grondbedrijf en het opmaken van de programmarekening worden deze principes dan ook gehanteerd.

Tussentijdse winstneming moet worden uitgesteld tot zij met voldoende zekerheid vaststaan. De BBV geeft hiervoor de volgende voorwaarden aan:

1. Het resultaat op de grondexploitatie kan betrouwbaar worden ingeschat; én
2. De grond (of het deelperceel) moet zijn verkocht; én
3. De kosten zijn gerealiseerd (winst wordt naar rato van de realisatie gerealiseerd).

Volgens het realisatiebeginsel dient in die gevallen de winst ook te worden genomen.

Voor een aantal complexen achten wij (verdere) gefaseerde tussentijdse winstnemingen haalbaar indien de exploitaties verlopen zoals nu geprognosticeerd. Dit wordt jaarlijks opnieuw beoordeeld.
 

Lokale lasten

De lokale heffingen vormen een belangrijk onderdeel van de inkomsten van gemeenten en zijn een integraal onderdeel van het gemeentelijk beleid.

In deze paragraaf zijn de bestaande beleidsuitgangspunten en-voornemens betreffende belastingen opgenomen en toegelicht middels de volgende onderdelen.

1. de geraamde inkomsten;
2. het beleid ten aanzien van de lokale heffingen;
3. een overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen, waarin de lasten en baten inzichtelijk zijn gemaakt en waar de extra compabtele berekening van het opslagpercentage overhead tot uitdrukking komt. Dit alles op basis van de uitgangspunten dat tarieven van heffingen hoogstens kostendekkend mogen zijn;
4. een aanduiding van de lokale lastendruk, ook afgezet tegen buurgemeenten;
5. een beschrijving van het kwijtscheldingsbeleid.

De voorstellen ten aanzien van de belastingen en leges worden afzonderlijk aan de raad voorgelegd. Daarin zijn alle tarieven opgenomen. Voor de hoogte van de belastingen, rechten en tarieven gelden de volgende uitgangspunten:

  • Streven naar (meer) kostendekkendheid van alle leges, rechten en tarieven waartegenover een concrete dienstverlening van de overheid staat
  • De overige belastingen en tarieven mogen niet meer stijgen dan de aanpassing voor de inflatiecorrectie. Uitgangspunt hierbij is dat voor 2017 wordt uitgegaan van een inflatiecijfer van 0,5%
  • Het beleid lokale lasten is opgenomen in de diverse belastingverordeningen.

Afvalstoffenheffing

Beleid

Afvalstoffenheffing wordt geheven van degenen die in de gemeente gebruik maken van een perceel waarvoor een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijk afval geldt. Het tarief van de afvalstoffenheffing voor 2017 is voorlopig gebaseerd op het tarief 2016 aangepast met de inflatiecorrectie van 0,5% en bezuinigingsmaatregel 3 uit de programmabegroting 2016 (goedkopere afvalverwerking Aterro).

Tarieven

Tarieven 2015 2016 2017
Eenpersoonshuishoudens € 231,00 € 228,36 € 215,40

Meerpersoonshuishoudens (of eenpersoonshuishoudens

met een kleine container)

€ 279,48 € 276,36 € 260,64

Overzicht afvalstoffenheffing

  Bedragen in Euro's Taakveld Toelichting
Kosten taakveld 4.400.602 7.3 Betreft alle kosten van taakveld 7.3 m.u.v. ongediertebestrijding, bestrijding zwerfvuil en reiniging winkelcentra.
  112.996 7.3 50% van de kosten bestrijding zwerfvuil
  59.277 7.3 31% van de kosten reiniging winkelcentra
  45.175 2.1 29% van de totale lasten vegen wegen wordt gedekt door afvalstoffenheffing
  233.701 6.3 Kosten minimabeleid kwijtschelding afvalstoffenheffing
       
Inkomsten taakveld excl. heffingen -1.096.995 7.3 Betreft bijdrage voorziening afvalstoffenheffing (o.a. bestrijding zwerfvuil), gescheiden inzameling milieustraat
  -59.277 7.3 Bijdrage voorziening afvalstoffenheffing voor de kosten reiniging winkelcentra
  -45.175 2.1 Bijdrage voorziening afvalstoffenheffing voor de kosten vegen wegen
  -233.701 6.3 Bijdrage voorziening afval t.b.v. minimabeleid kwijtschelding afvalstoffenheffing
       
Netto kosten taakveld 3.416.603    
       
Toe te rekenen kosten:      
Overhead incl. omslagrente 379.626   De directe salarislasten van taakveld 7.3 afval bedragen €627.043. De opslag voor overhead bedraagt derhalve €401.042 (€627.043 x 63,96%). Van dit taakveld is 94,66% in de rioolheffing opgenomen.
  7.454   De directe salariskosten van taakveld 2.1 Verkeer en vervoer bedragen €1.069.186. De opslag voor overhead bedraagt derhalve €683.826 (€1.069.186 x 63,96%). Van dit taakveld is 1,09% in de rioolheffing opgenomen.
BTW 572.525    
Totale kosten 4.376.208    
      
Opbrengst heffingen 4.289.129 7.3  
       
Dekkingspercentage   98.01%  

De afvalstoffenheffing wordt gebaseerd op de activiteiten die de gemeente verricht om haar inzamelplicht uit Wet milieubeheer na te kunnen komen. Gemeente Uden streeft naar maximale kostendekkendheid.
In de afvalstoffenheffing zijn kosten verrekend voor het transport en verwerken van de huishoudelijke afvalstoffen, inkoop en onderhoud containers voor huishoudens, communicatie, milieustraat en het regelen hiervan.
Activiteiten zoals  het vegen van wegen, opruimen zwerfafval en reinigen winkelcentra dienen meerdere doelen. Een van de doelen bij deze activiteiten is het opruimen van verkeerd aangeboden huishoudelijk afval. Het kostendeel van deze activiteiten met dit doel, wordt toegerekend aan de afvalstoffenheffing.

Gederfde inkomsten door kwijtschelding afvalstoffenheffing maken ook deel uit van de afvalstoffenheffing.
 

Begrafenisrechten

Voor het gebruik van de begraafplaats en voor het verlenen van diensten in verband met de begraafplaats worden rechten geheven.
Algemeen uitgangspunt voor de begrafenisrechten is een aanpassing van de tarieven met alleen de inflatiecorrectie (0,5% voor 2017), waarbij de tarieven rekenkundig worden afgerond op eenheden van € 1.
 

  Bedragen in euro's Taakveld Toelichting
Kosten taakveld 332.082 7.5 Betreft alle kosten van taakveld 7.5
       
Inkomsten taakveld excl. heffingen -108.500 7.5 Beschikking over voorziening afkoop onderhoud begraafplaats 
       
Netto kosten taakveld 223.582    
       
Toe te rekenen kosten:      
Overhead incl. omslagrente 43.045   De directe salariskosten van taakveld 7.5 begraafplaatsen en crematoria bedragen €67.302. De opslag voor overhead bedraagt derhalve €43.045 (€67.302 x 63,96%). Van dit taakveld is 100% in de heffing opgenomen.
       
Totale kosten 266.627    
       
Opbrengst heffingen 226.113 7.5  
       
Dekkingspercentage 84,81%    

Het uitgangspunt is kostendekkendheid. Door een terugloop van het aantal begrafenissen (meer crematies) en minder verlengingen van de afkoop onderhoudsrechten zien we een vermindering van de opbrengsten.


 

Belastingopbrengsten

Belastingopbrengsten (bedragen x € 1.000)

belastingopbrengsten rekening 2015 begroting 2016* begroting 2017
Onroerende zaakbelastingen 8.353 8.656 8.965
Afvalstoffenheffing 4.491 4.408 4.289
Rioolheffingen 3.774 3.889 3.946
Marktgelden 88 97 97
Begrafenisrechten 242 284 226
Parkeerbelasting 2.435 2.929 2.951
Reclamebelasting 226 209 210
Staangelden 5 5 5
Secretarieleges (titel 1 legesverordening) 711 804 808
Leges omgevingsvergunningen (titel 2 legesverordening) 814 1.132 1.080
Overige leges (titel 3 legesverordening) 0 1 1

Doorbetaling secretarieleges rijk

-296

-293

-294

totale opbrengsten 21.934 22.121 22.284

* Bedragen 2016 zijn inclusief begrotingswijzigingen.

Bouwleges

Onder de naam ‘leges’ wordt een aantal verschillende rechten geheven voor verstrekte diensten. De tarieventabel kent dan ook een diversiteit aan tarieven. De tarieven voor 2016 zijn gebaseerd op de tarieven 2015 aangepast met de inflatiecorrectie van -0,2 %. Hierbij is rekening gehouden met een afronding van tarieven op 5 eurocent en voor tarieven boven € 50,- op hele euro’s.

Buurgemeenten

Vergelijking tarieven met buurgemeenten in €

(Coelo 2016) Bernheze Bernheze Landerd Landerd Oss Oss Uden Uden Veghel Veghel
  2016 2015 2016 2015 2016 2015 2016 2015 2016 2015
OZB                    
Tarief woningen 0,1284 0,1246 0,1029 0,1009 0,1190 0,1190 0,1034 0,1053 0,1234 0,1244
Tarief niet-woningen 0,4446 0,4116 0,4441 0,4162 0,4054 0,3928 0,3832 0,3814 0,3207 0,3470
Reinigingsheffing woningen                   
Tarief eenpersoonshuishouden 136 136 163 163 269 276 228 231 139 140
Tarief meerpersoonshuishouden 227 228 255 255 269 276 276 279 232 234
Rioolheffing woningen                    
Tarief eenpersoonshuishouden 159 139 125 127 168 168 192 192 233 219
Tarief meerpersoonshuishouden 159 139 179 182 168 168 192 192 233 219
Gemeentelijke woonlasten                    
Tarief eenpersoonshuishouden 628 609 564 546 684 690 653 650 659 636
Tarief meerpersoonshuishoudens 719 701 711 693 684 690 701 698 752 730
* Voor het rangnummer geldt dat nummer 1 de laagste woonlasten heeft 150 138 138 122 103 116 120 131 215 193

Kwijtschelding

Beleid

Indien een belastingplichtige niet of over te weinig financiële middelen beschikt om de belastingaanslag te voldoen kan onder bepaalde voorwaarden aan deze belastingplichtige kwijtschelding worden verleend. Het kwijtscheldingspercentage dat in Uden wordt gehanteerd bedraagt 100%. Dit betekent dat alle belastingplichtigen die een inkomen hebben dat gelijk of lager is dan het minimuminkomen (volgens bijstandsnorm) in aanmerking komen voor gehele of gedeeltelijke kwijtschelding. Kwijtschelding kan alleen worden verleend indien het een aanslag betreft voor onroerende zaakbelasting, afvalstoffenheffing, rioolheffing eigenaren en begrafenisrechten voor de jaarlijks te betalen bedragen. De overige heffingen zijn in de betreffende belastingverordeningen uitgesloten voor kwijtschelding. Meer informatie omtrent kwijtscheldingen is te lezen op de website van de Belastingsamenwerking Oost-Brabant. 

Inzicht in de verstrekte kwijtscheldingen

Heffingsjaar Kosten kwijtscheldingen Ontvangen verzoeken kwijtschelding over het heffingsjaar Openstaand over het heffingsjaar Afgewerkte verzoeken over het heffingsjaar Hiervan toegekend Hiervan afgewezen
2016 € 171.060* 839 52 787 673 114
2015 € 193.409 858 5 853 739 114
2014 € 187.158 847 10 837 701 136

* Dit zijn de kosten tot juli 2016

Lokale heffingen

Ontwikkeling lastendruk gemeente Uden

gemiddelde woonlast 2014- 2016 rekening 2014 2015 2016
Onroerende zaakbelasting eigenaren 220,22 231,00 231,58
afvalstoffenheffing meerpersoonshuishoudens 276,72 279,48 276,36
afvalstoffenheffing eenpersoonshuishoudens 231,00 231,00 228,36
rioolheffing eigenaren 190,00 192,00 192,00
totaal meerpersoonshuishouden 686,94 702,48 699,94
totaal eenpersoonshuishouden 638,94 654,00 651,94

Marktgelden

Onder de naam marktgelden worden rechten geheven voor het tijdens marktdagen innemen van standplaatsen of het plaatsen van kramen op plaatsen die als marktterrein zijn aangewezen. Uitgangspunt voor de marktgelden is een aanpassing van de tarieven met alleen het netto inflatiepercentage.

Het tarief voor 2017 is gebaseerd op het tarief 2016 inclusief inflatiecorrectie van 0,5% en bedraagt  €1,71 per strekkende meter standplaats.

Marktgelden 2017
Opbrengsten marktgelden
Inclusief promotie en kraamhuur
€ 97.255

Onroerende-zaakbelastingen

Onder de naam ‘onroerende zaakbelastingen’ worden van onroerende zaken die binnen de gemeentegrenzen liggen de volgende belastingen geheven;

  • een gebruikersbelasting van degenen die bij het begin van het kalenderjaar onroerende zaken gebruiken. Dit geldt niet voor woningen;
  • een eigenarenbelasting van degenen die bij het begin van het kalenderjaar eigenaar zijn van onroerende zaken (formeel: “het genot hebben krachtens eigendom, bezit of beperkt recht”).

De heffingsgrondslag voor 2017 is de waarde van de onroerende zaak naar peildatum 1 januari 2016.

Ontwikkeling van de OZB tarieven:

Tarieven 2015 2016 2017*
Woningen      
Eigenaren 0,10530% 0,10340% 0,10720%
Niet woningen      
Eigenaren 0,21210% 0,21310% 0,22100%
Gebruikers 0,16930% 0,17010% 0,17640%

*Dit zijn de voorlopige tarieven voor 2017. Deze tarieven zijn gebaseerd op de tarieven voor 2016 verhoogd met de netto inflatiecorrectie van 0,5% en bezuinigingsmaatregel 3 uit de programmabegroting 2016 (goedkopere afvalverwerking Aterro). De verwachte WOZ-waarde-ontwikkeling is hier nog niet in meegenomen. De definitieve tarieven zullen door de gemeenteraad vastgesteld worden in december. 

Totale begrotingsopbrengsten 2017
Eigenaren woningen € 4.271.804
Eigenaren niet-woningen € 2.673.575
Gebruikers niet woningen € 2.019.821
Totaal € 8.965.200


 

Ontwikkeling OZB tarieven gemeente Uden

Tarieven 2014 2015 2016
Woningen      
Eigenaren 0,0824% 0,10766% 0,10275%
Niet-woningen      
Eigenaren 0,1759% 0,2121% 0,2117%
Gebruikers 0,1404% 0,1694% 0,1690%
De totale opbrengst OZB 2016 wordt geraamd op     2016
Van gebruikers     1.928.968
van eigenaren     6.726.632
Totaal     8.655.600

Parkeerbelasting

Onder de naam parkeerbelastingen worden de volgende belastingen geheven:

  • een belasting voor het parkeren van een voertuig op een door het College van b&w te bepalen plaats, tijdstip en wijze;
  • een belasting voor een door de gemeente verleende vergunning voor het parkeren van een voertuig op de in die vergunning aangegeven plaats en wijze.

Het tarief voor 2017 voor het parkeren bedraagt € 1,00 per uur. Voor het parkeerterrein Bernhoven geldt het tarief van €1,25.

Parkeren  
Straatparkeren (inclusief vergunningen/boetes) € 1.912.156
Parkeergarage Brabantplein € 57.236
Parkeerdek Centrumplan-Hoekpromenade € 133.163
Ziekenhuis Bernhoven € 848.861
Totaal € 2.951.416

Reclamebelasting

Onder de naam reclamebelasting wordt een belasting geheven voor een openbare aankondiging die zichtbaar is vanaf de openbare weg.

De opbrengst van de heffing wordt, na aftrek van de heffingskosten, aan de Stichting Uden Promotie in de vorm van een subsidie overgedragen. De besteding dient ten goede te komen aan het algemene ondernemersklimaat van het centrum van Uden. Met de Stichting Uden Promotie worden jaarlijks afspraken gemaakt over de doorberekening van de inflatiecorrectie in de tarieven. Deze tarieven worden opgenomen in de ‘verordening op de heffing en invordering van reclamebelasting’, welke in december aan de Raad wordt aangeboden.
Het tarief voor 2017 is derhalve normaliter gebaseerd op het tarief 2016 inclusief inflatiecorrectie van 0,5 %.

Overzicht reclamebelasting

  Bedragen in euro's Taakveld Toelichting
Kosten taakveld 13.952 0.64 Betreft de perceptiekosten BSOB
  193.751 3.1 Subsidie aan Stichting Uden Promotie
       
Inkomsten taakveld excl. heffingen 0    
       
Netto kosten taakveld 207.683    
       
Toe te rekenen kosten:      
Overheid incl. omslagrente 5.725   De directe salariskosten van taakveld 0.64 Belastingen overig bedragen €8.952. De opslag voor overhead bedraagt derhalve €5.725 (€8.952 x 63,96%). Van dit taakveld is 100% in de heffing opgenomen.
  31.619   De directe salariskosten van taakveld 3.1 Economische ontwikkeling bedragen €144.597. De opslag voor overhead bedraagt derhalve €92.481 (€144.597 x 63,96%). Van dit taakveld is 34,19% in de heffing opgenomen.
Totale kosten 245.028    
       
Opbrengst heffingen 210.117 0.64  
       
Dekkingspercentage 85.75%    

Uitgangspunt bij de reclamebelasting is kostendekkendheid, waarbij de totale opbrengsten reclamebelasting minus de perceptiekosten van de BSOB uitbetaald worden als subsidie aan de Stichting Uden Promotie (SUP). Er worden in de praktijk geen overheadlasten in mindering gebracht op de  uit te betalen subsidie, waardoor een kostendekkendheid van 100% begroot wordt i.p.v. de berekende 85,75%. 

Rioolheffingen

Beleidsuitgangspunt rioolheffing

Uitgangspunt is de werkzaamheden die men verricht gedurende de periode dat het goedgekeurde vGRP+ van toepassing is (meestal 4 a 5 jaar). Vervolgens worden de kosten berekend die hiervoor noodzakelijk zijn tijdens de periode. Daaruit komt naar voren hoe hoog de rioolheffing is. Om dit te kunnen innen is de verordening nodig.

Tarieven

Rioolheffing eigenarendeel

Onder de naam rioolheffing eigenarendeel wordt een recht geheven van alle eigenaren van percelen die direct dan wel indirect zijn aangesloten op de gemeentelijke riolering.
Het tarief voor 2017 is gebaseerd op het tarief 2016  inclusief inflatiecorrectie van 0,5 %.

Rioolheffing gebruikersdeel

De rioolheffing gebruikersdeel wordt geheven van de gebruiker van een eigendom van waaruit meer dan 1.000 m3 afvalwater direct dan wel indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd.
Het tarief voor 2017 is gebaseerd op het tarief 2016 inclusief inflatiecorrectie van 0,5%. Vanwege afrondingen blijft het tarief 2017 gelijk aan het tarief 2016.

Tarieven 2015 2016 2017
Eigenarendeel € 192,00 € 192,00 € 193,00
Gebruikersdeel 0,51 0,51 0,51

Overzicht rioolheffing

  Bedragen in euro's Taakveld Toelichting
Kosten taakveld 3.241.890 7.2 Betreft alle kosten van taakveld 7.2 m.u.v. aanleg huisaansluitingen en reiniging winkelcentra
  112.996 7.3

50% van de kosten bestrijding zwerfvuil

Uitgangspunt is om zo weinig mogelijk zwerfvuil te krijgen in het rioolstelsel. Door middel van het schoonhouden van de kolken wordt hierdoor een groot gedeelte van het zwerfvuil verzameld. Het afvoeren van dit zwerfvuil is goedkoper dan het reinigen vanuit de riolering.

  59.277 7.3

31% van de kosten reiniging winkelcentra

Uitgangspunt is om zo weinig mogelijk zwerfvuil te krijgen in het rioolstelsel. Binnen de winkelcentra is de hoeveelheid van het zwerfvuil groter ten opzichte van andere gebieden. Naast het beeldkwaliteit is de impact van de overlast op het riool groter en daardoor zouden de kosten toenemen.

  45.175 2.1

29% van de totale lasten vegen wegen wordt gedekt door rioolheffing

Uitgangspunt is om zo weinig mogelijk zwerfvuil te krijgen in het rioolstelsel. Door middel van het schoonhouden van de kolken wordt hierdoor een groot gedeelte van het zwerfvuil verzameld. 

       
Inkomsten taakveld excl. heffingen - 2.278 7.2 Betreft alle inkomsten van taakveld 7.2 m.u.v. aanleg huisaansluitingen en reiniging winkelcentra
  - 112.996 7.3 Bijdrage voorziening riolering voor de kosten bestrijding zwerfvuil
  - 59.277 7.3 Bijdrage voorziening riolering voor de kosten reiniging winkelcentra
  - 45.175 2.1 Bijdrage voorziening riolering voor de kosten van vegen van wegen
       
Netto kosten taakveld 3.239.162    
       
Toe te rekenen kosten:      
Overhead incl. omslagrente 301.896   De directe salarislasten van taakveld 7.2 riolering bedragen €479.262. De opslag voor overhead bedraagt derhalve €306.525 (€479.262 x 63,96%). Van dit taakveld is 98,49% in de rioolheffing opgenomen.
 
  14.478   De directe salarislasten van taakveld 7.3 afval bedragen €627.043. De opslag voor overhead bedraagt derhalve €401.042 (€627.043 x 63,96%). Van dit taakveld is 3,61% in de rioolheffing opgenomen.
 
  7.659   De directe salariskosten van taakveld 2.1 Verkeer en vervoer bedragen €1.069.186. De opslag voor overhead bedraagt derhalve €683.826 (€1.069.186 x 63,96%). Van dit taakveld is 1,09% in de rioolheffing opgenomen.
 
BTW 457.022   De BTW zoals opgenomen in de tabel betreft (via BCF compensabele) BTW over gemaakte kosten in het kader van de rioolheffing.
 
Totale kosten 4.020.217    
       
Opbrengst heffingen 3.946.184 7.2  
       
Dekkingspercentage 98.16%    

Secretarieleges

Onder de naam ‘secretarieleges’ wordt een aantal verschillende rechten geheven voor verstrekte diensten. De tarieventabel in titel 1 van de legesverordening kent dan ook een diversiteit aan tarieven. De tarieven voor 2017 zijn gebaseerd op de tarieven 2016 aangepast met de inflatiecorrectie van 0,5 %. Hierbij is rekening gehouden met een afronding van tarieven op 5 eurocent en voor tarieven boven € 50 op hele euro’s.

Behalve gemeentelijke leges worden er ook rijksleges in rekening gebracht voor naturalisatie, reisdocumenten en rijbewijzen. Deze leges worden volledig doorbetaald aan het rijk en zijn als negatieve correctie op de ontvangen leges opgenomen.

Overzicht secretarieleges (titel 1 legesverordening)

  Bedragen in euro's Taakveld Toelichting
Kosten taakveld 751.895 0.2 Betreft alle kosten van taakveld 0.2 Burgerzaken m.u.v. kosten verkiezingen, algemeen beleid en vergunningen drank- en horeca. 
       
Inkomsten taakveld excl. heffingen 0    
       
Netto kosten taakveld 751.895    
       
Toe te rekenen kosten:      
Overhead incl. omslagrente 289.221 0.2 De directe salariskosten van taakveld 0.2 Burgerzaken bedragen €572.632. De opslag voor overhead bedraagt derhalve €366.242 (€572.632 x 63,96%). Van dit taakveld is 78,97% in de heffing opgenomen.
       
Totale kosten 1.041.116    
       
Opbrengst heffingen 807.818 0.2  
       
Dekkingspercentage 77,59%*    

* Op dit moment kan op basis van de nieuwe administratieve indeling conform de BBV richtlijnen 2017 het kostendekkendheidspercentage van de legesverordening nog niet geheel waarheidsgetrouw bepaald worden.
Oorzaken hiervan zijn: 

• De scope van kostendekkendheid zoals verwoord in de paragraaf lokale lasten breder is dan voorheen in kostendekkendheidsonderzoeken verwerkt is. Gewijzigde methodiek voor bepaling van het te hanteren rentepercentage bij kapitaallastenberekeningen;
• De gewijzigde methodiek voor bepaling van het te hanteren rentepercentage bij kapitaallastenberekeningen. 

Niet alle gegevens zijn op dit moment eenduidig te herleiden uit onze administratie. Zo zal bijvoorbeeld de systematiek van toerekenen van de overhead via de personeelslasten een relatief groter bedrag toerekenen aan arbeidsintensieve taken, dus meer aan dienstverlening (leges) en minder aan investeringen (b.v. rioolheffing). Dit is niet alleen iets wat bij de gemeente Uden speelt maar ook landelijk. Dit is bevestigd door het Expertisecentrum Financiën en Economie, Sectie belastingen van de VNG.

Het meest recent bepaalde kostendekkendheidspercentage is bij de legesverordening van 2015 bepaald op 93% voor de balieproducten van Publiekszaken. De hieraan ten grondslag liggende kostendekkendheidsonderzoeken zijn opgesteld vanuit een inventarisatie van werkzaamheden en de daaruit voortvloeiende directe uren. Deze methode is nauwkeuriger dan de grofmazige benadering zoals deze nu uit de paragraaf lokale lasten voortvloeit. Hierdoor sluiten de resultaten (nog) niet op elkaar aan.

De effecten van de omzetting van o.a. de huidige administratieve inrichting naar de nieuwe BBV richtlijnen worden op dit moment onderzocht. De presentatie van kostendekkendheid in de nieuwe opzet van de paragraaf lokale heffingen zal naar verwachting aangeboden kunnen worden bij de begroting van 2018.
 

Inzicht kostendekkendheid

Dit onderdeel bevat een op hoofdlijnen inzicht in de kostendekkendheid van de diverse heffingen die hoogstens kostendekkend mogen zijn. Hierbij wordt inzichtelijk gemaakt hoe bij de berekening van tarieven van de heffingen bewerkstelligd wordt dat de geraamde baten de ter zake geraamde lasten niet overschrijden, wat de beleidsuitgangspunten zijn die ten grondslag liggen aan deze berekeningen en hoe deze uitgangspunten bij de tariefstelling worden gehanteerd. Er wordt onderscheid gemaakt in de netto-kosten en overige toe te rekenen kosten zoals overhead. Omtrent overhead wordt nader ingegaan in paragraaf bedrijfsvoering.

Voor de gemeente Uden betreft dit de volgende heffingen:

Onderhoud kapitaalgoederen

De gemeente Uden heeft vermogen geïnvesteerd in kapitaalgoederen in de vorm van wegen, groen en recreatieve voorzieningen, speelvelden, riolering, gebouwen, openbare verlichting, en civiele kunstwerken.
Het onderhoud van deze kapitaalgoederen is van belang voor het zo optimaal mogelijk functioneren van de gemeente. Onder andere op het gebied van vervoer, leefbaarheid en recreatie. Daarnaast is het onderhoud nodig om kapitaalvernietiging te voorkomen. In deze paragraaf is het onderhoudsprogramma van de kapitaalgoederen opgenomen.

Vastgestelde plannen

Wegen, groenen recreatieve voorzieningen, openbare verlichting en civiele kunstwerken

De geactualiseerde Nota Openbare Ruimte Uden “van Gevel tot Gevel” (PDF, 5.4 MB) inclusief de bijbehorende budgetten is op 9 juli 2015 door de raad vastgesteld.

De stortingen in de onderhoudsvoorzieningen vloeien voort uit dit beleid. Aanvullend worden ter voorkoming van kapitaalvernietiging, voor de vervangingsinvesteringen (rehabilitatie) inzake wegen, bebording verkeersinstallaties en civiele kunstwerken op basis van feitelijke noodzaak tot vervanging, jaarlijks offertes ingebracht en opgenomen in het meerjareninvesteringsprogramma (MIP).

Met de Nota Openbare Ruimte 2015-2020 zijn tevens de gewenste beheerkwaliteiten vastgelegd. Met aandacht voor de gedane aanbevelingen, zal, binnen bestaand beleid en bestaande middelen, uitvoering gegeven worden aan dit beleid.

De doorrekening van de totale beheerkosten voor de beleidsproducten wegen, verlichting, civiele kunstwerken en openbaar groen blijft onveranderd.

Speelvelden

Voor wat betreft speelvelden, is voorjaar 2016 een geactualiseerd beheer- en beleidsplan speelvelden vastgesteld. De financiële consequenties hiervan zijn gelijk aan voorgaande jaren en meegenomen in deze paragraaf.

Riolering

De raad heeft op 10 november 2011 het  v-GRP+(riolering en water) en de hoogte van de rioolheffing voor de jaren 2012-2015 vastgesteld. Het opstellen van het vGRP+ is een van de projecten die in de overeenkomst “Samenwerking As50+ 2013” met alle gemeenten gezamenlijk kan worden uitgevoerd.Het opstellen van het vGRP+ is een van de projecten die in de overeenkomst “Samenwerking As50+ 2013” met alle gemeenten gezamenlijk kan worden uitgevoerd. In relatie tot de opdracht en het invullen van de 4 K’s (Kwetsbaarheid verminderen, Kosten besparen, Kwaliteit verbeteren en Kennis delen) is het gezamenlijk invullen van het vGRP+ 2017-2021 een duidelijk voorbeeld.

Daarom is besloten om het lopende Basis Riolerings Plan (BRP) en verbreed Gemeentelijk Riolerings Plan incl. Waterplan (vGRP+) van de gemeente Uden voor een jaar te verlengen tot 1 januari 2017. De raad zal naar verwachting op 15 december 2016 een besluit nemen over het vGRP+ 2017-2020.

Gebouwen

Bij raadsbesluit van 17 december 2015 is het Onderhoudsplan gemeentelijke eigendommen 2016-2020 (PDF, 90.4 kB)  vastgesteld. 

Herijking van de onderhoudsfondsen Openbare Ruimte 2017-2020

Riolering is in dit overzicht niet weergegeven omdat kosten en opbrengsten via zowel exploitatie als voorziening lopen en in tegenstelling tot de andere fondsen kapitaalswerken worden geactiveerd. Dit geeft een vertekend beeld in de vergelijking. De hoogte van de voorziening riolering bedraagt per 1/1/2017 €15.313.428.

Civiele kunstwerken

Beleid

De onderhoudsvoorziening civiele kunstwerken (bruggen, fietstunnel, steigers e.d.) is ingesteld met als doel: het in stand houden van het gemeentelijke areaal aan civiele kunstwerken door het planmatig uitvoeren van onderhoud.

Medio 2013 zijn de laatste externe inspecties uitgevoerd op het gehele areaal. Jaarlijks worden alle civiele kunstwerken geïnspecteerd door de afdeling Ruimte. Om de vijf jaar worden de civiele kunstwerken geïnspecteerd door een ingenieursbureau, wat betekent dat de civiele kunstwerken in 2018 opnieuw worden geïnspecteerd.

In juni 2016 is het beleid op het gebied van civiele kunstwerken vastgesteld waarbij de hoogte van de jaarlijkse dotatie in de voorziening civiele kunstwerken is bepaald. De hoogte van de dotatie is gebaseerd op beeldkwaliteit B (voldoende functioneel), wat overeenkomt met de Nota Openbare Ruimte Uden “van Gevel tot Gevel”.  (PDF, 5.4 MB)

Naast de jaarlijkse dotatie wordt geen rekening gehouden met vervangingen. Vervanging is een maatregel die getroffen moet worden als een civiel kunstwerk aan het einde van zijn levensduur is. Het betreft hier dus een totale vervanging van de constructie. Het vervangen van civiele kunstwerken wordt apart aangevraagd bij de offerterondes voor de programmabegroting.
 

Begroting 2017

De storting in de onderhoudsvoorziening bedraagt vanaf 2016 jaarlijks € 67.500. In de berekening van de storting is geen rekening gehouden met areaaluitbreiding. Hiervoor wordt zo nodig extra budget gevraagd.

Alle werkzaamheden met betrekking tot het onderhoud van de civiele kunstwerken zijn in 2015 gebundeld aanbesteed. Indicatief worden diverse bruggen voorzien van een slijtlaag of worden er dekdelen en/of leuningen vervangen of worden er leuningen geschilderd. Zowel planning als ramingen zijn indicatief in afwachting van integrale afstemming, inspecties en de ontwikkelingen rondom wijkvernieuwingen. Het definitieve jaarplan wordt eind 2016 vastgesteld.

 

Gebouwen (Voorziening 13)

Beleid

Het doel van de voorziening gemeentelijke eigendommen is het in stand houden van het gemeentelijk gebouwd onroerend goed door het planmatig uitvoeren van groot onderhoud. Bij Raadsbesluit van 17 december 2015 is het Onderhoudsplan gemeentelijke gebouwen 2016-2020 (PDF, 90.4 kB) (PDF, 150.4 kB) vastgesteld. Hierin zijn wat wijzigingen t.o.v. eerdere meerjarenplanning verwerkt, het vastgoedbestand is geactualiseerd en de planning is, na her-inspecties aangepast. In dit plan zijn ook de middelen van het revolverend fonds met betrekking tot energiebesparende maatregelen meegenomen.

Op grond van dit bijgestelde meerjarenonderhoudsplan wordt jaarlijks € 438.058 aan de voorziening toegevoegd. De komende vier jaar is hiermee voorzien in dekking voor alle te verwachten kosten van groot onderhoud gebouwen. Wel laat onderhoudsbehoefte voor de komende 25 jaar vooralsnog het beeld zien dat de gemiddelde behoefte wat hoger ligt dan het niveau van de huidige storting. Jaarlijks wordt bezien of aanpassing van de hoogte van de storting noodzakelijk is.
 

Begroting 2017

Aan deze voorziening wordt € 438.058 toegevoegd vanuit de exploitatie. In de jaarschijf 2017 staan o.a. op de planning groot-onderhoudswerkzaamheden aan het gemeentehuis, de gemeentewerf, sporthallen de Stigt en Terra Victa, het oude PNEM-gebouw en de bibliotheek.

 

Groen en recreatieve voorzieningen (Voorziening 5030)

Beleid

De onderhoudsvoorziening groen en recreatieve voorzieningen is ingesteld met als doel ‘te voorzien in de dekking van het vervangen van groenvoorzieningen en recreatieve elementen’ binnen de openbare ruimte. Het betreft concreet het vervangen van bomen, beplantingen, grasvegetaties, oeverbeschermingen/afscheidingen, speeltoestellen, en overig recreatief meubilair zowel binnen als buiten de bebouwde kom. Basis voor deze voorziening is de geactualiseerde Nota Openbare Ruimte Uden “van Gevel tot Gevel”, (PDF, 5.4 MB)waarin opgenomen de vastgestelde beeldkwaliteit eisen.

Begroting 2017

Ten behoeve van de begroting 2017 is een storting in de voorziening gehanteerd van € 379.000 om dit areaal goed te kunnen onderhouden. Daarbij is nog geen rekening gehouden met areaaluitbreiding. Hiervoor wordt indien van toepassing extra budget beschikbaar gesteld. Het voornemen is om de volgende belangrijke projecten op te pakken: verbetering bomenstructuur Hooihofstraat en de vervanging van enkele kleinere laanbomenstructuren waaronder omgeving Bosveld/Raam,. Daarnaast vindt uitvoering plaats van eerder vastgestelde projecten zoals gedeeltelijke renovatie park Bitswijk, verbetering bomenstructuur Hoevenseweg gedeeltelijk, Keizershof/JonkerveldBosveld en St Annastraat gedeeltelijk. 

Openbare verlichting (Voorziening 2005)

Beleid

De onderhoudsvoorziening openbare verlichting (OVL) is ingesteld met als doel het in stand houden van het gemeentelijk openbaar verlichtingsnet door het planmatig uitvoeren van groot onderhoud. Hierin is onder andere aangegeven, dat een voorziening openbare verlichting ingesteld wordt om de mogelijke fluctuaties in het planmatige onderhoud OVL beter te kunnen opvangen. Ook openbare verlichting is toegevoegd aan de Nota Openbare Ruimte Uden “van Gevel tot Gevel”.  (PDF, 5.4 MB)Hierin zijn de huidige beleidsuitgangspunten opgenomen. Het areaal is hierop aangepast en financieel bijgesteld.

In de berekening van de storting is geen rekening gehouden met areaaluitbreiding. Hiervoor wordt indien van toepassing extra budget gevraagd.

In 2016 is tevens het beleid op het gebied van openbare verlichting vastgesteld, het oude beleidsplan liep tot en met 2016. Het nieuwe beleid betreft de periode 2017-2021. In het beleidsplan wordt onder andere aandacht besteed aan duurzaamheid, lichthinder en -vervuiling en energiedoelstellingen. 
 

Begroting 2017

De storting in de onderhoudsvoorziening bedraagt in deze begroting € 265.051 (exclusief areaaluitbreiding t/m 2016). Voor 2017 staat het kruispunt Industrielaan – Noordelijke Rondweg als integraal project gepland. Daarnaast gaan we ook aan de slag met de openbare verlichting in de Pres. Kennedylaan. 

Alle werkzaamheden met betrekking tot het vervangen van armaturen/lichtmasten worden ook in 2017 gebundeld weggezet. De focus ligt op het verduurzamen van Uden. Het komende jaar vindt de verduurzaming plaats door de laatste HPLN en de SOX lampen te vervangen voor LED. De werkzaamheden zullen in 2017 worden uitgevoerd. De herverlichtingsplannen worden middels offertes aangeboden.
 

Riolering (voorziening 7007, bestemmingsreserve)

Beleid

In de Wet Gemeentelijke Watertaken is de algemene zorgplicht gescheiden in een afvalwater-, een hemelwater- en een grondwaterzorgplicht. Bij Raadsbesluit verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan incl. waterplan (v-GRP+) van 10 november 2011 is het verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan incl. waterplan (v-GRP+) vastgesteld voor de periode 2012-2015.  In het vGRP+ is bijzondere aandacht besteed aan watermaatregelen, zowel projectmatig als bij reguliere vervanging van rioolbuizen. In het kader van de duurzaamheid wordt er in de gemeente Uden afgekoppeld indien dat mogelijk en doelmatig is.

Het vGRP+ voorziet in alle noodzakelijke rioleringswerkzaamheden, zowel beleids- en beheersmatig als renovaties. De kosten worden gedekt uit de rioolheffing, waarbij wordt uitgegaan van een kostendekkende exploitatie binnen de planperiode. In het vGRP+ 2012-2015 is besloten om de rioolheffing te verlagen tot €181 in 2012. Na toepassing van de jaarlijkse indexering bedraagt het tarief voor 2016 € 192. De raad zal naar verwachting op 15 december 2016 een besluit nemen over het nieuwe tarief op basis van het vGRP+ 2017-2020.
 

Begroting 2017

De uitvoering, die in het v-GRP+ meerjarig wordt geraamd, wordt jaarlijks bijgesteld door het opstellen van een Operationeel Programma (OP) Rioleringsprojecten. Dit programma is geïntegreerd in het jaarplan Onderhoud kapitaalgoederen. Hiermee wordt zoveel mogelijk gestreefd naar integrale uitvoering (combinatie) van de werkzaamheden.

Het v-GRP voorziet in alle noodzakelijke rioleringswerkzaamheden, zowel beheersmatig als renovaties. De kosten worden gedekt uit de rioolheffing, waarbij wordt uitgegaan van een kostendekkende exploitatie binnen de planperiode. De gemiddelde jaarlast is volgens het vGRP+ 2012-2015 inclusief verlenging over 2016 berekend op € 4.148.104. De gemiddelde jaarlast voor de komende jaren zal met de voorgestelde ambities in het nieuwe vGRP+ mogelijk enigszins hoger worden. De raad neemt hierover naar verwachting op 15 december 2016 een besluit.

De kosten voor riolering worden gedekt d.m.v. de heffing van rioolrechten, waarbij conform de BBV-vereisten sprake is van egalisatie van uitgaven en inkomsten via een voorziening. De hoogte van de voorziening wordt eens in de 4 jaar bij het bijstellen van het v-GRP+ beoordeeld.

In het Groot Onderhoudsplan Riolering 2017-2021 zijn voor 2017onder meer  onderstaande projecten indicatief opgenomen: Veghelsedijk, St. Janstraat, Birgittinessenstraat, Paukestraat en Oudedijk. Tevens worden in 2017 diverse rioleringsprojecten voorbereid.

 

 

Speelvelden (voorziening 25)

Beleid

Dit fonds is bedoeld om te voorzien in de dekking van het vervangen van speelvelden. Op basis van de normen van NOC/NSF dient gemiddeld ieder jaar een sport/speelveld vervangen c.q. gerenoveerd te worden. Zoals gemeld is voorjaar 2016 een geactualiseerd beheer- en beleidsplan (PDF, 1.1 MB) speelvelden vastgesteld. De financiële consequenties hiervan zijn gelijk aan voorgaande jaren en meegenomen in deze paragraaf.

Begroting 2017

Aan deze voorziening wordt in 2017 € 155.000 toegevoegd vanuit de exploitatie. Het betreft hier de renovatie van toplagen, drainage, automatische beregeningsinstallaties, ballenvangers en hekwerken.  Het voornemen is om de volgende belangrijke projecten op te pakken: renovatie hoofdveld RKSV Odiliapeel, renovatie div. speelvelden Moleneind en renovatie hekwerken.

Wegen (voorziening 2001)

Beleid

We beschikken over een onderhoudsvoorziening wegen met als doel: het in stand houden van het gemeentelijke wegennet door het planmatig uitvoeren van groot onderhoud. Er zijn in 2016 inspecties uitgevoerd door een ingenieursbureau op het gehele wegennet. Ook zijn de belangrijkste wegen en de constructief mindere wegen geïnspecteerd door de afdeling Ruimte. Deze gegevens zijn verwerkt in het onderhoudsprogramma kapitaalgoederen. De vastgestelde beeldkwaliteitseisen en bijbehorende budgetten zijn opgenomen in de Nota Openbare Ruimte Uden “van Gevel tot Gevel”. (PDF, 5.4 MB)

Naast de verharde wegen heeft de gemeente ook onverharde wegen in haar bezit. Deze half- en onverharde wegen bevinden zich vooral in en rondom de Maashorst, Bedaf en de bossen bij Odiliapeel. Deze wegen worden onderhouden door het schaven/egaliseren van de wegen. Dit onderhoud wordt uitgevoerd naar aanleiding van klachten van bewoners of inspectie van de onverharde weg door de eigen buitendienst. Voor het onderhoud aan deze wegen zijn richtlijnen opgesteld, tevens is er een stappenplan vastgesteld welke gebruikt wordt om te bepalen of half- en onverharde wegen verhard mogen worden. 

In de berekening van de storting is geen rekening gehouden met areaaluitbreiding. Hiervoor wordt indien van toepassing extra budget gevraagd.

Naast de jaarlijkse dotatie is geen rekening gehouden met rehabilitatie. Rehabilitatie is een maatregel die getroffen moet worden als een weg aan het einde van zijn levensduur is. Het betreft hier dus een totale vervanging van de constructie. Rehabilitatie van wegen wordt apart aangevraagd bij de offerterondes voor de programmabegroting

In 2016 is tevens het beleid op het gebied van wegen vastgesteld, het oude beleidsplan liep tot en met 2016. Het nieuwe beleid betreft de periode 2017-2020. In het beleidsplan wordt onder andere aandacht besteed aan integraliteit, teerhoudend asfalt en geluidsreducerende deklagen.  

De risico’s zijn beschreven in de paragraaf risico-inventarisatie en weerstandsvermogen.

Begroting 2017

De storting in de onderhoudsvoorziening bedraagt in deze begroting € 850.994 (exclusief areaaluitbreiding 2016). In 2017 komen in uitvoering integrale onderhoudswerken (wegen en groen en/of riolering) die in het jaarplan zijn opgenomen zijnde het kruispunt Industrielaan – Noordelijke Rondweg, Keizershof – Jonkerveld, de Veghelsedijk, de Heinsbergenstraat en de Hoevenseweg. Ook heeft er in 2016 voorbereiding plaatsgevonden voor het wegenonderhoud aan de Hofstukken/Vaarzenhof en Bosveld/Raam, de afrondende fase van de voorbereiding en de uitvoering van deze projecten start in 2017.

Alle werkzaamheden met betrekking tot het vervangen van de elementenverharding en de asfaltverharding zijn gebundeld aanbesteed. Indicatief worden bij de asfaltverharding diverse wegen voorzien van een slijtlaag of worden er deklagen vervangen en worden bij de elementenverharding diverse straten in Uden aangepakt. Zowel planning als ramingen zijn indicatief in afwachting van integrale afstemming, inspecties en de ontwikkelingen rondom wijkvernieuwingen. Het definitieve jaarplan wordt eind 2016 vastgesteld.
 

Verbonden partijen

Verbonden partijen zijn organisaties waaraan de gemeente zich bestuurlijk en financieel verbonden heeft. Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) geeft als definitie: ‘een verbonden partij is een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie, waarin de provincie of de gemeente een bestuurlijk én een financieel belang heeft.’ Een financieel belang is een aan de verbonden partij ter beschikking gesteld bedrag dat niet verhaalbaar is indien de verbonden partij failliet gaat of het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt. Bestuurlijk belang is zeggenschap, hetzij uit hoofde van vertegenwoordiging in het bestuur, hetzij uit hoofde van stemrecht.

We hebben de verbonden partijen onderverdeeld in:

  • Publiekrechtelijke samenwerkingsverbanden. De gemeente Uden is betrokken bij diverse gemeenschappelijke regelingen
  • Privaatrechtelijke samenwerkingsverbanden. De gemeente Uden is deelnemer van een aantal stichtingen, vennootschappen en verenigingen
  • Overige samenwerkingsverbanden. Een interne inventarisatie heeft een totaal van circa 30 samenwerkingsverbanden opgeleverd. Ten aanzien van de overige samenwerkingsverbanden is een selectie gemaakt van de samenwerkingsverbanden die een formele grondslag hebben.

Klik hier (PDF, 537.0 kB) voor een overzicht van de verbonden partijen.

Beleid

De Raad van Uden heeft in 2014 besloten verbeterpunten ten behoeve van de kaderstellende en controlerende functie van gemeenteraden op de ‘zware’ samenwerkingsverbanden over te nemen. De gemeente Uden is bezig met het formuleren van beleid rondom de inventarisatie, het risicobeheer, de opzet en verantwoording van de verbonden partijen. Dit zal in 2017 voortgezet worden.

Visie

De gemeente Uden heeft als visie dat de keuze voor een samenwerkingsverband altijd dient te gebeuren vanuit het maatschappelijk belang. Om te bepalen of in specifieke situaties dat belang het meest gediend wordt door aansluiting bij een samenwerkingsverband volgt de gemeente Uden in hoofdlijnen de VNG-BiZa-Handreiking voor de toepassing van de wet gemeenschappelijke samenwerkingen. Deze handreiking is uitgewerkt in het ambtelijk beheersinstrument
Proceskader Samenwerkingsverbanden. Dit proceskader wordt gehanteerd om te bepalen of nieuwe samenwerkingsverbanden worden aangegaan, alsmede om periodiek te evalueren of een samenwerkingsverband nog de meest optimale vorm is om het maatschappelijk belang te borgen.

Aangescherpte wet- en regelgeving

Als gevolg van maatschappelijke ontwikkelingen is de landelijke tendens dat het belang van een adequate beheersing van de verbonden partijen toeneemt. Deze ontwikkeling is sinds enkele jaren zichtbaar en als gevolg hiervan is de wetgeving rondom verbonden partijen in beweging. Begin 2016 is de wetgeving wederom aangescherpt. Gemeenten blijven verantwoordelijk voor de taken die zij door verbonden partijen laten uitvoeren. Het is daarom van belang dat er voldoende informatie beschikbaar is om de bijdrage van de verbonden partijen aan de realisatie van programma’s en daarmee gepaard gaande risico’s te kunnen beoordelen. Hiervoor wordt er in de paragraaf de naam, de vestigingsplaats, openbaar belang dat wordt behartigd, veranderingen in het belang gedurende het boekjaar ,omvang eigen vermogen, omvang vreemd vermogen, het resultaat van de verbonden partij en de risicobeoordeling opgenomen 

Daarnaast wordt in het programmaplan weergegeven welke gemeenschappelijke regeling bijdraagt aan de doelstelling van dat programma en op welke wijze. Dit is nieuw ten opzichte van voorgaande jaren.

Doorkijk naar de toekomst

De laatste jaren is de aard en het aantal samenwerkingsverbanden sterk in beweging. De verwachting is dat deze trend zich de komende jaren voort zal zetten. Als gevolg daarvan is de beheersing van verbonden partijen van belang. Daarnaast is het ook van belang om de risico's die hiermee samenhangen in beeld te hebben en te houden. Deze risico's hebben zijn plek in het systeem van risicobeheersing van de gemeente Uden. Zie hiervoor de risico inventarisatie   (PDF, 108.7 kB)in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing.


 

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Risicomanagement heeft een prominente plek binnen de planning en control cyclus van de gemeente Uden. Het is een continuproces. Bij alle planning & control producten wordt hierover gerapporteerd. In plaats van een periodieke inventarisatie is het risicomanagement bij de gemeente Uden een manier van denken. Het dient als hulpmiddel bij het nemen van besluiten door zowel Raad als college.

Financiële strategie en beleid

Zichtbaar is dat risicomanagement, wat het onderwerp is van deze paragraaf, slechts 1 van de 3 pijlers is. De pijler dekking/sluitende begroting wordt nader toegelicht in het bestedings-en dekkingsplan. De pijler financiering komt aan de orde in financieringsparagraaf.

Prestatie indicatoren

Om te kunnen sturen op de financiën zijn er prestatie indicatoren Voor de 3 pijlers, dekking, risicomanagement en financiering zijn de volgende prestatie indicatoren gedefinieerd:

Dekking

  • Begroting is structureel in evenwicht

Risicomanagement

  • Weerstandsratio
  • Weerstandscapaciteit

Financiering

  • Solvabiliteitsratio
  • Netto schuld als percentage van de exploitatie
  • Ratio verstrekte geldleningen aan derden/verbonden partijen in relatie tot de gemeentelijke inkomsten mag niet toenemen

Naast de toelichting in deze paragraaf komen deze indicatoren ook aan bod in het bestedings- en dekkingsplan en de financieringsparagraaf.

Kengetallen financiële positie

Naast bovengenoemde prestatie indicatoren zijn gemeenten op grond van artikel 11 van het Besluit Begroting en Verantwoording verplicht om onderstaande kengetallen op te nemen in programmabegroting en programmrekening. De berekening van deze kengetallen is voor iedere gemeente identiek. Op termijn is benchmarking met andere gemeenten op basis van deze getallen dan ook mogelijk. Let wel, een percentage zelf zegt nog niet zoveel. Bij een vergelijking met andere gemeenten zal bijvoorbeeld ook het voorzieningenniveau betrokken moeten worden. In overleg met het audit-comité is afgesproken vooralsnog de cijfers te verzamelen zonder er concrete doelstellingen aan te verbinden. De wetgever stelt ook geen eisen aan normering. Dit in verband met de eigenheid van gemeenten.

Kengetallen Rekening 2014 Begroting 2015 Rekening 2015 Begroting 2016 Begroting 2017
Netto schuldquote 88,3% 91,3% 76,4% 74,6%* 96,7%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte geldleningen 72,6% 77,8% 63,9% 64,8%* 86,0%
Solvabiliteit 24,2% 23,7% 27,4% 27,6%* 27,3%
Grondexploitatie 40,9% 33,4% 36,1% 33,7%* 38,8%
Structurele exploitatieruimte 0,1% -0,4% -2,4% -0,4%* -0,8%
Belastingcapaciteit 98,6% 99,2% 99,2% 97,2%* 96,4%

 * Prognose Programmabegroting 2016 is op basis van actuele financiële gegevens aangepast.

Algemene opmerking:

De begrote kengetallen voor 2017 verslechteren ten opzichte van de voorgaande jaren. Dit wordt veroorzaakt doordat er in 2017 een nieuwe geldlening aangetrokken dient te worden van € 15 mln.

Netto schuldquote

Dit kengetal biedt inzicht in het niveau van de schulden ten opzichte van de eigen middelen en wordt uitgedrukt in een percentage. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken.

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

Dit kengetal wordt berekend zoals de netto schuldquote. Leningen aan openbare lichamen, woningbouwcorporaties, deelnemingen en overige verbonden partijen worden daar vervolgens op in mindering gebracht. Bij dergelijke leningen kan er onzekerheid ontstaan of ze allemaal terug worden betaald. Met berekening van dit kengetal wordt duidelijk wat het aandeel van de versterkte leningen in exploitatie is en ook wat dat betekent voor de schuldenlast.

Solvabiliteitsratio

Dit kengetal geeft inzicht in hoeverre we in staat zijn om aan de financiële verplichtingen op lange termijn te voldoen. Berekend is  het eigen vermogen gedeeld door het totale vermogen, uitgedrukt in een percentage. Het eigen vermogen van een gemeente bestaat volgens artikel 42 van het BBV uit de reserves (zowel de algemene reserve als de bestemmingsreserves) en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten.

Grondexploitatie

Dit kengetal geeft weer hoe de waarde van de grond zicht verhoudt tot de totale (geraamde) baten. Voor de berekening van dit kengetal worde de niet in exploitatie genomen gronden en de bouwgrond in exploitatie bij elkaar opgeteld en gedeeld door de totale baten uit de programmabegroting / programmarekening (artikel 17, onderdeel c, van het BBV) en uitgedrukt in een percentage. De boekwaarde van de voorraden grond is van belang, omdat deze waarde moet worden terugverdiend bij de verkoop.

Structurele exploitatieruimte

Dit kengetal berekent de structurele baten minus lasten, gecorrigeerd met structurele mutaties in reserves gedeeld door de totale baten gecorrigeerd met structurele mutaties in reserves uitgedrukt in een percentage. Hoe hoger het percentage hoe meer ruimte er is voor het doen van structurele uitgaven. Ons streven is om structurele lasten zoveel mogelijk af te dekken door structurele baten wat resulteert in een percentage van 0%. Een positief percentage geeft aan dat er meer structurele baten zijn dan uitgaven. Dit zou een nog gezondere balans zijn.

Belastingcapaciteit

Dit kengetal vergelijkt de lokale lastendruk van een gezin met gemiddelde WOZ-waarde voor ozb, rioolheffing en afvalstoffenheffing met de landelijke lastendruk gezin met gemiddelde WOZ-waarde voor ozb, rioolheffing en afvalstoffenheffing en drukt dit uit in een percentage. Een percentage van minder dan 100% betekent dat de lokale lastendruk lager is dan de landelijk gemiddelde lastendruk.

Beleid

Het beleid voor risicomanagement  (PDF, 502.2 kB)is geactualiseerd en door uw Raad vastgesteld in december 2014.  De belangrijkste wijziging ten opzichte van het eerdere beleid is dat er geen onderscheid meer wordt gemaakt tussen incidentele en structuerele risico's. Dit resulteert in 1 weerstandsratio. De inzichtelijkheid in de risico's van de gemeente Uden is hiermee niet gewijzigd. De verantwoording van de risico's vindt op dezelfde transparante wijze plaats als voorheen. 

Risico's, weerstandscapaciteit en ratio's 

Risico's

Doelstelling van de gemeente Uden is om periodiek inzicht te hebben in de risico's. Hierover wordt 4x per jaar (in de Begrotingsnotitie, de Programmabegroting, de Bestuursrapportage en de Programmarekening, verantwoording afgelegd.  De financiële omvang van deze risico's wordt op een uniforme wijze, conform het vastgestelde beleid, in beeld gebracht.

Top 11 risico's

De risico inventarisatie vindt plaats op basis van de inschatting van de financiële impact en de kans van optreden. We hanteren hierbij klassen van 1 tot 5. Hierbij oplopend van kans en financiële impact. Voor een verdere toelichting op dit systeem van risicobeoordeling verwijzen wij naar het eerder genoemde beleid voor het risicomanagement vastgesteld in december 2014. Hieronder is schematisch weergegeven wat de grootste risico’s zijn voor de gemeente Uden. Voor deze weergave is geen onderscheid gemaakt tussen de incidentele en structurele risico’s.

Schematisch

De risico’s in het rode gebied zijn voornamelijk risico’s vanuit het grondbedrijf. Deze risico’s zijn ingeschat als hoog en zijn onder de aandacht. Bij het grondbedrijf is de risico inventarisatie een belangrijk onderdeel van het meerjarig perspectief. Ook de externe accountant bevestigd dat de beheersing, wat een belangrijk gedeelte is van de risico inventarisatie, van het grondbedrijf op orde is. Gezien de onzekerheid van de ontwikkelingen op de markt blijft dit risico groot. Daarnaast is zichtbaar dat ook het beveiligingsrisico hoog is. Dit is een landelijke tendens als gevolg van de steeds verder gaan de digitalisering.

De overige risico's in het oranje gebied zijn verschillend van aard. Zichtbaar is dat de kans dat ze zich voordoen redelijk gering is maar als ze zich voordoen is de financiële impact aanzienlijk. Deze risico's zijn gedetailleerd toegelicht in de risico inventarisatie (PDF, 108.7 kB). Daar zijn ook de beheersingsmaatregelen opgenomen om deze risico's zo goed mogelijk af te dekken.

Risico's per programma

De risico's verdeeld over de programma's zien er als volgt uit. Hierbij is eveneens de ontwikkeling van de risico's ten opzichte van de Programmarekening 2015 zichtbaar. Met ingang van deze Programmabegroting is er een programma Bedrijfsvoering opgenomen. Hierdoor zijn risico's uit het programma Dienstbare en betrouwbare overheid verschoven naar dit Programma. Dit is zichtbaar in onderstaande tabel.

Klik hier (PDF, 60.6 kB) voor de specificatie van risico's per programma.

Uitgebreide risico analyse

De risico's worden conform ons beleid voor risicomanagement geïnventariseerd. Hierdoor is op een gedetailleerd niveau inzicht in de risico's die de gemeente Uden loopt. Tevens wordt door de vakafdelingen aangegeven op welke wijze de risico's beheerst worden. Voor de volledige risico inventarisatie klik hier (PDF, 108.7 kB).

Weerstandscapaciteit

De weerstandscapaciteit bedraagt € 37.9 mln. Voor de specificatie hiervan klik hier.

Weerstandsratio

De weerstandsratio wordt als volgt berekend:

weerstandscapaciteit

risico's                          =     weerstandsratio


De weerstandsratio geeft aan in hoeverre de gemeente Uden in staat is haar risico's op te vangen.

Toelichting ontwikkeling ratio

De ratio bedraagt 2,65 en is toegenomen met 0,1 ten opzichte van de Programmarekening 2015. De ratio ligt op de norm (tussen 1 en 2). De toename wordt vooral veroorzaakt door een hogere weerstandscapaciteit als gevolg van een hogere stand van de algemene reserve (€ 0.5 mln). De risico's zijn nagenoeg gelijk gebleven waardoor de ratio iets is toegenomen.

Ten opzichte van de Programmarekening 2014 is een sterkere toename zichtbaar. Dit wordt enerzijds veroorzaakt door een afname van de risico's met € 1 mln als gevolg van lagere risico's in het sociale domein. Door sturing op risico's binnen de bedrijfsvoeringprogramma's van het sociale domein en monitoring van de uitgaven, en in samenwerking met en aansluiting op de centrumgemeente, de collectivering versnellen en daar- door risico van overschrijding van de budgetten beperken cq. verlagen. Daarnaast is er bij de jaarrekening 2013 een egalisatiereserve Sociaal Domein ingesteld, waarin alle voor- en nadelen uit het Sociale Domein worden gestort cq. ontrokken. Voor jeugd is daarnaast regionaal het solidariteitsprincipe van toepassing wat eventuele nadelen (al dan niet tijdelijk) zal dempen. Vooralsnog is de omvang van de reserve Sociaal Domein voldoende om de risico's van het deelfonds Jeugd, WMO, participatie (in het bijzonder de wsw) op korte termijn op te vangen.Anderzijds is de algemene reserve van het grondbedrijf toegenomen met bijna € 5 mln. Dit als gevolg van geprognosticeerde tussentijdse winstnemingen op 2 complexen. Met name deze beide componenten zorgen ervoor dat de weerstandsratio is toegenomen.

Doorkijk naar de toekomst

De weerstandsratio ligt op de gestelde norm maar er zijn nog steeds veel factoren die deze ratio direct negatief kunnen beïnvloeden. Denk hierbij aan afboekingen vanuit de grondexploitatie, het niet halen van bezuinigingstaakstellingen, toename van de incidentele risico’s en negatieve resultaten in afwijkingenrapportages.
Om het weerstandsvermogen minimaal op niveau te houden of te verbeteren, zal net als voorgaande jaren verder worden gegaan met de volgende stappen:

• Actief sturen op het realiseren van de bezuinigingen doormiddel van de bezuinigingsmonitor.
• Extra kritisch kijken naar B&W voorstellen waarbij als dekking de algemene reserve wordt genoemd.
• Bestemmingsreserves kritisch screenen en waar mogelijk vrij laten vallen ten gunste van de algemene vrije reserve.
• Bestemmingsreserves koppelen aan de algemene vrije reserve.
• Eventuele exploitatieoverschotten direct toevoegen aan de algemene vrije reserve.

Daarnaast is het van belang om de risico's te blijven beheersen en nieuwe risico's te identifceren.  Risicobeheersing zal steeds meer gekoppeld worden aan de interne controle zodat er een betere toets plaatsvindt op de werking van de beheersingsmaatregelen.

Voor het sturen op de financiële positie heeft de gemeente Uden de 3 pijlers, dekking/ sluitende begroting, financiering en risicomanagement en weerstandscapaciteit gedefinieerd. Ondanks dat deze pijler, risicomanagement en weerstandscapaciteit op de norm ligt is er binnen de gemeente Uden veel aandacht om de financiële positie te verbeteren. De schuldpositie van de gemeente Uden staat onder druk en het is van belang dat we als organisatie hierop (gaan) sturen. Zie voor een verdere toelichting ook de financieringsparagraaf.

Ontwikkeling vermogenspositie

De gemeente Uden wil sturen op risico’s en weerstandsvermogen. Belangrijk hierbij is ook de ontwikkeling van de vermogenspositie van onze gemeente. De vermogenspositie heeft betrekking op de incidentele weerstandscapaciteit. In onderstaand overzicht is duidelijk zichtbaar hoe het vermogen zich ontwikkelt.

In de grafiek is zichtbaar dat de reserve positie van de gemeente Uden in 2011 flink is afgenomen ten opzichte van 2009. De afname van het vermogen wordt voornamelijk veroorzaakt door de genomen verliezen in het grondbedrijf. SInds 2014/2015 is de vermogenspositie redelijk stabiel. Ondanks de stabisatie van de vermogenspositie staat deze onder druk en daar zijn wij ons bewust van. Stappen die genomen worden om onze vermogenspositie en de financiële positie te verbeteren zijn beschreven bij de doorkijk naar de toekomst. Daarnaast is de verbetering van de financiële positie ook een belangrijk onderdeel van het nieuwe strategische financieel beleid. Voor een toelichting hierop wordt eveneens verwezen naar de financieringsparagraaf.

Weerstandscapaciteit

De weerstandscapaciteit is als volgt opgebouwd:

Nummer Post Bedrag x € 1.000
1 Algemene reserve vrij besteedbaar € 16.770
2 Algemene reserve grondbedrijf (effectief beschikbaar) € 12.936
3 Stille reserves € 4.873
4 Onroerende zaakbelasting (onbenutte belastingcapaciteit)  € 3.337
  Totale weerstandsvermogen € 37.915

1. Algemene reserve vrij besteedbaar

De begrote algemene reserve bedraagt € 19 miljoen. Het verloop van de algemene reserve is zichtbaar bij ontwikkeling vermogenspositie.

2. Algemene reserve grondbedrijf

Het doel van de algemene reserve van het Grondbedrijf is het opvangen van eventuele nadelen op grondexploitatiecomplexen. Het vormt een risicobuffer op basis van het Meerjarenperspectief grondbedrijf. In de inventarisatie van de risico’s zijn ook de risico’s van het grondbedrijf opgenomen. Daarom wordt deze reserve meegenomen in de berekening van het weerstandsvermogen. De algemene reserve van het grondbedrijf is begroot op €12,9 miljoen.

3. Stille reserves

Onder stille reserves vallen onder andere de gemeentelijke gronden en panden die gewaardeerd zijn tegen de toen geldende aankoopwaarden. Een belangrijke voorwaarde is dat het een en ander per direct verkoopbaar is. De stille reserves bedragen € 4,8 miljoen. De actualisatie van de stille reserves vindt 1 x per jaar plaats bij het opstellen van de Programmarekening. De stand zoals deze nu is opgenomen in de Programmabegroting is daarom niet gemuteerd ten opzichte van de stand per 31 december 2015.

4. Onbenutte belastingcapaciteit

De onbenutte belastingcapaciteit wordt berekend door de maximale tarieven te vergelijken met de tarieven van de gemeente Uden.

Berekening onbenutte belastingcapaciteit

Voor de maximale belastingtarieven wordt gebruik gemaakt van de normen voor het artikel 12 beleid. Dit betekent dat indien de gemeente Uden niet meer in staat zou zijn om de structureel zich manifesterende risico’s binnen de exploitatie op te vangen de gemeente door het Rijk gewezen zou worden op de mogelijkheid om de  OZB tarieven te verhogen om zodoende meer structurele opbrengsten te realiseren. Dit noemt men het artikel 12-beleid.

De berekening van het landelijk percentage van de  WOZ waarde voor toelating tot artikel 12 vindt plaats volgens onderstaande tabel (bron; mei circulaire 2015).

Totaal WOZ-waarde woningen 2015 (1)
Totaal WOZ-waarde niet woningen gebruikers 2015 (2)
Totaal WOZ-waarde niet woningen eigenaren 2015 (3)
Totaal OZB-opbrengst o.b.v. totaal WOZ-waarde 2015 (4)
Totaal onderdekking reiniging/afvalstoffen 2015 (5)
Totaal onderdekking riolering 2015 (6)
Totaal OZB-opbrengst o.b.v. totaal WOZ-waarde gecorrigeerd voor onderdekking reiniging/afvalstoffen en riool 2015 (7= 4-5-6)
Werkelijk gewogen landelijk gemiddelde OZB-percentage van de gecorrigeerde WOZ-waarde 2015 (8=(7/(1+2+3)*100)
Percentage van de WOZ-waarde voor toelating tot artikel 12 voor het jaar “t” [9=8*1,20]

Op basis van bovenstaande formule is het percentage van de WOZ-waarde voor toelating
tot artikel 12 voor het jaar 2016 vastgesteld op 0,1889.Volgens de hiervoor geldende wettelijke richtlijnen heeft de gemeente Uden een onbenutte belastingcapaciteit van € 3.1 miljoen.

Voor de tarieven betreffende rioolrechten, afvalstoffenheffing en leges is op dit moment sprake van kostendekkende tarieven. Hier is geen sprake van onbenutte belastingcapaciteit.



 

Highlights per portefeuille

 

Burgemeester Henk Hellegers portretfoto Henk Hellegers

Portefeuille: Bestuurlijke organisatie en coördinatie, Intergemeentelijke samenwerking, Openbare orde en veiligheid, Communicatie, Representatie en jumelage, Algemene juridische zaken, Levenszaken en interne zaken, Integrale handhaving, Defensie en vliegbasis, Dierenwelzijn, Drank- en Horecawet, Udenaar de Toekomst, Uden Wereldwijd.

Lees hier over belangrijke ontwikkelingen op het gebied van openbare orde en veiligheid, burgerparticipatie en Defensie en de vliegbasis.

Wethouder René Peerenboomwethouder Rene Peerenboom

Portefeuille: Loco-burgemeester, Ruimtelijke ontwikkeling, Volkshuisvesting en woningbouw, Financiën en grondbedrijf, Ontwikkeling Uden-Noord, Plan Promenade.

Lees hier over belangrijke ontwikkelingen op het gebied van financiën, de woningmarkt, ontwikkeling van Uden-Noord en de nieuwe Omgevingswet.

Wethouder Thijs Vonkportretfoto Thijs Vonk

Portefeuille: Economische zaken en werkgelegenheid (evenementenbeleid en citymarketing), Ontwikkeling centrum, Recreatie en toerisme, Onderwijs, Educatie, Brede school, Kinderopvang en peuterspeelzaalwerk, Jeugd (inclusief transitie) en jongeren, Volksgezondheid, Leerlingenvervoer.

Lees hier over belangrijke ontwikkelingen op het gebied van onderwijs, jeugdzorg, centrum-ontwikkelingen en over Agrifood Capital.

Wethouder Frans van den Berg

Portefeuille: Openbare Werken, Beheer, Toezicht en handhaving openbare ruimte, Handhaving bouwen en milieu, Sport, Personeel, Organisatie en dienstverlening.

Lees hier over belangrijke ontwikkelingen in Odiliapeel, de pilot efficiënt afval inzamelen en over onze dienstverlening.

 

Wethouder Matthie van Merwerodeportretfoto Matthie van Merwerode

Portefeuille: Duurzaamheid en milieu, Verkeer en vervoer, Ontwikkeling en beheer bedrijventerreinen (exclusief Uden-Noord), Eigendommen, Vastgoed en accommodatiebeleid, Natuur en landschap, Maashorst en Landschappen van Allure, Cultuur, Regiotaxi.

Lees hier over belangrijke ontwikkelingen op het gebied duurzaamheid en milieu, cultuur, de Maashorst en verkeer en vervoer.

Wethouder Gerrit Overmansportretfoto Gerrit Overmans

Portefeuille: Maatschappelijk ontwikkeling en Sociale zaken, Armoedebeleid en schulddienstverlening, Transitie AWBZ, Invoering Participatiebeleid, Samenlevingsopbouw, Burgerparticipatie en gebiedsplatforms, Arbeidsmarktbeleid, Integratie en inburgering.

Lees hier over belangrijke ontwikkelingen op het gebied van zorg en ondersteuning, participatie en arbeid.

Burgemeester Henk Hellegers

Udenaar de toekomst

De komende jaren blijven we samen met de inwoners en de gemeenteraad verder vorm geven aan Udenaar de toekomst en het raadsinitiatief G1000. De afgelopen jaren hebben bewezen dat veel Udenaren zich betrokken voelen bij de Udense samenleving, en de handen uit de mouwen willen steken om nieuwe projecten op te zetten. Inwoners, maar ook het bedrijfs- en verenigingsleven. De rol van de gemeente is hierbij faciliterend en ondersteunend, met de insteek zaken mogelijk te maken.

Regionale samenwerking

De gemeente Uden maakt deel uit van diverse samenwerkingsverbanden in de regio. De samenwerking binnen de regio Noordoost Brabant en de AgriFoodCapital zijn belangrijke pijlers voor de lokale en regionale economie. Uden wil hier nadrukkelijk in participeren.
De gemeenteraad van de gemeente Uden heeft de wens uitgesproken om een grote groene Maashorstgemeente te vormen met de gemeente Landerd en, zo mogelijk, de gemeente Bernheze of delen daarvan. Of deze gemeente daadwerkelijk gerealiseerd wordt, is afhankelijk van het verloop van de opschalingsdiscussie.

Defensie

Uden maakt een unieke ontwikkeling mee binnen de gemeentegrenzen: de komst van de F35 naar vliegbasis Volkel. Een ontwikkeling die enorme kansen biedt aan ondernemers, onderwijs en overheid. De F35 is op dit moment het modernste vliegtuig ter wereld, met ongekende technische mogelijkheden. Dat vliegtuig staat vanaf 2020 op Vliegbasis Volkel. De komende periode verdiepen we ons in de achtergronden en de techniek van de F35 om zo te ontdekken waar de kansen liggen voor Uden en de regio. Uitgangspunt is dat de komst van de F35 de leefbaarheid van onze dorpen niet in gevaar mag brengen. We zijn en blijven daarover steeds in overleg met het Ministerie van Defensie.

Medio 2016 zijn zogenoemde belevingsvluchten met de F35 gehouden. Omwonenden van de vliegbasis Volkel ervaren over het algemeen kleine verschillen tussen het geluid van de huidige F16 en de F35. Geluidsmetingen ondersteunen deze bevindingen.

Veilig Uden

Uden wil een veilige gemeente zijn, waarin het goed wonen, werken en recreëren is. Kortom een VEILIG Uden. Prioriteit binnen Uden is woonadresfraude, aanpak campings, uitgaansgeweld, huiselijk geweld, fietsendiefstal en verkeersveiligheid. Gekozen is voor de volgende thema’s integrale handhaving: veilig recreëren (inventarisatie en controles op de campings), woonadresfraude (huisvesting van arbeidsmigranten, veilig wonen), vastgoed (misbruik, tegengaan oneigenlijk gebruik panden op industrieterreinen).

Tot de speerpunten van het plan voor integrale veiligheid behoort bestrijding van grootschalige criminaliteit. Hierbij is onder andere sprake van vermenging van onder- en bovenwereld en intimidatie. Daarnaast worden per politieteam speerpunten bepaald. Wij zullen gemeentelijke inzet plegen om samen met politie, Openbaar Ministerie, Belastingdienst en maatschappelijke instellingen gezamenlijk de georganiseerde criminaliteit nog sterker aan te pakken. In dit kader loopt in onze gemeente op dit moment een project om eigenaren van vastgoed voor te lichten over het herkennen van verhuur van vastgoed aan criminelen en de risico's daarvan.

Wethouder René Peerenboom

Financiën

We hebben de crisis definitief achter ons gelaten. Na een paar magere jaren is eindelijk de prognose voor onze financiën weer gunstig. Waar we in de vorige begroting nog moesten kiezen voor het uitgangspunt ‘Doen wat nodig is’, kunnen we op basis van de huidige financiële situatie ‘Doorpakken voor een vitaal Uden’. Samengevat kunnen we zo’n 9,5 mln. aan nieuwe investeringen doen om verder invulling te geven aan het coalitieprogramma. Er komen geen nieuwe bezuinigingen en opnieuw hoeven we - buiten de reguliere jaarlijkse indexering - geen extra belastingverhoging door te voeren. Ook stelt deze begroting ons in staat om onze schuldenlast verder te verkleinen. Kortom: een solide financieel plaatje met ruimte voor flinke investeringen, bij gelijkblijvende lasten voor onze inwoners. Samen kunnen we gaan ‘Doorpakken voor een vitaal Uden’!

Omgevingswet

In 2018 wordt een nieuwe Omgevingswet ingevoerd die alle bestaande wetgeving op ruimtelijk gebied bundelt en zal leiden tot een omvangrijke stelselherziening. Zo schrijft de wet voor dat we gaan werken met één omgevingsplan voor gemeente Uden, ter vervanging van alle bestaande bestemmingsplannen en ruimtelijke regels. Dat vergt de nodige voorbereiding binnen onze organisatie en investeringen in de komende jaren.

Nieuwbouw

De woningmarkt trekt aan en de prognose is dat dit herstel de komende jaren zal doorzetten. We verwachten in 2017 dan ook te kunnen starten met de bouw van maar liefst 150 nieuwe woningen in Uden, Volkel en Odiliapeel.

Uden-Noord

Het bestemmingsplan voor het Foodcourt is ‘in procedure’ en naar verwachting kan het planologische gedeelte in 2017 worden afgerond. Dat betekent dat de bouw van McDonalds, Kentucky Fried Chicken, Subway en het Tinq-tankstation in 2018 kan starten. Wel wil de gemeente op verzoek van de omwonenden een nieuw bestemmingsplan maken voor het gebied achter het Foodcourt en Hotel Van der Valk Uden-Veghel. Dat zullen we ook doen voor een nieuwe rotonde nabij het Foodcourt en hotel, om een goede verkeersdoorstroom en bereikbaarheid te garanderen.

Wethouder Thijs Vonk

Inwoners en ondernemers die zich prettig voelen in onze gemeente, dragen actief bij aan een economisch gezonde gemeenschap. Als mensen al op jonge leeftijd hun talenten ontwikkelen en leren benutten, groeien zij op tot evenwichtige, gelukkige inwoners. Ook een gezonde leefstijl door voldoende beweging en een gezond eetpatroon draagt daaraan bij.

Daarnaast is modern onderwijs van goede kwaliteit een belangrijke factor. Dan gaat het van voorschoolse opvang, peuterspeelzaalwerk, basisonderwijs tot voortgezet onderwijs en de aansluiting naar de arbeidsmarkt. Komen kinderen, jongeren of het gezin onderweg hobbels tegen, dan moet de geboden jeugdhulp snel op gang komen en van goede kwaliteit zijn.  

Voor- en vroegschoolse educatie

Wij vinden het belangrijk dat alle peuters de mogelijkheid hebben om naar een voorschoolse voorziening te gaan. Onze gemeente krijgt extra geld vanuit het Rijk, om dat te realiseren. Op dit moment zijn we druk bezig met de harmonisatie van het peuterspeelzaalwerk en kinderdagopvang. In 2017 worden de financiële regels gelijk getrokken en realiseren we een dekkend voor- en vroegschools aanbod. De voorbereidingen zijn samen met de peuterspeelzaal- en kinderopvangorganisaties al opgestart en worden in 2017 uiteraard vervolgt.

Basis- en voortgezet onderwijs

Het basisonderwijs krijgt in de toekomst te maken met krimpende leerlingaantallen en overcapaciteit. Met de visie op Integrale Kindcentra, waarbij de raad een belangrijke rol had, is de basis gelegd voor de ontwikkeling van een toekomstbestendige huisvestingsplan voor alle basisscholen in Uden. In het voortgezet onderwijs start het Udens College in 2017 met de bouw van hun nieuw, duurzaam schoolgebouw.

Jeugdzorg

Ook komende jaren zullen we samen met onze zorgpartners werken aan de kwaliteit van onze jeugdzorg.  De jeugdzorgstructuur is goed georganiseerd en de ervaringen van de afgelopen anderhalf jaar zijn positief. Desondanks staan we ook in 2017 weer voor de uitdaging de toegang tot de jeugdzorg te optimaliseren en met onze missie ‘één gezin, één plan’ onze kinderen en ouders die hulp te bieden die nodig is.

Versterken economisch klimaat

Om onze jeugd een goede toekomst te bieden, werken we ook continue aan het versterken van het economisch klimaat. Regionale samenwerking biedt daarbij nieuwe kansen, doordat krachten gebundeld worden. Als actieve overheidspartner in de Agrifood Capital Noordoost-Brabant werken we samen met ondernemers en onderwijs om de hele regio op de kaart te blijven zetten. Zo kan ook onze Udense economie profiteren van regionale ontwikkelingen.

De vrijetijdseconomie blijft een van onze belangrijkste pijlers en dat blijven we met het citymarketing concept uitdragen. Ook investeren we, net als voorgaande jaren, intensief in het centrum gebied. Het aanpakken van het St. Jansplein, de marktstraat en uitbreiding van de terrassen op de markt zijn enkele sprekende voorbeelden. We creëren kansen en we grijpen kansen aan om bezoekers uit de regio én daar buiten, in Uden hun vrije tijd te laten besteden.

Wethouder Frans van den Berg

Afvalproeven 

Op basis van de twee afvalproeven die een jaar gelopen hebben, wordt de beste inzamelmethode voor gft, papier, verpakkingen en restafval gekozen. Deze wordt in de tweede helft van 2017 in heel Uden ingevoerd. Naast deze bronscheiding wordt als aanvulling gestart met nascheiding, zodat er zoveel mogelijk materiaal hergebruikt kan worden. Dat inwoners zich bewust worden van waarom en hoe afval te scheiden is, is een belangrijk aspect hierin.

Park Moleneind

Het Park gaat opnieuw ingericht worden op een manier dat het multifunctioneel en toekomstbestendig is. Alle betrokkenen zijn vertegenwoordigd in de projectgroep en werken samen aan het voorstel.

Gastvrijheid

Gemeente Uden wil dat haar medewerkers zich blijven ontwikkelen op hun vakgebied en op het gebied van dienstverlening/gastvrijheid.  Daar zijn diverse trainings- en opleidingsprogramma voor. 2017 staat in het teken van gastvrijheid. We willen dat onze bezoekers zich welkom voelen en goed geholpen. Doel is onze inwoners en bedrijven gastvrijheid (hostmanship) te laten ervaren in de beste vorm. De telefonische dienstverlening gaan we verbeteren.
Gastvrijheid voeren we door in alle afdelingen. Zo ook bij de buitengewoon opsporingsambtenaren (boa).

Wegwerkzaamheden

Voor 2017 staat op de planning om gerenoveerd te worden: Vijfhuizerweg/Morel, asfaltpaden Mellepark, fietspad Zeelandsedijk en de voorbereiding van de reconstructie Oudedijk en de Parallelweg (fietspad) Middenpeelweg. Het Terraveenplein in Odiliapeel wordt opnieuw ingericht, als ook de Marktstraat. De herinrichting van het Terraveenplein maakt deel uit van de gehele herinrichting van de Oudedijk. De Birgitinessenstraat/Sint Jansplein worden heringericht, zodat het nu ontbrekende deel tot aan de Veghelsedijk ook meegenomen kan worden en de beoogde kwaliteit gerealiseerd kan worden. Tevens staat de voorbereiding van de turborotonde bij Uden-noord gepland. De realisatie van de rotonde hangt samen met de realisatie van het Foodcourt. In de loop van 2017 is meer zicht op de totale kosten voor de aanleg van de rotonde.

Bij herinrichtingsprojecten wordt de voorbereiding steeds in samenspraak met de bewoners en betrokken organisaties/belangenpartijen opgepakt, zodat de uiteindelijke plannen zo goed mogelijk aansluiten bij de wensen van de gebruikers van de openbare ruimte.

Glasvezel in het buitengebied

Het aansluiten van onze inwoners op het glasvezelnetwerk gaat worden uitgevoerd onder aanvoering van Agri-Food Captial. Zoals de plannen zijn gepresenteerd zou dit voor Uden betekenen dat voor eind 2017 alle gebieden waar nog geen breedbandinfrastructuur is op het glasvezelnetwerk zijn aangesloten.

Wethouder Matthie van Merwerode

Duurzaamheid

In 2017 zullen we weer een aantal stappen zetten op weg naar een energieneutraal Uden in 2035, een van de doelen uit onze duurzaamheidsagenda 2015-2020. We geven invulling aan onze voorbeeldfunctie door te investeren in de duurzaamheid van gemeentelijke gebouwen met energie reducerende maatregelen en het plaatsen van zonnepanelen op de daken.
Begin 2017 wordt het dak van het gemeentehuis voorzien van zonnepanelen en de ontwikkelingen voor een zonnepanelenpark op Hoogveld-Zuid zijn in volle gang.
Samen met de Energiecoöperatie en ondernemersvereniging SBBU stimuleren we ondernemers tot verduurzaming van kantoren en bedrijfspanden.

Cultuur

Uden heeft veel culturele instellingen en organisaties met een breed en gevarieerd aanbod. Het is ons doel om deze partijen meer bij elkaar te brengen en verbindingen en gemeenschappelijke activiteiten te stimuleren Om dit te realiseren worden, in samenspraak met het culturele veld, alle jaarplannen 2017 in beeld gebracht, zodanig dat iedereen die informatie kan inzien.

In 2017 is het honderd jaar geleden dat de kunststroming de Stijl ontstond. O.a. Rietveld en Mondriaan behoorden tot deze stroming. Het landelijk thema wordt Mondriaan to Dutch Design. In dat kader zullen Stichting Kunst en Co, de VVV en anderen, diverse activiteiten gaan organiseren. Initiatieven die de gemeente zo veel mogelijk zal ondersteunen.

Landschap en natuur

De Maashorst maakt forse stappen voorwaarts. We gaan door met het project Meer Maashorst door de natuur verder te ontwikkelen en het gebied ten noorden van Uden nog aantrekkelijker te maken voor de recreant. Ook zal het Bernhovenpad opgefrist worden met meer mogelijkheden om te bewegen; een initiatief dat gericht is op preventieve gezondheidszorg.
We gaan aan de slag om meer bekendheid te geven aan de wijstgronden. Dat doen we samen met omringende gemeenten waar dit bijzondere natuurverschijnsel ook voorkomt.

Verkeer en vervoer

De komende jaren zorgen wij ervoor dat het Hoogwaardig Openbaar Vervoer (HOV) toekomstbestendig blijft. De onderzoeksresultaten van de HOV tracéstudie zijn gereed, de verdere tracé-verbeteringen gaan we de komende jaren uitvoeren. In de nieuwe HOV-dienstregeling van 2017 worden een aantal wijzigingen doorgevoerd met meer directe verbindingen om een betere doorstroming te realiseren.
Op regionaal niveau wordt met overige belanghebbende gemeenten en provincie de optimalisatie van de oost-west verbinding tussen A50 en A73 verder onderzocht. In 2017 wordt gestart met de aanleg van de turborotonde in Odiliapeel.

Wethouder Gerrit Overmans

Onze visie op onze samenleving is ‘maximaal meedoen’. De landelijk ingezette veranderingen in de zorg en ondersteuning hebben hierop veel invloed. De uitgangspunten - zorg op maat en dichter bij mensen organiseren - passen bij deze visie. Deze enorme veranderingen van afgelopen jaren zijn binnen onze gemeente voortvarend opgepakt. Onderzoek wijst uit dat onze cliënten opnieuw tevreden zijn over de dienstverlening vanuit de Wet Maatschappelijke ondersteuning.

Samenwerken in de keten

Inwoners hebben via meerdere organisaties in de keten toegang tot hulp en ondersteuning. Bijvoorbeeld het maatschappelijk of sociaal werk, de huisarts, school, het centrum voor Jeugd en Gezin. Uit het jaarlijks onderzoek blijkt dat de toegang tot hulp en ondersteuning nog niet bij alle inwoners even duidelijk is. In 2017 gaan we daarom met onze ketenpartners nog beter afstemmen hoe we samenwerken en de manier waarop we onze inwoners helpen of ondersteunen.

Basisstructuur

Als we van onze inwoners meer eigen kracht vragen, is het belangrijk dat zij dichtbij en laagdrempelig hulp kunnen vragen. Dat kan zijn aan familie of vrienden, maar ook buren en hulpverleners in de wijk spelen daarin een belangrijke rol. Deze zogenaamde ‘basisstructuur’ krijgt in 2017 verder vorm. Samen met een aantal partners (waaronder ONS Welzijn en Udenaardetoekomst) wordt in beeld gebrachte van welke zaken inwoners gebruik kunnen maken om hun situatie zelf te verbeteren.

Maximaal meedoen

Maximaal meedoen betekent ook ‘participatie’. Belangrijk is dat iedereen kan en mag meedoen in de maatschappij, ook met een arbeidsbeperking of als nieuwe inwoner. De Participatiewet geldt voor iedereen die kan werken, maar daarbij mogelijk ondersteuning nodig heeft. Mensen die niet kunnen werken, zijn zoveel mogelijk maatschappelijk actief en hebben een goede besteding van hun dag. Daarbij worden ze geholpen door het programma ‘intensief begeleid wonen’.

Investeren in ontwikkeling

We verwachten dat iedereen zelf zoveel mogelijk doet om aan het werk te komen op zijn of haar niveau en passend bij de mogelijkheden. De focus ligt op wat iemand kan. We investeren volop in de ontwikkeling van onze inwoners in de bijstand. Ook statushouders – onze nieuwe inwoners – worden actief ondersteund in het vinden van werk of een goede dagbesteding.

De statushouders die zich in de gemeente Uden vestigen, worden uitgebreid verwelkomd. In diverse bijeenkomsten leren we hen kennen, en brengen we onze gemeenschappelijke waarden over. Daarvoor tekenen zij de zogenaamde landelijke Participatieverklaring, die wij aanvullen met de Udense waarden: groen, gezond, gastvrij, gezellig en gezamenlijk.